Op 8 mei ontvingen wij het trieste bericht dat onze collega Antoine Freijters op 52-jarige leeftijd plotseling is overleden. Antoine was sinds 2010 werkzaam bij Waterbedrijf Groningen, eerst vanuit zijn eigen adviespraktijk als business manager development, sinds 2013 als manager Ingenieursbureau en vanaf 2015 ook als hoofd afdeling Strategie en Onderzoek. Hij maakte sinds 2013 deel uit van het managementteam. 

Antoine Freijters 180 zw Antoine FreijtersAntoine was een ‘waterman’ in hart en nieren. Voordat hij bij ons in Groningen is gaan werken, had hij zijn sporen in de watersector al ruimschoots verdiend. Afgestudeerd aan de TU in Delft, faculteit industrieel ontwerpen heeft zijn carrière daarna altijd in het teken van water gestaan. 

Vanaf 2000 tot 2010 heeft hij gewerkt in diverse functies bij PWN o.a. als manager productie Noord, programmamanager, manager bedrijfsvoering & watertechnologie & installatiebeheer en vanaf 2005 manager bedrijfsvoering watertechnologie. Aansluitend is Antoine actief geweest als chief operating officer bij PWN Technologies.

Menselijke benadering
Antoine is altijd de man geweest van de techniek, maar bovenal was hij de man van de menselijke benadering. Zoals collega’s in Groningen hem afgelopen dagen typeerden: oprecht geïnteresseerd, integer, altijd op zoek naar het beste voor de ander, onzelfzuchtig en betrokken. Maar ook bescheiden. Die persoonlijke benadering heeft geleid tot duurzame relaties met zijn collega’s en de waardevolle combinatie van kennis en mensgerichtheid leverden hem het respect op dat hij verdiende. 

Zoals Antoine zelf in zijn profielinformatie bij ons bedrijf schreef: “Het is een schitterend vak, maatschappelijk heel relevant, ik werk graag samen met mensen in de watersector”. Antoine keek altijd vooruit, zag de kansen en de risico’s en wist die onder de aandacht te brengen op zijn eigen wijze. 

Hoog kwaliteitsbesef
Hij was vanuit zijn functie zowel bij de strategie als bij de uitvoering actief betrokken, dit maakte dat Antoine als geen ander in verbanden kon denken. Omdat hij zo’n hoog kwaliteitsbesef had, kon hij zich ook zorgen maken of alles wel goed zou komen. Altijd willen verbeteren, verder willen ontwikkelen en daartoe ook anderen te helpen in hun eigen context, dat was zijn stijl van leidinggeven. Hij liet iedereen in zijn waarde en was erop gericht anderen ruimte te geven om zich te ontwikkelen.

Onze gedachten en medeleven gaan uit naar zijn vrouw, kinderen en alle mensen die dicht bij hem stonden. We wensen hen heel veel sterkte. 

Voor ons blijft Antoine de techneut, de bevlogen waterman, de trotse echtgenoot en papa en fijne collega. We gaan hem enorm missen. 

Riksta Zwart, directeur Waterbedrijf Groningen

Laatste reacties op onze artikelen

@Hans Middendorp AWPHans, het water van kleinere buien wordt dan ook vast gehouden. Ik vind dit een mooie ingreep, die meteen ook mogelijkheden biedt om de kleine waterkringloop te herstellen. Mits dat er naast de slootjes meerjarig oogstbaar/eetbaar groen wordt geplaatst, dat helpt dan weer met verdamping waardoor de temperatuur daalt juist door de verdamping. De regentrigger bij herstel van de kleine waterkringloop, waardoor die buien zich niet meer samenpakken maar gelijkmatig verdeelt uitregenen ook achter de veluwe op de hoge zandgronden. Oogstbaar is b.v. voederbomen als veevoer.
Mooie studie en uitkomsten die goed passen met wat je zou verwachten. Maar... er is gerekend met hoosbuien van 60 mm in één uur. Dan snap ik dat afstroming over het oppervlak plaats vindt. Maar negentig procent van de buien is minder dan 10 of 20 mm en dan is er gewoon inzijging van hemelwater in de bodem en helemaal geen oppervlakkige afstroming. Hoosbuien komen weliswaar steeds vaker voor, maar zijn toch vooral zeer plaatselijk. Het kan dus jaren duren voor een bepaald perceel door een hoosbui wordt getroffen. Toch?
Bedankt voor deze aanvullende opinie op ons artikel. Wij hebben als auteurs vanuit TAUW en HDSR uw opinie met interesse gelezen en willen graag een reactie geven.
De aanleiding van het onderzoek waren klachten die HDSR ontving van omwonenden over overstortlocaties. Naast een feitelijke weergave van de situatie van de watergang en de ecologische toestand, was de beleefwaarde van omwonenden een belangrijke component in het onderzoek. We hebben er voor gekozen het onderzoek en artikel verder neutraal te houden en onze mening als onderzoekers en initiator van het onderzoek buiten beschouwing te laten.
Natuurlijk zijn wij het met u eens dat doekjes en vuil in het water onwenselijk zijn. In het uitgebreidere online artikel gaan we wel in op de nodige verbeterpunten om effecten die nu buiten het onderzoek zijn gevallen, beter in beeld te krijgen. Daaronder benoemen wij ook een manier om de hoeveelheid doekjes en vuil in het water beter te monitoren.
Uw grootste zorg over dat we geen heftige zomerse onweersbui in het onderzoek meenemen, erkennen wij. De zomer van 2021 was niet extreem warm, waardoor de zuurstofloosheid na een overstort niet direct heeft geleid tot vissterfte. Hierdoor lijkt het alsof het effect beperkt is. Maar we zien wel dat overstorten gedurende de zomer tot zuurstofarme condities leiden. Dit is ecologisch gezien zeer onwenselijk.
Dat dit niet direct naar voren komt in de titel, is een keuze. Daarin is de aanleiding van het onderzoek als uitgangspunt genomen, wat heeft geleid tot een onverwacht inzicht: namelijk dat omwonenden van de onderzochte locaties over het algemeen beperkt hinder ondervinden van overstorten. Dit betekent dus niet dat er geen effect is.
Dag Cees,
In dit vakartikel staan een aantal fouten. Er wordt bij het voorbeeld aangegeven dat de berekeningen zijn voor het pompstation Terwisscha (provincie Groningen)! Prov. Groningen zal wel kloppen, maar dus niet Terwisscha, maar een winning van 6,5 mln m3 per jaar en met een complexe ondergrond t.a.v. de hydraulische weerstand afdekkend pakket zoals wordt weergegeven in figuur 2 (artikel). Ook in figuur 2 staat in de tekst dat deze geldt voor de Verlagingslijnen stijhoogte(!!) en GHG, maar het onderschrift bij figuur 2 geeft aan de zomersituatie!!!
Mijn grijze haren gaan recht overeind staan bij deze hydrologische fouten. Of heb ik het mis? Terecht geeft Willem Zaadnoordijk aan dat over dit onderwerp veel discussie in het verleden is geweest, maar ik zie nu wel een aanpak met behulp van een numerieke rekenmethode! Wat ik wel mis in het vakartikel is bijv. het effect van de bodemkaart, de grondwateraanvulling (zomer/winter) en de veranderende elastische berging in de ondergrond in droge of natte weerjaren, maar dat zal allemaal wel via de relatie uit figuur 1 in de berekeningen zijn meegenomen.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!