De watersector moet bij droogte op landelijk niveau eenduidig communiceren met het publiek. Dat is een belangrijke les die Vitens heeft geleerd, zegt bestuursvoorzitter Jelle Hannema. Het drinkwaterbedrijf gaat zelf op korte termijn de infrastructuur versterken en de langetermijnplannen voor een veerkrachtiger watersysteem versnellen.

De aanhoudende droogte is volgens Hannema een maximale test voor Vitens geweest. Zo’n acht weken lang namen klanten beduidend meer kraanwater - tot zelfs 40 procent extra - af dan normaal, waardoor het drinkwaterbedrijf bij een aantal winningen door het vergunningsplafond heen schoot. In een eind juli gehouden interview voor het magazine H2O zei Hannema dat de droogte de urgentie van de al bestaande plannen vergrootte, maar dat Vitens in de toekomst niet echt andere dingen zou gaan doen. Vitens gaat nu de infrastructurele plannen versnellen om eerder klaar te zijn voor de klimaatverandering.

Drie lessen
De interne evaluatie van de droogteaanpak leverde drie belangrijke lessen op, vertelt Hannema. Allereerst dat de communicatie richting het publiek beter kan en moet. “Dit speelt zowel op bovenregionaal als landelijk niveau. Wij hebben ontdekt dat de watersector bij droogte eenduidiger moet communiceren. Dan heb ik het niet alleen over de drinkwaterbedrijven, maar ook over de waterschappen en alle andere partijen.”

De communicatie werd volgens Jelle Hannema vooral diffuus bij de oproep aan klanten om minder water te gebruiken. “Deze boodschap zit gewoon nog niet in onze genen, want het leveren van water is eigenlijk ons levensdoel.” Hannema verwacht dat het de volgende keer beter gaat. “Ik hoor van veel mensen uit de waterwereld dat ze het met ons eens zijn.”

Hannema merkt op dat de media vooral oog hadden voor de problemen met oppervlaktewater in West-Nederland. “De grondwaterproblematiek in Oost-Nederland kwam slechts zeer beperkt over het voetlicht. Dat vind ik opvallend, want juist in het oosten moesten landbouw en natuur de grootste klappen opvangen.”

Versterking van infrastructuur
De tweede les van de droogte betreft de operationele kant. Vitens gaat op korte termijn de knelpunten aanpakken. Zij waren al in beeld, zegt Hannema. “Wij zijn daarom niet verrast, maar het is wel urgenter geworden om op een aantal plekken onze infrastructuur te versterken. We breiden de reservoircapaciteit uit en op diverse locaties ook de wincapaciteit. Daarnaast maken we het distributienetwerk flexibeler. Dan kan water gemakkelijker van a naar b gaan, ook via een omweg. In onze investeringsplannen voor 2019 en de jaren daarna zijn deze maatregelen al op genomen.”

 'We lopen al tegen de grenzen van de vergunningen voor waterwinning aan'

Ondanks de veel hogere vraag dan normaal heeft geen enkele klant van Vitens in de zomer zonder kraanwater gezeten, benadrukt Hannema. “Ik ben trots op mijn medewerkers die met man en macht ervoor hebben gezorgd dat het water nog kon worden geleverd.” Op een aantal plekken, met name in Friesland, was wel de waterdruk lager. “We hebben daar zelf op gestuurd, omdat we wilden dat iedereen over water beschikte.”

Hannema heeft over het overschrijden van de vergunningsplafonds gesproken met de gedeputeerden van de provincies Gelderland en Overijssel. “Zij snapten dat er deze zomer geen andere keuze was. Wij praten nu over verhoging van de plafonds voor waterwinning. Vitens loopt sowieso al tegen de grenzen van de vergunningen aan, omdat de normale afzet van water enorm toeneemt door economische en demografische ontwikkelingen. De droogteproblematiek maakt de gesprekken alleen maar actueler.”

Vasthouden van water
Vitens onderneemt als derde les ook actie op de langere termijn. Het waterbedrijf had al plannen liggen om het eigen systeem veerkrachtiger te maken. Die worden versneld. Daarbij wordt sterk ingezet op maatregelen voor het bufferen van water. “Dat is voor ons als honderd procent grondwaterbedrijf erg belangrijk”, zegt Hannema. “Als we bij kwetsbare winningen de maximale capaciteit moeten gebruiken, is dat op het maaiveld zichtbaar. Wij willen daarom met andere partijen, vooral met waterschappen en provincies, naar concepten kijken om water vast te houden. Dat heeft onmiddellijk een positieve impact op de grondwaterspiegel.”

Het drinkwaterbedrijf gaat ook kijken naar de locaties met meerdere kleinere winningen. Die bevinden zich op de hogere zandgronden in vooral de Achterhoek en Twente. Vitens streeft hier naar een beperkt aantal grotere winningen, die minder invloed op het maaiveld hebben.

Andere blik
De drinkwaterbedrijven hebben tijdens de droogte zaken goed op elkaar afgestemd, besluit Hannema. “Wij beseffen tegelijkertijd allemaal dat er voor de toekomst veel te doen is. De directeuren hebben al tegen elkaar gezegd dat het thema van besparing actiever moet worden opgepakt. We betreden een nieuw speelveld, waarop een fundamenteel andere blik op het totale waterbeheer nodig is.”

 

MEER INFORMATIE
H2O premium: Leren van de droogte

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

@Hans Middendorp AWPHans, het water van kleinere buien wordt dan ook vast gehouden. Ik vind dit een mooie ingreep, die meteen ook mogelijkheden biedt om de kleine waterkringloop te herstellen. Mits dat er naast de slootjes meerjarig oogstbaar/eetbaar groen wordt geplaatst, dat helpt dan weer met verdamping waardoor de temperatuur daalt juist door de verdamping. De regentrigger bij herstel van de kleine waterkringloop, waardoor die buien zich niet meer samenpakken maar gelijkmatig verdeelt uitregenen ook achter de veluwe op de hoge zandgronden. Oogstbaar is b.v. voederbomen als veevoer.
Mooie studie en uitkomsten die goed passen met wat je zou verwachten. Maar... er is gerekend met hoosbuien van 60 mm in één uur. Dan snap ik dat afstroming over het oppervlak plaats vindt. Maar negentig procent van de buien is minder dan 10 of 20 mm en dan is er gewoon inzijging van hemelwater in de bodem en helemaal geen oppervlakkige afstroming. Hoosbuien komen weliswaar steeds vaker voor, maar zijn toch vooral zeer plaatselijk. Het kan dus jaren duren voor een bepaald perceel door een hoosbui wordt getroffen. Toch?
Bedankt voor deze aanvullende opinie op ons artikel. Wij hebben als auteurs vanuit TAUW en HDSR uw opinie met interesse gelezen en willen graag een reactie geven.
De aanleiding van het onderzoek waren klachten die HDSR ontving van omwonenden over overstortlocaties. Naast een feitelijke weergave van de situatie van de watergang en de ecologische toestand, was de beleefwaarde van omwonenden een belangrijke component in het onderzoek. We hebben er voor gekozen het onderzoek en artikel verder neutraal te houden en onze mening als onderzoekers en initiator van het onderzoek buiten beschouwing te laten.
Natuurlijk zijn wij het met u eens dat doekjes en vuil in het water onwenselijk zijn. In het uitgebreidere online artikel gaan we wel in op de nodige verbeterpunten om effecten die nu buiten het onderzoek zijn gevallen, beter in beeld te krijgen. Daaronder benoemen wij ook een manier om de hoeveelheid doekjes en vuil in het water beter te monitoren.
Uw grootste zorg over dat we geen heftige zomerse onweersbui in het onderzoek meenemen, erkennen wij. De zomer van 2021 was niet extreem warm, waardoor de zuurstofloosheid na een overstort niet direct heeft geleid tot vissterfte. Hierdoor lijkt het alsof het effect beperkt is. Maar we zien wel dat overstorten gedurende de zomer tot zuurstofarme condities leiden. Dit is ecologisch gezien zeer onwenselijk.
Dat dit niet direct naar voren komt in de titel, is een keuze. Daarin is de aanleiding van het onderzoek als uitgangspunt genomen, wat heeft geleid tot een onverwacht inzicht: namelijk dat omwonenden van de onderzochte locaties over het algemeen beperkt hinder ondervinden van overstorten. Dit betekent dus niet dat er geen effect is.
Dag Cees,
In dit vakartikel staan een aantal fouten. Er wordt bij het voorbeeld aangegeven dat de berekeningen zijn voor het pompstation Terwisscha (provincie Groningen)! Prov. Groningen zal wel kloppen, maar dus niet Terwisscha, maar een winning van 6,5 mln m3 per jaar en met een complexe ondergrond t.a.v. de hydraulische weerstand afdekkend pakket zoals wordt weergegeven in figuur 2 (artikel). Ook in figuur 2 staat in de tekst dat deze geldt voor de Verlagingslijnen stijhoogte(!!) en GHG, maar het onderschrift bij figuur 2 geeft aan de zomersituatie!!!
Mijn grijze haren gaan recht overeind staan bij deze hydrologische fouten. Of heb ik het mis? Terecht geeft Willem Zaadnoordijk aan dat over dit onderwerp veel discussie in het verleden is geweest, maar ik zie nu wel een aanpak met behulp van een numerieke rekenmethode! Wat ik wel mis in het vakartikel is bijv. het effect van de bodemkaart, de grondwateraanvulling (zomer/winter) en de veranderende elastische berging in de ondergrond in droge of natte weerjaren, maar dat zal allemaal wel via de relatie uit figuur 1 in de berekeningen zijn meegenomen.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!