Dertien jaar na de oprichting is Wetsus een flink gegroeide en zeer gewaardeerde onderzoeksorganisatie voor de watertechnologie. Een vandaag gepubliceerd evaluatierapport loopt over van loftuitingen.

 Vrijwel alleen maar positieve uitkomsten bevat het Wetsus 2016 evaluation report dat de Raad van Bestuur vanmiddag (vrijdag 7 juli) op het provinciehuis van Leeuwarden aanbood aan de Friese gedeputeerde Sander de Rouwe (economische zaken, kennis en innovatie) en de Leeuwarder wethouder Friso Douwstra (economische zaken). Het rapport werd opgesteld door onderzoeksbureau Bbo.

Het onderzoeksinstituut op het gebied van watertechnologie, dat gevestigd is in Leeuwarden, begon in 2004 met ruim twintig medewerkers en is in dertien jaar doorgegroeid tot 125 medewerkers, onder wie 65 promovendi en 18 postdoc-onderzoekers.
Binnen Wetsus werkt een groot netwerk van (inter)nationale bedrijven en samen, dat zelfs tijdens de economische crisis nog groeide; eind 2016 waren er 104 participerende bedrijven en platformleden. Het aantal deelnemende kennisinstellingen is 22, waarvan 9 buitenlandse universiteiten. Daarnaast zijn 50 hoogleraren betrokken bij Wetsus-onderzoeken. Eind 2016 waren (opgeteld sinds 2004) 78 mensen gepromoveerd op onderzoek bij Wetsus.

Minstens zo belangrijk als de groeiende cijfers is ook de positieve waardering van Wetsus door alle betrokkenen. Negen op de tien deelnemende bedrijven en kennisinstellingen noemt de samenwerking goed tot excellent. De themagroepen, waarbinnen het onderzoek wordt uitgevoerd, leveren volgens hen effectieve samenwerking op. Het Wetsus-netwerk wordt bovendien ervaren als een high-trust network, waarin reputatie, goedwillendheid en integriteit belangrijk zijn. Veel vertrouwen en een goede reputatie dragen bij aan een succesvolle innovatie-aanpak, blijkt uit wetenschappelijk onderzoek.

Ongeveer de helft van de deelnemende bedrijven geeft aan dat de kennis uit het Wetsus-programma bijdraagt aan de verbetering van bestaande of nieuwe producten en technologieën; een kwart geeft aan dat dat omzet is gestegen als gevolg van innovatie en kennis uit het Wetsus-programma.

De economische impact van Wetsus blijkt onder meer uit de 30 startups die sinds 2005 ontstonden als gevolg van Wetsus-onderzoek en de 79 patenten die werden ontwikkeld. Het effect op de regionale economie bestaat volgens het evaluatierapport uit 225 tot 320 voltijdse banen. Daaronder vallen de banen bij Wetsus zelf, bij regionale startups, maar ook het extra werk bij regionale toeleveranciers en werkgelegenheid door de bestedingen van Wetsus-personeel.

Belangrijkste uitdaging voor de toekomst is volgens de onderzoekers om de rapportcijfers hoog te houden. Wetsus moet daartoe fris, onderscheidend en inspirerend blijven, de kwaliteit van management en organisatie op peil houden, doorgaan met publieke cofinanciering en blijvend investeren in nationale en internationale contacten.

Klik hier voor het rapport

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Mooi onderzoek. Met de hete zomers van nu is het fijn om vlakbij zwemwater te hebben en het water op de hoek van de straat ( in mijn geval) kan dan een enorme aantrekkingskracht hebben. Mooie aanvulling op het onderzoek, zou een vergelijking met nabijgelegen “ officiële zwemwaterlocaties” kunnen zijn: op welke punten scoren deze beter ( en waar minder) als zwemlocatie… , wat is de capaciteit … en hoe nabijgelegen zijn deze locaties.
Hoezo een nieuwe bestuurscultuur in de politiek? Handje-klap van de ChristenUnie om zo veel als mogelijk alles bij het oude te houden. Dat je in 2022 met een amendement op basis van het advies uit 2015 - is echt oude wijn in nieuwe zakken. De commissie Boelhouwer was duidelijk: of alle geborgde zetels opheffen, of max. 2 zetels voor boeren en 2 zetels voor natuurbeheerders (die steeds 'natuur' worden genoemd). Geborgde zetels natuur zijn overbodig, zelfs Natuurmonumenten wil er vanaf. En dan meteen de waterschapsbelasting op natuurterreinen afschaffen, Natuur wordt uit publiek geld betaald en landelijk gaat het slechts om 0.25% van de totale opbrengst van de watersysteemheffing.
Juni wordt ook droog: veel NW winden, dwz. wat buien, maar die zullen geen zoden aan de dijk zetten.
Mocht het in Juli weer warm en zonnig worden dan zal er een fors escalerend waterprobleem zijn.
Je sommetje klopt niet, Hans, want de lozing van N was altijd al veel groter dan van P. Stel in 1990 was de lozing van N 5 keer zo groot als P, dus 5:1. N is afgenomen met 64%, er is dus nog over 0,36*5 = 1,8. Van P is 74% verwijderd, dus nog over 0,26*1 = 0,26. De verhouding N:P is dan nu geworden 1,8:0,26 oftewel (afgerond) 7:1. Er is dus nu meer stikstof ten opzichte van fosfor in de lozing, dan het geval was in 1990.
"64% minder lozing dan in 1990" juicht dit artikel. Dan praat je dus over 2 procent verbetering per jaar. Of anders gezegd: na 32 jaar is de restlozing met twee-derde afgenomen. De zuiveringstechniek is in deze periode geëvolueerd van alleen aerobe beluchting naar anaerobe technieken, dus zo verrassend is dit niet.
De hamvraag die onbeantwoord blijft, is wat de impact is van de restlozing op de doelen van de KRW. Uit de berekeningen van het CBS zou blijken dat stikstof uit rwzi's nog voor 18% bijdraagt aan de totale belasting, en fosfaat nog voor 25% aan de totale belasting. Maar het gaat nog steeds om enorme hoeveelheden: 14,3 miljoen kg N en 1,64 miljoen kg P.
De afname in kg N is veel groter is dan in kg P. De verhouding tussen N en P is verschoven. Met als gevolg dat blauwalgen (die zelf stikstof binden) "in het voordeel zijn" vergeleken met groenalgen, die stikstof uit het oppervlaktewater opnemen. Dertig jaar geleden was er nog veel 'groene soep', inmiddels zijn de drijflagen van blauwalgen een hardnekkig probleem.
Het zou dus zomaar kunnen zijn dat het verwijderen van stikstof nu voldoende is, maar dat de verwijdering van fosfaat nog veel beter moet. Behalve wellicht als de rwzi (bijna) rechtstreeks op zee loost, dan is goed ook goed genoeg.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!