secundair logo knw 1

Aan de Friese IJsselmeerkust zullen o.a. ondiepe oeverzones worden aangelegd I foto: D.J. Bergsma / Wikimedia Commons

Het kabinet heeft uit een lijst met 33 maatregelen voor grote wateren er veertien gekozen die tot en met 2032 de voorkeur krijgen. De geselecteerde maatregelen zullen echter niet allemaal binnen deze termijn worden uitgevoerd, want hiervoor is onvoldoende geld beschikbaar. Daarom volgt er nog een verdere prioritering.

De ambitie van het kabinet is om te komen tot ecologisch gezonde, toekomstbestendige grote wateren waarin hoogwaardige natuur goed samengaat met een krachtige economie. Daarvoor is de Programmatische Aanpak Grote Wateren (PAGW) opgestart. Rijkswaterstaat concludeerde in een verkenning in 2017 dat voor het waarmaken van de ambitie 33 maatregelen tot en met 2050 nodig zijn. Het gaat om inrichtingsmaatregelen in de Zuidwestelijke Delta, het IJsselmeergebied, de Eems-Dollard, de Waddenzee en de grote rivieren.

De door Rijkswaterstaat genoemde maatregelen zijn allemaal nodig om waterkwaliteits- en natuurdoelen te bereiken, maar worden de komende tijd niet allemaal tegelijk uitgevoerd. Dat melden de ministers Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat en Carola Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit in een brief die zij maandag aan de Tweede Kamer stuurden. Het kabinet geeft tot en met 2032 prioriteit aan veertien maatregelen in het kader van de PAGW.

Deze maatregelen zijn geselecteerd op basis van een analyse van onder meer ecologische urgentie en technische uitvoerbaarheid en van gebiedsgerichte overleggen. Als vanuit de regio’s substantieel financieel commitment komt voor andere maatregelen, dan kunnen die nog worden toegevoegd.

Nog verdere prioritering
Het kabinet heeft 248 miljoen euro gereserveerd voor PAGW-maatregelen tot en met 2032. Dat is niet genoeg om alle veertien inrichtingsmaatregelen uit te voeren, want het hele pakket kost ongeveer 580 miljoen euro.

Daarom zal voor de maatregelen bij grote wateren nog een verdere prioritering nodig zijn, schrijven Van Nieuwenhuizen en Schouten. Ook wordt met de regio’s overlegd wat die willen bijdragen. De ministers maken later dit jaar bekend hoe het bedrag van 248 miljoen euro wordt ingezet. Maatregelen die dan afvallen, blijven wel in beeld voor de periode na 2032.

Grote wateren beeld RWSKaart met de vijf grote wateren I Bron: Rijkswaterstaat

Geselecteerde maatregelen
De volgende projecten zijn in beeld tot en met 2032:

Zuidwestelijke Delta
• Zandsuppletie bij de Galgeplaat in de Oosterschelde. Hiermee wordt voorkomen dat intergetijdegebieden verdwijnen en de pleisterplaats voor steltlopers behouden.
• Sedimentbeheer in de Westerschelde (fase 1). De praktijkproeven worden opgeschaald. Het gaat om het storten van baggerspecie langs de randen van de zandplaten in combinatie met het afvlakken van te sterk opgehoogde zandplaten.
• Zout en getij in Volkerak-Zoommeer. Door de aanleg van een doorlaatmiddel voor de verbinding met de Oosterschelde kan het meer weer zout worden en keert het getij terug. Daarmee verbetert de ecologische waterkwaliteit, ook in aangrenzende regionale wateren.

IJsselmeergebied
• Wieringerhoek (fase 1). Hier wordt een onderwaterlandschap met moerasoevers en ondiep water aangelegd. Ook worden de ecologische verbindingen met Waddenzee en Wieringermeerpolder versterkt.
• Oostvaardersoevers (fase 1). Er komt een ecologische verbinding tussen Oostvaardersplassen, Lepelaarsplassen en het Markermeer. Dit is een systeemverbetering waarbij de wetlands binnendijks (totaal 3.500 hectare) worden gekoppeld aan het Markermeer.
• Friese IJsselmeerkust (fase 1). Om natuur en ecologische waterkwaliteit te verbeteren worden achteroevers, ondiepe oeverzones en voorzieningen voor vismigratie aangelegd.
• Noord-Hollandse Markermeerkust. Het betreft een serie van kleinschalige projecten voor zowel achteroevers als natuurvriendelijke ondiepe oeverzones en voorzieningen voor vismigratie.
• Marker Wadden (fase 2). De archipel wordt afgerond door nog eens 500 hectare aan eilanden en 1.200 hectare ondiep water en moeras aan te leggen. Dit is een belangrijk onderdeel van het nationaal park Nieuw Land.

Waddengebied en Eems-Dollard
• Binnendijkse slibsedimentatie/Groote Polder fase 1, Eems-Dollard. Er zullen praktijkproeven worden uitgevoerd om slib uit het water te verwijderen, zodat de troebelheid afneemt.
• Verzachten van de randen en het herstel van de onderwaternatuur. Het gaat onder meer om het op een aantal locaties verzachten van de randen in combinatie met het versterken van de waterveiligheid. In de Waddenzee wordt op praktijkschaal de onderwaternatuur hersteld.
• Maatregelen voor Beheerautoriteit Wadden. Het betreft uitvoering van maatregelen voor de nog op te richten beheerautoriteit.

Rivierengebied
• Vergroten van het laag-dynamisch riviermilieu in de Maas en Rijntakken. Dit zorgt voor een verbetering voor 34 soorten.
• Bestrijden van de structurele erosie van het zomerbed en de verdroging van het winterbed. Dat gebeurt in samenhang met het onderhoud van vaargeulen.

Algemeen
• Voorbereidende acties voor programmeringen vanaf 2033. Het gaat om MIRT-onderzoeken en haalbaarheidsstudies van latere projecten.

 

MEER INFORMATIE
Kamerbrief van de ministers 
Informatie over PAGW
Advies Commissie m.e.r. over PAGW 

Typ je reactie...
Je bent niet ingelogd
Of reageer als gast
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Laat je reactie achter en start de discussie...

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Is er een directe link naar de uitspraak beschikbaar? Ik vind de volgend passage van jullie artikel bijzonder verwoord: "Behalve over het gebruik van chemicaliën in het koelwater ging de rechtszaak ook over de voorwaarden van het waterschap voor lozingen in geval van onderhoud of reparatiewerkzaamheden aan installaties. Maar toestemming vooraf vond de rechter te ver gaan en een zogenoemde immissietoets (welke stoffen zitten erin) niet effectief." Lijkt me namelijk zeker niet in lijn met geldend waterkwaliteitsbeleid en ook niet met het oog op de uitspraak m.b.t. de tijdelijke achteruitgang. Wanneer een activiteit, en daarmee de lozing, invloed heeft op de waterkwaliteit is het uitgangspunt dat de impact van te voren bepaald en onderbouwd moet worden. Indien dit leidt tot een verslechtering van de situatie, moet voor de impactsbeoordeling (van een industriële lozing) het Handboek Immissietoets gebruikt worden om de impact te bepalen. 
Falend management is de reden niet de organisatorische complexiteit. En bij definitief splitsen komt er nog extra bestuurlijke complexiteit bij van publieke organisaties die moeten -maar slecht kunnen- samenwerken.
Aangezien de burger de rekening krijgt is het makkelijk om een beslissing te nemen. Lekker uit elkaar en opnieuw beginnen met een schone lei. Op naar het volgende wanbeleid. Men voelt zich niet aansprakelijk. 
Dag Manfred, 
kijk eens op www.pathema.nl 
Dat bedrijf levert al jaren apparatuur voor chemievrije koelwaterbehandeling. Ook bij grotere bedrijven. Niet zo groot als bij Chemelot waarschijnlijk, maar meer dan voldoende bewezen. Het principe is cavitatie, dus geen chloorelektrolyse. Voor de duidelijkheid, ik heb geen relatie met dit bedrijf.Jan Koning
Kijk dat is onderzoek met resultaat. Is het mogelijk dit naar de EU cie-leden te sturen die besluiten over toepassing drijfmest en Renure ipv Kunstmest -N. Toch flikken ze het om de norm voor Kunstmest- N hoog te houden. In Nederland is in vele onderzoeken en metingen aangetoond dat in de derogatiegebieden de NO3 gehalten veel lager zijn dan de de norm EN lager dan in niet derogatie gebieden!