Fokke Dijkstra was een van de grondleggers van de afvalwaterzuivering in Nederland. Bij DSM in Geleen speelde hij een vooraanstaande rol in de ontwikkeling van de grote zuiveringsinstallatie van het chemieconcern. 19 juni is hij overleden.

Fokke Dijkstra 180 vk 2 Fokke DijkstraDr. ir. Fokke Dijkstra overleed in zijn woonplaats Sittard. Hij was een van de echte grondleggers van de afvalwaterzuivering in Nederland en niet zoals de meeste van zijn vakgenoten uit die tijd werkzaam bij de overheid of een van de ingenieursbureaus, maar bij de industrie. Een man, die je kunt karakteriseren met de woorden 'deskundig, bescheiden, meelevend en trouw'.

Na zijn opleiding tot chemisch technoloog aan de TU-Delft, toen nog TH, en aansluitend zijn promotie daar op een onderzoek naar ‘reactoren met een vast dan wel gefluïdiseerd katalysatorbed’ trad hij in 1965 in dienst van DSM in Geleen. Fokke was geen job-hopper, zijn gehele werkzame leven bleef hij deze chemische multinational trouw.

In 1965 bestond het latere begrip milieu nog niet, afvalwater stond centraal. Bij DSM ging hij zich bezighouden met de zuivering van de stroom afvalwater van het bedrijf. Later verbreedde zijn werkterrein zich en werd hij chef van de afdeling Milieuresearch van het Centraal Laboratorium DSM, later chef Technologische Staf, uiteindelijk milieucoördinator en projectleider van verschillende milieuprojecten.

Pasveersloot
Maar voor hemzelf lag de grootste nadruk in zijn werk op de zuivering van het afvalwater van DSM, een grote lozer op de Maas, waaruit verder benedenstrooms water wordt ingenomen voor de drinkwaterbereiding door de bedrijven in Den Haag en Rotterdam, thans Dunea en Evides. Zijn DSM schreef historie met de bouw van de grootste Pasveersloot ter wereld en later de ontwikkeling van een proces van vergaande nitrificatie en denitrificatie. 

Dit heeft geresulteerd in de bouw van de grote DSM-zuiveringsinstallatie (capaciteit 1.000.000 i.e.), waarmee de zuurstofbindende stoffen en een grote hoeveelheid stikstof worden verwijderd. Wat de technologie betreft, heeft Fokke hierbij een zeer vooraanstaande rol gespeeld.

Bestuurlijk niveau
Vanuit zijn deskundigheid en betrokkenheid heeft Fokke ook op bestuurlijk niveau zijn aandeel in het waterbeheer in ons land geleverd. Van 1986 tot 1988 was hij voorzitter van de toenmalige Nederlandse Vereniging voor Afvalwaterzuivering, de NVA die samen met KVWN opging in het huidige KNW. Voorts is hij vele jaren lid geweest van het Algemeen Bestuur van het Zuiveringschap Limburg en was hij namens VNO-NCW lid van het Dagelijks bestuur van de STORA, de huidige STOWA.

Maar bovenal was hij een aardige kerel, een vriendelijke man, die wist te verbinden en zichzelf ook verbonden voelde met zijn vakgenoten, zoals ook na zijn pensionering bij het jaarlijkse treffen van zijn vakgenoten, de ‘Ouwe Jonkers’ bleek, totdat naast de zorg voor zijn vrouw doofheid en kanker zijn laatste jaren gingen beheersen.

Namens zijn vakgenoten van het eerste uur,

Maarten Gast en Tjomme Meijer

Laatste reacties op onze artikelen

Zijn waterschappen nog wel van deze tijd?
Interessant artikel van Stephan Kuks over de toekomst van de waterschappen. Zelf vraag ik mij af of de waterschappen wel in staat zijn om antwoord te geven op de grote maatschappelijke vragen, die ook hij noemt. Hij zegt: "Nu wordt het tijd dat waterschappen duidelijk maken dat er vanuit water en bodem grenzen zijn, en dat de ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden van Nederland hierop moeten worden aangepast.” Dat lijkt op het oog een logische uitspraak, maar de grote vraag is of het huidige waterschap deze vraag wel inhoud kan geven. En niet vanwege dat het waterschap niet deskundig zou zijn, maar meer vanwege de samenstelling van het bestuur en dat het mandaat op de genoemde onderwerpen zeer beperkt is.
En natuurlijk, prachtig als Kuks vindt dat de waterschappen duidelijk stelling moeten nemen in het maatschappelijk debat over de toekomst van ons land, maar welke stelling dan? Het belang van de boeren? Het belang van de natuur? Het belang van woningbouw? Deze discussie hoort in eerste instantie thuis op het allerhoogste politieke niveau. Daar heeft men het de afgelopen decennia lelijk laten liggen, maar dat betekent niet dat nu het waterschap aan bod is. En natuurlijk voor het waterbeheer zijn de waterschappen de ogen en de oren van de samenleving. De waterschappen zijn bij uitstek degenen die van onderop knelpunten en ideeën kunnen aandragen om het beleid op provinciaal en nationaal niveau effectief vorm te geven. Maar ik moet er niet aan denken dat de waterschappen dat in die breedheid zelf zouden moeten gaan oppakken.
En om dan ook maar tegelijk tegen een heilig huis aan te schoppen, we zouden ons zelfs kunnen afvragen of waterschappen en het functioneren ervan nog wel van deze tijd is. Zeker als het gaat om ruimtelijke ordening en klimaat heeften provinciaal bestuur veel meer mandaat en dus veel meer slagkracht. Wat mij betreft zou het waterbeheer zo overgeheveld kunnen worden naar de provincie en zouden waterschappen omgevormd kunnen worden tot uitvoeringsorganisaties die het dagelijks waterbeheer doen. De RWZI’s zouden nutsbedrijf kunnen worden. Zeker zij zouden daarmee grote stappen kunnen maken in de efficiency van de waterzuivering.
Wat bedoel ik daarmee? In de afgelopen 10 tot 20 jaar zijn de RWZI ’s zich steeds meer gaan toeleggen op terugwinning van grondstoffen(fosfaat, cellulose, biogas, etc). Maar een grote doorbaak met substantieel resultaat heb ik tot nu toe niet echt gezien, misschien met uitzondering van een aantal initiatieven, zoals Waterstromen. Het succes van een goede afzet van reststromen wordt bepaald door kwantiteit en kwaliteit.
Eind vorige eeuw werd in de autobranche de organisatie Autorecycling Nederland opgericht. Ik was daarbij betrokken. Doel was om een hoger hergebruik te realiseren bij demontage van auto’s. Voor het ophalen een paar rubber strips per bedrijf was namelijk nooit veel belangstelling vanwege de geringe baten. Maar als je als verwerkingsbedrijf bij alle autodemontagebedrijven rubber kan ophalen, wordt het ineens interessant. Ook voor het autodemontage bedrijf, sommig restafval kreeg ineens een positieve geldwaarde.
Dat kan ook zomaar voor de RWZI’s gelden. Als ze met z’n allen gaan samenwerken en op landelijk niveau collectief contracten gaan afsluiten met afnemers dan kan dat voor beide partijen interessant worden. Bijvoorbeeld voor struviet. Zeker nu de totale gevolgen van kunstmest steeds meer onder het vergrootglas komen, zou struviet een geweldige vervanger kunnen zijn.
En een centrale organisatie, zoals ARN bij de autosector heeft nog meer voordelen. Je kunt een veel directere samenwerking met partijen als Wetsus en KWR tot stand brengen, waarbij uit een deel van de opbrengsten van de restproducten onderzoek gefinancierd kan worden om nog effectiever en efficiënter te worden met de terugwinning. Je zou dan ook kunnen kijken in hoeverre je samenwerkingen zou kunnen aangaan met bedrijven, die nu hun afvalwater moeten voorzuiveren. Bij Waterstromen werd zo’n samenwerking al tot stand gebracht met een voedselproducent en een leerlooier.
En als het echt succesvol zou worden, zou het zelfs kunnen leiden tot lagere belastingen(verontreinigingsheffing). Wat mij betreft is er wel één belangrijke voorwaarde aan verbonden, namelijk dat het zuiveren van communaal afvalwater altijd een publieke aangelegenheid blijft.
Klinkt goed! Maar waarom wordt dit niet bij alle waterschappen ingevoerd? Dan ontstaan er meer mogelijkheden tegen lagere prijzen.
Afsluiten van de Nieuwe Waterweg met zeesluizen (Plan Spaargaren) zal de riviersedimentstroom naar het zuidwesten voeren. Daar is behoefte aan sediment. Het baggeren in de binnengelegen (oude) Rotterdamse havens wordt daardoor tot een minimum beperkt. Zeewaartse afhandeling van schepen (containertransferia) op de Maasvlakten maken tevens dat de Nieuwe Waterweg mag verondiepen. Binnenvaartschepen hebben immers een geringe diepgang. Bovendien wordt het rivierpeil dankzij zeesluizen meer beheersbaar.

Wil Borm
Adviesgroep Borm & Huijgens - integraal waterbeheer
Interessant artikel en mooi initiatief.. wel jammer dat er meerdere keren over waterpomp gesproken wordt terwijl het warmtepomp is.
Redactie: dank, is gecorrigeerd.
Energetisch mooi maar hoe worden de kosten binnen de perken gehouden, zodat de “gewone” burger het nog kan betalen? Hoe bedrijfszeker is de installatie en het net?

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!