Annemieke Nijhof is de nieuwe juryvoorzitter van de Waterinnovatieprijs, die dit jaar als thema heeft: Het waterschap van de toekomst.

Annemieke Nijhof 180 vk Annemieke NijhofNijhof, algemeen directeur van Deltares, volgt Lidewijde Ongering op. Ongering, voormalig secretaris-generaal van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, heeft gedurende drie jaar de jury voorgezeten. Zijn nam indertijd de plek in van Nijhof die dus nu weer terugkeert.

De jury bestaat verder uit Merle de Kreuk (hoogleraar Waterkwaliteit aan de TU Delft), Katja Portegies (directeur Veiligheid bij Rijkswaterstaat), Lidwin van Velden (de Nederlandse Waterschapsbank), Gilles Erkens (bodemspecialist bij Deltares), Jan Jonker (emeritus hoogleraar Duurzaam Ondernemen, Radboud Universiteit Nijmegen) en Katheleen Poels (directeur Water bij Royal HaskoningDHV).

De Waterinnovatieprijs, een project van de Unie van Waterschappen en de Nederlandse Waterschapsbank, wordt iedere twee jaar uitgereikt. Er worden deze keer prijzen toegekend in de categorieën: aanpassen aan weersextremen, klimaatneutraliteit, gezond water en een gezonde bodem, en het waterschap van de toekomst.

De prijzen worden op 2 december uitgereikt in evenementencentrum De Fabrique (Utrecht). Dat gebeurt tijdens het Waterinnovatiefestival dat de UvW organiseert in samenwerking met de Nederlandse Waterschapsbank, Het Waterschapshuis en kenniscentrum STOWA. Organisaties die mee willen doen aan de verkiezing kunnen zich aanmelden via waterinnovatieprijs.nl.

Laatste reacties op onze artikelen

Mooi onderzoek. Met de hete zomers van nu is het fijn om vlakbij zwemwater te hebben en het water op de hoek van de straat ( in mijn geval) kan dan een enorme aantrekkingskracht hebben. Mooie aanvulling op het onderzoek, zou een vergelijking met nabijgelegen “ officiële zwemwaterlocaties” kunnen zijn: op welke punten scoren deze beter ( en waar minder) als zwemlocatie… , wat is de capaciteit … en hoe nabijgelegen zijn deze locaties.
Hoezo een nieuwe bestuurscultuur in de politiek? Handje-klap van de ChristenUnie om zo veel als mogelijk alles bij het oude te houden. Dat je in 2022 met een amendement op basis van het advies uit 2015 - is echt oude wijn in nieuwe zakken. De commissie Boelhouwer was duidelijk: of alle geborgde zetels opheffen, of max. 2 zetels voor boeren en 2 zetels voor natuurbeheerders (die steeds 'natuur' worden genoemd). Geborgde zetels natuur zijn overbodig, zelfs Natuurmonumenten wil er vanaf. En dan meteen de waterschapsbelasting op natuurterreinen afschaffen, Natuur wordt uit publiek geld betaald en landelijk gaat het slechts om 0.25% van de totale opbrengst van de watersysteemheffing.
Juni wordt ook droog: veel NW winden, dwz. wat buien, maar die zullen geen zoden aan de dijk zetten.
Mocht het in Juli weer warm en zonnig worden dan zal er een fors escalerend waterprobleem zijn.
Je sommetje klopt niet, Hans, want de lozing van N was altijd al veel groter dan van P. Stel in 1990 was de lozing van N 5 keer zo groot als P, dus 5:1. N is afgenomen met 64%, er is dus nog over 0,36*5 = 1,8. Van P is 74% verwijderd, dus nog over 0,26*1 = 0,26. De verhouding N:P is dan nu geworden 1,8:0,26 oftewel (afgerond) 7:1. Er is dus nu meer stikstof ten opzichte van fosfor in de lozing, dan het geval was in 1990.
"64% minder lozing dan in 1990" juicht dit artikel. Dan praat je dus over 2 procent verbetering per jaar. Of anders gezegd: na 32 jaar is de restlozing met twee-derde afgenomen. De zuiveringstechniek is in deze periode geëvolueerd van alleen aerobe beluchting naar anaerobe technieken, dus zo verrassend is dit niet.
De hamvraag die onbeantwoord blijft, is wat de impact is van de restlozing op de doelen van de KRW. Uit de berekeningen van het CBS zou blijken dat stikstof uit rwzi's nog voor 18% bijdraagt aan de totale belasting, en fosfaat nog voor 25% aan de totale belasting. Maar het gaat nog steeds om enorme hoeveelheden: 14,3 miljoen kg N en 1,64 miljoen kg P.
De afname in kg N is veel groter is dan in kg P. De verhouding tussen N en P is verschoven. Met als gevolg dat blauwalgen (die zelf stikstof binden) "in het voordeel zijn" vergeleken met groenalgen, die stikstof uit het oppervlaktewater opnemen. Dertig jaar geleden was er nog veel 'groene soep', inmiddels zijn de drijflagen van blauwalgen een hardnekkig probleem.
Het zou dus zomaar kunnen zijn dat het verwijderen van stikstof nu voldoende is, maar dat de verwijdering van fosfaat nog veel beter moet. Behalve wellicht als de rwzi (bijna) rechtstreeks op zee loost, dan is goed ook goed genoeg.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!