secundair logo knw 1

Praktijkproef Veilige Vecht | Foto WDODelta

Waterschap Drents Overijsselse Delta (WDODelta) heeft het voorkeursalternatief voor de versterking van de Vechtdijken klaar. Het waterschap kiest voor een aanpak waarbij zoveel mogelijk recht wordt gedaan aan de typische kenmerken van de dijken langs de regenrivier. Als alles volgens plan verloopt gaat vanaf 2027 de schop de grond in.

Het voorkeursalternatief van het project Veilige Vecht gaat de inspraak in. Er kan gereageerd worden van maandag 6 november tot en met zondag 17 december.

Het grootste deel van de dijken (30 van de 32 kilometer) tussen Dalfsen en Zwolle is niet sterk of hoog genoeg. De meest voorkomende faalmechanismen zijn hoogte, piping, stabiliteit en bekleding. Daarnaast liggen er in het gebied vijf kunstwerken (damwanden en een sluis) die aangepakt moeten worden. 

Uitzonderlijk
De versterking die nu op stapel staat, betreft de dijken aan beide zijden van de regenrivier. Een deel van deze dijken bestaat voornamelijk uit zand en dat is voor een primaire dijk in Nederland uitzonderlijk. 

Van september 2020 tot en met juli 2023 onderzocht het waterschap de mogelijkheden om de dijken tussen Dalfsen en Zwolle te versterken. Uiteindelijk besloot de dijkbeheerder de dijken in delen op te knippen. “Want ieder deel van de Vechtdijk is anders.”

Uitgangspunt daarbij is de dijk zoveel mogelijk met grond (zand of klei) te versterken. “Is daar te weinig ruimte voor, bijvoorbeeld omdat huizen dicht bij de dijk staan of vanwege beschermde natuur, dan stellen we in de meeste gevallen een constructie in de dijk voor, zoals damwanden”, schrijft het waterschap.


Dijkversterking Vechtdijken b loep


Typische kenmerken
Om recht te doen aan de typische kenmerken van de Vechtdijk, is er min of meer een onderscheid gemaakt tussen oost (het zandlandschap) en west (de rivierdelta), waarbij de snelweg A28 'grofweg de knip vormt'.

Bovenstrooms, in het oostelijk deel van het traject, zijn vooral de zandige erosiebuffer en diepploegen gekozen als oplossingen voor de bekleding en piping, schrijft het waterschap. “De dijk van het voorkeursalternatief kenmerkt zich hier door een breder profiel met een bredere kruin, (relatief) flauwe taluds en een opbouw uit voornamelijk zandig materiaal. Daarmee sluit de dijk aan op het omliggende zandlandschap.”

"Benedenstrooms, ten westen van de A28, heeft het voorkeursalternatief veelal een compactere verschijningsvorm. Hier is met name gras op klei toegepast als oplossing voor de bekleding en een verticale voorziening als oplossing voor piping.”

Grasbekleding
In het innovatieproject Gras op Zand onderzocht het waterschap met andere partijen hoe sterk de grasmat op de zanddijken is. Uit het innovatieproject bleek dat de grasmat sterker is dan gedacht, staat in het projectenboek 2023 van het Hoogwaterbeschermingsprogramma. Toch wordt in de versterkingsplannen die nu voorliggen gesteld dat de grasbekleding aan de rivierkant van de dijk niet sterk genoeg is.

Het waterschap wil naast de versterking van de dijk, systeemmaatregelen nemen in het hele Vechtdal. Voorbeelden van deze maatregelen zijn het vasthouden van water, bergen van water in de gebieden naast de Vecht en realiseren van meer ruimte voor de Vecht. Deze aanpassingen doet het waterschap in samenspraak met waterschap Vechtstromen, gemeentes, provincie en bewoners van het Vechtdal.

Typ je reactie...
Je bent niet ingelogd
Of reageer als gast
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Laat je reactie achter en start de discussie...

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Afbreekbaarheid moet in de toekomst als eerste beoordelingsparameter voor toelating van stoffen worden ingevoerd. Er ontstaan anders onomkeerbare problemen in de toekomst.
In aanvulling hierop: Wij hebben voor terrein- en rivierbeheerders (VNBE) nog meer maatregelen in kaart gebracht om deze problemen te mitigeren (zie ook bijlage):
 
@Hans MiddendorpHoi Hans, beetje makkelijke reactie van het waterschap ('eerst moeten de waterbedrijven wat doen, tot die tijd kunnen wij niks doen'). De Waprog plaatste in 1986, in één jaar tijd, meer dan 100.000 watermeters bij gezinnen thuis. Dat kostte toen maar 150 gulden (!) per watermeter. Als de waterpartners echt zouden willen samenwerken, kan dit zo zijn opgelost. Dus ja, bureaucratie zegeviert. Niet iets om trots op te zijn.
@Gert Timmerman Eens. We moeten met al ons water zuinig omgaan (en het niet verontreinigen) zeker met zoet grondwater en met drinkwater.