De Zandmotor bestaat tien jaar. Voor Rijkswaterstaat reden om zich af te vragen of het kunstmatige schiereiland voor de kust bij Ter Heijde een succes is. Het liet daartoe een onafhankelijke beleidsevaluatie uitvoeren. Conclusie: de Zandmotor wordt grotendeels gezien als een succesverhaal. Kanttekening: de beleidsdoelen van de Zandmotor zijn breed en algemeen geformuleerd en concrete streefcijfers ontbreken, dus kan in feite niet worden bepaald of doelen zijn gehaald. 

Dat 'harde streefcijfers' ontbreken past bij het gebied, aldus Rijkswaterstaat. De Zandmotor, bedacht vanuit de ontwerpfilosofie 'Building with Nature', is een dynamisch gebied dat bovendien ook nog lang niet ‘klaar’ is: het blijft de komende decennia in ontwikkeling. Onder invloed van golven, stroming en wind verplaatst het zand zich langs de kust, in noordelijke en zuidelijke richting.

Onderzoeks- en adviesbureau Rebel voerde de beleidsevaluatie uit. Het bestudeerde documenten uit onder meer het monitoring- en evaluatieprogramma van de Zandmotor (MEP) en nam interviews af met betrokkenen. De meeste mensen gaven aan, met de kennis van nu, weer een Zandmotor aan te willen leggen, staat in de evaluatie. “Eén van de belangrijkste succesfactoren is dat de dynamiek en onzekerheid van de Zandmotor zijn gerespecteerd en er van tevoren niet te veel is gestuurd op resultaten.”

Verder is de Zandmotor een voedingsbodem gebleken 'voor brede kennisopbouw over innovatieve, zandige oplossingen'. De goedwerkende combinatie van monitoring en wetenschappelijk onderzoek droeg daar aan bij, aldus de evaluatie.

Oplossing
De Zandmotor is in 2011 aangelegd door 21,5 miljoen kubieke meter zand op te spuiten. De omvangrijke zandsuppletie werd uitgevoerd voor de Delflandse kust, waarvan de kustverdediging in 2010 al op orde was gebracht met een duinversterking.

De Zandmotor was dus geen kustversterking, maar gold als mogelijke oplossing voor kustonderhoud op langere termijn, in het kader van de zeespiegelstijging. Het werd daarom ook als een pilot gezien. Ook werd met het zandige schiereiland, inclusief lagune en duinmeer, invulling gegeven aan de behoefte aan meer recreatiegebied in het zuidelijk deel van de Randstad. 

Bij aanleg was de verwachting dat de Zandmotor een levensduur had van 20 jaar. Inmiddels wordt ervan uitgegaan dat de motor veel langer meegaat. “Op de lange termijn zal een min of meer gladde kustlijn ontstaan, maar dat duurt nog zeker een aantal decennia.” 

Beleidsdoelen
Het succes van de Zandmotor hangt samen met de drie beleidsdoelen die bij aanvang van de pilot zijn bepaald: 

1. Vergroten van de kustveiligheid op lange termijn;
2. Toevoegen van natuur- en recreatiegebied;
3. Ontwikkelen van kennis en innovatie voor kustbeheer- en onderhoud.

Er kwam na aanleg een vierde doel bij:

4. Verzamelen van informatie om de Zandmotor goed te kunnen beheren. 

Uit de evaluatie blijkt dat de bijdrage van de Zandmotor aan kustbescherming op lange termijn er is. In de afgelopen tien jaar is er 5 miljoen kuub zand verplaatst naar de omliggende kust. De zandbank is als gevolg daarvan flink uitgerekt: van 2,5 naar 5 kilometer.

Er is voorts sprake 'van zo’n 500 meter kustteruggang', gemeten op het punt van de Zandmotor dat het verst in zee ligt. In de eerste drie jaar van de Zandmotor was de erosie het sterkst. En dan vooral in de wintermaanden, tijdens stormen, aldus de evaluatie. “Uit analyses blijkt dat vooral golven een belangrijke invloed hebben op de verspreiding van het zand.” 

De ontwikkeling van nieuwe duinen viel tot 2016 tegen. "Een belangrijke reden is dat veel opstuivend zand op weg naar de duinen wordt ‘gevangen’ door de twee grote wateren op de Zandmotor: de lagune en het duinmeer." De groei van nieuwe duinen (met een volume van 700.000 kubieke meter) werd pas de afgelopen jaren zichtbaar. De verwachting is dat het komende decennium de duinvorming versneld verder gaat. 

Inspiratie
De Zandmotor heeft voorts bijgedragen aan kennis en innovatie in kustonderhoud en vormt een inspiratie voor andere kustbeschermingsprojecten, zo wordt gesteld. “Door combinatie van uitgebreide monitoring en wetenschappelijke onderzoeksprogramma’s is veel kennis opgedaan, die bij andere kustbeschermingsprojecten van pas komt.” Naast het tienjarige monitoringsprogramma MEP liepen er twee wetenschappelijke onderzoeksprogramma’s (NEMO 24 en NatureCoast 25) waar TUDelft, Universiteit Utrecht, Universiteit Twente, Wageningen Universiteit, VU Amsterdam en het Netherlands Institute for Ocean Research (NIOZ) bij betrokken waren. 

Vanwege de gelimiteerde lokaties waar een zandmotorachtige oplossing kansrijk is, is de exportwaarde beperkt - er is nergens ter wereld een in omvang en complexiteit vergelijkbaar project van de grond gekomen. Maar de pilot is wel een inspiratiebron die een impuls geeft aan ‘een nieuwe manier van denken over zandige strategieën’, aldus de evaluatie. Zo heeft de Zandmotor een aanjagende rol gehad voor projecten zoals Hondsbossche Duinen en Amelander Zeegat en de zandsuppletie bij Bacton in Engeland. "Uit gesprekken blijkt dat de Zandmotor niet alleen een inspiratie, maar ook een voorwaarde is geweest voor de Bacton-zandsuppletie."

Buiten kijf
Dat de Zandmotor aantrekkelijke ruimte voor natuur en recreatie heeft toegevoegd aan het Delflandse landschap staat buiten kijf, aldus de evaluatie. “Het gebied herbergt een grote omvang en diversiteit aan bodemdieren en is een trekpleister voor verschillende soorten kustvogels.” De ontwikkeling van vegetatie en vestiging van broedvogels is echter beperkt. 

Recreatie, een andere functie van het gebied, legt druk op de Zandmotor als natuurgebied. Zo schaden het gemotoriseerd verkeer en schoonmaakactiviteiten de ontwikkeling van vegetatie en duinen en zorgen recreanten (vooral met honden) voor te veel verstoring. “Er is een behoefte aan voortzetting van de beheerafspraken en een centrale beheerstrategie”, aldus het adviesbureau in zijn evaluatie. 

Het bureau komt ook met aanbevelingen. Zo moet er onder meer een visie komen voor de periode na de Zandmotor als die op termijn verdwijnt. Rijkswaterstaat en de provincie Zuid-Holland moeten hier het voortouw innemen, aldus het adviesbureau.

Zandmotor infographic 1200 Zandmotor infographic van Rijkswaterstaat

 

MEER INFORMATIE
Beleidsevaluatie Zandmotor 2021 (PDF)
Bevindingen uit het Monitoring- en Evaluatie Programma (PDF)
Onderzoek naar de economische en sociale meerwaarde van de Zandmotor (PDF)
H2O Actueel: Aanleg zandmotor bij Britse Norfolk (Bacton) van start: 'Dit is de opmaat tot meer'
H2O Vakartikel: Effecten en kosten van Bouwen met de Natuur-projecten

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.
  • This commment is unpublished.
    Bert Barnhoorn · 2 months ago
    De zandmotor is eigenlijk een eerste opvulling/uitbreiding van het land tussen de pieren van de Scheveningse haven en die van de tweede Maasvlakte. Dat is een langzaam en zeer politiek proces. De realiteit van de zandmotor verandert heel langzaam het denken hier over. De zandmotor heeft de tijd. Zoals in de beschrijving staat denkt men in termen van de 'komende decennia'. Een lange periode van gewenning. Uiteindelijk zal het er dus van komen. Ik ben daar overigens niet op tegen!
  • This commment is unpublished.
    Rut · 1 years ago
    De inwaai van zand naar het achterliggende duin is grotendeels beperkt door het dikke schelppakket wat op veel plekken ligt.
  • This commment is unpublished.
    Hans Middendorp · 1 years ago
    Wat ontbreekt in de evaluatie: het effect van al dat extra zandtransport langs de kust op larven en andere kleine levensvormen, die mogelijk met al dat extra zand in botsing komen. De conclusie dat de zandmotor "aantrekkelijke ruimte voor natuur heeft toegevoegd" wil nog niet zeggen dat de zandmotor ook "goed is voor de natuur". Natuurlijk landen er vogels op een nieuwe habitat. Leuk om te zien, maar waarom is dat goed voor de natuur? Hier had de discussie wel iets kritischer kunnen zijn. De toevoeging: "buiten kijf" vind ik voorbarig.
  • This commment is unpublished.
    Hans Middendorp · 1 years ago
    Ik vind het nogal een onthutsende kanttekening: "de beleidsdoelen van de Zandmotor zijn breed en algemeen geformuleerd en concrete streefcijfers ontbreken, dus kan in feite niet worden bepaald of doelen zijn gehaald". Dan berust de kwalificatie "Grotendeels een succesverhaal" toch grotendeels op onderbuikgevoel?
    • This commment is unpublished.
      Jaap · 1 years ago
      Soms doe je iets waarvan je vooraf niet kan inschatten wat het gevolg, is, dan zie je al die positieve effecten en maar weinig negatieve effecten. Dan is het toch een succesverhaal?
      Ga er gewoon eens heen en kijk voor jezelf wat een succes het is ipv vanaf achter je scherm teksten zitten te beoordelen.
      • This commment is unpublished.
        Hans Middendorp · 1 years ago
        Soms heb je geluk. "En zonder geluk vaart niemand wel", zei mijn vader altijd. Maar wat is nou het succes? Dat als je een grote hoeveelheid zand voor het strand legt, dat dat dan langzaam erodeert en zich verspreidt langs de Noordzeekust? Welke grote wetenschappelijke vraag is nu opgelost dankzij dit experiment? En: verbruik je op deze manier nou méér of juist minder zand uit de Noordzee dan bij reguliere zandsuppletie?
(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Er moet veel gebeuren, niet alleen grenzen markeren, maar actief het waterbeheer in het buitengebied naar de nieuwe inzichten herstellen. Daarbij moet ieder waterschap ruimte vrijhouden om initatieven vanuit het veld actief op te pakken en niet in een stilzwijgende welwillendheid laten sneuvelen.
Waarom niet een waterfabriek bouwen van zout naar zoet, zo een als in Israël gr marco
Weten waterschappen wel waar hun grenzen zijn?
De legger is het kroonjuweel van het waterschap. Zoals een gemeente de bebouwde kom markeert met een bord, zo staan de waterschapsgrenzen beschreven in de legger. Dit is niet een eenvoudige grens met het buur-waterschap, maar een complex stelsel van waterstaatswerken met de bijbehodende invloedszoneringen. Alleen binnen die zoneringen heeft het (klassieke) waterschap zeggenschap (klassiek: gericht op waterbeheer (watergangen) en waterveiligheid (dijken) ex waterzuivering).
Alles begint en houdt op bij de invloedszones - de grenzen - van het waterschap. En laat het nou toch heel eenvoudig zijn die grenzen kleiner te maken (dus de invloedszones in nieuwe leggers te verkleinen) maar zo goed als onmogelijk om deze weer groter te maken. Het ene is n weggevertje en het andere is landje pik - dus betalen.
Dus voor een strategische herorientatie van de waterschappen is een strategische herwaardering van het kroonjuweel - de waterschapslegger en het gehele bijbehorende invloeds-spel van essentieel belang.
De waterschappen zijn de afgelopen jaren ver in de marge gedrukt want invloedszones met gemeenten, het rijk en andere belanghebbenden zijn aan het verschuiven. (En waar is de wet PUBERR gebleven?)
Dus eerst herwaarderen van waterschapsgrenzen, dan weten waar de grenzen zijn en vervolgens deze met een (dijk)leger gaan verdedigen ! ;-)
https://sjfsupport.com/mmi.html
Zijn waterschappen nog wel van deze tijd?
Interessant artikel van Stephan Kuks over de toekomst van de waterschappen. Zelf vraag ik mij af of de waterschappen wel in staat zijn om antwoord te geven op de grote maatschappelijke vragen, die ook hij noemt. Hij zegt: "Nu wordt het tijd dat waterschappen duidelijk maken dat er vanuit water en bodem grenzen zijn, en dat de ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden van Nederland hierop moeten worden aangepast.” Dat lijkt op het oog een logische uitspraak, maar de grote vraag is of het huidige waterschap deze vraag wel inhoud kan geven. En niet vanwege dat het waterschap niet deskundig zou zijn, maar meer vanwege de samenstelling van het bestuur en dat het mandaat op de genoemde onderwerpen zeer beperkt is.
En natuurlijk, prachtig als Kuks vindt dat de waterschappen duidelijk stelling moeten nemen in het maatschappelijk debat over de toekomst van ons land, maar welke stelling dan? Het belang van de boeren? Het belang van de natuur? Het belang van woningbouw? Deze discussie hoort in eerste instantie thuis op het allerhoogste politieke niveau. Daar heeft men het de afgelopen decennia lelijk laten liggen, maar dat betekent niet dat nu het waterschap aan bod is. En natuurlijk voor het waterbeheer zijn de waterschappen de ogen en de oren van de samenleving. De waterschappen zijn bij uitstek degenen die van onderop knelpunten en ideeën kunnen aandragen om het beleid op provinciaal en nationaal niveau effectief vorm te geven. Maar ik moet er niet aan denken dat de waterschappen dat in die breedheid zelf zouden moeten gaan oppakken.
En om dan ook maar tegelijk tegen een heilig huis aan te schoppen, we zouden ons zelfs kunnen afvragen of waterschappen en het functioneren ervan nog wel van deze tijd is. Zeker als het gaat om ruimtelijke ordening en klimaat heeften provinciaal bestuur veel meer mandaat en dus veel meer slagkracht. Wat mij betreft zou het waterbeheer zo overgeheveld kunnen worden naar de provincie en zouden waterschappen omgevormd kunnen worden tot uitvoeringsorganisaties die het dagelijks waterbeheer doen. De RWZI’s zouden nutsbedrijf kunnen worden. Zeker zij zouden daarmee grote stappen kunnen maken in de efficiency van de waterzuivering.
Wat bedoel ik daarmee? In de afgelopen 10 tot 20 jaar zijn de RWZI ’s zich steeds meer gaan toeleggen op terugwinning van grondstoffen(fosfaat, cellulose, biogas, etc). Maar een grote doorbaak met substantieel resultaat heb ik tot nu toe niet echt gezien, misschien met uitzondering van een aantal initiatieven, zoals Waterstromen. Het succes van een goede afzet van reststromen wordt bepaald door kwantiteit en kwaliteit.
Eind vorige eeuw werd in de autobranche de organisatie Autorecycling Nederland opgericht. Ik was daarbij betrokken. Doel was om een hoger hergebruik te realiseren bij demontage van auto’s. Voor het ophalen een paar rubber strips per bedrijf was namelijk nooit veel belangstelling vanwege de geringe baten. Maar als je als verwerkingsbedrijf bij alle autodemontagebedrijven rubber kan ophalen, wordt het ineens interessant. Ook voor het autodemontage bedrijf, sommig restafval kreeg ineens een positieve geldwaarde.
Dat kan ook zomaar voor de RWZI’s gelden. Als ze met z’n allen gaan samenwerken en op landelijk niveau collectief contracten gaan afsluiten met afnemers dan kan dat voor beide partijen interessant worden. Bijvoorbeeld voor struviet. Zeker nu de totale gevolgen van kunstmest steeds meer onder het vergrootglas komen, zou struviet een geweldige vervanger kunnen zijn.
En een centrale organisatie, zoals ARN bij de autosector heeft nog meer voordelen. Je kunt een veel directere samenwerking met partijen als Wetsus en KWR tot stand brengen, waarbij uit een deel van de opbrengsten van de restproducten onderzoek gefinancierd kan worden om nog effectiever en efficiënter te worden met de terugwinning. Je zou dan ook kunnen kijken in hoeverre je samenwerkingen zou kunnen aangaan met bedrijven, die nu hun afvalwater moeten voorzuiveren. Bij Waterstromen werd zo’n samenwerking al tot stand gebracht met een voedselproducent en een leerlooier.
En als het echt succesvol zou worden, zou het zelfs kunnen leiden tot lagere belastingen(verontreinigingsheffing). Wat mij betreft is er wel één belangrijke voorwaarde aan verbonden, namelijk dat het zuiveren van communaal afvalwater altijd een publieke aangelegenheid blijft.
Klinkt goed! Maar waarom wordt dit niet bij alle waterschappen ingevoerd? Dan ontstaan er meer mogelijkheden tegen lagere prijzen.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!