secundair logo knw 1

  • Colors: Blue Color

De huidige manier van omgaan met verzilting in Nederland kan in de toekomst steeds vaker problemen opleveren, onder andere voor beregening in zoutgevoelige teelten. Er wordt daarom nu al aan verschillende oplossingen gewerkt. Eén van de mogelijke oplossingen is ontzilting in de vollegronds landbouw, bijvoorbeeld met behulp van de CapDI-technologie. In deze studie is een theoretische inschatting van de mogelijkheden van dit systeem gemaakt en wordt een praktijktest in de tulpenbollenteelt gepresenteerd. Hieruit blijkt dat er zeker potentie is, maar dat de robuustheid van het systeem, de kosten en de regionale effecten en potentie nog meer aandacht verdienen.

Met name in het kader van de KRW zijn vele kilometers natuurvriendelijke oevers (NVO’s) aangelegd. Effectieve beheer- en onderhoudsmethoden bepalen het functioneren van een NVO. Tussen de waterschappen is veel verschil in de wijze waarop dit beheer en onderhoud wordt ontwikkeld en toegepast. Om deze verschillen in kaart te brengen zijn 10 waterbeheerders geïnterviewd. Uit de verzamelde informatie zijn bepalende factoren bepaald voor effectief onderhoud en functioneren van NVOs. Deze factoren kunnen waterschappen gebruiken om hun huidige werkwijze en methodieken tegen het licht te houden. Voorbeelden van deze factoren zijn het toekennen van streefbeelden, een systematisch monitoringsysteem en intersectoraal overleg.

In Nederland en België vindt mangaanverwijdering uit grondwater plaats door beluchting en zandfiltratie. In dit onderzoek zijn nieuwe en belangrijke inzichten gepresenteerd met betrekking tot het ontrafelen van processen en mechanismen die betrokken zijn bij de start van de mangaanverwijdering. Aangetoond is dat Birnessite, en niet Hausmannite, een cruciale rol speelt bij ontmanganing. De vorming van Birnessite begint biologisch, maar gedurende het ontmanganingsproces blijkt de vorming van fysisch-chemisch autokatalytisch Birnessite dominant. Door deze inzichten is het voor waterbedrijven mogelijk maatregelen te nemen om het filterrijpingsproces en de ontmanganing te optimaliseren.

De Kaderrichtlijn Water verplicht provincies inzicht te geven in de mate waarin de grondwaterhuishouding bijdraagt aan de instandhoudingsdoelen in Natura 2000-gebieden. Dit vraagt om een beoordelingsmethode die gedragen wordt door medewerkers, managers en bestuurders in de beleidsvelden van de KRW en Natura 2000. Dit artikel introduceert een dergelijke beoordelingsmethode op basis van een gebiedsindicator die gedefinieerd is als: de areaalfractie van habitattypen waarvoor aan de abiotische randvoorwaarden wordt voldaan. De beschreven aanpak is toegepast op het Natura 2000-gebied Westduinen (ZH) en is toepasbaar voor een breed spectrum aan gebiedstypen.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Afbreekbaarheid moet in de toekomst als eerste beoordelingsparameter voor toelating van stoffen worden ingevoerd. Er ontstaan anders onomkeerbare problemen in de toekomst.
In aanvulling hierop: Wij hebben voor terrein- en rivierbeheerders (VNBE) nog meer maatregelen in kaart gebracht om deze problemen te mitigeren (zie ook bijlage):
 
@Hans MiddendorpHoi Hans, beetje makkelijke reactie van het waterschap ('eerst moeten de waterbedrijven wat doen, tot die tijd kunnen wij niks doen'). De Waprog plaatste in 1986, in één jaar tijd, meer dan 100.000 watermeters bij gezinnen thuis. Dat kostte toen maar 150 gulden (!) per watermeter. Als de waterpartners echt zouden willen samenwerken, kan dit zo zijn opgelost. Dus ja, bureaucratie zegeviert. Niet iets om trots op te zijn.
@Gert Timmerman Eens. We moeten met al ons water zuinig omgaan (en het niet verontreinigen) zeker met zoet grondwater en met drinkwater.