secundair logo knw 1

Met het slim terugwinnen van grondstoffen bij de zuivering afvalwater en de productie van drinkwater, maakt Nederland zich minder afhankelijk van import in een onstabiele wereld. Dat is de boodschap van directeur Olaf van der Kolk van AquaMinerals.

Wat 30 jaar geleden begon als de Reststoffenunie, is inmiddels uitgegroeid tot AquaMinerals: een organisatie waarin drinkwaterbedrijven en waterschappen als aandeelhouders samenwerken aan het terugwinnen en verwaarden van reststoffen.

Vanuit het kantoor in Nieuwegein zit directeur Olaf van der Kolk met een bescheiden team dagelijks op het vinkentouw om slim hergebruik mogelijk te maken van stoffen die vrijkomen in rioolwaterzuiveringen en drinkwaterwinningen. Op dit moment brengt AquaMinerals negentien reststoffen op de markt, waaronder calciet, fosfaat en struviet.

Het kost veel geduld om de wettelijke status van een afvalstof veranderd te krijgen in een nuttige grondstof, legt Van der Kolk uit in de H2O-podcast De Toekomst van Ons Water. “Met struviet zijn we 7 jaar bezig geweest om de juridische status om te zetten naar einde-afval. Veel te lang natuurlijk. We leveren dit onder meer aan kunstmestproducenten, zodat ze minder hoeven te importeren uit landen als Marokko. Onze drijfveer is dat reststoffen circulair en duurzaam zijn.”

Kwetsbaar
Die afhankelijkheid van het buitenland, maakt ons land kwetsbaar, benadrukt Van der Kolk. Daarom is het zijn missie om zoveel mogelijk grondstoffen terug te winnen uit waterprocessen. Als voorbeeld noemt hij ijzerhydroxide.

“Ongeveer de helft van het drinkwater in ons land wordt gemaakt uit grondwater. Dat water bevat veel ijzer. Dat willen we niet in het drinkwater, want dat geeft een smaakje en het geeft een beetje kleur. Door zuurstof aan het opgepompte water toe te voegen slaat ijzer neer in de vorm van ijzerhydroxide. Wij verkopen dit ijzer onder meer aan de biogas-sector, waar groen afval van supermarkten, restaurants en gft-containers wordt vergist. Het toevoegen van ijzerhydroxide aan biopulp voorkomt de vorming van giftige zwavelwaterstof-gassen. Dat is voor ons een goedlopende markt.”

Oorlog
Door geopolitieke onrust diende zich een nieuwe toepassing aan, vertelt Van der Kolk. “Toen Rusland de oorlog begon tegen Oekraïne, schakelde de chemische industrie in Europa een tandje terug. In Duitsland en ook in Nederland ontstond hierdoor een tekort aan ijzersulfaten en ijzerchlorides, de belangrijkste grondstoffen om deze producten te maken zijn immers zwavelzuur en zoutzuur die in grote hoeveelheden vrijkomen uit de chemische industrie. IJzersulfaten en ijzerchlorides hebben we als sector heel hard nodig bij het defosfateren in rioolwaterzuiveringen. Er ontstond paniek, want plots werden die stoffen heel duur en zeer schaars. Er werd een alternatief gezocht en dat konden wij in bepaalde gevallen bieden met ijzerhydroxide. We zagen de vraag enorm toenemen als alternatief voor het chemisch geproduceerde product.”

Van der Kolk vindt dat een mooi voorbeeld hoe een lokaal, circulair geproduceerd product uit de drinkwaterwinning een nuttige toepassing vindt in de waterzuivering door de waterschappen. “Het is voor mij een bewijs dat een crisis kan aantonen hoe belangrijk alternatieve en duurzame grondstof-stromen kunnen zijn. Lokale en teruggewonnen grondstoffen zijn een uitstekend alternatief voor grondstoffen die van grote afstanden uit landen die afhankelijk zijn van allerlei kritische factoren. Circulariteit van grondstoffen maakt ons minder afhankelijk.”

AquaMinerals is bezig om van ijzerslib uit de drinkwaterwinning pellets te maken om bij lozingspunten van rioolwaterzuiveringen fosfaat te verwijderen uit het oppervlaktewater. “IJzer bindt fosfaat. Daarmee haal je de voeding weg voor het ontstaan van blauwalg. Sommige grondstoffen bewegen in een andere richting. Waterschappen vergisten heel veel. Daar komt CO2 vrij. Dat is een grondstof dat de drinkwaterbedrijven graag gebruiken om de pH-graad in het water te reguleren. We onderzoeken nu hoe we het restproduct CO2 van de waterschappen geschikt kunnen maken voor de drinkwaterbedrijven.”

PFAS
Wat de reststoffen-stromen parten speelt zijn de achterblijvende schadelijke zorgwekkende stoffen, waaronder PFAS. Van der Kolk noemt dat ‘een complexe en remmende factor in de toepassing van reststoffen’.

“Toen PFAS in opkomst raakte, zijn we uiteraard gaan meten in onze stofstromen. Je ziet het in de ene reststof veel meer dan in het andere. Bij de drinkwaterbedrijven zie je nauwelijks PFAS in het waterijzer of de onthardingskorrels calciet. Wel hoopt PFAS zich op in actieve kool. Dan moeten we daarmee rekening houden in afzetkanalen. We ondersteunen alle initiatieven om vervelende stoffen te verbieden. Het is ongelofelijk raar dat we in onze waterketen probleemhouder worden van stoffen die gebruikt worden om onze schoenen beter te laten glimmen of onze pannen te coaten.”

Uitwisselen
Drinkwaterbedrijven en waterschappen kunnen op het gebied van onderlinge samenwerking nog veel van elkaar leren, vindt Van der Kolk. Bijvoorbeeld in het uitwisselen van stofstromen.

“In een wisselwerking tussen waterschappen en drinkwaterbedrijven proberen we ketens te sluiten met reststoffen die vrijkomen en die nuttig kunnen worden toegepast in waterzuivering of drinkwaterbereiding.”

Zijn oproep is om reststoffen niet te zien als kostenpost, maar als investering. “Een reststof vermarkten is een investering in een duurzaam imago en in circulariteit. En het leidt tot verbetering van rendement. Het is een kwestie van lange adem en volhouden. Want de ketens zijn ingewikkeld om bij elkaar te brengen met taaie technische, logistiek en juridische vraagstukken. Als sector hebben we nog een wereld te winnen in circulaire grondstoffen.”


Beluister het volledige gesprek van Wim Eikelboom met Olaf van der Kolk in de H2O-podcast 'De Toekomst van Ons Water'


Typ je reactie...
Je bent niet ingelogd
Of reageer als gast
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Laat je reactie achter en start de discussie...