0
0
0
s2smodern
Interessant? Deel dit artikel met uw (water)netwerk!
0
0
0
s2smodern
powered by social2s

Betrek financiële expertise al vroeg bij projectontwikkeling en spring in op de wereldwijd groeiende behoefte aan full-service oplossingen. Dat zijn twee aanbevelingen van het Netherlands Water Partnership (NWP) en de Nederlandse ontwikkelingsbank FMO naar aanleiding van een in hun opdracht uitgevoerde marktanalyse. Hieruit blijkt dat de watersector nog onvoldoende de groeikansen op internationale markten benut.

NWP, een netwerk van ruim 180 organisaties met internationale ambities, en FMO werken sinds twee jaar samen om te helpen het gat tussen internationale waterprojecten en financiën te dichten. Volgens een berekening van de Verenigde Naties is tot 2030 7,5 biljoen dollar nodig om het zesde duurzame ontwikkelingsdoel van schoon water en sanitatie voor iedereen te realiseren. Gezien de huidige trends is echter sprake van een tekort van 1,2 biljoen dollar, omdat waterprojecten nog onvoldoende aantrekkelijk zijn voor private investeerders.

Ger PannekoekGer Pannekoek

“De watersector kenmerkt zich in het algemeen door veel kennis en innovatie maar te weinig focus op financiële haalbaarheid”, zegt Ger Pannekoek, adviseur Finance for Water bij NWP. “Water vindt niet altijd de weg naar geld en vice versa.” Dat geldt volgens Pannekoek ook voor de Nederlandse sector. “Onze samenwerking met FMO was oorspronkelijk vooral gericht op het vullen van de pijplijn van de bank met waterprojecten. Wij kwamen tijdens de samenwerking erachter dat de Nederlandse watersector niet altijd goed aansluit op waaraan de markt behoefte heeft. Intuïtief wisten we dit al, maar nu kunnen we het met de marktanalyse ook goed onderbouwen.”

De analyse is in opdracht van FMO en NWP uitgevoerd door RebelGroup en CSC Strategy & Finance. Het rapport heeft de titel Expanding the horizon of the Dutch Water Sector – A sector view on international positioning and financing challenges meegekregen. Volgens het onderzoek kan de Nederlandse watersector de internationale marktkansen op een aantal manieren vergroten.

Groeiende behoefte aan totaalpakketten
Belangrijk is om in te springen op de wereldwijd groeiende vraag naar full-service oplossingen, zoals een totaalpakket voor ontwerp, bouw, financiering, exploitatie en onderhoud (het zogeheten DBFOM-contract). Dit gebeurt nu slechts mondjesmaat. Enkele grotere watertechnologiebedrijven als Nijhuis Industries en Paques groeien toe naar full-service oplossingen, maar zij zijn positieve uitzonderingen.

Nederlandse bedrijven moeten daarom duidelijk hun positie hierbij bepalen, stelt Pannekoek. “Is een aantal bedrijven bereid om meer risico te nemen en actief te worden in beheer en onderhoud bij internationale projecten? Dat is voor financiers belangrijk om te weten.” De qua omvang vrij kleine Nederlandse watersector met veel mkb-bedrijven zorgt wel voor beperkingen, erkent Pannekoek. “Grote aannemers als BAM en Denys kunnen een totaalpakket aanbieden. Maar er hoeft niet steeds een volledig Nederlandse full-service propositie te zijn. Het is ook mogelijk dat waterbedrijven meedoen als nichespelers in internationale consortia.”

Om de mogelijkheden bij full-service oplossingen beter te benutten, is volgens Pannekoek veel meer samenwerking tussen aannemers en technologieleveranciers nodig. Hij wijst verder op de rol van drinkwaterbedrijven en waterschappen. “Zij zijn steeds actiever bij het opbouwen van capaciteit van buitenlandse partners. We zien graag dat drinkwaterbedrijven en waterschappen daarbij meer gaan fungeren als ‘slipstream’ voor aannemers en technologiebedrijven.”

Investeren in financiële expertise
Een tweede aanbeveling is om al in een vroeg stadium financiële expertise te betrekken bij de ontwikkeling van een project. “Dat is cruciaal om ervoor te zorgen dat waterprojecten beter financierbaar worden”, zegt Pannekoek. “Schakel hiervoor niet steeds externe financiële experts in, maar investeer juist ook in de financiële expertise binnen de eigen organisatie.”

Uit de marktanalyse blijkt verder dat er behoefte is aan een ‘one-stop-shop’ voor financiële instrumenten. Pannekoek: “Het is van belang dat één loket de ondernemer tijdens de hele projectontwikkelingscyclus kan helpen. Nu moet de ondernemer in elke fase van een project bij een nieuw loket aankloppen. Daarbij staan de subsidies en financiële instrumenten meer centraal dan de projecten en dat werkt belemmerend. Het kan een taak voor de nieuwe investeringsinstelling Invest-NL zijn om zich te richten op de ‘one-stop-shop’.”

Banden met financiers aanhalen
Het Netherlands Water Partnership gaat de marktanalyse breder uitdragen binnen de watersector en de financiële wereld. Ook speelt de organisatie met ideeën om actief bij te dragen aan het opbouwen van capaciteit binnen de watersector op het gebied van financiering en projectontwikkeling. Voorkomen moet worden dat financiers wachten tot er projectvoorstellen op hun bureau belanden, vindt Pannekoek. “Zij moeten eerder betrokken zijn, zoals nu in het geval van FMO. Daarom investeren we als NWP in het aanhalen van de banden met de financiële wereld.”


MEER INFORMATIE
Rapport marktanalyse Nederlandse watersector
NWP over financiering voor water
Oproep door UN-Water en WHO
H2O-artikel: Pensioengeld zoekt waterbeleggingen
 

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

Laatste reacties op onze artikelen

Jammer dat alleen de zomerperiode is bekeken, want in de winter kan het effect juist omgekeerd zijn. In groenstroken of elementen zakt het neerslagoverschot naar grondwater. Op verhard oppervlakte wordt hemelwater veelal afgevoerd. De hydrologische effecten kunnen van gebied tot gebied nogal verschillen (hoge zandgrond is anders dan veenpolder).
De combinatie van vergroenen, alsmede vasthouden en infiltreren van regenwater kan zorgen voor een stijging van gemiddelde zomergrondwaterstanden in een woonwijk.
Dit probleem is ontstaan door het baggeren van vaarwegen voor zandaanvoer wat een nieuw recreatiestrand moet worden. HHNK heeft recent schade van €1miljoen op zich genomen toen de provincie opdracht had gegeven om bij Zijpersluis het Noordhollandas kanaal te baggeren. De watersnoodramp van Anna Paulowna wordt ook aan vaarwegverdieping toe geschreven. Dijkverhoging en baggeren geeft meer kans op dijkfalen.
Als er met maaionderhoud zoveel fauna weg wordt gemaaid, hoe komt het dan dat elk jaar weer de beek/ sloot weer is aangevuld met fauna?
De conclusie dat mobiliteit van fauna niet werkt, zou suggereren dat je de beek/sloot leegmaakt en ondanks dat het nooit eerder is onderzocht, toch nog steeds fauna in sloot aanwezig is. We maaien al jaren.
Met het afzetten van het team van Linus Pauling, is waarschijnlijk de weg vrij gemaakt voor malafide water organisaties, waar we er al genoeg van hebben in Europa. Het is mij in elk geval helder, dat niemand hier ook maar een fractie van de kennis bezit van 1 van de mensen uit het team van Linus.
Het spijt me te moeten lezen met wat voor gekonkel jullie proberen ons drinkwater op peil te brengen. Het doet me niet alleen walgen van de wijze waarop er gesjoemeld wordt met cijfers, waarden en giftige stofjes in ons drinkwater. Het doet me ook twijfelen aan het gezonde verstand van waterdeskundigen, die blijkbaar eerder voor het behoud van hun salaris willen gaan, dan voor de gezondheid van de bevolking.
Het is helder, dat hier geen enkele chemicus met enig hart de verantwoording draagt.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

(advertentie)

Wij maken gebruik van cookies om de gebruikerservaring te verbeteren. Als je onze site bezoekt, ga je akkoord met het gebruik hiervan.      Ik snap het