Waterschappen moeten een grotere rol krijgen bij de keuze van locaties van woningbouw. Daarover zijn de deelnemers aan een door VNG, IPO en Unie van Waterschappen georganiseerd verkiezingsdebat het wel eens. Onenigheid is er of hiervoor de geborgde zetels moeten worden afgeschaft.

door Hans Klip

Logo stemmen voor water kader De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), het Interprovinciaal Overleg (IPO) en de Unie van Waterschappen presenteerden op 4 maart een pamflet voor een ‘krachtig groen herstel van Nederland’. Zij beschrijven hierin hoe gemeenten, provincies en waterschappen samen met het Rijk op een gebiedsgerichte manier aan de slag kunnen gaan met de opgaven op het terrein van klimaat, economie en woningbouw. Slim combineren in de regio is het credo. In verband hiermee organiseerden de partijen gisteren (9 maart) een verkiezingsdebat.

De discussie bestaat uit drie ronden met steeds twee vertegenwoordigers van een politieke partij en nog een expert erbij. De eerste ronde gaat over het thema ‘klimaat en bouwen’ en wordt verzorgd door de Unie van Waterschappen. De stelling ‘bij de keuze voor woningbouwlocaties moeten waterschappen veel beter betrokken worden’ blijkt niet controversieel; het gros van de toeschouwers is het hiermee eens.

Water als ordenend principe
Bestuurslid Dirk-Siert Schoonman van de Unie leidt de gedachtewisseling in. Hij wijst erop dat de hogere en veiligere plekken in Nederland eigenlijk wel volledig zijn bebouwd. “Dat betekent dat we steeds meer de grenzen moeten opzoeken. De uitdaging is om tot 2030 één miljoen woningen op klimaatrobuuste plekken te bouwen. Daarom moeten we veel meer vanuit het bodem- en watersysteem gaan nadenken over welke locaties geschikt zijn. En dan niet als sluitpost, maar aan de voorkant. De grootste oproep is: zorg ervoor dat water geborgd is als ordenend principe in de locatiekeuze.”

Kandidaat-Kamerlid Pieter Grinwis van de ChristenUnie - nummer vijf op de kandidatenlijst van zijn partij - liet bij een eerder verkiezingsdebat weten voor een krachtige watertoets te zijn. Dat herhaalt hij nu in iets andere bewoordingen. “Water als ordenend principe klinkt mij als muziek in de oren. Wij zijn bij het bouwen van nieuwe woningen enorm gefocust op kwantiteit, maar voor je het weet wordt zo’n belangrijke waarde als klimaatrobuust bouwen vergeten. Want we bouwen woningen mogelijk voor honderd of tweehonderd jaar.” 

'Wat de ChristenUnie betreft wordt de watertoets in de Omgevingswet verankerd en aan de voorkant ingezet'

Stevig oordeel van waterschappen
Volgens Grinwis is de watertoets momenteel een soort advies. “Wat de ChristenUnie betreft wordt de watertoets in de Omgevingswet verankerd en aan de voorkant ingezet. Het oordeel van de waterschappen over de keuze van de locatie en de manier waarop klimaatrobuust wordt gebouwd, kan niet stevig genoeg zijn.”

Tjeerd de Groot, sinds 2017 Tweede Kamerlid namens D66 en nummer acht op de lijst, kan zich vinden in een grotere rol voor de waterschappen. “Als je water en natuur gebruikt als ordenend principe, krijg je meer draagvlak omdat het landschap mooier wordt en neem je slimmere beslissingen. Ook kan veel worden toegevoegd aan de kwaliteit van woningen. Het is te gek voor woorden dat de wc nog wordt doorgetrokken met drinkwater.”

Eenzijdige oriëntatie op landbouw
De Groot is het met Grinwis eens dat er een watertoets aan de voorkant moet komen. Hij stelt als voorwaarde dat de geborgde zetels verdwijnen. “Hierdoor zijn in het verleden afwegingen gemaakt die hebben geleid tot een eenzijdige oriëntatie op landbouw. Als waterschappen een algemeen in plaats van een functioneel bestuur worden, is D66 voorstander van een grotere rol van de waterschappen aan de voorkant. Zonder modernisering van de waterschappen weet ik al hoe de watertoets gaat uitvallen.” 

De ChristenUnie kijkt daar anders tegenaan, reageert Grinwis. Hij is een groot voorstander van handhaving van de geborgde zetels. “Het probleem is niet hoe de huidige waterschappen zijn georganiseerd, maar dat het Rijk sommige strategische knopen moet doorhakken. Bijvoorbeeld over een andere inrichting en een ander peilbeheer in veenweidegebieden.”

'Gebouwen gaan in de toekomst hun eigen energie opwekken en zelf voor de watervoorziening zorgen. Hierbij is nog veel mogelijk'

D66 wil dat nieuwe huizen vooral in de steden worden gebouwd. Wel zal er anders worden gebouwd, zegt De Groot. “Gebouwen gaan in de toekomst hun eigen energie opwekken en zelf voor de watervoorziening zorgen. Hierbij is nog veel mogelijk. Je zult dan ook niet alleen naar de wateropgave moeten kijken, maar veel breder.”

Sterke regie van Rijk
Een aantal kijkers vraagt of de bestuurslagen van waterschappen en provincies niet beter kunnen worden samengevoegd? Grinwis en De Groot vinden van niet. Een vooruitgang bij D66, merkt Grinwis op, want deze partij diende enkele jaren geleden nog een motie in om de waterschappen op te heffen. 

“D66 pleit voor een ministerie van Wonen, Ruimtelijke ordening en Milieu”, licht De Groot op zijn beurt toe, “Alleen met een sterke regie vanuit het Rijk kan de enorme woningbouwopgave worden gerealiseerd. Dat doet het Rijk samen met de andere bestuurslagen. Het meteen opheffen van waterschappen zou betekenen dat je het kind met het badwater weggooit. Daarom zijn we er nu niet voor, op voorwaarde dat het ministerie er komt.”

'Het is belangrijk dat klimaatadaptatie veel eerder wordt betrokken bij de keuze voor woningbouwlocaties en ook een onderdeel van integrale duurzaamheid wordt'

Naar een klimaattoets?
Sander van der Wal, oprichter en mede-eigenaar van &Flux, is positief over wat de twee Kamerleden te berde hebben gebracht. Zijn bureau is betrokken bij veel samenwerkingen voor verduurzaming en in diverse regio’s ook bij klimaatadaptieve afspraken. “Bij de klimaatstresstesten en risicodialogen die door de gemeenten zijn georganiseerd, wordt niet verder gekeken dan 2050. Maar woningen hebben een aanzienlijk langere levensduur. Daarom is het belangrijk dat de klimaatadaptatie veel eerder wordt betrokken bij de keuze voor woningbouwlocaties en ook een onderdeel van integrale duurzaamheid wordt. Het zou daarom goed zijn als de watertoets kan worden omgebouwd naar een klimaattoets.”

Schoonman is er tevreden over dat beide politici aangeven dat de watertoets wettelijk geborgd moet worden. Hij plaatst een kanttekening bij het pleidooi voor een klimaattoets. “Zorg ervoor dat het waterbelang goed gewaarborgd blijft.”

Bijdrage van aquathermie
In de andere twee ronden staan het aardgasvrij maken van woningen (met inbreng van de VNG) en het investeren in elektriciteitsnetten (aangedragen door het IPO) centraal. Bij het laatste thema pleiten verschillende toeschouwers voor meer geld voor aqua- en geothermie. De deelnemers aan de discussie in deze ronde zien de mogelijkheden hiervan, maar opschaling kost tijd. Vandaar de opmerking dat er vooralsnog geen grote bijdrage van deze twee energiebronnen mag worden verwacht. 

 

MEER INFORMATIE
UvW over het debat
Video van verkiezingsdebat 
Pamflet Krachtig groen herstel
H2O-interview met Rogier van der Sande
H2O-interview met Tjeerd de Groot

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.
  • This commment is unpublished.
    Hans Middendorp · 1 years ago
    Tja, hoe wordt het uitgangspunt 'Water als leidend principe in de ruimtelijke ordening' nou verankerd in de Omgevingswet? Want de watertoets verdwijnt, in de Omgevingstoets komt er een 'weging van het waterbelang' voor in de plaats - waarbij een gemeente of een provincie moet motiveren dat er met de waterbeheerder is overlegd. Dat klinkt in elk geval nogal vrijblijvend. Mag het waterschap straks nog wel een zienswijze indienen als een gemeente toch doorgaat met bouwen op een laaggelegen locatie zonder voldoende maatregelen te nemen?
(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Zijn waterschappen nog wel van deze tijd?
Interessant artikel van Stephan Kuks over de toekomst van de waterschappen. Zelf vraag ik mij af of de waterschappen wel in staat zijn om antwoord te geven op de grote maatschappelijke vragen, die ook hij noemt. Hij zegt: "Nu wordt het tijd dat waterschappen duidelijk maken dat er vanuit water en bodem grenzen zijn, en dat de ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden van Nederland hierop moeten worden aangepast.” Dat lijkt op het oog een logische uitspraak, maar de grote vraag is of het huidige waterschap deze vraag wel inhoud kan geven. En niet vanwege dat het waterschap niet deskundig zou zijn, maar meer vanwege de samenstelling van het bestuur en dat het mandaat op de genoemde onderwerpen zeer beperkt is.
En natuurlijk, prachtig als Kuks vindt dat de waterschappen duidelijk stelling moeten nemen in het maatschappelijk debat over de toekomst van ons land, maar welke stelling dan? Het belang van de boeren? Het belang van de natuur? Het belang van woningbouw? Deze discussie hoort in eerste instantie thuis op het allerhoogste politieke niveau. Daar heeft men het de afgelopen decennia lelijk laten liggen, maar dat betekent niet dat nu het waterschap aan bod is. En natuurlijk voor het waterbeheer zijn de waterschappen de ogen en de oren van de samenleving. De waterschappen zijn bij uitstek degenen die van onderop knelpunten en ideeën kunnen aandragen om het beleid op provinciaal en nationaal niveau effectief vorm te geven. Maar ik moet er niet aan denken dat de waterschappen dat in die breedheid zelf zouden moeten gaan oppakken.
En om dan ook maar tegelijk tegen een heilig huis aan te schoppen, we zouden ons zelfs kunnen afvragen of waterschappen en het functioneren ervan nog wel van deze tijd is. Zeker als het gaat om ruimtelijke ordening en klimaat heeften provinciaal bestuur veel meer mandaat en dus veel meer slagkracht. Wat mij betreft zou het waterbeheer zo overgeheveld kunnen worden naar de provincie en zouden waterschappen omgevormd kunnen worden tot uitvoeringsorganisaties die het dagelijks waterbeheer doen. De RWZI’s zouden nutsbedrijf kunnen worden. Zeker zij zouden daarmee grote stappen kunnen maken in de efficiency van de waterzuivering.
Wat bedoel ik daarmee? In de afgelopen 10 tot 20 jaar zijn de RWZI ’s zich steeds meer gaan toeleggen op terugwinning van grondstoffen(fosfaat, cellulose, biogas, etc). Maar een grote doorbaak met substantieel resultaat heb ik tot nu toe niet echt gezien, misschien met uitzondering van een aantal initiatieven, zoals Waterstromen. Het succes van een goede afzet van reststromen wordt bepaald door kwantiteit en kwaliteit.
Eind vorige eeuw werd in de autobranche de organisatie Autorecycling Nederland opgericht. Ik was daarbij betrokken. Doel was om een hoger hergebruik te realiseren bij demontage van auto’s. Voor het ophalen een paar rubber strips per bedrijf was namelijk nooit veel belangstelling vanwege de geringe baten. Maar als je als verwerkingsbedrijf bij alle autodemontagebedrijven rubber kan ophalen, wordt het ineens interessant. Ook voor het autodemontage bedrijf, sommig restafval kreeg ineens een positieve geldwaarde.
Dat kan ook zomaar voor de RWZI’s gelden. Als ze met z’n allen gaan samenwerken en op landelijk niveau collectief contracten gaan afsluiten met afnemers dan kan dat voor beide partijen interessant worden. Bijvoorbeeld voor struviet. Zeker nu de totale gevolgen van kunstmest steeds meer onder het vergrootglas komen, zou struviet een geweldige vervanger kunnen zijn.
En een centrale organisatie, zoals ARN bij de autosector heeft nog meer voordelen. Je kunt een veel directere samenwerking met partijen als Wetsus en KWR tot stand brengen, waarbij uit een deel van de opbrengsten van de restproducten onderzoek gefinancierd kan worden om nog effectiever en efficiënter te worden met de terugwinning. Je zou dan ook kunnen kijken in hoeverre je samenwerkingen zou kunnen aangaan met bedrijven, die nu hun afvalwater moeten voorzuiveren. Bij Waterstromen werd zo’n samenwerking al tot stand gebracht met een voedselproducent en een leerlooier.
En als het echt succesvol zou worden, zou het zelfs kunnen leiden tot lagere belastingen(verontreinigingsheffing). Wat mij betreft is er wel één belangrijke voorwaarde aan verbonden, namelijk dat het zuiveren van communaal afvalwater altijd een publieke aangelegenheid blijft.
Klinkt goed! Maar waarom wordt dit niet bij alle waterschappen ingevoerd? Dan ontstaan er meer mogelijkheden tegen lagere prijzen.
Afsluiten van de Nieuwe Waterweg met zeesluizen (Plan Spaargaren) zal de riviersedimentstroom naar het zuidwesten voeren. Daar is behoefte aan sediment. Het baggeren in de binnengelegen (oude) Rotterdamse havens wordt daardoor tot een minimum beperkt. Zeewaartse afhandeling van schepen (containertransferia) op de Maasvlakten maken tevens dat de Nieuwe Waterweg mag verondiepen. Binnenvaartschepen hebben immers een geringe diepgang. Bovendien wordt het rivierpeil dankzij zeesluizen meer beheersbaar.

Wil Borm
Adviesgroep Borm & Huijgens - integraal waterbeheer
Interessant artikel en mooi initiatief.. wel jammer dat er meerdere keren over waterpomp gesproken wordt terwijl het warmtepomp is.
Redactie: dank, is gecorrigeerd.
Energetisch mooi maar hoe worden de kosten binnen de perken gehouden, zodat de “gewone” burger het nog kan betalen? Hoe bedrijfszeker is de installatie en het net?

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!