0
0
0
s2sdefault

Een jaar durende pilot heeft volgens Waterschap Vallei en Veluwe bewezen dat het innovatieve, circulaire concept van de Waterfabriek in Wilp levensvatbaar is. De bedoeling is nu om op te schalen naar een demonstratie-installatie met één zuiveringsstraat.

Het gezuiverde water is van uitstekende kwaliteit en er zijn veel waardevolle grondstoffen teruggewonnen. Heemraad Bert van Vreeswijk is blij met deze pilotresultaten. “Wij zijn er nog niet maar wel op de goede weg. Al zijn we natuurlijk onverwachte dingen tegengekomen. Rioolwater is een hardnekkige materie, is mijn ervaring.”

Bert van Vreeswijk en Arjen van NieuwenhuijzenBert van Vreeswijk en Arjen van Nieuwenhuijzen

Ondanks de positieve uitkomsten is volgens Van Vreeswijk de les wel om nu niet meteen de gehele waterfabriek te bouwen. “Een aantal onderdelen is gevoelig voor opschaling. Wij zijn daarom van plan om gefaseerd op te schalen en te beginnen met een fabriek op een kwart capaciteit. Niet alleen vanuit het oogpunt van zekerheid, maar ook omdat we sterker willen inzetten op modulaire systeembouw.”

De proefinstallatie heeft tussen mei 2019 en juni 2020 gedraaid, vertelt Arjen van Nieuwenhuijzen van Dutch Water Refinery (DWR). In dit consortium werken Royal HaskoningDHV en Witteveen+Bos samen met Waterschap Vallei en Veluwe bij de ontwikkeling van de Waterfabriek. “We hebben als bouwteam de testinstallatie ontworpen en een jaar lang beproefd. Daarbij hebben we aangetoond dat het concept echt werkt. Het is een heel grote stap vooruit. De vooraf gestelde eisen voor de verwijdering van onder meer medicijnresten en zware metalen waren erg streng. Deze kwaliteitseisen zijn aantoonbaar gehaald.”

Rioolwater gescheiden
De Waterfabriek Wilp won begin dit jaar de prijs De Vernufteling 2019, een initiatief van branchevereniging Koninklijke NLingenieurs. De jury noemde de waterfabriek een ‘paradigmashift in zuiveringsland’. Het rioolwater wordt op een fysisch-chemische manier gescheiden in verschillende stromen. Hierdoor worden niet zoals bij bacteriële zuivering allerlei waardevolle grondstoffen afgebroken, maar grondstoffen gewonnen.

 'We zetten in op een systeem zonder afbraak'

Het idee is ontstaan vanuit het doel om volledig circulair te zijn, licht Van Vreeswijk toe. “We hebben ingezet op een systeem zonder afbraak. Het binnenkomende rioolwater en bedrijfsafvalwater worden via meerdere extractiestappen gescheiden. De hoofdstroom blijft de waterstroom en daarnaast is er een aantal reststromen. Deze reststromen hebben te maken met materialen als cellulose die we gelijk kunnen gebruiken en grondstoffen als ammonium en fosfaat die we voor hergebruik kunnen inzetten.”

Bijkomend voordeel van het proces is dat er geen broeikasgassen worden geproduceerd door de afbreking en omzetting van componenten. Een restproduct is wel een slibachtige stroom, die vergist of opgewekt kan worden. “Daar moeten we een aantal grondstoffen uithalen.”

Zeer schoon water naar beek
Aan het eind van het zuiveringsproces blijft zeer schoon water over. Van Vreeswijk: “Dit water kan eigenlijk voor van alles worden gebruikt, in de toekomst misschien wel met de juiste behandeling ook als drinkwater. De stroom komt uit op de Twellose beek, waarin in droge periodes slechts een beetje water staat. Deze beek is een KRW-lichaam met erg lage natuurlijke concentraties van fosfaat en stikstof aan het eind. Om aan de KRW-eisen te voldoen, moeten fosfaat en ammonium verregaand worden verwijderd.”

De eisen tijdens de pilot gingen zelfs verder dan de normen van de Kaderrichtlijn Water en dat geldt zeker voor ammonium, zegt Van Nieuwenhuijzen. “Ammonium moest tot 1 milligram per liter worden verwijderd. Dit is gelukt. In Nederland wordt deze eis zo streng nog niet gesteld. Voor de Waterfabriek geldt de eis wel, omdat de concentratie ammonium straks een zeer gevoelige parameter is voor de ecologie in de beek.”

Een belangrijk aandachtspunt is het energieverbruik. Dat is hoger dan bij een conventioneel zuiveringsproces, vooral omdat er meer stoffen uit het rioolwater worden gehaald. Het energieverbruik blijft volgens Van Vreeswijk onder de door het waterschap gestelde grens. “Wij vinden dit aspect ook wat minder belangrijk als het maar om groene energie gaat.” De totale CO2-emissie van de gehele installatie is wel lager dan die van een conventionele rwzi, omdat er minder broeikasgassen vrijkomen vanuit het zuiveringsproces en reststromen circulair worden ingezet.

Samenspel van technieken
Voor de proefopstelling zijn technieken van vier Nederlandse leveranciers gebruikt. Het gaat om een fijnzeef van CirTec, een membraanunit voor nanofiltratie van NX Filtration en ionenwisselaars van Lanxess. De kern van de installatie met de coagulatie en flotatie en de systeemintegratie komt van Nijhuis Industries. Van Nieuwenhuijzen: “Wij hebben bestaande technieken ingezet, maar het onderlinge samenspel is vernieuwend.”

Was het bij de pilot al snel duidelijk dat het een succes zou worden? Zover wil Van Nieuwenhuijzen niet gaan. “Wij hebben best wel eens zitten te zweten, want het ging niet altijd goed. Het samenspel van de technieken binnen de installatie is complex. Soms lukte het niet, zodat we instellingen moesten veranderen. We hebben uiteindelijk voldaan aan alle criteria van de ‘proof of concept’, die we vooraf hadden opgesteld. Zo kon de installatie twee weken volcontinu doordraaien, waarbij de waterkwaliteit, de reststromen en het energieverbruik voldeden aan de criteria.”

 'Uiteindelijk is voldaan aan alle criteria'

Omdat de proef ruim een jaar duurde, konden alle seizoenswisselingen worden meegenomen. “Het rioolwater is erg veranderlijk per seizoen. Zo had de droge periode tussen maart en juni duidelijke effecten op de zuivering. Dat is belangrijke informatie voor het vervolg.”

Het waterschap en DWR hebben veel geleerd van de pilot. “We hebben allerlei nieuwe dingen gezien”, zegt Van Nieuwenhuijzen. “Zo constateerden we dat geneesmiddelen door twee technieken in de installatie werden verwijderd, terwijl we dat vooraf maar van één techniek hadden verwacht. Dit maakt het interessant maar ook uitdagend. Het concept dat we voor ogen hebben, blijkt dan toch net wat anders te werken. Het nieuwe inzicht is ook meteen input voor andere projecten bij waterschappen.”

Eerst installatie met één zuiveringsstraat
Hoe gaat het nu verder? Het bouwteam heeft een ontwerp gemaakt met vier straten voor de Waterfabriek Wilp. De bedoeling is om eerst op te schalen naar een demonstratie-installatie met één zuiveringsstraat. Het gaat om een nieuwe fase waarvoor ook een nieuwe aanbestedingsronde zal komen, vertelt Van Vreeswijk. Belangrijke aspecten daarbij zijn de kosten en de verdeling van risico’s.

“In de pilotfase hebben wij als waterschap zelf veel van de kosten en risico’s gedragen. Nu is aangetoond dat de methode werkt, willen we kijken of een partij geïnteresseerd is om erin te investeren. Vergelijk het met hoe in het verleden Royal HaskoningDHV is ingestapt bij de Nereda-methode.”

Algemeen bestuur aan zet
Het ontwerp voor de demo-installatie zal — inclusief een kredietaanvraag — aan het eind van het jaar worden aangeboden aan het algemeen van bestuur van Vallei en Veluwe. Die zal dan begin 2021 beslissen of de kwart installatie doorgaat. Daarmee kan de hoeveelheid te verwerken rioolwater worden opgevoerd van 2,5 naar 50 kubieke meter per uur. Het uiteindelijke doel is 150 kubieke meter per uur.

“Het algemeen bestuur is tot nu toe enthousiast geweest over de waterfabriek”, zegt Van Vreeswijk. “Wij moeten in onze vervolgaanpak laten zien dat het waterschap het project aankan en de voordelen hiervan duidelijk maken. Want de prijs per vervuilingseenheid is hoger dan normaal, maar dat geldt ook voor de opbrengsten. Bij de grootschaligere toepassing moeten prijzen wel dalen. Mijn grootste opgave is op dit moment de kosten te drukken.”

In de oorspronkelijke planning zou de Waterfabriek Wilp in 2022 worden gebouwd. Dat wordt in ieder geval later. Van Vreeswijk wil zich niet laten vastpinnen op een jaartal. “Ik ben wat huiverig voor termijnen, want ik weet uit ervaring dat zo’n innovatief project eigenlijk altijd vertraging oploopt. Wij zijn al wat opgeschoven in de tijd door de een jaar durende pilot en de coronacrisis. We willen nu wel zo snel mogelijk starten met de volgende fase.”

 

Waterfabriek Wilp Hoe werkt plus Tekening van hoe de Waterfabriek Wilp werkt I Beeld: Waterschap Vallei en Veluwe

 

MEER INFORMATIE
Waterschap Vallei en Veluwe en STOWA organiseren op vrijdag 16 oktober het digitale symposium Waardevol Water met drie webinars. Het webinar tussen 15.00 en 16.00 uur gaat specifiek over de Waterfabriek Wilp en de leerpunten tot nu toe.

Vallei en Veluwe over de pilotresultaten 
Informatie over Waterfabriek Wilp
H2O-bericht over winst De Vernufteling (januari 2020) 
H2O-artikel over concept waterfabriek (juli 2019) 
H2O-bericht bij start pilot (mei 2019)

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.
  • This commment is unpublished.
    Johan Raap · 1 years ago
    Goed te lezen, waardering voor goede resultaat en vertrouwen.
    Natuurlijk heb ik altijd een paar vragen. De elektrainbreng is hoger, wordt gezegd. Wat is dat kwantitatief?
    Verder, hoe ga je om met regenweer omstandigheden? Nu zegt de schets een eenvoudige bypass, maar wat voor effect heeft dat op lozingskwaliteit?
    Groet en succes
(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Ik verbaas me over deze suggestie. Mij komt het voorstel van Hans Middendorp over als een motie van wantrouwen naar de kiezers en naar de huidige gekozenen in de waterschappen. Een door de kiezers uit verschillende lijsten gekozen bestuur vertegenwoordigt toch per definitie de maatschappelijke belangen? Verstroping van de besluitvorming door een adviescommissie in te voeren die uit vertegenwoordigers van allerlei belangengroepen bestaat, levert geen meerwaarde.
Het is aan het ambtelijk apparaat en de bestuurders van het waterschap om, net zoals bij een gemeente of provincie, de verschillende maatschappelijke belangen bij de voorbereiding en de besluitvorming te betrekken. Daartoe zal men met al die belangengroepen contacten onderhouden, zoals nu ook al gebeurt. Maar dat is iets anders dan elke keer verplicht advies te moeten vragen. De door mij om zijn deskundigheid gewaardeerde AWP zou dit voorstel echt nog eens moeten heroverwegen.
Groet, Piet Oudega (HHNK, PvdA)
Hallo Hans, hele goede gedachte. Ik denk dat de geborgde zetels door hun sterke eigenbelang zorgen voor een veel te behoudend waterschap waar innovatie nauwelijks een kans krijgt. Daarbij weten ze het altijd zo te draaien dat de kosten niet eerlijk worden verdeeld en daarvan is de burger de dupe. Al met al denk ik dat een geheel gekozen bestuur sneller en beter tot besluitvorming kan komen en dat er een hoop bestuurlijke drukte kan worden voorkomen.
Een adviescommissie met alle belangengroepen is dan beter.
groet, Fokke
Dag Hans: ik deel je gedachtengang. Er is één nadeel. Het draagt weer bij aan de ‘bestuurlijke drukte’ waar we allemaal last van hebben. Ik vind de optie waarbij geborgden een kwaliteitszetel krijgen, met een maximum van drie per waterschap, daarom ook een aantrekkelijke optie.
Groet van Adriaan
Citaat: 'De Unie wijst erop dat de waterschappen komend jaar meer dan ooit tevoren investeren in veilige dijken en in schoon en voldoende water: 1,8 miljard euro.' Maar de Unie 'vergeet' te melden dat deze 1,8 miljard de opbrengst is van de Watersysteemheffing voor alle waterschappen samen. Dat is dus niet *extra* geld, maar reguliere financiering van droge voeten en schoon water. Het is mooi om dit geld voor de kerntaken van de waterschappen te labelen als een klimaatbeheer, maar er blijft dus extra geld nodig om, zoals de Unie stelt: "Er is wel extra rijksgeld voor decentrale overheden nodig om Nederland versneld aan te passen aan weersextremen."
Het pleidooi van VNG, IPO en Unie voor 1,8 miljard euro voor uitvoering van het Klimaatakkoord (2022-2024) is niet gehonoreerd. Maar als het Rijk de kosten voor klimaatadaptatie niet wil betalen, dan zit er voor de waterschappen niets anders op om naast de watersysteemheffing een aparte klimaatadaptatie-heffing in te voeren. Een heffing van 2 tientjes voor alle tien miljoen huishoudens in Nederland levert 200 miljoen per jaar op. Over drie jaar is dat 600 miljoen en dat is precies één-derde van het bedrag van 1,8 miljard dat VNG, IPO en Unie samen vragen. Zo eenvoudig kan het zijn.
Er wordt 6,7 miljard euro uitgetrokken voor klimaat en het deltaprogramma zoetwater krijgt 100 miljoen. Dat is dus ongeveer 1,5% van dit enorme bedrag. Verder is in 2018 besloten om het Deltafonds uit te breiden van het wegwerken van de achterstand in het onderhoud van dijken naar wateroverlast door klimaatverandering. En nu moet er volgens de deltacommissaris 800 miljoen bij. Wie kan dit balletje-balletje nog volgen? Volgens mij komt het deltaprogramma dus nog steeds structureel geld tekort. Enige journalistieke duiding is wel op z'n plaats!

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.