Mocht het politieke besluit worden genomen om de geborgde zetels in de waterschapsbesturen af te schaffen, dan is het geen haalbare kaart om dit voor de volgende waterschapsverkiezingen te regelen. Het tijdpad daarvoor is te krap.

Dat schrijft het Overlegorgaan Fysieke leefomgeving (OFL) in zijn rapportage aan minister Cora van Nieuwenhuizen over de geborgde zetels. Inhoudelijk stelt het orgaan dat de politiek in de besluitvorming over eventuele aanpassing van het stelsel, zich niet alleen moet baseren op het vorig jaar uitgebrachte rapport van de commissie Boelhouwer en de nu verzamelde reacties daarop. 

Een en ander staat in het rapport ‘De stem van het water’. Het is de uitwerking van de consultatie die het OFL in opdracht van de minister heeft gehouden over het vorig jaar gepubliceerde rapport ‘Geborgd gewogen’ van de commissie Boelhouwer. Daarin wordt geadviseerd de geborgde zetels af te schaffen, met als alternatief scenario in ieder geval het aantal geborgde zetels te reduceren. Daarnaast wordt aanbevolen dat alle waterschapsbesturen een vaste omvang van 30 zetels krijgen, ongeacht het al dan niet handhaven van de geborgde zetels.

Motie
Het rapport van Boelhouwer was ook gemaakt in opdracht van Van Nieuwenhuizen, in reactie op een motie van het Tweede Kamerlid Corrie van Brenk (50Plus), dat, in lijn met de visie van andere partijen in de Kamer, vroeg om te kijken naar mogelijkheden om het stelsel van de geborgde zetels aan te passen. Nadat het advies van de commissie Boelhouwer was verschenen, ging de minister niet inhoudelijk het debat met de Kamer aan, maar besloot ze dat er een bredere consultatie nodig was. Ze vroeg daarop het OFL de standpunten in kaart te brengen van andere partijen die betrokken zijn bij het bestuur van de waterschappen.   

Het orgaan deed dat op verschillende manieren met de intentie om ‘zo breed mogelijk alle geluiden die er in de maatschappij leven over de geborgde zetels’ op te halen. Zo schoof het aan bij een aantal klankbordbijeenkomsten die de Unie van Waterschappen organiseerde voor bestuursleden van waterschappen. Voorts sprak het met belanghebbende (koepel)organisaties en peilde het meningen middels een internetconsultatie met 1.517 respondenten, waarvan iets meer dan de helft een agrarische achtergrond had. Ook kreeg het orgaan inzage in de 700 reacties die GroenLinks online verzamelde op het initiatiefwetsvoorstel ‘Democratisering waterschappen’ van het Tweede Kamerlid Laura Bromet, dat als inzet heeft de geborgde zetels af te schaffen.

Grote scheidslijn
Op basis van alle verzamelde reacties stelt het OFL vast dat er 'een grote scheidslijn' door betrokken partijen loopt: voor en tegen het afschaffen van de geborgde zetels. Of zoals het OFL schrijft: “De voorstanders van een volledig rechtstreeks gekozen bestuur en de voorstanders van het borgen van de specifieke waterschapsbelangen.”

Daarmee sluit het orgaan aan bij het beeld dat de Unie van Waterschappen in oktober in een brief aan de minister schetste na de klankbordbijeenkomsten: waterschapsbestuurders (AB en DB) zijn verdeeld over het stelsel van geborgde zetels. De politieke partijen en hun waterschapsbestuurders onderschrijven in grote lijnen de opvattingen van Boelhouwer cs (lees: afschaffen). De benoemende organisaties en hun bestuursleden onderschrijven het andere perspectief (behouden). 

Communicerende vaten
In zijn advies aan de minister stelt het OFL dat bij de besluitvorming over het bestuursstelsel niet alleen gekeken moet worden naar het advies van de commissie Boelhouwer. Dat is gestoeld op een taakopvatting van het waterschap, aldus het overlegorgaan, terwijl bij een eventuele aanpassing van het stelsel ook gekeken moet worden ‘naar de taak van het waterschap’ zoals vastgelegd in de Waterschapswet en de relatie met andere bestuursorganen als gemeenten en provincies, aldus het OFL. “Deze drie aspecten zijn communicerende vaten en zullen in samenhang beschouwd moeten worden. Immers ‘structure follows strategy’.”

Het overlegorgaan verwijst daarbij naast de Waterschapswet naar het ‘Advies waterschapsbestuur’ van de Adviescommissie Water (2015) en ‘Belangenrepresentatie in het waterschapsbestuur’ van de Commissie van Advies inzake de Waterstaatswetgeving (2009). 

Korte tijdspanne
In de conclusie geeft het overlegorgaan aan dat het het niet ziet gebeuren dat een aanpassing van het stelsel voor de volgende waterschapsverkiezingen geregeld kan worden. Dan zou ‘in een zeer korte tijdspanne’ wetgeving tot stand moeten komen. “Rekening houdend met gebruikelijke formatietijden en min of meer reguliere versnellingsmogelijkheden lijkt het niet goed mogelijk om dit te realiseren.”

Daarmee sluit het OFL aan bij het debat in de Tweede Kamer vorig jaar juni, toen tot frustratie van voorstanders van afschaffing van de geborgde zetels (50plus, GroenLinks, PvdA, SP, PvdD) minister Van Nieuwenhuizen zich niet uitsprak over het rapport van de commissie Boelhouwer, in afwachting van de consultatie van het OFL. Toen trok de oppositie de conclusie dat de regeringscoalitie de kwestie van de geborgde zetels over de Kamerverkiezingen van 17 maart 2021 wilde tillen. Nu stelt het OFL vast dat eventuele aanpassing ook niet haalbaar is voor de waterschapsverkiezingen op 15 maart 2023. 

Achterdeur
In reactie op 'De stem van het water' stelt de Algemene Waterschapspartij (AWP) dat met het OFL-rapport wordt aangestuurd op een brede discussie over 'het taakveld' van de waterschappen. De partij plaatst daar vraagtekens bij. Vice-voorzitter Hans Middendorp zegt op de site van de partij: “De commissie Boelhouwer was ook heel duidelijk. Maar via de achterdeur van het OFL wordt nu geprobeerd om een brede discussie op te starten over het taakveld van de waterschappen. Gaat dat helpen? Wij vinden dat de landelijke politiek nu gewoon een besluit moet nemen over de geborgde zetels! Daarvoor zitten ze in de Tweede Kamer”.
 

MEER INFORMATIE
Het rapport 'De stem van het water' (pdf)
Reactie AWP
H2O-artikel: Waterschapsbestuurders verdeeld over afschaffen geborgde zetels
H2O-artikel: GroenLinks dient initiatiefwet in voor afschaffen geborgde zetels

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Het is mijn ervaring dat als je de dikke stengels onder een knoop op zeg 30 cm hoogte afknipt, de stengel opvult met paar procentige glyfosaat, alles in de directe omgeving aan plant mee gaat. Je dood dan via de wortel ipv het blad en er naast spuiten...
Heet water, electrocutie, afdekken, allemaal leuk, maar beperkt effectief en mega duur.
Over zulke grote hoeveelheden gif hebben we het nou ook weer niet......
De zeespiegelstijging is onder de 20 cm per eeuw.
Er is geen reden aan te nemen dat hier een versnelling in gaande is. Artikel lijkt iets verergering te suggereren. Dat lijkt dan dus niet zo.
Oprukkend zout blijft daarmee een belangrijk aandachtspunt, geen reden tot paniek.
Dries Buitenwerf Eindelijk, het d-woord viel
Watertekort: In Nederland is het de gewoonte om water altijd vanaf oppervlakte te infiltreren in de bodem, nu weten we als we altijd een richting door een filter gaan dat dit filter dichtslaat en we steeds minder water via deze route naar het diepere grondwater zullen stromen. Als we willen voorkomen dat het diepere zoete grondwater vervolgens door zeewater wordt aangevuld zullen we dus in Oost Nederland het grondwater van onderaf moeten aanvullen cq ipv 100 m boven afpomphoogte infiltreren op 100 m onder afpomp hoogte in moeten pompen. Water dat onder druk op deze diepte (boven het zoute grondwater) wordt toegevoerd zal geen verstopping creëren en zout water wegdrukken. De weg naar boven gaat heel traag omdat het water afhankelijk van de soortelijke massa verschillen meest horizontaal zal bewegen. Als er vervolgens 100 m hoger water wordt opgepompt, zal er minder zeewater naar binnen worden getrokken.
STELLING: We zijn veel te laat, lopen achter de feiten aan en de klimaatverandering komt echt op stoom. Waar halen we de mankracht vandaan om er wat aan te doen? Op naar Duitsland.
In een interessant artikel in The Guardian wordt het succes gedeeld van onder andere De Grensmaas:
https://www.theguardian.com/environment/2022/sep/20/dutch-rewilding-project-turns-back-the-clock-500-years-aoe
Wat opvalt is de lange termijn waarin dat project zich afspeelt: de planfase begon in 1990.
Nu zijn de grenzen van ons watersysteem bereikt. Maar niet alleen van het water systeem: de biodiversiteit staat onder druk, overal speelt milieuvervuiling: in de lucht, de bodem, het water en de het diepere grondwater. Er zit een grote energietransitie aan te komen en er wordt geroepen om een systeemverandering (het werkelijke probleem is onze engineerings-maatschappij). Daarnaast staan alle sectoren te spingen om mensen: de grenzen zijn bereik van wat in Nederland uitgevoerd kan worden.
Op de achtergrond speelt de exponentiele ontwikkeling van de klimaat verandering: hitte, droogte, extreme neerslag, stormen en extreem weer: ze worden heftiger, talrijker en duren langer. Zo komt ook onze voedselvoorziening (en die van de gehele wereld) onder druk.
Een hybride giga crisis dreigt: alles klapt in een keer om. Zoals een helder meertje in een keer troebel wordt, a la migraine aanval. https://www.delta.tudelft.nl/article/spinoza-winnaars-gaan-migraine-te-lijf
We wisten in 1972 - met het uitkomen van het rapport: Grenzen aan de Groei (MIT - Club van Rome) - dat het deze kant uit zou gaan. We zitten precies op het voorspelde scenario.
Dat betekent voor ons Deltalandje: houd sterk rekening met plan D.
Zowel voor mitigatie (bovenstrooms investeren en voorkomen) als voor de meerslaagse veiligheid liggen veel van de toekomst scenario's buiten Nederland... in Duitsland. Daar ligt een deel van onze onvoorkoombare toekomst.
Nederland kan geen zeespiegelstijging voorblijven. De Waddenzee verdrinkt bij meer dan 3mm/jr. Hoe graag we dat ook zouden willen. Dat beeld moet nu eens duidelijk worden. We zijn kwetsbaar, we blijven kwetsbaar en we worden steeds kwetsbaarder. En we hebben niet de menskracht om te 'dweilen'.
Dat betekent bv: stop de Zuid-plaspolder. Het geeft een compleet verkeerd beeld en een vals signaal van veiligheid.
https://www.waterforum.net/geen-land-ter-wereld-zou-onder-9-meter-nap-bouwen/
Voorkomen is beter dan niet te genezen: maar we zijn 50 jaar te laat om klimaatverandering te voorkomen. De klimaatverandering is een feit. Multi-stress de norm. Het gaat nu voor NEDERland om de vraag waarop we inzetten voor 2100: Ik stel: op naar hoger Nederland en richting Duitsland.
Plaatje: Eindhoven was vroeger een bloeiende badplaats - toneelstuk uit 1982 - toen was het gevoel van urgentie veel hoger dan nu.
https://theaterencyclopedie.nl/wiki/Eindhoven_was_vroeger_een_bloeiende_badplaats_-_Zuidelijk_Toneel_Globe_-_1982-02-06
Dit artikel presenteert resultaten gebaseerd op onderzoek dat van den Akker ruim vijf jaar geleden heeft gepubliceerd in Stromingen. Op zijn methodiek is destijds van diverse kanten inhoudelijke kritiek geleverd (Olsthoorn, 2014a,b,c; Leenen, 2014). Hieraan gaat hij nu volledig voorbij. Ook negeert hij dat zijn aanpak fysisch-wiskundig gezien aantoonbaar onjuist is (Zaadnoordijk, 2017) en ontkent hij het inzicht van de NHV-werkgroep Achtergrondverlaging (van Bakel e.a., 2017).

- Bakel, J. van, E. Querner, G. Rot, G. Schouten, N. Straathof, W. Vaarkamp, J.P. Witte, W.J. Zaadnoordijk (2017) Zicht op Achtergrondverlaging, rapport van de Werkgroep Achtergrondverlaging van de Nederlandse Hydrologische Vereniging, Wageningen, mei 2017.
- Leenen, H. (2014) Reactie op artikel "Tussen Theis en Hantush"van Cees van den Akker, Stromingen, 20, nummer 3, p.65-69.
- Olsthoorn, T. (2014a) De dynamica van de verlaging van Terwisscha of in vergelijkbare situaties, revisited, Stromingen, 20, nummer 1, p15-33.
- Olsthoorn, T. (2014b) Tussen De Glee en Dupuit, revisited, Stromingen, 20, nummer 1, p35-55.
- Olsthoorn, T. (2014c) De fysische onderbouwing van de overdrachtsfactor nader bekeken, Stromingen, 20, nummer 3, p.11-25
- Zaadnoordijk, W.J. (2017) Kanttekeningen bij gebruik van differentiaalvergelijking van v/d Akker, notitie 7 maart 2017, beschikbaar op: http://www.debakelsestroom.nl/kennisbank/attachment/memobijdiffvergvdakker_v4_opm-jvb-20-maart-2017/.

Willem Jan Zaadnoordijk, Flip Witte en Jan van Bakel

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!