secundair logo knw 1

Als we onze delta leefbaar willen houden is verbeteren niet voldoende, we moeten echt vernieuwen. Dat is de korte versie van de conclusie van de gezamenlijke strategische toekomstverkenning, die Hoogheemraadschap van Rijnland en drinkwaterbedrijf Dunea een jaar geleden presenteerden, op een symposium over de groeiende waarde van water. Er is beweging, maar er mag wel een stapje bovenop, vindt Willemijn Bouland-Oosterwijk, corporate strateeg bij Dunea.

door Willemijn Bouland-Oosterwijk

Willemijn Bouland Oosterwijk 180 vk Willemijn Bouland-OosterwijkIn die toekomstverkenning constateren we dat er een transitie gaande is in het watermanagement, door klimaatverandering, droogte, een veranderende samenleving en digitalisering. Ook zien we dat water een belangrijke rol speelt (‘enabler’) in andere transities: de energietransitie, circulaire economie, kringlooplandbouw en klimaatadaptatie. Water wordt daardoor belangrijker: de waarde van water groeit. Deze transities en de groeiende waarde van water vragen een andere manier van werken van organisaties in de watersector.

Met het symposium startten we een beweging: value4water. Een beweging van verbreden en opschalen, wendbaarder en ondernemender worden en echt versnellen. En dat was niet alleen een oproep aan onszelf maar ook aan alle waterorganisaties en bedrijven om Rijnland en Dunea heen.

Zijn we als watersector al voldoende in beweging? En zijn we al voldoende in staat te versnellen en wendbaarder te worden? Dat is bepalend voor het succesvol interesseren van innovatieve en commerciële bedrijven en start-ups buiten onze eigen waterbubbel.

Er is wel beweging in het denken
Ook nu, in deze tijden corona en van droogte en hevige langdurige buien, staan naar mijn mening de conclusies van het onderzoek nog steeds als een huis. Sterker nog, ze worden alleen maar verder onderstreept: de waarde van water voor gezondheid staat opnieuw op de kaart en door de droogte is ook waterschaarste weer onderwerp van gesprek en van menige discussie in de media. Daarmee komt ook de beweging voor de watertransitie langzaam op gang.

In onder meer dagblad Trouw spraken waterschappen en drinkwaterbedrijven samen uit dat het anders moet, juist nu. De WUR maakte een prachtig positief beeld van hoe Nederland eruit zou kunnen zien in de toekomst. Bij ons in de regio startte ik met collega-waterprofessionals van onder andere de Hoogheemraadschappen van Delfland en van Rijnland en adviesbureau VanWaarde, de Zoetwateralliantie. Doel is om kennis te delen over hoe het anders kan en om met elkaar te blijven nadenken over de verre toekomst, ook als je het druk hebt met activiteiten die morgen af moeten.

‘Als water je kerntaak is, hoe ver ga je dan mee in andere transities?’

Een ander teken van beweging is dat overal binnen de watersector discussies gaande zijn over wat nu eigenlijk je kerntaak is en over opgavegericht werken. In die discussies gaat het om de vraag: als je kerntaak water is, hoe ver ga je dan mee in andere transities? Hoe ver reikt je maatschappelijke verantwoordelijkheid? Ga je energie leveren als dat in water zit? Deze voorbeelden laten zien dat de beweging vanuit steeds meer verschillende hoeken komt en daardoor een zichzelf versterkend effect heeft.

Ik zie ook nieuwe initiatieven groeien: op de projectlocatie Valkenburg tekenden vijf partijen een intentieovereenkomst om de waarde van water anders te benutten. Het nieuw te bouwen dorp krijgt innovatieve duurzame systemen voor verwarming en sanitatie (zie kader – red.). Een ander voorbeeld: met een aantal grote afnemers doen Dunea en Rijnland nu samen waterscans om te kijken of we water samen niet slimmer en zuiniger kunnen inzetten.

Nieuwe partners verleiden
Al deze voorbeelden zijn voorzichtige bewijzen voor het ontstaan van de gewenste en noodzakelijke beweging, maar lang niet altijd zo snel als ik zou willen. En zeker nog lang niet altijd met de nieuwe verfrissende innoverende partijen die we zoeken en nodig hebben.

Hoe krijgen we deze partijen dan wel zover dat ze in de stijgende waarde van water een uitdaging zien die voor hen ook (bedrijfseconomische) waarde oplevert? Daarvoor moeten we als watersector nog meer uit onze eigen bubbel. Het is hoog tijd om nog meer uitwisselingen te organiseren met bestaande netwerken, initiatieven te versterken en leerervaringen (van bestaande initiatieven en eigen experimenten) te delen.

En natuurlijk moeten we experimenten stimuleren die op het grensvlak van de watertransitie en andere transities liggen en die de potentie hebben om een flinke stap voorwaarts te zetten richting een toekomstbestendig (West-)Nederland. Ik heb goede hoop dat we daarmee ook buiten onze waterbubbel de juiste partijen treffen om de uitdaging samen aan te gaan. Vraag blijft: wie durft er mee te doen? Want alleen samen houden we onze delta ook in de toekomst leefbaar.

Willemijn Bouland-Oosterwijk is corporate strateeg bij Dunea


Het visierapport ‘Waterbedrijven van de toekomst’ is te vinden op www.value4water.nl. Informatie over de warmte- en sanitatiesystemen in Valkenburg: bouwenuitvoering.nl

Typ je reactie...
Je bent niet ingelogd
Of reageer als gast
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Laat je reactie achter en start de discussie...

h2ologoprimair    PODIUM

Podium is een platform voor opinies, blogs en door waterprofessionals geschreven artikelen (Uitgelicht). H2O draagt geen verantwoordelijkheid voor de inhoud van deze bijdragen, maar bepaalt wel of een bijdrage in aanmerking komt voor plaatsing. De artikelen mogen geen commerciële grondslag hebben.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Afbreekbaarheid moet in de toekomst als eerste beoordelingsparameter voor toelating van stoffen worden ingevoerd. Er ontstaan anders onomkeerbare problemen in de toekomst.
In aanvulling hierop: Wij hebben voor terrein- en rivierbeheerders (VNBE) nog meer maatregelen in kaart gebracht om deze problemen te mitigeren (zie ook bijlage):
 
@Hans MiddendorpHoi Hans, beetje makkelijke reactie van het waterschap ('eerst moeten de waterbedrijven wat doen, tot die tijd kunnen wij niks doen'). De Waprog plaatste in 1986, in één jaar tijd, meer dan 100.000 watermeters bij gezinnen thuis. Dat kostte toen maar 150 gulden (!) per watermeter. Als de waterpartners echt zouden willen samenwerken, kan dit zo zijn opgelost. Dus ja, bureaucratie zegeviert. Niet iets om trots op te zijn.
@Gert Timmerman Eens. We moeten met al ons water zuinig omgaan (en het niet verontreinigen) zeker met zoet grondwater en met drinkwater.