0
0
0
s2smodern

‘Tegels eruit, groen erin’ is een veelgehoorde aanpak om klimaatverandering op te vangen. Maar is vergroening in de stad echt effectief? En leidt het niet juist tot nieuwe problemen? Lieselotte Tolk en Maarten Kuiper houden een pleidooi om groen van alle kanten te bekijken: positief en negatief, bovengronds en ondergronds.

'Zeker, groen heeft vele voordelen. Het verkoelt de steden, zorgt voor een aangenaam leefklimaat, vergroot biodiversiteit en als het goed wordt aangelegd kan het wateroverlast beperken. Maar al dat groen vraagt ook veel water. Met de toenemende droogte is dit echt iets om bewust over na te denken. 

door Lieselotte Tolk en Maarten Kuiper

DEF Liselotte Tolk 180 vk Lieselotte Tolk'Bomen, struiken en gras dragen bij aan het opvangen van klimaatverandering in stedelijk gebied. Tegelijk kan groen ook juist wateroverlast en droogte vergroten en een gebied extra kwetsbaar maken voor droogte. Zaak dus om de voor- en nadelen van vergroening tegen het licht te houden.

De schaduwwerking van groen en de verkoeling door verdamping is effectief tegen hittestress. Maar het water voor
de begroeiing moet wel ergens vandaan komen. Beregening vergroot in warme en droge perioden het beroep op het DEF Maarten Kuiper vk 180 Maarten Kuiperoppervlakte- en drinkwater. Een groot deel van het water komt bovendien uit de bodem. Met grondwatermetingen zien we een extra uitzakking van decimeters tot ruim een meter in de groenstroken.

Oplossing en dader tegelijk
Hoe meer verdamping door groen, hoe groter de effecten. Dit kan vooral in laag Nederland tot problemen leiden, zoals paalrot bij droogvallende houten funderingen, bodemdaling, verzakking van infrastructuur en schade aan wegen. Zo kan groen naast een oplossing voor hittestress ook een dader van droogte zijn. Tenzij we ons bewust zijn van beide zijden.

Om wateroverlast te beperken, wordt groen vaak als effectief ontwerpelement ingezet. De infiltratie bij de vegetatie zorgt voor vermindering van het water-op-straat-probleem en er wordt minder water via riolering afgevoerd. Zeker wanneer groenstroken verlaagd worden aangelegd. Ook zorgt groen zo voor meer aanvulling van het grondwater. Tegelijkertijd heeft deze positieve bijdrage een keerzijde. Door de verhoging van de grondwaterstand kan groen – zeker wanneer het niet goed wordt aangelegd – ook leiden tot grondwateroverlast en vochtoverlast in woningen.

Groen in de stad is bij klimaatverandering ook een slachtoffer van de toenemende droogte. Daarbij is het vaak de jonge vegetatie die gevoelig is voor droogteschade, vooral als de planten een paar jaar oud zijn en het initiële onderhoudscontract is verlopen. Door het vergroenen van steden worden dus extra kwetsbaarheden voor droogte toegevoegd en vergroot je juist de gevoeligheid voor klimaatverandering.

Slim ontwerpen
‘Kappen dan maar’ met die bomen? Zeker niet, daarvoor hebben ze te veel voordelen. Hoe kunnen we groen dan toch inpassen bij het ontwikkelen van robuuste steden?

Je kunt wat doen aan de nadelen met een slim ontwerp. Effectief groen moet worden toegepast met beleid. Bijvoorbeeld op voldoende afstand van kwetsbare panden en eventueel met een goede (ondergrondse) watervoorziening. Het type vegetatie afstemmen op de waterbeschikbaarheid. En verder de robuustheid van de vegetatie versterken met actief grondwaterpeilbeheer, goed bodembeheer rond bomen, ruimte voor wortels bij aanleg en goede onderhoudscontracten. De toenemende watervraag moet daarbij wel integraal worden afgewogen tegen de watervraag in de regio. Wil je bij extreme droogte agrarisch gebied beregenen en/of stedelijk groen van water voorzien?

Door de vegetatie goed in te passen in het stedelijke ecosysteem kan je deze laten floreren: building with nature in de stedelijke habitat

De vergroening is dus een integrale bouwsteen van de stedelijke waterhuishouding. Dit vraagt om een systematische afstemming van het stedelijk groenontwerp op de omgeving, boven- en ondergronds. Door de vegetatie goed in te passen in het stedelijke ecosysteem kan je deze laten floreren: building with nature in de stedelijke habitat.

In veel gemeenten wordt vanuit de ondergrond gekeken naar de juiste plekken voor groen en extra infiltratie. Hier is de ondergrond mede sturend voor de bovengrondse ruimtelijke inrichting. Groenbeheerders, rioolbeheerders, wegbeheerders en ruimtelijke inrichters ontwerpen gezamenlijk de openbare ruimte met oog voor de boven- en ondergrondse kansen van onder andere vergroening. Hier zijn methodes voor ontwikkeld.

Een boom ontwerp je voor de toekomst
Boom vk 300 Steeds meer wordt ook de drukte in de ondergrond een belangrijk element hierin. Om toekomstbestendig te ontwerpen moeten naast de boomwortels ook de ondergrondse ruimteclaims van bijvoorbeeld de energietransitie een plek krijgen. Een boom verplaats je niet zomaar, maar ontwerp je voor de toekomst.

Kortom, draai de boom om en bekijk hem ook van zijn lelijke kant, om vervolgens de mooie kanten goed te kunnen toepassen. Zo creëren we met het groen een slimme bouwsteen voor toekomstbestendige steden, zonder onvoorzien hoge toekomstige kosten.'

 

 Lieselotte Tolk is projectmanager, Maarten Kuiper is hydrologist. Beiden werken bij Wareco.

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
People in conversation:
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.
  • This commment is unpublished.
    Joost Buntsma · 1 months ago
    Vooralsnog meer vragen dan antwoorden. Weet iemand waar we in Nederland beschikken over lysimeters in de stedelijke omgeving?
    • This commment is unpublished.
      Maarten Kuiper · 1 months ago
      Inderdaad vooral veel vragen om komende jaren mee aan de slag te gaan. Maar gelukkig zijn er ook wel antwoorden te vinden als we bestaande kennis gaan bundelen. Stedelijke lysimeters zoals we die buiten steden kennen, zijn er niet helaas. Wel is er gefragmenteerd in NL heel veel data en kennis t.a.v. de stedelijke invloeden in het (grond)watersysteem. Grondwatermeetnetten waaruit invloeden af te leiden zijn, monitoring verdamping van individuele bomen, lokale grondwateronderzoeken, modelstudies waarin algemene verdampingskennis in stedelijke context wordt geplaatst, etc.
      Wareco bundelt kennis via interne programma's. Dit zou een eerste stap kunnen zijn voor een nationale bundeling van kennis, om vanuit een samenhangende stedelijke (grond)waterbalans tot doelmatige maatregelen te komen?
  • This commment is unpublished.
    Michaël Bentvelsen · 1 months ago
    En ik ben benieuwd of je de extra watervraag van de groene inrichting kunt compenseren met het hemelwater van daken en plaveisel, wat nu misschien grotendeels of gedeeltelijk in het riool verdwijnt. Is daar wat zinnigs over te zeggen of te modelleren?
    • This commment is unpublished.
      Lieselotte Tolk · 1 months ago
      Het hemelwater is inderdaad een goede bron voor de watervraag van het groen. Door het vergroten van de infiltratie kan meer water in de bodem worden vastgehouden en beschikbaar gemaakt voor de vegetatie. Om langere droge perioden te overbruggen is soms een extra bron nodig. Deze kan bijvoorbeeld worden gecreëerd door de opslag van hemelwater in het watersysteem of in de diepere ondergrond met bijvoorbeeld de Urban Water Buffer.
      Het is bijvoorbeeld interessant om onverzadigde zone modellen en metingen aan grondwater- en rioolmodellen te koppelen, om te bepalen voor welke periode water voor vegetatie door infiltratie beschikbaar kan worden gemaakt.
  • This commment is unpublished.
    Hans Geerse · 2 months ago
    Interessante bevindingen t.a.v. de toenemende watervraag in de stad bij vergroening. Ik zou als 'oplossingsrichting' een lans willen breken voor de verbinding tussen de waterketen en het voorzien van water voor de vergroening. We gebruiken immers dagelijks een aanzienlijke hoeveelheden drinkwater die voor het grootste deel via de riolering en de rwzi worden afgevoerd naar oppervlaktewater veelal buiten de stedelijke bebouwing. Door afvalwater decentraal te verwerken zou dit een permanente bron van zoet water kunnen zijn. Ik begrijp de vele bezwaren die aan voorgaande kleven, maar het is in ieder geval een mogelijkheid die nader onderzoek verdient.