Ruim 3.000 mondiale wetenschappers, waaronder 5 Nobelprijswinnaars en tientallen Nederlandse onderzoekers, roepen op om met ingrijpende maatregelen de aanpassing aan de klimaatverandering serieus te versnellen. “De pandemie in combinatie met de intensivering van extreme weersomstandigheden heeft laten zien hoe onvoorbereid we zijn en dat we de natuur moeten genezen om onszelf te genezen”, stellen ze in een verklaring die is opgesteld in het kader van de topconferentie over klimaatadaptatie die maandag en dinsdag plaatsheeft.

De online klimaattop met Nederland als organisator, richt zich op het vinden van oplossingen om de wereld weerbaar te maken tegen de effecten van klimaatverandering, zoals extreme buien, droogte, hitte en een stijgende zeespiegel. De wetenschappers vinden dat de huidige inspanningen ontoereikend zijn, versnelling is noodzakelijk. De Nobelprijswinnaars geven vandaag vanuit Groningen online hun visie (‘Groningen Scientific Declaration’) op de noodzaak van aanpassing aan de klimaatverandering.

Coronacrisis
De verklaring is een oproep aan beleidsmakers, financiers, investeerders en de wereldleiders om de natuur te herstellen en de aanpassing aan de klimaatverandering te versnellen. In hun betoog leggen de wetenschappers een relatie tussen de huidige Covid-19 pandemie en de klimaatverandering. Zo stellen ze vast dat onze ontoereikende reactie op de coronacrisis aantoont dat we niet klaar zijn om de onvermijdelijke gevolgen van de klimaatverandering onder ogen te zien. “Als we doorgaan met de ongehinderde vernietiging van onze natuurlijke omgeving, zal Covid-19 niet de laatste pandemie zijn die onze levens ontwricht.” 

We moeten alles in het werk stellen, aldus de wetenschappers, om de natuur te beschermen met behulp van ‘praktische en positieve oplossingen’ om een duurzaam milieu, maatschappij en economie te waarborgen en in stand te houden. “Als we nu handelen, hebben we de kans om vooruit te plannen en te floreren. Als we wachten, zullen we betalen.”

Hoge prijs
En de prijs is hoog, aldus de wetenschappers. Zonder aanpassing kan een veranderend klimaat de groei van de wereldwijde voedselproductie tegen 2050 tot 30 procent drukken. Wereldwijd zullen 500 miljoen kleine boerenbedrijven het zwaarst worden getroffen. “Het aantal mensen dat misschien niet genoeg water heeft, minstens een maand per jaar, zal naar verwachting stijgen van 3,6 miljard nu tot meer dan 5 miljard in 2050.”

Stijgende zeeën en grotere stormvloeden kunnen stedelijke economieën vernietigen en honderden miljoenen mensen in kuststeden van huis en haard verdrijven, met een totale kostprijs van meer dan 1 biljoen dollar per jaar tegen 2050. Tegen 2030 zullen meer dan 100 miljoen mensen niet meer in staat zijn om in hun levensonderhoud te voorzien.

Radicale veranderingen
Om het tij te keren moeten er radicale veranderingen komen in het begrijpen van de risico’s van de klimaatverandering en in de maatregelen om te komen tot aanpassing. Zo stellen de wetenschappers dat we het beheer en beschermen van natuurlijke systemen moeten aanpassen. “We kunnen niet langer doorgaan met het kappen en afbreken van onze bossen. Kust- en zoetwatermoerassen, mangroven, graslanden en koraalriffen moeten worden beschermd en we moeten meer koolstof uit de atmosfeer halen.”

Voorts moet in het maken van langetermijnplannen voor steden en infrastructuur rekening worden gehouden met de gevolgen van de klimaatverandering. De wetenschappers zien dat investeerders en vermogenbeheerders rekening gaan houden met milieu- en klimaatrisico’s, maar dit proces moet wijdverspreid worden.

Beter onderwijs
In hun aanbevelingen pleiten de wetenschappers ook voor beter onderwijs. “Beleid dat voorziet in basis- en voortgezet onderwijs voor iedereen is essentieel voor een samenleving die zich effectief kan aanpassen aan een veranderd klimaat.” Meer onderwijs is vooral belangrijk voor meisjes en jonge vrouwen, voor de verhoging van hun gezondheid en levensstandaard en de verlaging van de geboortecijfers, wat, aldus de wetenschappers, ‘een belangrijke stap is in de aanpassing aan het klimaat’. Voorts vraagt de noodzaak om te innoveren om een hoogopgeleide bevolking.

Ook moet de financiële wereld een radicale omslag maken; publieke en private financiering moeten worden ingezet om de klimaatadaptatie te versnellen. Dat vergt een andere visie op het realiseren van financieel rendement, niet langer gericht op de korte termijn, maar op maatschappelijke voordelen, aldus de wetenschappers.


ECONOMISCHE IMPULSEN

Economische impulsen zijn nodig om de aanpassing aan de klimaatverandering te versnellen, stellen de wetenschappers in hun verklaring van Groningen. Zónder leiderschap en inzet van de beleidsmakers, de financiers, de investeerders en de wereldleiders om de aanpassing aan de klimaatverandering te versnellen, zullen de wereldwijde economische gevolgen op lange termijn nog ernstiger worden geschaad dan nu het geval is, waarschuwen ze.

The Global Commission on Adaptation heeft vastgesteld dat een wereldwijde investering van 1,8 biljoen euro in klimaataanpassing in het komende decennium in totaal 7 biljoen euro aan netto-voordeel kan opleveren. Volgens het instituut is er veel meer geld nodig om landen en gemeenschappen aan te passen aan de gevolgen van klimaatverandering. Het bedrag dat landen er wereldwijd voor uittrekken zal moeten vervijf- tot vertienvoudigen tot maximaal 300 miljard dollar. Dat staat in het rapport State and Trends in Adaptation, dat het instituut heeft gepubliceerd in aanloop naar de internationale klimaattop.

In de afgelopen drie jaar hebben klimaatgerelateerde rampen de wereld 650 miljard dollar gekost - meer dan 0,25 procent van het mondiale bruto binnenlands product (bbp)in die jaren. De Verenigde Naties hebben gewaarschuwd dat de schade in verband met de klimaatverandering tegen 2040 zou kunnen oplopen tot 54 biljoen dollar, memoreren de wetenschappers.

MEER INFORMATIE
Groningen houdt online festival over klimaatadaptatie

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Dries Buitenwerf Eindelijk, het d-woord viel
Watertekort: In Nederland is het de gewoonte om water altijd vanaf oppervlakte te infiltreren in de bodem, nu weten we als we altijd een richting door een filter gaan dat dit filter dichtslaat en we steeds minder water via deze route naar het diepere grondwater zullen stromen. Als we willen voorkomen dat het diepere zoete grondwater vervolgens door zeewater wordt aangevuld zullen we dus in Oost Nederland het grondwater van onderaf moeten aanvullen cq ipv 100 m boven afpomphoogte infiltreren op 100 m onder afpomp hoogte in moeten pompen. Water dat onder druk op deze diepte (boven het zoute grondwater) wordt toegevoerd zal geen verstopping creëren en zout water wegdrukken. De weg naar boven gaat heel traag omdat het water afhankelijk van de soortelijke massa verschillen meest horizontaal zal bewegen. Als er vervolgens 100 m hoger water wordt opgepompt, zal er minder zeewater naar binnen worden getrokken.
STELLING: We zijn veel te laat, lopen achter de feiten aan en de klimaatverandering komt echt op stoom. Waar halen we de mankracht vandaan om er wat aan te doen? Op naar Duitsland.
In een interessant artikel in The Guardian wordt het succes gedeeld van onder andere De Grensmaas:
https://www.theguardian.com/environment/2022/sep/20/dutch-rewilding-project-turns-back-the-clock-500-years-aoe
Wat opvalt is de lange termijn waarin dat project zich afspeelt: de planfase begon in 1990.
Nu zijn de grenzen van ons watersysteem bereikt. Maar niet alleen van het water systeem: de biodiversiteit staat onder druk, overal speelt milieuvervuiling: in de lucht, de bodem, het water en de het diepere grondwater. Er zit een grote energietransitie aan te komen en er wordt geroepen om een systeemverandering (het werkelijke probleem is onze engineerings-maatschappij). Daarnaast staan alle sectoren te spingen om mensen: de grenzen zijn bereik van wat in Nederland uitgevoerd kan worden.
Op de achtergrond speelt de exponentiele ontwikkeling van de klimaat verandering: hitte, droogte, extreme neerslag, stormen en extreem weer: ze worden heftiger, talrijker en duren langer. Zo komt ook onze voedselvoorziening (en die van de gehele wereld) onder druk.
Een hybride giga crisis dreigt: alles klapt in een keer om. Zoals een helder meertje in een keer troebel wordt, a la migraine aanval. https://www.delta.tudelft.nl/article/spinoza-winnaars-gaan-migraine-te-lijf
We wisten in 1972 - met het uitkomen van het rapport: Grenzen aan de Groei (MIT - Club van Rome) - dat het deze kant uit zou gaan. We zitten precies op het voorspelde scenario.
Dat betekent voor ons Deltalandje: houd sterk rekening met plan D.
Zowel voor mitigatie (bovenstrooms investeren en voorkomen) als voor de meerslaagse veiligheid liggen veel van de toekomst scenario's buiten Nederland... in Duitsland. Daar ligt een deel van onze onvoorkoombare toekomst.
Nederland kan geen zeespiegelstijging voorblijven. De Waddenzee verdrinkt bij meer dan 3mm/jr. Hoe graag we dat ook zouden willen. Dat beeld moet nu eens duidelijk worden. We zijn kwetsbaar, we blijven kwetsbaar en we worden steeds kwetsbaarder. En we hebben niet de menskracht om te 'dweilen'.
Dat betekent bv: stop de Zuid-plaspolder. Het geeft een compleet verkeerd beeld en een vals signaal van veiligheid.
https://www.waterforum.net/geen-land-ter-wereld-zou-onder-9-meter-nap-bouwen/
Voorkomen is beter dan niet te genezen: maar we zijn 50 jaar te laat om klimaatverandering te voorkomen. De klimaatverandering is een feit. Multi-stress de norm. Het gaat nu voor NEDERland om de vraag waarop we inzetten voor 2100: Ik stel: op naar hoger Nederland en richting Duitsland.
Plaatje: Eindhoven was vroeger een bloeiende badplaats - toneelstuk uit 1982 - toen was het gevoel van urgentie veel hoger dan nu.
https://theaterencyclopedie.nl/wiki/Eindhoven_was_vroeger_een_bloeiende_badplaats_-_Zuidelijk_Toneel_Globe_-_1982-02-06
Dit artikel presenteert resultaten gebaseerd op onderzoek dat van den Akker ruim vijf jaar geleden heeft gepubliceerd in Stromingen. Op zijn methodiek is destijds van diverse kanten inhoudelijke kritiek geleverd (Olsthoorn, 2014a,b,c; Leenen, 2014). Hieraan gaat hij nu volledig voorbij. Ook negeert hij dat zijn aanpak fysisch-wiskundig gezien aantoonbaar onjuist is (Zaadnoordijk, 2017) en ontkent hij het inzicht van de NHV-werkgroep Achtergrondverlaging (van Bakel e.a., 2017).

- Bakel, J. van, E. Querner, G. Rot, G. Schouten, N. Straathof, W. Vaarkamp, J.P. Witte, W.J. Zaadnoordijk (2017) Zicht op Achtergrondverlaging, rapport van de Werkgroep Achtergrondverlaging van de Nederlandse Hydrologische Vereniging, Wageningen, mei 2017.
- Leenen, H. (2014) Reactie op artikel "Tussen Theis en Hantush"van Cees van den Akker, Stromingen, 20, nummer 3, p.65-69.
- Olsthoorn, T. (2014a) De dynamica van de verlaging van Terwisscha of in vergelijkbare situaties, revisited, Stromingen, 20, nummer 1, p15-33.
- Olsthoorn, T. (2014b) Tussen De Glee en Dupuit, revisited, Stromingen, 20, nummer 1, p35-55.
- Olsthoorn, T. (2014c) De fysische onderbouwing van de overdrachtsfactor nader bekeken, Stromingen, 20, nummer 3, p.11-25
- Zaadnoordijk, W.J. (2017) Kanttekeningen bij gebruik van differentiaalvergelijking van v/d Akker, notitie 7 maart 2017, beschikbaar op: http://www.debakelsestroom.nl/kennisbank/attachment/memobijdiffvergvdakker_v4_opm-jvb-20-maart-2017/.

Willem Jan Zaadnoordijk, Flip Witte en Jan van Bakel
Vanmorgen Noorderzeedijk tussen Roptazijl en Harlingen. Bijna dagelijkse realiteit.
Er wordt hier het nodige door elkaar gehaald. Jonge zalm migreert stroomafwaarts naar zee en hebben daarbij voornamelijk last van waterkrachtcentrales en niet van gemalen en maar in heel beperkte mate van stuwen (daar kunnen ze met het water overheen). Jonge paling migreert wel stroomopwaarts, in de eerste instantie als glasaal en later als gepigmenteerde juveniele aal. Maar stroomopwaarts migreren met de stroom mee? Dat is heel bijzonder. Schieraal migreert stroomafwaarts met de stroming mee, hoewel dat slechts een deel van de populatie betreft. Een deel van de schieraal migreert aanzienlijk langzamer dan de stroming en onderbreekt zelfs haar migratie voor langere perioden.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!