Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden viert met allerlei activiteiten dat in de regio Utrecht al negen eeuwen georganiseerd waterbeheer aanwezig is. Ook is er een online festivalterrein geopend. Een belangrijk thema is waterbewust leven.

De inwoners van Dorestad – tegenwoordig Wijk bij Duurstede – damden in 1122 de Kromme Rijn af. Dat wordt gezien als het begin van het waterbeheer in het gebied van het hoogheemraadschap. Het is voor De Stichtse Rijnlanden een mooie aanleiding om het belang hiervan in de schijnwerper te zetten, vertelt Renske Siemens.

“Veel mensen in de regio Utrecht vinden het vanzelfsprekend dat zij hier kunnen wonen, werken en recreëren. Maar als we niet met elkaar hard werken aan waterveiligheid, klimaatadaptatie en schoon en gezond water, blijft dat niet vanzelfsprekend.”

De Stichtse Rijnlanden organiseert samen met andere organisaties tot en met oktober een reeks van activiteiten voor bewoners in de regio en andere belangstellenden. Het programma is nog in ontwikkeling. “Een gedeelte van de activiteiten is bekend, maar nog niet alles is ingevuld.”

Schijnwerper op waterbewust leven
De viering is met name bedoeld voor twee doelgroepen. Siemens: “Wij richten ons op jongeren en waterbewuste Nederlanders. We hopen niet alleen inzicht te geven in wat we doen, maar ook mensen te inspireren een steentje aan het waterbewustzijn bij te dragen.”

Het hoogheemraadschap werkt samen met ambassadeurs. Iedereen kan dat worden, zegt Siemens. “Er zijn nu al ongeveer tweehonderd ambassadeurs. Het gaat om collega’s van het waterschap, studenten, vrijwilligers, eigenlijk alle mensen die waterbewust leven een warm hart toedragen en willen meehelpen bij het organiseren van activiteiten.”

Geïnteresseerden kunnen sinds vorige week een bezoekje brengen aan een interactief online festivalterrein. Hierop is veel informatie te vinden die regelmatig wordt ververst. “We brengen op het festivalterrein elke maand een ander waterschapsthema onder de aandacht. In maart is dat klimaatadaptatie.” Wie ambassadeur wil worden, kan zich aanmelden in de ambassadeurstent.

Speciale tentoonstelling
De eigenlijke aftrap van de ‘fysieke’ viering is op dinsdag 22 maart. Dan wordt in Het Utrechts Archief de tentoonstelling Water – Vriend of vijand? geopend. De expositie wordt omschreven als een onderdompeling in een magisch waterlandschap waarin de bezoeker de verhalen van vroeger ontdekt en een doorkijkje naar de toekomst krijgt. Op het plein voor het archief kan iedereen in de interactieve presentatie 4D-ixi de weg van het afvalwater beleven.

Bij de opening wordt het speciale magazine De Kromme Rijn vertelt gepresenteerd. Dit tijdschrift bestaat uit vier delen, waarvan het eerste deel vooral gaat over negenhonderd jaar waterbeheer. Het is een gedrukte uitgave die het hele jaar door gratis wordt uitgedeeld.

Op 22 maart is ook de eerste van drie College Tours tijdens de viering. Li An Phoa die zich inzet voor drinkbare rivieren, zal dan vertellen over het onderwerp ‘schoon water’. Haar college is zowel fysiek als online te volgen. Siemens: “Hiervoor kan elke jongere zich opgeven.”

De viering wordt in oktober afgesloten met een regionale filmavond waarin de opbrengst van het jaar belicht zal worden. Daaraan doen de ambassadeurs mee. Het houdt dan echter niet op, zegt Siemens. “Wij willen ook na 2022 de aandacht blijven vragen voor het belang van waterbeheer en waterbewust leven. Dat is de meerwaarde van ons programma van dit jaar.”


MEER INFORMATIE
Virtueel festivalterrein 900 jaar waterbeheer 

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Zijn waterschappen nog wel van deze tijd?
Interessant artikel van Stephan Kuks over de toekomst van de waterschappen. Zelf vraag ik mij af of de waterschappen wel in staat zijn om antwoord te geven op de grote maatschappelijke vragen, die ook hij noemt. Hij zegt: "Nu wordt het tijd dat waterschappen duidelijk maken dat er vanuit water en bodem grenzen zijn, en dat de ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden van Nederland hierop moeten worden aangepast.” Dat lijkt op het oog een logische uitspraak, maar de grote vraag is of het huidige waterschap deze vraag wel inhoud kan geven. En niet vanwege dat het waterschap niet deskundig zou zijn, maar meer vanwege de samenstelling van het bestuur en dat het mandaat op de genoemde onderwerpen zeer beperkt is.
En natuurlijk, prachtig als Kuks vindt dat de waterschappen duidelijk stelling moeten nemen in het maatschappelijk debat over de toekomst van ons land, maar welke stelling dan? Het belang van de boeren? Het belang van de natuur? Het belang van woningbouw? Deze discussie hoort in eerste instantie thuis op het allerhoogste politieke niveau. Daar heeft men het de afgelopen decennia lelijk laten liggen, maar dat betekent niet dat nu het waterschap aan bod is. En natuurlijk voor het waterbeheer zijn de waterschappen de ogen en de oren van de samenleving. De waterschappen zijn bij uitstek degenen die van onderop knelpunten en ideeën kunnen aandragen om het beleid op provinciaal en nationaal niveau effectief vorm te geven. Maar ik moet er niet aan denken dat de waterschappen dat in die breedheid zelf zouden moeten gaan oppakken.
En om dan ook maar tegelijk tegen een heilig huis aan te schoppen, we zouden ons zelfs kunnen afvragen of waterschappen en het functioneren ervan nog wel van deze tijd is. Zeker als het gaat om ruimtelijke ordening en klimaat heeften provinciaal bestuur veel meer mandaat en dus veel meer slagkracht. Wat mij betreft zou het waterbeheer zo overgeheveld kunnen worden naar de provincie en zouden waterschappen omgevormd kunnen worden tot uitvoeringsorganisaties die het dagelijks waterbeheer doen. De RWZI’s zouden nutsbedrijf kunnen worden. Zeker zij zouden daarmee grote stappen kunnen maken in de efficiency van de waterzuivering.
Wat bedoel ik daarmee? In de afgelopen 10 tot 20 jaar zijn de RWZI ’s zich steeds meer gaan toeleggen op terugwinning van grondstoffen(fosfaat, cellulose, biogas, etc). Maar een grote doorbaak met substantieel resultaat heb ik tot nu toe niet echt gezien, misschien met uitzondering van een aantal initiatieven, zoals Waterstromen. Het succes van een goede afzet van reststromen wordt bepaald door kwantiteit en kwaliteit.
Eind vorige eeuw werd in de autobranche de organisatie Autorecycling Nederland opgericht. Ik was daarbij betrokken. Doel was om een hoger hergebruik te realiseren bij demontage van auto’s. Voor het ophalen een paar rubber strips per bedrijf was namelijk nooit veel belangstelling vanwege de geringe baten. Maar als je als verwerkingsbedrijf bij alle autodemontagebedrijven rubber kan ophalen, wordt het ineens interessant. Ook voor het autodemontage bedrijf, sommig restafval kreeg ineens een positieve geldwaarde.
Dat kan ook zomaar voor de RWZI’s gelden. Als ze met z’n allen gaan samenwerken en op landelijk niveau collectief contracten gaan afsluiten met afnemers dan kan dat voor beide partijen interessant worden. Bijvoorbeeld voor struviet. Zeker nu de totale gevolgen van kunstmest steeds meer onder het vergrootglas komen, zou struviet een geweldige vervanger kunnen zijn.
En een centrale organisatie, zoals ARN bij de autosector heeft nog meer voordelen. Je kunt een veel directere samenwerking met partijen als Wetsus en KWR tot stand brengen, waarbij uit een deel van de opbrengsten van de restproducten onderzoek gefinancierd kan worden om nog effectiever en efficiënter te worden met de terugwinning. Je zou dan ook kunnen kijken in hoeverre je samenwerkingen zou kunnen aangaan met bedrijven, die nu hun afvalwater moeten voorzuiveren. Bij Waterstromen werd zo’n samenwerking al tot stand gebracht met een voedselproducent en een leerlooier.
En als het echt succesvol zou worden, zou het zelfs kunnen leiden tot lagere belastingen(verontreinigingsheffing). Wat mij betreft is er wel één belangrijke voorwaarde aan verbonden, namelijk dat het zuiveren van communaal afvalwater altijd een publieke aangelegenheid blijft.
Klinkt goed! Maar waarom wordt dit niet bij alle waterschappen ingevoerd? Dan ontstaan er meer mogelijkheden tegen lagere prijzen.
Afsluiten van de Nieuwe Waterweg met zeesluizen (Plan Spaargaren) zal de riviersedimentstroom naar het zuidwesten voeren. Daar is behoefte aan sediment. Het baggeren in de binnengelegen (oude) Rotterdamse havens wordt daardoor tot een minimum beperkt. Zeewaartse afhandeling van schepen (containertransferia) op de Maasvlakten maken tevens dat de Nieuwe Waterweg mag verondiepen. Binnenvaartschepen hebben immers een geringe diepgang. Bovendien wordt het rivierpeil dankzij zeesluizen meer beheersbaar.

Wil Borm
Adviesgroep Borm & Huijgens - integraal waterbeheer
Interessant artikel en mooi initiatief.. wel jammer dat er meerdere keren over waterpomp gesproken wordt terwijl het warmtepomp is.
Redactie: dank, is gecorrigeerd.
Energetisch mooi maar hoe worden de kosten binnen de perken gehouden, zodat de “gewone” burger het nog kan betalen? Hoe bedrijfszeker is de installatie en het net?

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!