Het zuurstofgehalte in het water onder het grootste drijvende zonnepark van Europa is in een jaar tijd vrijwel niet gedaald. Dat blijkt uit de eerste resultaten van een onderzoek naar de waterkwaliteit in de Bomhofsplas bij Zwolle, die sinds vorig jaar overkapt wordt door 72.000 zonnepanelen.

Het zonnepark, dat is aangelegd door GroenLeven, is met 18 hectare het grootste van Europa en heeft een capaciteit van 27,4 megawatt.

Onderzoekers van de Hanzehogeschool Groningen en Indymo hebben ruim een jaar lang de waterkwaliteit en het leven onder water gemonitord. Daarvoor gebruikten ze onderwaterdrones met camera’s, scanners en sensoren. Ze publiceren hierover binnenkort uitgebreid in het wetenschappelijk tijdschrift Sustainability.

Floris Boogaard vk 180b Floris Boogaard Belangrijkste resultaat is dat het zuurstofgehalte onder de overkapping op een goed niveau blijft, net als in het omringende water, zegt onderzoeker Floris Boogaard, als lector Klimaatadaptatie verbonden aan het Kenniscentrum NoorderRuimte van de Hanzehogeschool Groningen. Dit valt te verklaren doordat de wind het wateroppervlak onder de panelen nog goed kan bereiken. Net als het zonlicht, zoals blijkt uit de onderwaterbeelden.

Vogels
De gemeten veranderingen in de waterkwaliteit worden volgens de onderzoekers voornamelijk veroorzaakt door verandering van het weer, dat continu is gemonitord (temperatuur, wind en neerslag).

De watertemperatuur in de winter bleef onder de 15 graden, met weinig variatie, en warmde na april op in de bovenste lagen. Naast en onder de panelen waren de temperatuur en het zuurstofgehalte ongeveer gelijk. In de zomer was de temperatuur in de bovenste laag water iets lager onder de zonnepanelen en was er minder variatie dan in het open water. Ook op andere locaties, zoals het Reitdiep in Groningen waar alleen met een onderwaterdrone is gemeten, is dit waargenomen, vertelt Boogaard.

De onderwaterbeelden laten zien dat al na vier maanden aangroei van biomassa plaatsvond aan de constructie. Ook hadden verschillende vogels zich op de platforms genesteld. Vervuiling van de panelen kan het rendement verminderen en uitwerpselen kunnen leiden tot hogere nutriëntgehalten in het oppervlaktewater, aldus de onderzoekers.

Beilen
Eerder verrichte Boogaard onderzoek naar het effect van een kleiner drijvend zonnepark in Rotterdam. "Daar bleek al dat de panelen nauwelijks van invloed zijn op de waterkwaliteit. Maar dat was niet zo spannend", relativeert hij. "Het gaat om een kleine overkapping, vergelijkbaar met drijvende woningen, bij stromend water. En we hebben maar één dag gemeten."

In Zwolle gaat het weliswaar om een langlopend onderzoek en een grote plas, maar het nadeel hier is dat er ‘geen hoge ecologische waarde’ is omdat het een diepe industriële plas betreft die niet in verbinding staat met het omringende watersysteem. Verder is hier geen nulmeting verricht.

‘Veel spannender’ wordt volgens Boogaard zijn volgende onderzoek, waarvoor een subsidieaanvraag loopt. Het gaat om onder andere Beilen, waar deze week 40.000 drijvende zonnepanelen zijn geïnstalleerd op water dat wel verbonden is met andere wateren. Dat roept dan ook de nodige reacties op.

Verdamping
Toch zullen we er wel aan moeten geloven, meent de onderzoeker. "We staan voor een ontzettend grote opgave. Iedereen roept dat we beter de daken kunnen volleggen, maar dat heeft een lager rendement en gebeurt niet snel genoeg. Het zal een combinatie moeten worden."

De resultaten van het Zwolse onderzoek zijn niet zomaar te vertalen naar locaties waar het effect op de zuurstofhuishouding en de ecologie wel kan worden gemeten, benadrukt hij. "Juist daarom is monitoring zo belangrijk. Dit is nieuw in Nederland, er is veel wat we nog niet weten. Neem niet zomaar aan dat er een effect is, maar meet het. Misschien zijn er ook wel positieve gevolgen voor de ecologie en bijvoorbeeld het tegengaan van verdamping en natuurlijk de CO2-uitstoot."

 

MEER INFORMATIE
Informatie over het onderzoek in Zwolle
Filmpje over het onderzoek in Zwolle
H2O-bericht: Zwolle heeft grootste drijvende zonnepark van Europa
H2O-artikel: Drijvende zonnepanelen en hun effect op de waterkwaliteit

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Mooi onderzoek. Met de hete zomers van nu is het fijn om vlakbij zwemwater te hebben en het water op de hoek van de straat ( in mijn geval) kan dan een enorme aantrekkingskracht hebben. Mooie aanvulling op het onderzoek, zou een vergelijking met nabijgelegen “ officiële zwemwaterlocaties” kunnen zijn: op welke punten scoren deze beter ( en waar minder) als zwemlocatie… , wat is de capaciteit … en hoe nabijgelegen zijn deze locaties.
Hoezo een nieuwe bestuurscultuur in de politiek? Handje-klap van de ChristenUnie om zo veel als mogelijk alles bij het oude te houden. Dat je in 2022 met een amendement op basis van het advies uit 2015 - is echt oude wijn in nieuwe zakken. De commissie Boelhouwer was duidelijk: of alle geborgde zetels opheffen, of max. 2 zetels voor boeren en 2 zetels voor natuurbeheerders (die steeds 'natuur' worden genoemd). Geborgde zetels natuur zijn overbodig, zelfs Natuurmonumenten wil er vanaf. En dan meteen de waterschapsbelasting op natuurterreinen afschaffen, Natuur wordt uit publiek geld betaald en landelijk gaat het slechts om 0.25% van de totale opbrengst van de watersysteemheffing.
Juni wordt ook droog: veel NW winden, dwz. wat buien, maar die zullen geen zoden aan de dijk zetten.
Mocht het in Juli weer warm en zonnig worden dan zal er een fors escalerend waterprobleem zijn.
Je sommetje klopt niet, Hans, want de lozing van N was altijd al veel groter dan van P. Stel in 1990 was de lozing van N 5 keer zo groot als P, dus 5:1. N is afgenomen met 64%, er is dus nog over 0,36*5 = 1,8. Van P is 74% verwijderd, dus nog over 0,26*1 = 0,26. De verhouding N:P is dan nu geworden 1,8:0,26 oftewel (afgerond) 7:1. Er is dus nu meer stikstof ten opzichte van fosfor in de lozing, dan het geval was in 1990.
"64% minder lozing dan in 1990" juicht dit artikel. Dan praat je dus over 2 procent verbetering per jaar. Of anders gezegd: na 32 jaar is de restlozing met twee-derde afgenomen. De zuiveringstechniek is in deze periode geëvolueerd van alleen aerobe beluchting naar anaerobe technieken, dus zo verrassend is dit niet.
De hamvraag die onbeantwoord blijft, is wat de impact is van de restlozing op de doelen van de KRW. Uit de berekeningen van het CBS zou blijken dat stikstof uit rwzi's nog voor 18% bijdraagt aan de totale belasting, en fosfaat nog voor 25% aan de totale belasting. Maar het gaat nog steeds om enorme hoeveelheden: 14,3 miljoen kg N en 1,64 miljoen kg P.
De afname in kg N is veel groter is dan in kg P. De verhouding tussen N en P is verschoven. Met als gevolg dat blauwalgen (die zelf stikstof binden) "in het voordeel zijn" vergeleken met groenalgen, die stikstof uit het oppervlaktewater opnemen. Dertig jaar geleden was er nog veel 'groene soep', inmiddels zijn de drijflagen van blauwalgen een hardnekkig probleem.
Het zou dus zomaar kunnen zijn dat het verwijderen van stikstof nu voldoende is, maar dat de verwijdering van fosfaat nog veel beter moet. Behalve wellicht als de rwzi (bijna) rechtstreeks op zee loost, dan is goed ook goed genoeg.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!