Vandaag verscheen het derde deel van het klimaatrapport van het IPCC, het klimaatpanel van de Verenigde Naties. “We staan vlak voor een klimaatramp”, zei António Guterres, secretaris-generaal van de Verenigde Naties bij de presentatie.  “Regeringen en bedrijven, die zeggen dat ze klimaatneutraal willen worden, maar dat niet tonen in hun acties, liegen.”

In het eerste deel van dit rapport, dat in augustus vorig jaar verscheen, analyseerde het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) de wetenschappelijke basis onder de toestand van het klimaat. Uit het rapport sprak urgentie. “Niemand is meer veilig”, zei Inger Andersen, directeur van het VN-Milieuprogramma, bij de presentatie toen.

Het tweede deel van het rapport, dat in februari verscheen en door de Britse krant The Guardian werd omschreven als het ‘zwartste klimaatrapport tot nu toe’ legde de focus op adaptie. Marjolijn Haasnoot van onderzoeksinstituut Deltares, hoofdauteur van twee hoofdstukken van dit rapport, zei toen: “Het was een bewuste keuze om in dit rapport niet alleen de gevolgen van de klimaatverandering te schetsen, maar ook de oplossingen te presenteren.”

Mitigatie
In dit derde deel staat mitigatie centraal. Het rapport ‘Climate Change 2022: Mitigation of Climate Change’ verscheen enkele uren later dan oorspronkelijk aangekondigd. Vermoedelijk omdat tot het laatste moment werd onderhandeld tussen de VN-lidstaten over de precieze formulering van de aanbevelingen in het rapport. Ondanks de strijd over de formuleringen is de boodschap van het rapport glashelder. Met de nu voorgenomen maatregelen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen, is het onmogelijk om de temperatuurstijging onder de 1,5 graden Celsius te houden.

Het goede nieuws is volgens de opstellers van het rapport wel dat er nog steeds mogelijkheden zijn om er iets aan te doen. “We staan op een kruispunt. Als we actie willen ondernemen moeten we het nu doen. We bezitten de kennis en de instrumenten om voor een leefbare toekomst te zorgen”, zei Hoesung Lee, de voorzitter van het IPCC.

jim skea 180 vk Jim SkeaAls de regeringen wereldwijd niet tot extra maatregelen besluiten, zou het volgens het IPCC ruim 3°C warmer zijn op aarde dan nu het geval is. “En als we de opwarming van de aarde tot 1,5 °C willen beperken, is het nu of nooit. Als we de emissies niet meteen en duidelijk, en over alle verschillende industrieën en sectoren reduceren, is het onmogelijk”, stelde Jim Skea, van IPCC Working Group III, de werkgroep die verantwoordelijk is voor dit laatste rapport.

Daling uitstoot voor 2025
Skea schetste dat de temperatuur op aarde pas zal stabiliseren als de CO2-uitstoot tot nul wordt teruggebracht. “Om op schema te blijven voor 1,5 °C opwarming moet dat rond 2050 gelukt zijn. Om tussen de 1,5 en de 2 °C graden opwarming te blijven, zou dat doel rond 2070 moeten zijn bereikt. In beide scenario’s moet de uitstoot van broeikasgassen gaan dalen vanaf 2025 en met een derde zijn verminderd in 2030.”

Het IPCC pleit daarom voor een einde aan het gebruik van fossiele brandstoffen, bescherming en uitbreiding van bestaande bossen, groenere steden, beter geïsoleerde huizen en gedragsverandering bij particulieren. Voor de kosten die zulke maatregelen met zich meebrengen, is het IPCC niet bang. “Niet alleen zijn de kosten van niks doen uiteindelijk hoger. Het verwachte globale BBP zou in 2050 maar enkele procenten lager zijn als we de benodigde actie ondernemen”, melden de onderzoekers van IPCC Working Group 3.

 

MEER INFORMATIE
Het rapport ‘Climate Change 2022: Mitigation of Climate Change’ 
Uit nieuwe IPCC klimaatrapport spreekt urgentie: 'Niemand is meer veilig'
IPCC schetst onmiskenbare gevolgen klimaatverandering en draagt oplossingen aan

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Mooi onderzoek. Met de hete zomers van nu is het fijn om vlakbij zwemwater te hebben en het water op de hoek van de straat ( in mijn geval) kan dan een enorme aantrekkingskracht hebben. Mooie aanvulling op het onderzoek, zou een vergelijking met nabijgelegen “ officiële zwemwaterlocaties” kunnen zijn: op welke punten scoren deze beter ( en waar minder) als zwemlocatie… , wat is de capaciteit … en hoe nabijgelegen zijn deze locaties.
Hoezo een nieuwe bestuurscultuur in de politiek? Handje-klap van de ChristenUnie om zo veel als mogelijk alles bij het oude te houden. Dat je in 2022 met een amendement op basis van het advies uit 2015 - is echt oude wijn in nieuwe zakken. De commissie Boelhouwer was duidelijk: of alle geborgde zetels opheffen, of max. 2 zetels voor boeren en 2 zetels voor natuurbeheerders (die steeds 'natuur' worden genoemd). Geborgde zetels natuur zijn overbodig, zelfs Natuurmonumenten wil er vanaf. En dan meteen de waterschapsbelasting op natuurterreinen afschaffen, Natuur wordt uit publiek geld betaald en landelijk gaat het slechts om 0.25% van de totale opbrengst van de watersysteemheffing.
Juni wordt ook droog: veel NW winden, dwz. wat buien, maar die zullen geen zoden aan de dijk zetten.
Mocht het in Juli weer warm en zonnig worden dan zal er een fors escalerend waterprobleem zijn.
Je sommetje klopt niet, Hans, want de lozing van N was altijd al veel groter dan van P. Stel in 1990 was de lozing van N 5 keer zo groot als P, dus 5:1. N is afgenomen met 64%, er is dus nog over 0,36*5 = 1,8. Van P is 74% verwijderd, dus nog over 0,26*1 = 0,26. De verhouding N:P is dan nu geworden 1,8:0,26 oftewel (afgerond) 7:1. Er is dus nu meer stikstof ten opzichte van fosfor in de lozing, dan het geval was in 1990.
"64% minder lozing dan in 1990" juicht dit artikel. Dan praat je dus over 2 procent verbetering per jaar. Of anders gezegd: na 32 jaar is de restlozing met twee-derde afgenomen. De zuiveringstechniek is in deze periode geëvolueerd van alleen aerobe beluchting naar anaerobe technieken, dus zo verrassend is dit niet.
De hamvraag die onbeantwoord blijft, is wat de impact is van de restlozing op de doelen van de KRW. Uit de berekeningen van het CBS zou blijken dat stikstof uit rwzi's nog voor 18% bijdraagt aan de totale belasting, en fosfaat nog voor 25% aan de totale belasting. Maar het gaat nog steeds om enorme hoeveelheden: 14,3 miljoen kg N en 1,64 miljoen kg P.
De afname in kg N is veel groter is dan in kg P. De verhouding tussen N en P is verschoven. Met als gevolg dat blauwalgen (die zelf stikstof binden) "in het voordeel zijn" vergeleken met groenalgen, die stikstof uit het oppervlaktewater opnemen. Dertig jaar geleden was er nog veel 'groene soep', inmiddels zijn de drijflagen van blauwalgen een hardnekkig probleem.
Het zou dus zomaar kunnen zijn dat het verwijderen van stikstof nu voldoende is, maar dat de verwijdering van fosfaat nog veel beter moet. Behalve wellicht als de rwzi (bijna) rechtstreeks op zee loost, dan is goed ook goed genoeg.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!