Wereldwijd zijn enorme investeringen in klimaatadaptatie nodig volgens de Global Commission on Adaptation. De commissie beveelt aan om op vijf sleutelterreinen 1,8 biljoen dollar tot 2030 te investeren, onder meer in robuustere watersystemen. Dit kan 7,1 biljoen dollar aan besparingen opleveren.

Het antwoord op de klimaatverandering is mondiaal nog zwaar onder de maat, ondanks positieve uitzonderingen. Dat stelt de Global Commission on Adaptation in het vandaag verschenen rapport Adapt now: a global call for leadership on climate resilience. Daarom wordt gepleit voor meer urgentie en innovatie en voor schaalvergroting van maatregelen.

Politiek leiderschap nodig
Voorzitter van de klimaatcommissie is Ban Ki-moon (voormalig secretaris-generaal van de Verenigde Naties) en vicevoorzitters zijn Bill Gates en Kristalina Georgieva (topvrouw bij de Wereldbank). Zij wijzen in hun voorwoord op de ernst van de situatie en sporen regeringen en bedrijven aan tot een radicaal andere manier van denken over klimaatadaptatie. Tegelijkertijd zien ze reden voor hoop. “Adaptatie kan moedige ideeën voortbrengen en inspireren tot innovaties waarvan mensen nu nog denken dat die niet mogelijk zijn. Er is vooral politiek leiderschap nodig dat mensen uit hun collectieve slaap wakker schudt.”

Volgens de Global Commission on Adaptation moet wereldwijd fors worden geïnvesteerd in de aanpassing aan de gevolgen van onder andere hogere temperaturen, stijging van de zeespiegel en meer onvoorspelbare neerslag. De commissie vermeldt dat zonder adaptatie de groei van de landbouw wereldwijd sterk negatief kan worden beïnvloed door klimaatverandering: tot 30 procent minder opbrengsten in 2050. Ook kan het aantal mensen dat minstens een keer per maand niet genoeg water heeft, toenemen van 3,6 miljard nu naar 5 miljard over dertig jaar.

Investeringen op vijf terreinen
De commissie pleit in de periode 2020-2030 voor een investering van 1,8 biljoen dollar (1,6 biljoen euro) op vijf terreinen: versterken van vroege waarschuwingssystemen, klimaatbestendig maken van nieuwe infrastructuur, verbeteren van de opbrengst van landbouw in droge gebieden, beschermen van mangrovemoerassen en meer robuust maken van watersystemen. De commissie merkt wel op dat deze voorgestelde investeringen slechts een deel vormen van de totale investeringen die nodig zijn.

Het goede nieuws is dat de investering van 1,8 biljoen dollar op de vijf sleutelgebieden diverse voordelen voor mensen en de economie kunnen opleveren, aldus de klimaatcommissie. Bij elkaar kunnen de voordelen oplopen tot netto 7,1 biljoen dollar. De commissie spreekt van een ‘driedubbel dividend’: vermijding van economische verliezen, positieve economische voordelen en voordelen voor de samenleving en omgeving. Uit onderzoek blijkt dat elke dollar die aan een maatregel voor adaptatie wordt besteed, een besparing van 2 tot 10 dollar kan opleveren en soms zelfs meer.

Het vaker voorkomen van overstromingen en perioden van droogte en de toename van waterschaarste vormen de belangrijkste uitdagingen op waterterrein. De oplossing is gelegen in het beter managen van water. De Global Commission on Adaptation komt met vier aanbevelingen: benut de kracht van de natuur en breidt de waterinfrastructuur uit, gebruik water op een meer productieve manier, plan voor overstromingen en droogte en verbeter de water governance en schaal tevens de financiering op.

Drie revoluties
Het realiseren van de ambitieuze klimaatadaptatie vereist drie revoluties, stelt de commissie. Allereerst een revolutie in begrip, zodat de risico’s van klimaatverandering volledig worden begrepen. Ook is volgens de commissie een revolutie in planning nodig, om de manier te verbeteren waarop beleids- en investeringsbeslissingen worden gemaakt en oplossingen uitgevoerd. Verder gaat het om een revolutie wat betreft de financiële kant. Zo is er grote behoefte aan extra internationale financiële steun voor adaptatie in ontwikkelingslanden.

Dit alles zal de nodige tijd kosten, maar de Global Commission on Adaptation wil de komende vijftien maanden alvast een vliegende start maken in aanloop naar de internationale klimaattop COP26 in december 2020. Dat gebeurt met behulp van ‘Action Tracks’. De commissie zal de acties promoten bij de UN Climate Action Summit later deze maand en de Climate Adaptation Summit die op 22 oktober 2020 in Amsterdam wordt gehouden.

‘Delta-aanpak blauwdruk’
Minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat is een van de commissieleden. Zij zegt over het rapport: “Wij laten als commissie zien waar de uitdagingen liggen die snel moeten worden opgepakt, waarbij ook Nederlandse oplossingen worden aangedragen.”

Het programma Ruimte voor de Rivier wordt als een voorbeeld genoemd. Van Nieuwenhuizen: “Onze delta-aanpak kan een blauwdruk zijn hoe je zowel in kustgebieden als rivieren schade kunt beperken door slim te investeren in maatregelen. Landen als Bangladesh en Vietnam hebben deze aanpak overgenomen. Dat leidt daar nu al tot minder slachtoffers en minder schade.”

De minister vindt dat er voor Nederland ook belangrijke lessen in het rapport staan. “Met de verwachting dat het warmer en droger wordt, moeten we leren van andere landen die daar al langer mee kampen en praktische oplossingen overnemen. Bijvoorbeeld het opsparen van water tegen de droogte.”


MEER INFORMATIE
Rapport Adapt now
Persbericht van klimaatcommissie
Minister Van Nieuwenhuizen over rapport
Start van commissie in oktober 2018

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Dries Buitenwerf Eindelijk, het d-woord viel
Watertekort: In Nederland is het de gewoonte om water altijd vanaf oppervlakte te infiltreren in de bodem, nu weten we als we altijd een richting door een filter gaan dat dit filter dichtslaat en we steeds minder water via deze route naar het diepere grondwater zullen stromen. Als we willen voorkomen dat het diepere zoete grondwater vervolgens door zeewater wordt aangevuld zullen we dus in Oost Nederland het grondwater van onderaf moeten aanvullen cq ipv 100 m boven afpomphoogte infiltreren op 100 m onder afpomp hoogte in moeten pompen. Water dat onder druk op deze diepte (boven het zoute grondwater) wordt toegevoerd zal geen verstopping creëren en zout water wegdrukken. De weg naar boven gaat heel traag omdat het water afhankelijk van de soortelijke massa verschillen meest horizontaal zal bewegen. Als er vervolgens 100 m hoger water wordt opgepompt, zal er minder zeewater naar binnen worden getrokken.
STELLING: We zijn veel te laat, lopen achter de feiten aan en de klimaatverandering komt echt op stoom. Waar halen we de mankracht vandaan om er wat aan te doen? Op naar Duitsland.
In een interessant artikel in The Guardian wordt het succes gedeeld van onder andere De Grensmaas:
https://www.theguardian.com/environment/2022/sep/20/dutch-rewilding-project-turns-back-the-clock-500-years-aoe
Wat opvalt is de lange termijn waarin dat project zich afspeelt: de planfase begon in 1990.
Nu zijn de grenzen van ons watersysteem bereikt. Maar niet alleen van het water systeem: de biodiversiteit staat onder druk, overal speelt milieuvervuiling: in de lucht, de bodem, het water en de het diepere grondwater. Er zit een grote energietransitie aan te komen en er wordt geroepen om een systeemverandering (het werkelijke probleem is onze engineerings-maatschappij). Daarnaast staan alle sectoren te spingen om mensen: de grenzen zijn bereik van wat in Nederland uitgevoerd kan worden.
Op de achtergrond speelt de exponentiele ontwikkeling van de klimaat verandering: hitte, droogte, extreme neerslag, stormen en extreem weer: ze worden heftiger, talrijker en duren langer. Zo komt ook onze voedselvoorziening (en die van de gehele wereld) onder druk.
Een hybride giga crisis dreigt: alles klapt in een keer om. Zoals een helder meertje in een keer troebel wordt, a la migraine aanval. https://www.delta.tudelft.nl/article/spinoza-winnaars-gaan-migraine-te-lijf
We wisten in 1972 - met het uitkomen van het rapport: Grenzen aan de Groei (MIT - Club van Rome) - dat het deze kant uit zou gaan. We zitten precies op het voorspelde scenario.
Dat betekent voor ons Deltalandje: houd sterk rekening met plan D.
Zowel voor mitigatie (bovenstrooms investeren en voorkomen) als voor de meerslaagse veiligheid liggen veel van de toekomst scenario's buiten Nederland... in Duitsland. Daar ligt een deel van onze onvoorkoombare toekomst.
Nederland kan geen zeespiegelstijging voorblijven. De Waddenzee verdrinkt bij meer dan 3mm/jr. Hoe graag we dat ook zouden willen. Dat beeld moet nu eens duidelijk worden. We zijn kwetsbaar, we blijven kwetsbaar en we worden steeds kwetsbaarder. En we hebben niet de menskracht om te 'dweilen'.
Dat betekent bv: stop de Zuid-plaspolder. Het geeft een compleet verkeerd beeld en een vals signaal van veiligheid.
https://www.waterforum.net/geen-land-ter-wereld-zou-onder-9-meter-nap-bouwen/
Voorkomen is beter dan niet te genezen: maar we zijn 50 jaar te laat om klimaatverandering te voorkomen. De klimaatverandering is een feit. Multi-stress de norm. Het gaat nu voor NEDERland om de vraag waarop we inzetten voor 2100: Ik stel: op naar hoger Nederland en richting Duitsland.
Plaatje: Eindhoven was vroeger een bloeiende badplaats - toneelstuk uit 1982 - toen was het gevoel van urgentie veel hoger dan nu.
https://theaterencyclopedie.nl/wiki/Eindhoven_was_vroeger_een_bloeiende_badplaats_-_Zuidelijk_Toneel_Globe_-_1982-02-06
Dit artikel presenteert resultaten gebaseerd op onderzoek dat van den Akker ruim vijf jaar geleden heeft gepubliceerd in Stromingen. Op zijn methodiek is destijds van diverse kanten inhoudelijke kritiek geleverd (Olsthoorn, 2014a,b,c; Leenen, 2014). Hieraan gaat hij nu volledig voorbij. Ook negeert hij dat zijn aanpak fysisch-wiskundig gezien aantoonbaar onjuist is (Zaadnoordijk, 2017) en ontkent hij het inzicht van de NHV-werkgroep Achtergrondverlaging (van Bakel e.a., 2017).

- Bakel, J. van, E. Querner, G. Rot, G. Schouten, N. Straathof, W. Vaarkamp, J.P. Witte, W.J. Zaadnoordijk (2017) Zicht op Achtergrondverlaging, rapport van de Werkgroep Achtergrondverlaging van de Nederlandse Hydrologische Vereniging, Wageningen, mei 2017.
- Leenen, H. (2014) Reactie op artikel "Tussen Theis en Hantush"van Cees van den Akker, Stromingen, 20, nummer 3, p.65-69.
- Olsthoorn, T. (2014a) De dynamica van de verlaging van Terwisscha of in vergelijkbare situaties, revisited, Stromingen, 20, nummer 1, p15-33.
- Olsthoorn, T. (2014b) Tussen De Glee en Dupuit, revisited, Stromingen, 20, nummer 1, p35-55.
- Olsthoorn, T. (2014c) De fysische onderbouwing van de overdrachtsfactor nader bekeken, Stromingen, 20, nummer 3, p.11-25
- Zaadnoordijk, W.J. (2017) Kanttekeningen bij gebruik van differentiaalvergelijking van v/d Akker, notitie 7 maart 2017, beschikbaar op: http://www.debakelsestroom.nl/kennisbank/attachment/memobijdiffvergvdakker_v4_opm-jvb-20-maart-2017/.

Willem Jan Zaadnoordijk, Flip Witte en Jan van Bakel
Vanmorgen Noorderzeedijk tussen Roptazijl en Harlingen. Bijna dagelijkse realiteit.
Er wordt hier het nodige door elkaar gehaald. Jonge zalm migreert stroomafwaarts naar zee en hebben daarbij voornamelijk last van waterkrachtcentrales en niet van gemalen en maar in heel beperkte mate van stuwen (daar kunnen ze met het water overheen). Jonge paling migreert wel stroomopwaarts, in de eerste instantie als glasaal en later als gepigmenteerde juveniele aal. Maar stroomopwaarts migreren met de stroom mee? Dat is heel bijzonder. Schieraal migreert stroomafwaarts met de stroming mee, hoewel dat slechts een deel van de populatie betreft. Een deel van de schieraal migreert aanzienlijk langzamer dan de stroming en onderbreekt zelfs haar migratie voor langere perioden.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!