secundair logo knw 1

Volkerak-Zoommeer | Foto: RWS

Het is belangrijk dat investeringen voor de relatief korte termijn (voor 2050), de oplossingsruimte voor de lange termijn niet beperken. Deltares heeft samen met Rijkswaterstaat en Staf Deltacommissaris de adaptatiepaden-aanpak uitgebreid om keuzes in relatie tot langetermijnoplossingen nog beter in beeld te brengen.

Download hier de pdf van dit artikel


Geschreven door Renske de Winter, Noor ten Harmsen van der Beek (Deltares), Martine Brinkhuis, Angela Vlaar (Rijkswaterstaat), Saskia van Vuren (Staf Deltacommissaris)


Klimaatverandering, economische ontwikkelingen en maatschappelijke wensen veranderen voortdurend. Dat maakt het lastig om te bepalen wat er in de toekomst nodig is. Bestuurders willen slim omgaan met deze onzekerheid.

Precies daarvoor heeft Deltares vijftien jaar geleden Dynamic Adaptive Policy Pathways (DAPP) ontwikkeld [1], [2], [3]. In het Nederlands wordt deze methodiek vaak adaptatiepaden genoemd. Deze adaptatiepaden-aanpak wordt inmiddels breed toegepast in het Deltaprogramma. Ook andere (internationale) overheden gebruiken de adaptatiepaden-aanpak als basis van hun adaptatiestrategie.

DAPP is een analyse- en planningsmethode die helpt bij het maken van flexibele langetermijnstrategieën, met als doel rekening houden met onzekere ontwikkelingen in de toekomst. In plaats van één vast plan, worden verschillende routes (pathways) van mogelijke maatregelen verkend. Eerst wordt bepaald wanneer functionaliteit verloren gaat door veranderende condities (vaak een knikpunt genoemd) en vervolgens welke maatregelen geschikt zouden zijn om de gewenste functionaliteit in stand te houden.

Door dit te doen voor een scala aan knikpunten met een range aan maatregelen en knikpunten die weer bij die maatregelen horen, kan een opeenvolging van mogelijke toekomstige beslissingen geïdentificeerd en uiteindelijk een adaptatieplan ontwikkeld worden. De adaptatiepaden-methode helpt zo om niet te vroeg én niet te laat te handelen, om voorbereid te zijn op meerdere mogelijke toekomsten en om te voorkomen dat een bepaalde beslissing leidt tot een lock-in.

Diverse maatschappelijke opgaven vragen om kortetermijnmaatregelen en -beslissingen. Om te kunnen beoordelen of deze keuzes het palet aan toekomstige opties verkleinen (binnen of buiten de bestudeerde regio, is de adaptatiepaden-(DAPP)-aanpak uitgebreid. In deze uitbreiding, DAPP-Δ [4] , wordt het vooruitkijken met behulp van adaptatiepaden gecombineerd met het terugredeneren vanuit gewenste toekomstbeelden (backcasting). Deze methode helpt beleidsmakers om inzichtelijk te maken welke beslissingen en investeringen fundamenteel sturend zijn voor de toekomstige inrichting van Nederland. Op deze manier is het mogelijk om transities in land- en watergebruik te analyseren vanuit een breed palet aan maatschappelijke doelen.

Transformatieve toekomstbeelden en keuzes in het hier en nu
De afgelopen jaren zijn verschillende, transformatieve toekomstbeelden voor Nederland of regio’s binnen Nederland gemaakt, elk met verschillende mate van detail.

Zo heeft het Kennisprogramma Zeespiegelstijging een verkenning van denkrichtingen voor de lange termijn uitgevoerd om Nederland veilig en leefbaar te houden bij zeespiegelstijging: beschermen, zeewaarts uitbreiden, meegroeien en meebewegen [5]. Ook bestaan er toekomstbeelden gericht op een Nederland met meer natuur [6] en met als doel om te inspireren en innovatie te stimuleren (zoals bijvoorbeeld de EO-Wijersprijsvraag [7]). Deze toekomstbeelden prikkelen de verbeelding en roepen de vraag op: in wat voor Nederland willen we in de toekomst leven?

Deze toekomstbeelden worden vaak als een los eindpunt ver in de toekomst gepresenteerd. Regelmatig (niet altijd) ontbreken de tussenstappen om tot een dergelijk beeld te komen. Ook wordt de relatie met keuzes die op korte termijn genomen worden niet altijd gelegd. Dit terwijl in de komende jaren juist grote investeringen voor instandhouding en vernieuwing van infrastructuur worden verwacht. Dit zijn vaak investeringen voor decennia.

Ook voor andere wateropgaven, de energietransitie en de woningbouwopgave worden de komende jaren ruimtelijke keuzes gemaakt. Met de nieuwe DAPP-Δ-aanpak kunnen investeringen voor de komende 10 tot 30 jaar integraal worden beschouwd en wordt zichtbaar hoe zij zich verhouden tot langetermijn-adaptatiestrategieën. Hiermee kan voorkomen worden dat potentiële toekomstige inrichtingen, door keuzes op kortere termijn, in de toekomst niet meer mogelijk zijn. Daarnaast kunnen synergiekansen worden benut en wordt de kans op desinvesteringen verkleind (zie afbeelding 1).

040084 DLS Korte termijn toekomst visie Figuur 1

Afbeelding. 1 Het verbinden van kortetermijninvesteringen met langetermijn-, transformatieve toekomstbeelden. Een sterke focus op instandhouding van het huidige systeem kan ervoor zorgen dat onbedoeld kansen worden gemist

Hoe het werkt in drie stappen
De uitgebreide adaptatiepaden-aanpak (DAPP-Δ) bestaat uit een aantal stappen, waarmee inzichtelijk gemaakt kan worden welke beslissingen en investeringen de toekomstige bandbreedte van adaptatiestrategieën verkleinen en juist ook welke investeringen ‘toekomst-vrij’ zijn en geen of beperkte invloed hebben. Deze stappen zijn ook weergegeven in afbeelding 2.


1. Vooruitkijken (forward-exploration): wat kunnen we verwachten?
Net als in de traditionele adaptatiepaden-methode worden mogelijke routes van maatregelen verkend. Door te onderzoeken hoe doelstellingen gehaald kunnen worden onder verschillende toekomstige ontwikkelingen (bijvoorbeeld bij zeespiegelstijging, economische veranderingen of veroudering van infrastructuur).

2. Terugkijken (backcasting): hoe komen we bij een gewenste toekomst?
Een breed palet aan toekomstige landinrichtingen wordt geselecteerd waarin fundamentele veranderingen zijn doorgevoerd, zoals een andere inrichting van de waterstaatskundige inrichting van Nederland en een andere ruimtelijke ordening. Vervolgens wordt er teruggewerkt: wat moet er allemaal gebeuren om die toekomst te realiseren? Welke stappen zijn nodig, in welke volgorde en hoelang duurt dat? Denk aan aanpassingen in infrastructuur, landgebruik, beleid of wetgeving. Samen vormen die een implementatietraject met een minimale doorlooptijd: de route naar een fundamentele verandering.

3. Bepalende beslissingen uit het totaalbeeld halen: waar versterken of blokkeren paden elkaar?
Tot slot worden de vooruit- en terugkijkroutes samengebracht. Dat helpt om belangrijke beslismomenten te vinden (de zogeheten pivotal decisions) en inzicht te krijgen in welke maatregelen beter wel of juist niet kunnen worden genomen om risico’s op verkeerde of te late keuzes te verkleinen.

Ook met de ‘gewone’ adaptatiepadenmethode kunnen transformatieve keuzes geïdentificeerd worden (bijvoorbeeld richting ‘meebewegen’ [8]). Backcasten gebeurt eveneens in verschillende onderzoeken, zoals bijvoorbeeld door de WUR [9], projecten binnen Waterveiligheidslandschappen [10] en NL2120 [11]. Deze nieuwe methode maakt vooral de cross-analyse mogelijk tussen lonkende, futuristische toekomstbeelden en inzichten uit een adaptatiepaden-aanpak, waarbij investerings- en beslismomenten zichtbaar worden.

Het verbinden van de twee perspectieven leidt tot nieuwe inzichten die een nog toekomst-robuuster Nederland mogelijk maken. Aan de ene kant voorkomt het dat de aanpassingsruimte voor de lange termijn beperkt wordt door een maatschappelijke opgave die op relatief korte termijn speelt (zoals vervanging en renovatie van infrastructuur). Aan de andere kant kan voorkomen worden dat kortetermijninvesteringen een desinvestering blijken als er in de toekomst andere ruimtelijke en waterstaatkundige keuzes worden gemaakt.

040084 DLS Korte termijn toekomst visie Figuur 2 

Afbeelding 2. De drie analyse stappen van DAPP-Δ. 1. Vooruitkijken naar verwachte beslismomenten. 2. Terugkijken vanuit verschillende toekomstbeelden. 3. Beide analyses samen brengen om te identificeren welke keuzes in synergie of conflict zijn met de geanalyseerde toekomstbeelden

Toepassing op Zuidwest-Nederland
De methode is toegepast op Zuidwest-Nederland [4]. Deze regio staat voor een aantal opgaven, zoals het verminderen van overstromingsrisico’s, het behouden en herstellen van een goed functionerend ecosysteem, het beperken van zoutindringing in zoete wateren en het verbeteren van transport over water. In de komende decennia worden in dit gebied aanzienlijke investeringen verwacht om de waterbouwkundige infrastructuur die eind jaren ’50 van de vorige eeuw als onderdeel van de Deltawerken zijn aangelegd, te vervangen of te renoveren, omdat ze het einde van hun levensduur bereiken.

Het bestudeerde gebied beslaat de Nieuwe Waterweg, het Volkerak-Zoommeer, de Oosterschelde en de bijbehorende kunstwerken: Maeslantkering, Volkeraksluizen, Krammersluizen en Oosterscheldekering. Adaptatiepaden die vanuit het heden naar de toekomst kijken, laten zien dat adaptatiebeslissingen, zoals die over de scheepvaartcapaciteit van de Volkeraksluizen en keuzes rondom de Maeslantkering, ogenschijnlijk los staan van elkaar (de volledige paden zijn te vinden in [4]). Kritische implementatiepaden waarmee inzichtelijk wordt gemaakt hoe toekomstbeelden gerealiseerd kunnen worden, laten echter zien dat de afhankelijkheid tussen deze deelregio’s groot is.

Zo is in een aantal toekomstbeelden, zoals in [5] en [12], de Nieuwe Waterweg afgesloten, waardoor rivierwater zuidwaarts zijn weg moet vinden naar zee. Dit raakt aan (kortetermijn-)investeringen in de Volkeraksluizen (de grootste binnenvaartsluizen van Europa) [4]. Ook wordt duidelijk dat renovatiekeuzes van waterbouwkundige infrastructuur een grote invloed kunnen hebben op de omvang van de oplossingsruimte (het palet aan toekomstige inrichtingen van het land) en dat deze beslissingen/investeringen eerder in de tijd liggen dan beslissingen rondom adaptatie aan klimaatverandering.

Door vooruit te kijken (adaptatiepaden) én terug te redeneren vanuit toekomstbeelden (backcasten), wordt duidelijk dat de bepalende beslissingen soms ergens anders liggen dan bij de meest opvallende investeringen. En dat eerdere keuzes, zoals beslissingen rondom de Volkeraksluizen, kunnen bepalen hoe Nederland er in de toekomst uit ziet en welke set aan ‘toekomsten’ nog gerealiseerd kunnen worden, zonder rigoureuze aanpassing van reeds bestaande (en gerenoveerde) infrastructuur.

Van wetenschap naar praktijk
Deze nieuwe methode voor het identificeren van bepalende adaptatiebeslissingen is door Deltares samen met Rijkswaterstaat en Staf Deltacommissaris ontwikkeld als onderdeel van het Corporate Innovation Programme (CIP). Naast een wetenschappelijke methode met een toepassing op Zuidwest-Nederland [4], is er ook gewerkt aan het door vertalen en toepassen van de methode in de praktijk.

Zo is er een workshop-format ontwikkeld waarmee experts vanuit verschillende werkvelden de ontwikkelde methode leren kennen en het belang ervaren van het gezamenlijk analyseren van kortetermijnbelang en langetermijn-adaptatie. Tijdens deze workshop brengen deelnemers informatie en inzichten in vanuit hun eigen expertise, bijvoorbeeld sluizenonderhoud of langetermijn-strategische beleidsbeslissingen. De workshop is met verschillende expertgroepen uitgevoerd, getoetst en daarna verbeterd. In 2024 en 2025 is de workshop onder andere doorlopen met Rijkswaterstaat, het Deltaprogramma, TU Delft, Hogeschool Rotterdam en verschillende regionale overheden.

Deze workshops leiden tot nieuwe inzichten bij de deelnemers. Zo bleek het toekomstbeeld dat bij aanvang van de workshop het meest wenselijk werd geacht, in conflict met de meest voor de hand liggende beslissingen voor kortetermijn-knelpunten. Daarnaast helpt het om elkaars perspectief te begrijpen en een dialoog te starten tussen experts, die vooral bezig zijn met het realiseren van oplossingen op korte termijn, en beleidsmakers die de langetermijn-klimaatrobuustheid van Nederland in hun portefeuille hebben. De workshop is een aanvulling op de nieuwe DAPP-Δ-methode en wordt ingezet bij toekomstige projecten waarbij bepalende beslissingen geïdentificeerd moeten worden.

Auteurs Martine en Saskia geven de meerwaarde van DAPP-Δ-methode aan.

Martine (Rijkswaterstaat): "Voor ons als assetmanagers helpt deze methode om investeringskeuzes beter te verbinden met langetermijnontwikkelingen en erover in gesprek te gaan met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Zo voorkomen we dat keuzes van nu later onbedoeld leiden tot desinvesteringen of beperkte flexibiliteit in het beheer van onze infrastructuur."

Saskia (Staf Deltacommissaris): “Het is van belang om te voorkomen dat we in lock-in-situaties terecht komen en dat we zoeken naar een manier om de oplossingsruimte in de toekomst open te houden.”

Conclusies
Deze nieuwe methode helpt om korte- en langetermijnopgaven beter in samenhang te bekijken, én om verbanden tussen keuzes in bepaalde regio’s inzichtelijk te maken. Door zowel vooruit te kijken vanuit het heden en terug te kijken vanuit de toekomst, worden bepalende beslissingen geïdentificeerd. Keuzes van nu kunnen de oplossingsruimte vergroten, mits verder wordt gekeken dan het huidige landgebruik. Tegelijk vraagt toekomstgericht handelen om het besef dat transities tijd kosten en dat wat vandaag wordt besloten, bepaalt wat er morgen nog kan.

In de gesprekken rondom dit project blijkt dat probleemeigenaren de problematiek herkennen, maar ook dat deze manier van denken vraagt om gezamenlijke inspanning en een dialoog waarbij korte- en langetermijnbelangen op tafel liggen. De gecombineerde aanpak met adaptatiepaden en backcasting vanuit toekomstbeelden maakt het mogelijk om deze dialoog te starten en te identificeren welke kortetermijn-beslissingen in conflict of synergie zijn met langetermijn-toekomstbeelden.

Het Deltares-projectteam bestaat, naast de auteurs, uit Esther van Baaren, Marjolijn Haasnoot, Ferdinand Diermanse, Arno Nolte. Dank aan Ilse van den Broek voor de illustraties en Ella ten Brink (RWS LEF Future Center) voor de adviezen rondom het doorontwikkelen van het workshop-format.


Samenvatting
Om de Nederlandse delta ook in de toekomst leefbaar en veilig te houden is adaptatie nodig. Er worden aanpassingen gedaan om Nederland bestand te maken tegen veranderende condities, en beelden uitgewerkt voor de verre toekomst met een andere waterstaatskundige inrichting. Voor komende decennia staan grote investeringen gepland in de vervanging en renovatie (V&R) van bestaande infrastructuur. Het is belangrijk dat deze investeringen voor de relatief korte termijn (voor 2050), de oplossingsruimte voor de lange termijn niet beperken. Deltares heeft samen met Rijkswaterstaat en Staf Deltacommissaris de adaptatiepaden-aanpak uitgebreid om keuzes in relatie tot langetermijnoplossingen nog beter in beeld te brengen.


REFERENTIES
1. Haasnoot, M., Di Fant, V., Kwakkel, J., & Lawrence, J. (2024). ‘Lessons from a decade of adaptive pathways studies for climate adaptation’. Global Environmental Change, 88, 102907.
2. Haasnoot, M., Kwakkel, J. H., Walker, W. E., & Ter Maat, J. (2013). ‘Dynamic adaptive policy pathways: A method for crafting robust decisions for a deeply uncertain world’. Global environmental change, 23(2), 485-498.
3. Haasnoot, M., Warren, A., & Kwakkel, J. H. (2019). ‘Dynamic adaptive policy pathways (DAPP)’. In Decision making under deep uncertainty: From theory to practice (pp. 71-92). Cham: Springer International Publishing.
4. Ten Harmsen van der Beek, N. et al. (2025). ‘Identifying transformative decisions: A dual approach to adaptation pathways design using forward-exploration and backcasting’. Climate Risk Management, 100716.
5. Kennisprogramma Zeespiegelstijging (2024). Ruimte voor zeespiegelstijging.
6. Baptist, M. et al. (2019). A nature-based future for the Netherlands in 2120. Wageningen University & Research. https://doi.org/10.18174/512277
7. https://eowijers.nl/, geraadpleegd op 21 augustus 2025
8. Kraan, C. M., Haasnoot, M., & Mach, K. J. (2025). ‘Expert perspectives on living with water (meebewegen) as climate adaptation in the Netherlands’. Environmental Research: Climate, 4(1), 015009.
9. Kok, K., van Vliet, M., Bärlund, I., Dubel, A., & Sendzimir, J. (2011). ‘Combining participative backcasting and exploratory scenario development: experiences from the SCENES project’. Technological forecasting and social change, 78(5), 835-851.
10. https://waterveiligheidslandschappen.nl/, geraadpleegd op 21 augustus 2025
11. https://www.nl2120.nl/, geraadpleegd 21 augustus 2025
12. De Bruijn, K. M., Diermanse, F. L., Weiler, O. M., De Jong, J. S., & Haasnoot, M. (2022). ‘Protecting the Rhine‐Meuse delta against sea level rise: What to do with the river's discharge?’ Journal of Flood Risk Management, 15(3), e12782.

Typ je reactie...
Je bent niet ingelogd
Of reageer als gast
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.
  • Je reactie is nog niet geplaatst. We checken hem eerst.
    Wil Borm · 1 years ago
    Helemaal mee eens. Meer dan ooit is er sturing nodig om aan het Nederland van de toekomst vorm te geven. Bestuurders en het Deltaprogramma mogen na jarenlang overleg met een gezamenlijke toekomstvisie komen en de gang naar een klimaatbestendig land vlot te trekken.
(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Moet er dan een soort deltawerken komen in alle grote rivieren en kanalen om dichter bij zee het zout water tegen te houden en de waterlopen kunstmatig hoog te houden? Met de bestaande stuwen zijn het voorkomen van verzilting en meer water vast houden tegenstrijdig.

Ik denk niet dat ecologen en de Raad van State staan te springen.
Op 26 augustus 2026 rond 3 uur zag ik langs de Mark thv Galder een boer zijn mesttank lozen in de Mark. Kan dat zomaar?
Het is wel weer duidelijk hoe de wind waait bij meneer Nielen. Eerst natuurlijk met de zware industrie praten, en uiteindelijk, omdat het moet, ook nog eventjes met de natuurorganisaties. Ach, de toekomstige generatie lost het wel weer op. 
Gelukkig zijn de buitensporige klimaatscenario's van het IPCC drastisch naar beneden bijgesteld. Ik snap dat het creatief gezien leuk is om scenario's te maken over een mogelijke geopolitieke omstandigheden maar dit lijkt mij vooral koffiedik kijken. Het is inmiddels evident dat r van een klimaatcrisis geen sprake is. Het vasthouden van zoetwater en desnoods omzetten van zoutwater is niet meer dan een technische uitdaging. Adaptatie is de enige juiste richting. Het is van belang dat de mens weer op nummer 1 komt en daar opvolgende de natuur. Dat betekend de vele verwijderde dammen weer opbouwen om het water vast te houden en de bodem de tijd te geven in de bodem te dringen. 
Water is geen product wat verhandeld mag worden. Want water is noodzakelijk voor al het leven op aarde - dus niet alleen voor mensen. In plaats van waterbeheer is daarom waterbescherming nodig. Voor hen die geen stem hebben, zoals dieren en planten. Bescherming vraagt meer dan burgers korter laten douchen. Het vraagt lef om industrie verantwoordelijkheid te laten nemen voor de wereld van morgen.