secundair logo knw 1

Het Wereld Natuurfonds (WNF) ziet een belangrijke rol voor boeren in de ontwikkeling en beheer van nieuw natuur langs de grote rivieren. Dat blijkt uit het manifest Ruimte voor Levende Rivieren dat vandaag is gepresenteerd. 

In eerdere WNF-plannen voor riviernatuur was geen plek voor boeren, maar koos de natuurorganisatie voor een strikte scheiding tussen natuur en landbouw in de uiterwaarden. Nu is er een wissel omgezet om landbouw en natuur met elkaar te verbinden.

In het manifest Ruimte voor Levende Rivieren bepleit WNF de grootschalige omvorming van uiterwaarden van de grote rivieren tot natuurgebied. Van de uiterwaarden is 60 procent nog in gebruik bij de gangbare landbouw, industrie en zandwinning. Volgens WNF moet er minstens 30.000 hectare nieuwe riviernatuur bijkomen. Dat staat in de Programmatische Aanpak Grote Wateren (PAGW) en de KRW-doelstellingen voor de grote rivieren.

Het manifest Ruimte voor Levende Rivieren is bedoeld om invloed uit te oefenen op het programma onder de omgevingswet voor nieuw rivierbeleid (zogeheten Integraal Rivier Management). Het Wereld Natuur Fonds vindt dat natuurherstel er bekaaid vanaf komt in de concept-plannen voor IRM. 

“Grootschalig natuurherstel kan ons land beschermen tegen de gevolgen van klimaatverandering. Tegelijk geeft het een enorme impuls aan recreatiemogelijkheden”, aldus het manifest, dat ondertekend is door onder meer ANWB, Natuurmonumenten, ARK Rewilding, provinciale landschappen en Sportvisserij Nederland.

Het WNF ziet ‘volop mogelijkheden om dit in samenhang met de transitie van ons voedselsysteem te doen’. “Daarin is een belangrijke rol voor natuurpositieve agrariërs.” WNF noemt de landbouw ‘partner’ in het bewerkstelligen van een natuurlijker riviersysteem. “Ons pleidooi is om meer samenwerking te zoeken met agrarische natuurverenigingen bij het beheer van extensieve graslanden, ruigten en struwelen. Ook kunnen boeren worden ingezet in het natuurbeheer. Dat levert een aantrekkelijk landschap op met veel variatie.”

Concreet verwijst WNF naar het Collectief Rivierenland als lichtend voorbeeld van natuurinclusieve landbouw in de uiterwaarden van de Maas en Waal. In dit collectief zijn zes agrarische natuurverenigingen actief van boeren langs de Gelderse Maas, Waal en bovenloop van de IJssel. 

Hermen Vreugdenhil -directeur van Collectief Rivierenland - is blij met de nieuwe koers van het Wereld Natuur Fonds voor agrarisch natuurbeheer langs de rivieren. “De koe hoort in de uiterwaarden met bloeiende hooilanden en de veldleeuwerik. We pakken de handschoen graag op om samen met onze boeren hier invulling aan te geven met langlopende beheercontracten.”

Hermen Vreugdenhil gaf recent in de H2O-podcast 'De toekomst van ons water' uitleg over de rol die hij ziet voor boeren in de natuurontwikkeling langs de grote rivieren. De podcast is hier te beluisteren:

 

Typ je reactie...
Je bent niet ingelogd
Of reageer als gast
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Laat je reactie achter en start de discussie...

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Hoe bestaat het dat dit maar door gaat en dat de overheid zo lankmoedig ermee om gaat? Sleep de vervuilers voor de rechter overheid!!
Deze gegevens geven een goed overzicht en een schrikbarend beeld van de huidige situatie. De Volksgezondheid staat op het spel. Waarom is er geen inspectie van de Volksgezondheid voor de Milieuhygiene die dit soort zaken bewaakt en binnen de rijksoverheid de plicht heeft en verantwoordelijkheid neemt tot nadere acties? Een dergelijke instantie is hard nodig en is van belang voor alle betrokken partijen incl. het bedrijfsleven. Ook voor de drinkwaterbedrijven moet het van groot belang zijn dat binnen de organisatie van de rijksoverheid een organisatie bestaat die de belangen van de drinkwaterbedrijven als onderdeel van de zorg voor de Volkgezondheid behartigt en een zelfstandige verantwoordelijkheid heeft los van de politieke waan van de dag.
Ben benieuwd of dit ook werkt op PFAS en PFOA?
Je merkt uit reactie van riviergemeenten - achteruitgang van het landschap - dat geld van bebouwing in dit risicogebied toch zwaar telt. Als Rijkswaterstaat zou ik zeggen tegen die eigenaren: zwemdiploma is vereist voor alle bewoners, bij paniek wordt geen hulp geboden, uw verzekering en u als eigenaar zijn 100% voor schade zelf verantwoordelijk.
Wat ik mis in dit stuk, is hoe dit principe in andere landen wordt gehanteerd. En hoe de stoffenreeks en analyse frequentie in andere landen is. Ook dat heeft natuurlijk forse invloed op dit statische principe.  Mijn gevoel is (en ik heb toch al een aantal impact analyses gedaan in andere EU landen) dat we met het verlaten van dit principe een fors aantal plaatsen stijgen op de eu ranglijst waterkwaliteit. Wordt het daarmee beter, nee, wordt de kwaliteit slechter, ook nee. Moeten we onverlet doorgaan met emissiebeperking, zeker.