Het is de vierde keer dat het gemaal De Aanvoerder in stelling wordt gebracht om zoetwater uit het Amsterdam-Rijnkanaal naar het westen te pompen. Vandaag werd het gemaal in werking gezet om de stromingsrichting in de Leidsche Rijn om te keren met water uit het Amsterdam-Rijnkanaal. Tezamen met extra aanvoer uit de Lek moet zo het zoetwatertekort en dreigende verzilting in West-Nederland tegen worden gegaan.

De dalende afvoer van de Rijn en de aanhoudende droogte zorgen voor zoetwatertekort in West-Nederland. Met het aanzetten van De Aanvoerder in Utrecht is de Klimaatbestendige Water Aanvoervoorziening (KWA) ingezet om verzilting tegen te gaan, een besluit van de hoogheemraadschappen Stichtse Rijnlanden, Rijnland, Delfland en Schieland en Rijkswaterstaat. Door de KWA wordt in het gebied van hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden water ingebracht uit de Lek en het Amsterdam-Rijnkanaal. 

Naast het gemaal De Aanvoerder laat het Noordergemaal zoetwater in via het Merwedekanaal, de Doorslag en de Gekanaliseerde Hollandsche IJssel. Ook zijn er inlaatvoorzieningen bij het gemaal De Koekoek (De Lek) en de Krimpenerwaard. Naast De Stichtse Rijnlanden profiteren Rijnland, Delfland en Schieland van dit extra aangevoerde zoetwater. De aanvoer zal naar verwachting enkele weken duren.

KWA en DKW kaart 900 loep Schematische voorstelling van de Klimaatbestendige Water Aanvoervoorziening (KWA)

Klimaatverandering
Dijkgraaf Jeroen Haan van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden zei bij de ingebruikname van gemaal De Aanvoerder: ”We dachten dat we dit gemaal één keer in de 10 jaar nodig zouden hebben. Maar De Aanvoerder is in 2003, 2011, 2018 en nu in 2022 weer in werking gesteld. Dit wijst erop dat door de klimaatverandering ingrepen in het watersysteem nodig zijn. En we redden het niet met dit gemaal alleen. Hier gaan we 7 kuub water per seconde inlaten en we moeten voor het hele gebied opschalen naar 15 kuub per seconde en dan nóg redden we het niet. Ook de functies die water nodig hebben, zoals de natuur en landbouw, moeten minder water afnemen.”

Jeroen Haan 180 vk B Jeroen HaanDe dijkgraaf lichtte desgevraagd toe dat ook in de ruimtelijke inrichting keuzes moeten worden gemaakt in het gebied dat nu - weer - te maken krijgt met watertekort en verzilting. “Dan heb je het over vragen als: zitten de watervragende functies wel op handige plekken? Kun je water beter vasthouden en bergen in het watersysteem?"

Volgens de dijkgraaf is er in het gebied de nodige aandacht voor deze vraagstukken. "Maar voor een belangrijk deel zijn het de democratieën die de ruimtelijke keuzes moeten maken. Gemeenten en ook inwoners moeten gaan meedenken hoe we de openbare ruimte anders kunnen inrichten zodat we water beter vast kunnen houden. Ook hier kan het gebeuren dat Dunea of Oasen gaan zeggen: we hebben geen water meer voor het besproeien van de tuinen.”

Convenant
“En voor de woningen die hier gebouwd moeten gaan worden, zeg ik: denk goed na waar je die huizen gaat neerzetten en bouw duurzaam en klimaatbestendig. Zorg dat er geen extra opgave in het watersysteem komt als gevolg van die nieuwe woningen. Los het op in het in gebied. Die opgave wordt steeds groter door de klimaatverandering.”

“Als waterschap gaan we daar formeel niet over, maar we zitten wel aan tafel en hebben daar stevige opvattingen over. We zijn in de provincie Utrecht in gesprek met de provincie, de gemeentes en de bouwers om afspraken te maken in een convenant over klimaatbestendig bouwen. Dat convenant komt er en daarin staan minimale afspraken en ook tips wat kun je extra doen. Als je het aan mij vraagt: ga voor goud en doe alles wat nu mogelijk is." 

"Het initiatief van Vallei en Veluwe en Vitens om in het Bouwbesluit voorschriften op te nemen voor klimaatbestendig bouwen, vind ik een uitstekend idee als het helpt. In België hebben ze de verplichting om een reservoir te bouwen in of onder een huis. Ik vind het een uitstekend idee als dat ook in Nederland wordt ingevoerd.”

 

LEES OOK
H2O Actueel: Rijnafvoer daalt waarschijnlijk naar zeer laag niveau

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

@Hans Middendorp AWPHans, het water van kleinere buien wordt dan ook vast gehouden. Ik vind dit een mooie ingreep, die meteen ook mogelijkheden biedt om de kleine waterkringloop te herstellen. Mits dat er naast de slootjes meerjarig oogstbaar/eetbaar groen wordt geplaatst, dat helpt dan weer met verdamping waardoor de temperatuur daalt juist door de verdamping. De regentrigger bij herstel van de kleine waterkringloop, waardoor die buien zich niet meer samenpakken maar gelijkmatig verdeelt uitregenen ook achter de veluwe op de hoge zandgronden. Oogstbaar is b.v. voederbomen als veevoer.
Mooie studie en uitkomsten die goed passen met wat je zou verwachten. Maar... er is gerekend met hoosbuien van 60 mm in één uur. Dan snap ik dat afstroming over het oppervlak plaats vindt. Maar negentig procent van de buien is minder dan 10 of 20 mm en dan is er gewoon inzijging van hemelwater in de bodem en helemaal geen oppervlakkige afstroming. Hoosbuien komen weliswaar steeds vaker voor, maar zijn toch vooral zeer plaatselijk. Het kan dus jaren duren voor een bepaald perceel door een hoosbui wordt getroffen. Toch?
Bedankt voor deze aanvullende opinie op ons artikel. Wij hebben als auteurs vanuit TAUW en HDSR uw opinie met interesse gelezen en willen graag een reactie geven.
De aanleiding van het onderzoek waren klachten die HDSR ontving van omwonenden over overstortlocaties. Naast een feitelijke weergave van de situatie van de watergang en de ecologische toestand, was de beleefwaarde van omwonenden een belangrijke component in het onderzoek. We hebben er voor gekozen het onderzoek en artikel verder neutraal te houden en onze mening als onderzoekers en initiator van het onderzoek buiten beschouwing te laten.
Natuurlijk zijn wij het met u eens dat doekjes en vuil in het water onwenselijk zijn. In het uitgebreidere online artikel gaan we wel in op de nodige verbeterpunten om effecten die nu buiten het onderzoek zijn gevallen, beter in beeld te krijgen. Daaronder benoemen wij ook een manier om de hoeveelheid doekjes en vuil in het water beter te monitoren.
Uw grootste zorg over dat we geen heftige zomerse onweersbui in het onderzoek meenemen, erkennen wij. De zomer van 2021 was niet extreem warm, waardoor de zuurstofloosheid na een overstort niet direct heeft geleid tot vissterfte. Hierdoor lijkt het alsof het effect beperkt is. Maar we zien wel dat overstorten gedurende de zomer tot zuurstofarme condities leiden. Dit is ecologisch gezien zeer onwenselijk.
Dat dit niet direct naar voren komt in de titel, is een keuze. Daarin is de aanleiding van het onderzoek als uitgangspunt genomen, wat heeft geleid tot een onverwacht inzicht: namelijk dat omwonenden van de onderzochte locaties over het algemeen beperkt hinder ondervinden van overstorten. Dit betekent dus niet dat er geen effect is.
Dag Cees,
In dit vakartikel staan een aantal fouten. Er wordt bij het voorbeeld aangegeven dat de berekeningen zijn voor het pompstation Terwisscha (provincie Groningen)! Prov. Groningen zal wel kloppen, maar dus niet Terwisscha, maar een winning van 6,5 mln m3 per jaar en met een complexe ondergrond t.a.v. de hydraulische weerstand afdekkend pakket zoals wordt weergegeven in figuur 2 (artikel). Ook in figuur 2 staat in de tekst dat deze geldt voor de Verlagingslijnen stijhoogte(!!) en GHG, maar het onderschrift bij figuur 2 geeft aan de zomersituatie!!!
Mijn grijze haren gaan recht overeind staan bij deze hydrologische fouten. Of heb ik het mis? Terecht geeft Willem Zaadnoordijk aan dat over dit onderwerp veel discussie in het verleden is geweest, maar ik zie nu wel een aanpak met behulp van een numerieke rekenmethode! Wat ik wel mis in het vakartikel is bijv. het effect van de bodemkaart, de grondwateraanvulling (zomer/winter) en de veranderende elastische berging in de ondergrond in droge of natte weerjaren, maar dat zal allemaal wel via de relatie uit figuur 1 in de berekeningen zijn meegenomen.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!