Van een verlaten kanaal moet de bovenloop van de Linge veranderen in een levendige rivier. Dat is het doel van de Stichting Nieuwe Linge, die allereerst een haalbaarheidsonderzoek wil laten uitvoeren. Initiatiefnemer Erik van Loon is naarstig op zoek naar fondsen.

3006 Erik van LoonErik van LoonEen Nieuwe Linge komt zowel de veiligheid en de economie als de biodiversiteit in het stroomgebied ten goede, stelt Van Loon. De huidige bovenloop, circa 50 kilometer tussen Doornenburg en Tiel, is feitelijk een sloot die in de dertiende eeuw is gegraven om de ingedijkte gebieden tussen Doornenburg en Tiel van voldoende water te voorzien, vertelt Van Loon.

"Dat de Linge de langste rivier van Nederland is, zoals de geschiedenisboekjes leerden, klopt dus niet. De eigenlijke Linge ontspringt in Tiel en gaat vandaar naar Gorinchem."

In 2020 bezocht Van Loon de Boven-Linge, omdat die op het programma stond voor een schoonmaakactie op Wereldwaterdag. Hij schrok: deze rivier bood een totaal ander aanzicht als de Linge uit zijn jeugd in Vuren, bij Gorinchem. "Hij ligt als een snelweg door het land. Dit was ook niet de Betuwe zoals ik die kende, met appels en peren, kersen en aardbeien.”

Economie
Vanwege corona ging de schoonmaakactie niet door, maar de Linge liet de Rotterdamse econoom niet meer los. Hij ontdekte dat de economie langs de bovenloop niet half zo floreert als verderop. “De boeren kunnen alleen iets met droge gewassen en met vee. Er is nauwelijks horeca en de rivier is volledig gestuwd, dus kanoën bijvoorbeeld is ook niet mogelijk."

Door de Linge te laten meanderen, en daarmee 25 tot 40 kilometer langer te maken, worden de dorpen met de rivier verbonden. Dat schept volgens Van Loon kansen voor inwoners, agrariërs en industrie in het vergrijzende gebied.

Zo kan ‘de Nieuwe Linge’ veel meer water bergen, waardoor overstromingen worden voorkomen en er in droge perioden meer water beschikbaar is voor bijvoorbeeld fruitgewassen. Ook ontstaan er nieuwe bouwlocaties en zullen bewoners zich meer betrokken voelen bij de rivier, meent hij. Bovendien is een meanderende rivier veel beter voor de biodiversiteit, en daarmee de waterkwaliteit.

Financiering
De eerste stap is nu een haalbaarheidsonderzoek. Van Loon heeft al contact met onderzoekers van de TU Delft, Wageningen Universiteit & Research, de HAN University of Applied Sciences in Arnhem/Nijmegen, die volgens hem "staan te trappelen".

Probleem is echter dat Waterschap Rivierenland en de provincie Gelderland het plan niet zien zitten. "En als zij niet meedoen, wordt het lastig om bijvoorbeeld Europese subsidie te krijgen."

Het waterschap kon vandaag niet reageren, maar volgens Van Loon wil het "vanuit cultuurhistorisch oogpunt" de huidige Linge behouden. Hij heeft daar weinig begrip voor. "Klinkklare onzin. Ze zouden de belangen van boeren, burgers en de natuur centraal moeten stellen en dan is de Nieuwe Linge op alle punten een verbetering."

Petitie
Intussen is de stichting (in oprichting) daarom op zoek gegaan naar private partijen die de benodigde 30.0000 euro bijeen willen brengen. Ook via merchandising (T-shirts, kopjes, petten en pennen) komt er geld in het laatje.

Daarnaast is ze een petitie gestart, waarvan de teller nu op 45 handtekeningen staat. "Hoe meer dat er worden, hoe minder het waterschap die naast zich neer kan leggen", meent initiatiefnemer Van Loon. "Zeker gezien de komende verkiezingen."

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Zijn waterschappen nog wel van deze tijd?
Interessant artikel van Stephan Kuks over de toekomst van de waterschappen. Zelf vraag ik mij af of de waterschappen wel in staat zijn om antwoord te geven op de grote maatschappelijke vragen, die ook hij noemt. Hij zegt: "Nu wordt het tijd dat waterschappen duidelijk maken dat er vanuit water en bodem grenzen zijn, en dat de ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden van Nederland hierop moeten worden aangepast.” Dat lijkt op het oog een logische uitspraak, maar de grote vraag is of het huidige waterschap deze vraag wel inhoud kan geven. En niet vanwege dat het waterschap niet deskundig zou zijn, maar meer vanwege de samenstelling van het bestuur en dat het mandaat op de genoemde onderwerpen zeer beperkt is.
En natuurlijk, prachtig als Kuks vindt dat de waterschappen duidelijk stelling moeten nemen in het maatschappelijk debat over de toekomst van ons land, maar welke stelling dan? Het belang van de boeren? Het belang van de natuur? Het belang van woningbouw? Deze discussie hoort in eerste instantie thuis op het allerhoogste politieke niveau. Daar heeft men het de afgelopen decennia lelijk laten liggen, maar dat betekent niet dat nu het waterschap aan bod is. En natuurlijk voor het waterbeheer zijn de waterschappen de ogen en de oren van de samenleving. De waterschappen zijn bij uitstek degenen die van onderop knelpunten en ideeën kunnen aandragen om het beleid op provinciaal en nationaal niveau effectief vorm te geven. Maar ik moet er niet aan denken dat de waterschappen dat in die breedheid zelf zouden moeten gaan oppakken.
En om dan ook maar tegelijk tegen een heilig huis aan te schoppen, we zouden ons zelfs kunnen afvragen of waterschappen en het functioneren ervan nog wel van deze tijd is. Zeker als het gaat om ruimtelijke ordening en klimaat heeften provinciaal bestuur veel meer mandaat en dus veel meer slagkracht. Wat mij betreft zou het waterbeheer zo overgeheveld kunnen worden naar de provincie en zouden waterschappen omgevormd kunnen worden tot uitvoeringsorganisaties die het dagelijks waterbeheer doen. De RWZI’s zouden nutsbedrijf kunnen worden. Zeker zij zouden daarmee grote stappen kunnen maken in de efficiency van de waterzuivering.
Wat bedoel ik daarmee? In de afgelopen 10 tot 20 jaar zijn de RWZI ’s zich steeds meer gaan toeleggen op terugwinning van grondstoffen(fosfaat, cellulose, biogas, etc). Maar een grote doorbaak met substantieel resultaat heb ik tot nu toe niet echt gezien, misschien met uitzondering van een aantal initiatieven, zoals Waterstromen. Het succes van een goede afzet van reststromen wordt bepaald door kwantiteit en kwaliteit.
Eind vorige eeuw werd in de autobranche de organisatie Autorecycling Nederland opgericht. Ik was daarbij betrokken. Doel was om een hoger hergebruik te realiseren bij demontage van auto’s. Voor het ophalen een paar rubber strips per bedrijf was namelijk nooit veel belangstelling vanwege de geringe baten. Maar als je als verwerkingsbedrijf bij alle autodemontagebedrijven rubber kan ophalen, wordt het ineens interessant. Ook voor het autodemontage bedrijf, sommig restafval kreeg ineens een positieve geldwaarde.
Dat kan ook zomaar voor de RWZI’s gelden. Als ze met z’n allen gaan samenwerken en op landelijk niveau collectief contracten gaan afsluiten met afnemers dan kan dat voor beide partijen interessant worden. Bijvoorbeeld voor struviet. Zeker nu de totale gevolgen van kunstmest steeds meer onder het vergrootglas komen, zou struviet een geweldige vervanger kunnen zijn.
En een centrale organisatie, zoals ARN bij de autosector heeft nog meer voordelen. Je kunt een veel directere samenwerking met partijen als Wetsus en KWR tot stand brengen, waarbij uit een deel van de opbrengsten van de restproducten onderzoek gefinancierd kan worden om nog effectiever en efficiënter te worden met de terugwinning. Je zou dan ook kunnen kijken in hoeverre je samenwerkingen zou kunnen aangaan met bedrijven, die nu hun afvalwater moeten voorzuiveren. Bij Waterstromen werd zo’n samenwerking al tot stand gebracht met een voedselproducent en een leerlooier.
En als het echt succesvol zou worden, zou het zelfs kunnen leiden tot lagere belastingen(verontreinigingsheffing). Wat mij betreft is er wel één belangrijke voorwaarde aan verbonden, namelijk dat het zuiveren van communaal afvalwater altijd een publieke aangelegenheid blijft.
Klinkt goed! Maar waarom wordt dit niet bij alle waterschappen ingevoerd? Dan ontstaan er meer mogelijkheden tegen lagere prijzen.
Afsluiten van de Nieuwe Waterweg met zeesluizen (Plan Spaargaren) zal de riviersedimentstroom naar het zuidwesten voeren. Daar is behoefte aan sediment. Het baggeren in de binnengelegen (oude) Rotterdamse havens wordt daardoor tot een minimum beperkt. Zeewaartse afhandeling van schepen (containertransferia) op de Maasvlakten maken tevens dat de Nieuwe Waterweg mag verondiepen. Binnenvaartschepen hebben immers een geringe diepgang. Bovendien wordt het rivierpeil dankzij zeesluizen meer beheersbaar.

Wil Borm
Adviesgroep Borm & Huijgens - integraal waterbeheer
Interessant artikel en mooi initiatief.. wel jammer dat er meerdere keren over waterpomp gesproken wordt terwijl het warmtepomp is.
Redactie: dank, is gecorrigeerd.
Energetisch mooi maar hoe worden de kosten binnen de perken gehouden, zodat de “gewone” burger het nog kan betalen? Hoe bedrijfszeker is de installatie en het net?

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!