De rioolwaterzuiveringsinstallatie in Enschede van Waterschap Vechtstromen speelt een sleutelrol in de demofase van het landelijke UPPWATER-programma. Het waterschap gaat samen met Nijhuis Saur Industries en Witteveen+Bos, namens het samenwerkingsverband CLC Water, aangevuld met de bedrijven Jotem Water Solutions, NX Filtration en Van Remmen UV Technology (alle lid van Water Alliance, red.) - de komende jaren zuiveringstechnieken testen om medicijnresten uit afvalwater te verwijderen.
Deze content is een productie van Water Alliance
Rob SjerpsDe locatie in Enschede is niet toevallig gekozen: de Twentse stad is volgens een langlopend STOWA-monitoringsprogramma een duidelijke hotspot voor medicijnresten. “In de hotspotanalyse licht Enschede rood op”, zegt Rob Sjerps, projectmanager bij Waterschap Vechtstromen. “We hebben hier te maken met een hoge concentratie medicijnresten in het afvalwater, vanwege de grote stedelijke aanvoer met veel zorginstellingen en een universitair ziekenhuis.”
Vanaf het tweede kwartaal van 2026 wordt anderhalf jaar lang een demo-installatie getest die 50 kuub per uur kan verwerken. In totaal worden 4 proefopstellingen gebouwd met variaties van UV/ozon, nano- en ultrafiltratie membranen en verschillende voorbehandelingstechnieken. Doel is om te bepalen welke combinatie het meest effectief, duurzaam en toepasbaar is voor de beoogde fullscale installatie.
“Het gaat ons niet alleen om techniek”, zegt Sjerps. “We willen ook leren over kostenontwikkeling, beheer, acceptatie en opschaling. Onze unieke proces aanpak is gericht op efficiente productontwikkeling waarbij we het ontwerp van de demo continu toetsen aan de consequenties op de full scale”. De technieken die in de demo getest worden moeten een zuiveringsrendement van minstens 80 procent behalen, de norm die in de toekomst door de Europese Richtlijn Stedelijk Afvalwater wordt vereist. “Sommige van de geteste technologieën halen nu al tot 95 procent. Maar we moeten goed kijken of dat echt nodig is.”
Monitoring
De effectiviteit van de technieken wordt gemeten via monitoring. Daarbij wordt onder andere gekeken naar temperatuurinvloeden, membraankeuze en voorbehandelingsopties. Een grote technische uitdaging is de behandeling van de geconcentreerde reststroom die overblijft na filtratie. “Terugvoeren naar de zuivering is geen optie. Dan concentreer je het probleem alleen maar”, aldus Sjerps. “Daar zullen we in het project iets voor verzinnen.”
Na de demofase moet uiteindelijk een fullscale-installatie, gepland voor eind 2028, van 500 kuub per uur gebouwd worden. Die stap wordt cruciaal voor het realiseren van de strategische doelen van Vechtstromen op het gebied van waterkwaliteit, innovatie en duurzaamheid.
Een van de unieke aspecten van het project is de totstandkoming van de samenwerking met Nijhuis Saur Industries. Via een Europese aanbesteding met een ‘concurrentiegerichte dialoog’ konden marktpartijen vooraf meedenken over de uitvraag. “Zo hebben we samen het best passende concept ontwikkeld”, aldus Sjerps.
Vitens
Ondertussen toonde Vitens al belangstelling voor de ontwikkelingen in Enschede. Volgens Sjerps kijkt het drinkwaterbedrijf mee naar de mogelijkheden om het gezuiverde afvalwater te benutten als bron voor drinkwaterproductie. “Vitens is geïnteresseerd in wat we hier doen”, zegt Sjerps. “Misschien moeten we uiteindelijk wel extra investeren om daarmee marktproducten, zoals drinkwater of puur water, te kunnen produceren.”
Deze optie sluit aan bij bredere landelijke ambities om waterkringlopen te sluiten en efficiënter om te gaan met beschikbare bronnen. “Zeker in droge perioden, waarin de druk op grondwatervoorraden toeneemt, kan hergebruik van gezuiverd afvalwater een belangrijke rol gaan spelen”, zegt Sjerps. Voorwaarde is wel dat de zuiveringstechniek voldoet aan de allerhoogste eisen op het gebied van zuiveringsrendement en veiligheid. “Daarom kijken we in de demo nadrukkelijk ook naar de kwaliteit van het eindproduct”, aldus Sjerps.
UPPWATER: SAMENWERKEN IN DE KETEN OM TE VERSNELLEN
UPPWATER jaagt de economische groei van de Nederlandse watertechnologiesector aan. Het is een 10-jarig programma (t/m 2032) dat intensiever samenwerken in de keten van innovatieve watertech stimuleert, pilots en fullscale demonstraties mogelijk maakt en belemmeringen wegneemt voor een versnelling van de opschaling naar de wereldmarkt. Het budget heeft omvang van ruim 340 miljoen Euro, waarvan135 miljoen Euro gefinancierd wordt vanuit het Nationaal Groeifonds.
“De overheid speelt met de ondersteuning van programma’s als UPPWATER een cruciale rol”, zegt Ronald Wielinga, Operationeel Directeur bij Water Alliance, één van de partners in het programma. “Via projecten als UPPWATER doen we niet alleen meer kennis op, maar wordt die Nederlandse kennis ook beter gevaloriseerd voor het oplossen van water- en milieuvraagstukken in onze eigen markt. En we koppelen deze oplossingen vervolgens aan andere partijen in binnen- en buitenland.”
Water Alliance is een netwerkorganisatie die samen met onderzoekstinstituut Wetsus, het CEW en CIV Water een innovatieketen voor de watertechnologie vormt op de WaterCampus in Leeuwarden
