Om de opwarming van de aarde tot 1,5 graad te beperken zijn snelle, verreikende en ongekende veranderingen in alle onderdelen van de samenleving nodig, stelt het Intergovernmental Panel on Climate Change in een nieuw rapport. Dat levert dan wel duidelijke voordelen op voor mensen en natuurlijke ecosystemen, vergeleken met een temperatuurstijging van 2 graden. Het rapport is input voor de klimaattop van regeringsleiders in december.

Het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) heeft in het begin deze week gepubliceerde rapport de wetenschappelijke inzichten geïnventariseerd over de gevolgen van de opwarming van de aarde met 1,5 graad Celsius. Dat is een halve graad meer dan de huidige opwarming van ongeveer 1 graad ten opzichte van het pre-industriële tijdperk. Aan de twaalfhonderd pagina’s tellende publicatie hebben 91 deskundigen uit veertig landen meegeschreven, onder wie een aantal uit Nederland.

Minder zeespiegelstijging
In vergelijking met een temperatuurtoename van 2 graden Celsius in 2100 - het maximum waarvan in het klimaatakkoord van Parijs wordt uitgegaan - zou de zeespiegel wereldwijd met tien centimeter minder stijgen. Hierdoor worden aan het eind van de eeuw 10 miljoen minder mensen blootgesteld aan gerelateerde risico’s, ervan uitgaand dat er geen adaptatie is.

De marge in de voorspellingen wat betreft de totale stijging is groot. Bij een opwarming met 1,5 graad is de zeespiegel in 2100 wereldwijd mogelijk met gemiddeld 26 centimeter gestegen, maar het kan ook 77 centimeter worden. Tevens zijn er in dit gunstige scenario nog steeds aanzienlijke negatieve effecten. Zo zouden koraalriffen weliswaar niet bijna volledig verdwijnen, maar wel met 70 tot 90 procent afnemen.

Input voor klimaattop
Het nieuwe IPCC-rapport is een belangrijke input voor de klimaattop die in december in de Poolse stad Katowice wordt gehouden. Dan gaan regeringsleiders met elkaar in conclaaf over wat er nodig is om de doelstellingen van het Parijse akkoord uit 2015 te halen. Streven ze naar 1,5 graad, dan moet er bijzonder veel gebeuren. De uitstoot van broeikasgassen moet in 2030 wereldwijd 45 procent lager zijn, vergeleken met 2010. Rond 2050 mag er zelfs geen netto uitstoot meer zijn. “Het beperken van de opwarming tot 1,5 graad is mogelijk binnen de wetten van de natuurkunde en de scheikunde”, merkt Jim Skea van het IPCC op. “Het vereist echter wel ongekende veranderingen.”

Wat dit alles specifiek voor Nederland betekent, wordt niet in het rapport vermeld. Wel wordt ingegaan op extreem hoge waterstanden, vertelt klimaatwetenschapper en tv-weerman Peter Kuipers Munneke op de site van de NOS. “Voor West-Europa en dus Nederland betekent het dat de kans op extreem hoge waterstanden bij een opwarming van 1,5 graad twee keer zo klein is als bij een opwarming van 2 graden. Die halve graad extra opwarming zorgt dus voor twee keer zoveel kans op extreem hoog water.”

Bevestiging
Het rapport is eigenlijk een bevestiging van wat we al weten, reageert onderzoeker Marjolijn Haasnoot van Deltares. “Ik hoop dat het beperken van de mondiale opwarming tot 1,5 graad gaat lukken. Want iedere graad telt, zoals het rapport stelt. De publicatie bevestigt weer eens hoe belangrijk het is om de emissies van broeikasgassen te verminderen en daar snel mee te beginnen. Want dan wordt de zeespiegelstijging beperkt en gaat deze stijging ook veel minder snel. Dat is belangrijk voor een laaggelegen gebied als Nederland, maar natuurlijk ook voor allerlei andere plekken in de wereld. Het maakt het veel gemakkelijker om maatregelen te nemen.”

Haasnoot is hoofdauteur van het rapport Mogelijke gevolgen van versnelde zeespiegelstijging voor het Deltaprogramma, dat als bijlage bij het Deltaprogramma 2019 is opgenomen. Hierin worden drie thema’s onder de loep genomen: waterveiligheid, kustbescherming en zoetwatervoorziening. Het rapport gaat, net als de deltascenario’s, uit van een gemiddelde temperatuurtoename van 2 tot 4 graden in 2100. “Wij hebben niet gekeken naar een zeespiegelstijging bij 1,5 graad opwarming, omdat het KNMI die projecties nog niet heeft. In ons onderzoek zijn de resultaten wel zoveel mogelijk scenarioneutraal gemaakt. Hiermee kun je zien dat er bijvoorbeeld minder zandsuppletie voor de kust nodig is, wanneer de zeespiegel minder snel stijgt.”

Haasnoot waarschuwt ervoor om niet op één paard te wedden. “Wij moeten in Nederland zeker aan klimaatmitigatie doen, maar dat kunnen we niet in ons eentje. Het is natuurlijk zeer onzeker of de 1,5 graad gehaald gaat worden. We moeten daarom ook aan klimaatadaptatie doen en ons goed voorbereiden op verschillende toekomsten. Het Deltaprogramma houdt rekening met een veel grotere bandbreedte van temperatuurstijgingen en dat is verstandig.”


MEER INFORMATIE
Rapport IPCC
Samenvatting voor beleidsmakers
Persbericht IPCC
FAQ IPCC
Artikel op site NOS
Deltares-rapport gevolgen zeespiegelstijging
Bericht over Deltares-rapport

 

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Hoe gaat men deze drempelwaarden handhaven?
Louis Peperzak Leren van het rampjaar
Ik volgde de tv serie met interesse. Deze video is ook erg interessant en zeer leuk gemaakt! Hopelijk lukt het om dit verder uit te werken, in een boek of promotie. Graag met gedetailleerde kaarten.
Lastig dat consequenties van prijsstijgingen per DW-bedrijf steeds anders worden uitgedrukt. Kan dat nog genormaliseerd worden? Bijv. Differentiatie naar en procentuele prijsstijgingen van DW-vastrecht? Dan wordt de interessante vergelijking eenvoudiger. Dank alvast.
Johan Raap Een stout biertje
Heel leuk initiatief, maar helaas is vergeten dat het flesje van statiegeld moet zijn. Natuurlijk brengen wij het allemaal braaf naar de glasbak, maar je moest eens weten hoeveel mensen / jongelui misschien die dat niet doen. Overal vind ik die krengen, met name desperado flesjes en van die twist off flesjes. Vanuit LCIA is al lang bekend dat statiegeld een goede wijze is om te besparen op energie, grondstoffen en water, binnen een straal van (en hier mag ik geen verantwoording nemen) 400 km. Dus mijn stelling is 'geef het goede voorbeeld en blijf bij aankoop weg van statiegeld loze flesjes'. Succes allemaal en proost
Laat ik eerlijk zijn, de afgelopen drie jaar heb ik met vele mensen over dit thema gesproken. En elke keer valt mij 2 dingen op A) veel mensen weten niet echt wat waterschappen zijn en wat ze doen B) als je uitlegt dat het ook een overheidsorganisatie is op nivo van gemeente en met bestuursverkiezingen, dan fronst men de wenkbrauwen eerst, maar dan vindt men het tevens vreemd dat er ook niet-politieke organisaties in meedoen. Dus samengevat, gemiddelde snapt men er niks van maar we hebben wel een mening, over politisering in dit geval. Realiseer aub dat mensen überhaupt komen stemmen op deze functionele overheid omdat het tegenwoordig tegelijkertijd uitgevoerd wordt met de verkiezingen voor de provincies. Maak ik me zorgen, jazeker. Het is functionele overheid dus dat vraagt ook een zekere mate van inhoudelijke kennis van de specifieke taken van de waterschappen. Ik geef dus graag de suggestie om nu echt door te jassen en het waterschap (-sbestuur) op te heffen, de kennis te borgen, het watersysteembeheer onder provincie te zetten (politiek) en het zuiveringsbeheer apart te zetten als nutsbedrijf, zoals bijvoorbeeld de drinkwaterbedrijven, met functioneel toezicht. Alleen dan kan ook de vergunningverlening en handhaving van rwzi’s –en misschien ook wel van riooloverstorten- eindelijk eens zuiver gaan geschieden. Succes.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!