secundair logo knw 1

Er zit een getal in mijn hoofd dat me niet loslaat.
Ik ben voor natuurherstel: vergroten van diversiteit, hoeveelheid en schoonheid van organismen die niet primair voor het gerief van de mens op aarde leven. Ik ben niet de enige.

door Ties Rijcken

Ties Rijcken vk 180 In welke mate doen we aan natuurherstel? Als ik de omzetten van de projecten van overheden en natuurorganisaties voor natuurbehoud en natuurherstel optel kom ik met veel moeite op 800 miljoen euro per jaar. Dat lijkt een flink bedrag. Echter, het is ten opzichte van de uitgaven aan onze huisdieren 10 procent en ten opzichte van al onze uitgaven bij elkaar 0,1 procent.

Als ik mijn ogen sluit en me concentreer op dit getal word ik somber. De mens geeft in de eerste plaats om zichzelf, in de tweede plaats zichzelf, dan zijn dierbaren, daarna andere medemensen en op de duizendste plaats komen de niet pratende bewoners van onze planeet, ook al zijn ze oeroud, wondermooi en volstrekt onmachtig tegen het hebzuchtige geweld van de mens.

Of stel ik me aan, en interpreteer ik dit getal helemaal verkeerd?

The best things in life are free. Als de mens zich ergens niet mee bemoeit, wordt het vanzelf weer natuur. Rijke kostenneutrale natuur is een mooi einddoel van operatie natuurherstel (zelfbenoemd). Maar tot het zo ver is zullen we gebieden moeten aankopen, herinrichten en beheren. Natuurherstel is een stuk prijziger dan natuurbehoud.

Het getal gaat omhoog met het meerekenen van opportunity costs: vermeden inkomsten of vermeden besparingen. Als een project extra uitgaven moet doen om te voldoen aan natuurwetgeving, kunnen we deze kosten rekenen tot bestedingen aan natuurbehoud. Vooral met de nieuwe stikstofregels gaan we hiermee de 0,1 procent voorbij. Maar, ook dit gaat over het voorkomen van nog meer achteruitgang en niet om herstel.

Rijke kostenneutrale natuur is een mooi einddoel van operatie natuurherstel

Dan is er het populaire natuurinclusief bouwen: projecten primair voor de mens, en natuur als nevendoel. Onderzoekers van TU Delft en HKV analyseerden in H2O de kosten en baten van waterbouwprojecten met een dubbeldoelstelling en vergeleken die met projecten met een enkelvoudige natuurdoelstelling. Heel interessant: bij de dubbeldoelstellingen werd nieuwe natuur toegevoegd tegen meerkosten die per vierkante meter gemiddeld ongeveer gelijk waren aan projecten met alléén een natuurdoelstelling.

De opportunity costs en het natuurinclusief bouwen bieden hoop. Wie politiek gevoelig uitgaven liever indirect dan direct doet, gebruikt hybride constructies, waarbij het vaag is welk deel van het budget naar natuur gaat. Wie problemen recht in de ogen kijkt en staat voor waar hij of zij in gelooft, geeft enkelvoudig natuurherstel een grotere plek in de ruimtelijke ordening.

0,1 procent is te weinig.

Ties Rijcken is innovator en publicist en schrijft een column in het vakblad

MEER COLUMNS VAN TIES RIJCKEN
Waterbestendig bouwenDe norm en daarmee basta?
Water en woningnood
Aanbevelingen voor de kabinetsformatie
Het natuurvraagstuk
Drie ideeën voor een nieuw decennium

Typ je reactie...
Je bent niet ingelogd
Of reageer als gast
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Laat je reactie achter en start de discussie...

h2ologoprimair    PODIUM

Podium is een platform voor opinies, blogs en door waterprofessionals geschreven artikelen (Uitgelicht). H2O draagt geen verantwoordelijkheid voor de inhoud van deze bijdragen, maar bepaalt wel of een bijdrage in aanmerking komt voor plaatsing. De artikelen mogen geen commerciële grondslag hebben.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Afbreekbaarheid moet in de toekomst als eerste beoordelingsparameter voor toelating van stoffen worden ingevoerd. Er ontstaan anders onomkeerbare problemen in de toekomst.
In aanvulling hierop: Wij hebben voor terrein- en rivierbeheerders (VNBE) nog meer maatregelen in kaart gebracht om deze problemen te mitigeren (zie ook bijlage):
 
@Hans MiddendorpHoi Hans, beetje makkelijke reactie van het waterschap ('eerst moeten de waterbedrijven wat doen, tot die tijd kunnen wij niks doen'). De Waprog plaatste in 1986, in één jaar tijd, meer dan 100.000 watermeters bij gezinnen thuis. Dat kostte toen maar 150 gulden (!) per watermeter. Als de waterpartners echt zouden willen samenwerken, kan dit zo zijn opgelost. Dus ja, bureaucratie zegeviert. Niet iets om trots op te zijn.
@Gert Timmerman Eens. We moeten met al ons water zuinig omgaan (en het niet verontreinigen) zeker met zoet grondwater en met drinkwater.