0
0
0
s2smodern

Begin van dit jaar ging het internationale leerprogramma KIWI van start. Met dit internationale leerprogramma worden waterschapsmedewerkers opgeleid om mee te doen aan Blue Deal-projecten. 21 medewerkers van waterschappen hebben zich ingeschreven voor dit ‘diplomatenklasje van de watersector.’

KIWI (Kennismakings- en Introductieprogramma Waterschappen Internationaal) is opgezet om nieuwe waterschapsmedewerkers te betrekken bij de Blue Deal. “Met de komst van de Blue Deal heeft het internationale werk van de waterschappen een boost gekregen. Er zijn veel meer vacatures en er zijn nog veel waterschapsmedewerkers die niet weten dat internationale missies onderdeel van hun werk kunnen zijn”, vertelt Jane Alblas van de Unie van Waterschappen. “Met dit programma wordt duidelijk gemaakt dat alle medewerkers van waterschappen in principe kunnen bijdragen aan de Blue Deal-partnerschappen.”

Blue Deal
Met de Blue Deal willen de waterschappen 20 miljoen mensen wereldwijd toegang geven tot voldoende, schoon en veilig water. Financieel ondersteund door de ministeries van Buitenlandse Zaken en Infrastructuur en Waterstaat helpen de waterschappen gedurende een langere periode regionale of nationale waterbeheerders bij het versterken van 3 onderdelen van goed waterbeheer: voldoende kennis en expertise, een goed functionerende organisatie en samenwerking met de belangrijkste stakeholders.

NWB Fonds
Het leerprogramma is een initiatief van het NWB Fonds. Het Nederlandse Waterschapsbank Fonds was tot 2018 de belangrijkste financier van internationale waterschapsprojecten. Die rol is overgenomen door de ministeries en het NWB Fonds investeert nu in een kwalitatieve ondersteuning van internationale samenwerkingsprojecten.

Jasper Luiten 180 vk Jasper LuitenProgrammamanager Jasper Luiten coördineert het opleidingstraject. Hij constateert dat veel Blue Deal-projecten op externen of jonge professionals draaien. “Die blijven een of twee jaar bij een project betrokken. Dat is mooi, maar wat je ook wilt, is dat mensen op de langere termijn aan de Blue Deal te binden. Dat kan door de vaste medewerkers van waterschappen aan te spreken. Alle waterschappen doen mee aan de opleiding, dus dat laat zien dat er breed draagvlak voor is.”

De leergang
De leergang duurt in principe twee jaar en is een combinatie van vier bezoeken aan internationale projecten, inclusief opdracht, en zes les- en trainingsdagen. Luiten: “Bij het opzetten van deze opleiding heb ik me in eerste instantie laten inspireren door het beroemde diplomatenklasje van Buitenlandse Zaken. Gedurende de twee jaar maken de deelnemers kennis met verschillende internationale projecten, ontdekken ze hoe de werkwijze in de verschillende landen eruit ziet en hoe de waterschappen onderling verschillen in hun aanpak. Bij de trainingsdagen is bijvoorbeeld aandacht voor culturele tegenstellingen, veiligheid en de vraag hoe je ervoor zorgt dat je werk in Nederland goed wordt overgenomen.”

Digitaal
De Kick-Off en de eerste trainingsdag zijn inmiddels achter de rug. De eerste bezoeken aan internationale projecten zijn ook al afgelegd. “Voor de komende periode onderzoeken we of de trainingsdagen en kennissessies digitaal, bijvoorbeeld via webinars, kunnen worden ingevuld. We willen immers dat het opleidingstraject wel voortgang kan vinden. In verband met corona is het meedraaien in internationale projecten nu helaas niet mogelijk”, zegt Luiten.

Geen garantie
De waterschappers die meedoen aan het KIWI-programma hoeven geen examen af te leggen, maar krijgen ook geen garantie dat ze aan Blue Deal projecten mogen gaan werken. Alblas: “De waterschapsmedewerkers worden op de hoogte gehouden van vacatures binnen de Blue Deal-partnerschappen en kunnen daarop reageren.”

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Goed dat dit onderzoek gedaan wordt. Eerlijk gezegd valt de concentratie van 1 deeltje per liter mij alleszins mee. (Eerdere berichten spraken soms over duizenden deeltjes per liter.)
Wat natuurlijk geen reden is om dit probleem te relativeren. Zelf ben ik nog steeds regelmatig verbijsterd over de hoeveelheden zwerfplastic, (maar ook blikjes en ander verpakkingsmateriaal) die ik in allerlei wateren aantref.
Daarnaast ben ik erg benieuwd wat dit onderzoek oplevert in relatie tot kleine rubberdeeltjes van autobanden.
@Michael BentvelsenZoals Leo aangeeft is het onwaarschijnlijk om een “kapot/niet actief” virus aan te tonen met de test aangezien het RNA zeer onstabiel is en in afvalwater snel zal worden afgebroken. Dat het virus nog aangetoond wordt suggereert dus dat de envelop nog intact is en het virus mogelijk nog actief.
Meten en testen is prima, is ook gewenst. Inmiddels bewezen dat Ozon een goede oplossing is. Zie RWZI Houten, RWZI De Groote Lucht, RWZI Aarle-Rixtel, alle hadden goede resultaten met gedateerde Ozontechnieken.
De berichtgeving moet zuiver. Als het effluent getest is met een PCR-laboratorium bepaling wordt er getest op de aanwezigheid van (een deel van) het RNA. Dat kan positief zijn terwijl het virus al lang dood is. Dan zijn er virusresten gevonden, dat is echt wat anders dan het Horus. Dit is van belang om paniek te voorkomen!!
@Leo Heijnen (KWR)De methode meet verschillende 'delen van het RNA' zeg je, en daarmee niet het intacte RNA, en ook niet de virusdeeltjes. Het resultaat bevestigt daarmee dat er SARS-CoV-2 in het monster aanwezig WAS! Niet IS! N.B. Na opwerking van het monster voor detectie kun je niet meer spreken van IS!

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.