0
0
0
s2smodern

Deltares viert deze week met diverse activiteiten het tienjarig bestaan. Niet veranderd is dat het onafhankelijke kennisinstituut zich richt op de water- en ondergrondproblematiek in de volle breedte. Wel zijn er nieuwe uitdagingen, zoals duurzame energie gekoppeld aan bodem en water.

Het startschot voor de feestelijkheden werd afgelopen donderdag gegeven door minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat. Zij onthulde bij haar werkbezoek aan de campus van Deltares in Delft het kunstwerk Delta van Ronald A. Westerhuis. De jubileumviering duurt nog tot en met dit weekend. Vandaag was er een symposium voor genodigden, vrijdag komen de relaties over de vloer en zaterdag is er een open dag voor het grote publiek tijdens de Dag van de Wetenschap.

De officiële start van Deltares was op 1 januari 2008. Het kennisinstituut ontstond door samenvoeging van de technologische onderzoeksinstellingen GeoDelft, TNO (ondergrondkant) en WL | Delft Hydraulics en een aantal specialistische diensten van Rijkswaterstaat. Bij de start werkten er achthonderd mensen en dat aantal is ongeveer hetzelfde gebleven.

Dare to share
Hans Vissers DeltaresStrategisch adviseur Hans Vissers (foto) die uit de hoek van Rijkswaterstaat komt, is een van de medewerkers van het eerste uur. Hij heeft het over een geslaagde fusie. “Hoe vaak zie je zo’n samenvoeging niet binnen een paar jaar misgaan? Er was eerst weerstand bij de deelnemende partijen, maar daarna is het alleen maar crescendo gegaan.”

Ook de buitenwereld reageerde aanvankelijk wantrouwend. “Deltares was toch de ‘new kid on the block’. We hebben vanaf het begin ingezet op intensieve samenwerking met onder meer het bedrijfsleven. Deze strategie is een succes. Ons uitgangspunt is ‘dare to share’. Dat wordt erg gewaardeerd, ook internationaal.”

Deltares is een onafhankelijk toegepast kennisinstituut op het gebied van water en ondergrond. “Wij bestuderen de water- en ondergrondproblematiek in de volle breedte”, zegt Vissers. “Deze scope is in tien jaar niet veranderd. Wel zijn we in de loop der tijd ons bij de advisering en het onderzoek meer gaan richten op de maatschappelijke impact. Ook is de complexiteit van de institutionele omgeving en de kenniswereld toegenomen.”

Werk voor Deltaprogramma
Vissers vindt het werk dat Deltares doet voor het Deltaprogramma, heel belangrijk. “Wij zijn een steun en toeverlaat voor de deltacommissaris, zowel op het terrein van waterveiligheid als op het terrein van zoetwater. Een hoogtepunt is dat we op basis van onderzoek nieuwe veiligheidsnormen hebben ontwikkeld. Dat heeft de BV Nederland een paar miljard euro gescheeld. Wat betreft hardware wil ik de Deltagoot noemen. Deze testfaciliteit ondersteunt ons werk in binnen- en buitenland.”

Deltares heeft volgens Vissers het ambitieuze doel om wereldwijd een belangrijk kennisinstituut te zijn. Deltares is onder meer betrokken bij projecten voor de kustbescherming en het tegengaan van bodemdaling in Jakarta en voor de polderontwikkeling in Singapore. “We zijn nu ook het voorportaal van het Nederlandse bedrijfsleven bij een groot masterplan voor Manilla Bay. Met dit soort projecten kunnen we onze meerwaarde laten zien.”

Kennisbasis veiliggesteld
Twee jaar na de oprichting kreeg Deltares te maken met forse bezuinigingen op de rijkssubsidie. Het bedrag werd in een aantal jaar ongeveer gehalveerd, vertelt Vissers. “Ik zou het geen dieptepunt willen noemen, maar het was wel echt problematisch. We kwamen een beetje onder het niveau dat verantwoord was en merkten dat we inteerden op kennis. Het huidige kabinet heeft de financiering voor een belangrijk deel gerepareerd. Daarmee is onze kennisbasis voor de toekomst veiliggesteld.”

Deltares pakt de komende jaren volgens Vissers geen inhoudelijk nieuwe thema’s op, maar er komen wel andere onderwerpen bij. “Vraagstukken in verband met klimaat worden steeds belangrijker, zoals duurzame energie gekoppeld aan bodem en water. We gaan ons ook meer bezighouden met echte langetermijnvraagstukken, onder meer de gevolgen van de zeespiegelstijging. Deltares is adviseur geworden van de Verenigde Naties en supranationale organisaties. Deze uitdagingen zijn nieuw, maar wel in lijn met wat we al deden.”

Meer informatie

Bericht Deltares over bezoek van minister

Bericht over open dag a.s. zaterdag

 

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Goed dat dit onderzoek gedaan wordt. Eerlijk gezegd valt de concentratie van 1 deeltje per liter mij alleszins mee. (Eerdere berichten spraken soms over duizenden deeltjes per liter.)
Wat natuurlijk geen reden is om dit probleem te relativeren. Zelf ben ik nog steeds regelmatig verbijsterd over de hoeveelheden zwerfplastic, (maar ook blikjes en ander verpakkingsmateriaal) die ik in allerlei wateren aantref.
Daarnaast ben ik erg benieuwd wat dit onderzoek oplevert in relatie tot kleine rubberdeeltjes van autobanden.
@Michael BentvelsenZoals Leo aangeeft is het onwaarschijnlijk om een “kapot/niet actief” virus aan te tonen met de test aangezien het RNA zeer onstabiel is en in afvalwater snel zal worden afgebroken. Dat het virus nog aangetoond wordt suggereert dus dat de envelop nog intact is en het virus mogelijk nog actief.
Meten en testen is prima, is ook gewenst. Inmiddels bewezen dat Ozon een goede oplossing is. Zie RWZI Houten, RWZI De Groote Lucht, RWZI Aarle-Rixtel, alle hadden goede resultaten met gedateerde Ozontechnieken.
De berichtgeving moet zuiver. Als het effluent getest is met een PCR-laboratorium bepaling wordt er getest op de aanwezigheid van (een deel van) het RNA. Dat kan positief zijn terwijl het virus al lang dood is. Dan zijn er virusresten gevonden, dat is echt wat anders dan het Horus. Dit is van belang om paniek te voorkomen!!
@Leo Heijnen (KWR)De methode meet verschillende 'delen van het RNA' zeg je, en daarmee niet het intacte RNA, en ook niet de virusdeeltjes. Het resultaat bevestigt daarmee dat er SARS-CoV-2 in het monster aanwezig WAS! Niet IS! N.B. Na opwerking van het monster voor detectie kun je niet meer spreken van IS!

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.