secundair logo knw 1

Vernieuwen en uitbreiden van de zuiveringscapaciteit is urgent aan het worden. Het aantal rioolaansluitingen blijft groeien en voor de rioolwaterzuiveringen (rwzi’s) komen er steeds nieuwe en strengere zuiveringseisen bij. “En er moet niet alleen gebouwd worden om aan de eisen te voldoen. Tegenwoordig wordt er ook van ons gevraagd om dat circulair te doen. Circulair bouwen voor circulair zuiveren,” zegt Paul Roeleveld, directeur Business Development & Innovaties bij Royal HaskoningDHV. “We staan voor een dure en complexe opgave.”


door Mirjam Jochemsen


Paul Roeleveld vk 180 Paul RoeleveldOp verschillende plekken in het land zitten rwzi’s tegen hun maximale capaciteit aan. Is het een probleem dat in heel Nederland gaat spelen?
“Ja, dat denk ik wel, al zal het in de ene regio meer zijn dan in de andere. De bevolking groeit, de industriële bedrijvigheid ook. Dat betekent extra aanbod van afvalwater. Tegelijk zijn de meeste bestaande zuiveringen op leeftijd. Ze werden vanaf de jaren negentig gebouwd, tijdens de investeringsgolf die volgde op de Europese richtlijn voor het zuiveren van stedelijk afvalwater (1991). Inmiddels zijn ze aan vervanging en vernieuwing toe. 

Maar sinds de bouw heeft de wereld niet stilgestaan. En een nieuwe voorziening ontwerp je in principe voor de komende dertig jaar; ook voor deze periode dienen zich nieuwe ontwikkelingen aan. Zo vraagt de KRW-deadline van 2027 om extra inspanningen voor het verwijderen van stikstof en fosfaat. Denk ook aan de komende aanscherping van de Europese richtlijnen Stedelijk afvalwater en Prioritaire Stoffen. Verder hebben we natuurlijk te maken met in de sector gemaakte afspraken rond duurzaamheid, met thema’s als energie, circulariteit, terugwinnen van grondstoffen en duurzaam bouwen. Al met al zijn nieuwe investeringen hard nodig.”

Dus we moeten haast maken?
“Voor zover dat mogelijk is, ja. Het ontwerpen en bouwen van een nieuwe waterzuivering is complex, kostbaar en vraagt veel tijd. Voor een nieuwe installatie moet je inschatten aan welke eisen hij in de toekomst moet (blijven) voldoen. Hoe verandert in de betreffende regio de hoeveelheid afvalwater, en wat is de specifieke kwaliteit ervan? Aan welke randvoorwaarden op het gebied van energie, milieu en circulariteit moet en wil je voldoen?

Daar zitten heel complexe vragen achter. Sommige nieuwe processen vragen bijvoorbeeld veel energie; is die wel beschikbaar op het net? En, buiten de techniek, hoe ga je het financieren, krijg je de vergunningen op tijd rond? De huidige krapte in de bouwwereld aan menskracht en materialen maakt het allemaal niet eenvoudiger. Er is een hausse aan bouwactiviteiten te verwachten, waarvoor iedereen tegelijk bouwers nodig heeft. Het is belangrijk dat daar meer regie op wordt gepakt.”

Wie zou dat kunnen regisseren? 
“Hoofden bouwzaken van de waterschappen overleggen wel regelmatig met elkaar. Er is ook een soort van projectenkalender in overleg met de bouwsector, maar ik denk dat daar wat meer besluitvorming op kan plaatsvinden. Niet alleen weten van elkaars plannen, maar ook op elkaar afstemmen: wie kan wat uitstellen, of juist versnellen? Samen kan je sneller realiseren. 

Ook intensieve samenwerking op inhoudelijk vlak is nodig. Er is zo veel nieuwe kennis, niet alleen bij waterschappen maar ook bij bedrijven en kennisinstituten. Over verwijderen van organische microverontreinigingen, terugwinnen van grondstoffen, energiemanagement. Veelbelovend is ook het modulair bouwen, zoals dat is ontwikkeld bij Waterschapsbedrijf Limburg. Daarmee kan je beter standaardiseren en het ontwerp goed en snel aanpassen aan de lokale omstandigheden en wensen.”

Is het ook een oplossing als bedrijven meer zelf hun afvalwater zuiveren?
“Een aantal bedrijven doet dat graag. Maar er is ook water dat het waterschap juist graag zelf ontvangt en zuivert. Bijvoorbeeld als er veel organisch materiaal in zit, dat maakt het verwijderen van stikstof en fosfaat makkelijker. Er kunnen interessante oplossingen ontstaan als waterschap en industrie samen om de tafel gaan zitten. Een bedrijf kan soms korting krijgen op de zuiveringsheffing, als het bedrijf goedkoper zelf kan zuiveren maar het waterschap het bedrijfsafvalwater graag zelf ontvangt. 

Een mooi voorbeeld is de overeenkomst tussen waterschap Rijn en IJssel en FrieslandCampina: via een persleiding leveren de productielocaties van het zuivelbedrijf in Borculo en Lochem restwater aan het waterschap. Op de zuivering kan hierdoor Kaumera worden gewonnen, een biologisch product dat wordt toegepast in de land- en tuinbouw.”

En het afkoppelen van regenwater?
“Ook dat kan de (over)belasting van de zuivering verminderen. Dat levert maar langzaam resultaat op, met per jaar hooguit twee procent van de aansluitingen. Maar als je dat jaar in jaar uit volhoudt loopt het toch wel op. En afkoppelen heeft natuurlijk nog meer voordelen: minder vervuilende overstorten, efficiëntere zuivering in de rwzi, en wateropslag in de bodem voor droge tijden.”

U noemde al even de benodigde investeringen
“Er komt sowieso een enorm pakket aan investeringen in onze infrastructuur op ons af. Volgens een globale berekening van adviesbureau Witteveen+Bos gaat het in totaal om zo’n 4 tot 5 miljard euro. De waterschappen hebben het lang tegengehouden, maar de tarieven zullen nu dus toch echt omhoog moeten. En onderbouwde keuzes maken. Bedrijven hun afvalwater zelf laten zuiveren kan de rwzi’s ontlasten, maar vermindert ook de inkomsten van het waterschap en laat de rwzi soms minder goed functioneren. Het zal per situatie verschillen wat een wijze aanpak is. De kunst is om een goede balans te vinden. 
We moeten samen aan de slag.”

Typ je reactie...
Je bent niet ingelogd
Of reageer als gast
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Laat je reactie achter en start de discussie...

h2ologoprimair    PODIUM

Podium is een platform voor opinies, blogs en door waterprofessionals geschreven artikelen (Uitgelicht). H2O draagt geen verantwoordelijkheid voor de inhoud van deze bijdragen, maar bepaalt wel of een bijdrage in aanmerking komt voor plaatsing. De artikelen mogen geen commerciële grondslag hebben.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Afbreekbaarheid moet in de toekomst als eerste beoordelingsparameter voor toelating van stoffen worden ingevoerd. Er ontstaan anders onomkeerbare problemen in de toekomst.
In aanvulling hierop: Wij hebben voor terrein- en rivierbeheerders (VNBE) nog meer maatregelen in kaart gebracht om deze problemen te mitigeren (zie ook bijlage):
 
@Hans MiddendorpHoi Hans, beetje makkelijke reactie van het waterschap ('eerst moeten de waterbedrijven wat doen, tot die tijd kunnen wij niks doen'). De Waprog plaatste in 1986, in één jaar tijd, meer dan 100.000 watermeters bij gezinnen thuis. Dat kostte toen maar 150 gulden (!) per watermeter. Als de waterpartners echt zouden willen samenwerken, kan dit zo zijn opgelost. Dus ja, bureaucratie zegeviert. Niet iets om trots op te zijn.
@Gert Timmerman Eens. We moeten met al ons water zuinig omgaan (en het niet verontreinigen) zeker met zoet grondwater en met drinkwater.