secundair logo knw 1

In Silvolde wordt in de Heuvelstraat al jaren geëxperimenteerd in waterzuinige huizen. Het project werd onlangs bekroond met de De Vernufteling 2026. Inmiddels hebben meer dan 65 partijen zich achter het Manifest Waterzuinige Wijken geschaard. Welke lessen leverde vijf jaar pionieren in een straat op voor een hele wijk.

 


Tekst Rens Nijholt | Beeld Marcel Molle


Het regent in Silvolde. Tijdens de hoosbui lijkt de Heuvelstraat te stralen in het grijze weer, alsof ze juist voor dit soort dagen is gemaakt. De naam van de straat blijkt niet toevallig gekozen: vals plat loopt ze omhoog tussen de bloeiende bomen. Regenwater vindt er rustig zijn weg naar de wadi’s, en door het grind en groenstroken sijpelt het de bodem in. 

Voor de meeste bewoners is het weinig meer dan een grijze ochtend. Voor Peter Scheer, industrie-ontwikkelaar bij Nijhuis Saur Industries, is het een bijna perfecte demonstratie van waar deze wijk om draait. “Dat had je niet verwacht, hè?”, zegt Scheer terwijl hij de deur opent van een woning die anders oogt dan de rest. Hij staat in het zogeheten Waterhuis - een twee-onder-een-kapwoning uit de jaren zestig - die bewust is behouden toen de rest van de buurt werd gesloopt en opnieuw opgebouwd. 

Niets aan de gevel verraadt dat dit huis eigenlijk een kleine waterfabriek is. Het kreeg een tweede leven als kloppend hart van de wijk: hier wordt onderzoek gedaan naar zuivering van regenwater tot drinkwaterkwaliteit en rioolwater gezuiverd voor lokale lozing. 

'Uiteindelijk praat iedereen erover. Maar bijna niemand doet het nog'

Scheer loopt vanaf het begin mee in het project. Toch doet hij dagelijks nieuwe ontdekkingen. “Iedere maand word ik weer wijzer.” Dat is misschien wel de beste samenvatting van wat hier in Silvolde gebeurt. Het project ontstond vanuit de wens van woningcorporatie Wonion om 28 woningen duurzaam te herontwikkelen. Niet alleen op het gebied van energie, maar ook van circulariteit, biodiversiteit en waterbeheer.

Initiator
“Wonion wilde op vier punten duurzaam zijn”, vertelt Scheer. “Duurzaam bouwen, oogsten in plaats van slopen, flora en fauna en waterbeheer. Daar hebben we een goede initiator in gehad.” Waar veel gesprekken over waterbesparing op papier blijven steken, besloten de betrokken partijen het daadwerkelijk te bouwen. “Uiteindelijk praat iedereen erover”, zegt Scheer. “Maar bijna niemand doet het nog.”

In Silvolde dus wel. Dertien woningen zijn voorzien van een systeem voor zuivering en hergebruik van afvalwater voor toiletspoeling en wasmachine. Tegelijkertijd wordt afvalwater verwerkt in een eigen installatie en vervolgens geloosd op de bodem. “Daardoor blijft het water hier”, zegt Scheer. “Onder het mom: houd het water waar het is.”

Deze installaties vangen regenwater in woningen op, slaan het lokaal op en zuiveren het tot drinkwater voor gebruik in de woning. Daarnaast wordt irrigatiewater beschikbaar gemaakt voor toepassingen zoals tuinbewatering. Zo wordt regenwater optimaal benut en neemt de vraag naar extern drinkwater af.

Als je zoiets begint, moet je ook naar het extreme toe, vindt Scheer. “We wilden laten zien wat er mogelijk is.” Zijn oorspronkelijke ambitie was zelfs nog groter. “We wilden rioleringsloos zijn. We wilden waterneutraal zijn. We wilden zelfs compost maken van de reststromen.”

Hij wijst naar een installatie in het gebouw. “Daar staat het composteerapparaat. We kwamen erachter dat er relatief weinig slib overblijft”, zegt Scheer. “Uiteindelijk kun je beter een put hebben die één keer in het half jaar wordt leeggezogen.”

Niet iedere circulaire oplossing blijkt in de praktijk dan ook de slimste keuze. Juist daarvoor wordt in Silvolde geleerd, gemeten en bijgestuurd. Scheer loopt naar een raam dat uitkijkt over de woningen. “Wat hier onder meer goed gaat”, zegt hij, “is dat we regenwater zuiveren voor toiletspoeling en tuinbesproeiing.”

Onder de grond, naast het waterhuis, ligt een buffer van twintig kubieke meter. Regenwater van acht woningen wordt daar opgeslagen. Daarna begint het zuiveringsproces. “Van acht woningen plus dit huis vangen we regenwater op”, zegt Scheer. “Dat slaan we op en maken we geschikt voor gebruik.”

Té zuiver
Naarmate het project vorderde, bleek dat sommige aannames niet klopten. Scheer moet lachen als hij een van de opmerkelijkste lessen noemt. “Het drinkwater bleek zelfs té zuiver.” Te zuiver? “Ja”, zegt hij. “De hardheid klopte niet.” Om dichter bij de kwaliteit van regulier Nederlands drinkwater te komen, werd uiteindelijk een marmerfilter toegevoegd. “Het bleek dat we weer mineralen moesten toevoegen.” Het is een voorbeeld van iets dat je volgens hem alleen leert door daadwerkelijk te bouwen. “Je kunt zoiets niet voorspellen.”

Mark de Vries, programmamanager waterbesparing bij Vitens, knikt instemmend aan een eenvoudige kampeertafel in de ontvangstruimte van het Waterhuis. “Je komt altijd dingen tegen die je niet had voorzien.” Na de droge zomers van 2018 begon binnen het drinkwaterbedrijf steeds nadrukkelijker de vraag te leven hoe de drinkwatervraag in de toekomst beheersbaar blijft.

'Ik ben heel lang op zoek geweest naar de opdrachtgever van het probleem'

“Toen zagen we dat we op verschillende locaties tegen grenzen aanliepen”, zegt De Vries. “De economie groeit en de bevolking neemt toe, maar de bronnen groeien niet mee.” Nieuwe bronnen ontwikkelen blijft noodzakelijk, benadrukt hij. “Maar dat is niet het enige paard waarop je wilt wedden.”

De vraag die boven ieder experiment hangt, is uiteindelijk simpel: hoeveel drinkwater bespaar je ermee? Het antwoord is eerlijk gezegd minder spectaculair dan het doet vermoeden. “Het gaat om ongeveer vijf procent drinkwaterbesparing”, zegt De Vries. Dat is minder dan vooraf werd gehoopt. Toch ziet hij dat niet als een teleurstelling. “Dat is geen diskwalificatie van de pilot. Dit zijn precies de dingen die je in de praktijk moet leren.”

Waterzuinige bewoners
De verklaring ligt volgens hem deels bij de bewoners. In de wijk wonen relatief kleine huishoudens die al zuinig met water omgaan. Individuele systemen voor hergebruik blijken dan minder geschikt. Juist daarom verschuift de aandacht steeds meer naar collectieve systemen op buurt- en wijkniveau. Want de zoektocht naar waterzuinige wijken draait niet alleen om techniek of duurzaamheid. Uiteindelijk moet er ook een businesscase onder liggen.

Volgens Scheer wordt die vooral interessant op grotere schaal. “Onder de duizend woningen komen wij niet rendabel uit”, zegt hij. Wordt naast drinkwaterschaarste ook de capaciteit van de rioolwaterzuivering een probleem, dan verandert de rekensom. “Dan heb je eigenlijk twee businesscaseparameters", zegt Scheer. “Drinkwaterbesparing én besparing op de waterzuivering.”

Juist daarom pleit de Bouwtafel Waterzuinige Wijken in haar manifest, gesteund door meer dan 65 partijen uit de publieke, water-, bouw- en installatiesector, voor nieuwe voorbeeldwijken waarin technieken op grotere schaal kunnen worden getest. Het doel is niet alleen om drinkwater te besparen, maar ook om ervaring op te doen met beheer, monitoring, regelgeving en financiering. Uiteindelijk moeten die lessen leiden tot een nieuwe standaard.

Het idee om regenwater en afvalwater opnieuw te gebruiken, bestaat al decennialang, zegt Thea Timmermans van de Bouwtafel Waterzuinige Wijken in een videocall. “Zo’n dertig jaar.” Door de toenemende drinkwaterschaarste groeit volgens haar nu ook de urgentie om door te pakken. “Het Nationaal Plan van Aanpak drinkwaterbesparing is er, maar het gaat best traag.”

Volgens Timmermans komt dit deels doordat er weerstand is tegen hergebruik door de angst voor foutieve aansluitingen. "Wat als dat water in contact komt met drinkwater door een verkeerde aansluiting?" Juist daarom bevat het voorstel van de Bouwtafel maatregelen om zulke risico's te voorkomen, onder meer via opleidingseisen, labeling en aangepaste normen.

Bliksemschicht
Terug in de Heuvelstraat. Buiten splijt een bliksemschicht de hemel open, alsof het weer zelf even wil doorgeven dat het meewerkt aan het verhaal dat hier wordt verteld. Voor Vitens vormt Silvolde een van de plekken waar die praktijkervaring wordt opgedaan. “We wilden weten waar je tegenaan loopt”, zegt De Vries. “Technisch, juridisch, qua vergunningen, qua kosten, qua governance en natuurlijk qua volksgezondheid.”

Want hoe aantrekkelijk hergebruik van water ook klinkt, volgens De Vries mag veiligheid nooit ter discussie staan. “Wij zijn misschien wat voorzichtiger dan andere partners van de Bouwtafel. Maar dat komt omdat wij zeker willen weten dat het veilig is.”

Maar zet een drinkwaterbedrijf zichzelf niet buitenspel als woningen in de toekomst circulair worden? Volgens De Vries niet. "Ik geloof niet dat we in de toekomst in alle wijken regenwater moeten zuiveren tot drinkwater. We willen laten zien dat we slimmer met water kunnen omgaan.” Ook in een circulaire wijk blijft volgens hem een rol bestaan voor de traditionele drinkwatersector. “Kwaliteitstechnisch en voor een back-up blijft er altijd een rol voor een drinkwaterbedrijf.” 

Lokale drinkwaterproductie op woningniveau ziet Scheer niet snel gebeuren. “Dat is in verhouding zo ontzettend duur, ook omdat je aan hele strikte eisen vastzit.” De toekomst ligt volgens Scheer dan ook niet in het vervangen van drinkwaterbedrijven, maar in een slimmer samenspel tussen centrale drinkwatervoorziening en lokaal waterhergebruik.

Collectief versus individueel
De grootste les van de afgelopen jaren zit volgens zowel Scheer als De Vries niet in de techniek zelf. “Collectief gaat wel winnen van individueel”, zegt Scheer zonder aarzelen. Aanvankelijk werd veel gedacht vanuit oplossingen per woning. Maar de praktijk bleek ingewikkelder. Het gedrag van bewoners speelt namelijk een grotere rol dan verwacht.

Ondertussen worden we opgeschrikt door een wolkbreuk die oogt als een T100-scenario. Even doet de hoeveelheid water vermoeden dat een buurtbewoner niet zijn hond, maar een zeehond uitlaat. Het gesprek aan tafel verschuift naar verantwoordelijkheid. Want als collectieve systemen de toekomst zijn, wie beheert die dan? De gemeente? Een drinkwaterbedrijf? Een wijkbedrijf? Een private partij? Scheer houdt zich al jaren met die vraag bezig. “Ik ben heel lang op zoek geweest naar de opdrachtgever van het probleem.” Volgens hem is de techniek niet langer de grootste uitdaging. “Techniek is er.”

'Onder de duizend woningen komen wij niet rendabel uit'

De echte uitdaging zit volgens hem in eigenaarschap, toezicht en regelgeving. “Wie is verantwoordelijk als er iets misgaat? Wie lost een calamiteit op? Wie houdt toezicht?” De Vries ziet hetzelfde vraagstuk. Nieuwe NEN-normen, duidelijke kwaliteitseisen en heldere afspraken over beheer en toezicht moeten ervoor zorgen dat waterhergebruik veilig en op grotere schaal kan worden toegepast. “Dat governance-vraagstuk is minstens zo belangrijk als de techniek.” 

Want wie levert straks het water in een waterzuinige wijk? “Dat is best een groot vraagstuk en dat is ook echt niet zomaar beantwoord”, zegt Timmermans. Een drinkwaterbedrijf lijkt een logische partij, maar mag die rol nu wettelijk niet vervullen. Daarom wil de Bouwtafel samen met het Rijk en kennisinstellingen grootschalige voorbeeldwijken ontwikkelen. “We willen niet alleen vanwege de benodigde investeringen, maar ook vanwege het draagvlak voor toekomstige regelgeving samen optrekken.”