0
0
0
s2sdefault

Welk gewas gedijt waar het best? Hoe kan ik mijn watersysteem het best inrichten en moet ik het aanpassen vanwege klimaatverandering? Binnenkort kunnen dergelijke vragen worden beantwoord met behulp van de Waterwijzers Landbouw en Natuur, die gisteren werden gepresenteerd.

 De Waterwijzer Landbouw en de Waterwijzer Natuur worden ontwikkeld in een meerjarig project dat wordt getrokken door de Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer (STOWA). Aan de financiering dragen diverse partijen bij. Onderzoeksinstituten KWR en Wageningen Environmental Research ontwikkelen beide tools.

Gegevens over grondwaterstand, bodemtype en gewas worden al decennia gebruikt door waterschappen om onder meer droogteschade en natschade voor de landbouw in beeld te brengen. Tot op heden gebeurt dat met zogeheten ‘HELP-tabellen’, vertelt KWR-onderzoeker Ruud Bartholomeus, die meewerkte aan de ontwikkeling van de Waterwijzer Landbouw. “De Waterwijzer Landbouw is veel gedetailleerder en flexibeler dan de bestaande tabellen. Bovendien kunnen we nu rekening houden met actuele klimaatgegevens.”

Het berekenen van bijvoorbeeld droogte- en natschade in de landbouw is op dit moment alleen mogelijk in de vorm van een langjarig gemiddelde. De Waterwijzer Landbouw maakt het mogelijk om ook naar specifieke jaren te kijken en zelfs naar specifieke maanden. Met de Waterwijzer Natuur kan voor het eerst berekend worden wat de gevolgen van klimaatverandering zijn op onze natuurdoelen, wat de beste adaptatiemogelijkheden zijn en waar in de toekomst voor natuurontwikkeling de potentiële hotspots van biodiversiteit liggen.

Waterschappen, drinkwaterbedrijven, provincies, Rijkswaterstaat, de landbouwsector en natuurbeherende organisaties zijn de belangrijkste doelgroepen voor de Waterwijzers. Individuele boeren zullen vooralsnog niet met de Waterwijzer Landbouw gaan werken, maar de modellen kunnen hen wel gaan ondersteunen in hun waterbeheer, verwacht Bartholomeus. “Boeren doen steeds meer aan waterberging op eigen grond, bijvoorbeeld met slimme drainagesystemen en stuwtjes. Met de rekenmodellen die onderdeel zijn van de Waterwijzers kun je in beeld brengen wat op basis van de weersverwachting van de komende dagen het optimale waterbeheer is. Met de rekenmodellen van de Waterwijzers hopen we die sturingsinformatie in de toekomst te kunnen leveren.”

Waterschappen kunnen de Waterwijzers bijvoorbeeld gebruiken om de effecten van herinrichtingsplannen door te rekenen. Bartholomeus: “Als je een beek verlegt, heeft dat invloed op de waterstand.” Voor drinkwaterbedrijven leveren de Waterwijzers de mogelijkheid om landbouwschade en schade aan de natuur als gevolg van drinkwateronttrekking in beeld te krijgen.

Tijdens de ‘Waterwijzerdag’ in Amersfoort op donderdag 29 juni werden de Waterwijzers gepresenteerd aan medewerkers van onder meer waterschappen, provincies, natuurbeheerders, LTO en drinkwaterbedrijven. “De Waterwijzer Landbouw is nu voor 80 à 90 procent af”, vertelt Bartholomeus. “Juist in dit stadium wilden we feedback van toekomstige gebruikers vragen, om die in de afrondende fase nog te kunnen meenemen.” De aanwezigen reageerden positief op de uitleg van de Waterwijzers en toonden zich enthousiast over eventuele proeftoepassingen. Bartholomeus: “Bovendien hebben we de bijeenkomst gebruikt om draagvlak te krijgen voor de lange duur van dit traject. Er was begrip voor de grondige, stapsgewijze aanpak die we volgen.”

Klik hier voor meer informatie

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Nog steeds actueel...
@Wil Holnatuurlijk!
Inderdaad bierviltjes rekenwerk. Het vasthouden van het overschot aan nuttige neerslag, zou alleen al een enorm verschil maken. Dus winters en in het natte najaar en voorjaar minder water afvoeren ( hoger peil , was toch al de bedoeling). En zomers geen tot zeer weinig water afvoeren. Daarnaast kun je doorspoelwater ook nog dubbel benutten voor ondergrondse infiltratie en bergening. En ik mis de opslag in lokale meertjes en watergangen die ook een hoger peil hebben en dus meer water bevatten. Een waterschijf van 10 centimeter, in een hele polder bevat veel water.
Het grootste probleem rond het oogsten van eendenkroos uit oppervlaktewater - waar het overlast en ergernis geeft - is dat het is vervuild met heel veel kleine stukjes plastic en piepschuim. Of wordt het eendenkroos apart gekweekt? Dan ben ik benieuwd naar het buisnessmodel.
Deze conclusie is echt kort-door-de-bocht! Rekenwerk op de achterkant van een bierviltje. Want ja, via de zogenoemde Klimaataanvoer door het Amsterdam-Rijnkanaal met - in de toekomst! - 21 m3 per seconde komt er natuurlijk nooit genoeg zoetwater naar het Groene Hart. Maar... er stroomt mééér dan genoeg zoetwater bij Hoek van Holland zinloos de Noordzee in, in de orde van 800 m3 per seconde bij extreem lage afvoer van de Waal en de Maas. Dus hoe kunnen we dat water beter benutten? Google maar eens op "Klimaatbestendige aanvoer zoetwater in Zuid-Holland".

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.