De Houtribdijk is over een lengte van tien kilometer versterkt met zandoevers. Rijkswaterstaat spreekt van een wereldwijde primeur. Deze methode van bouwen met de natuur is voor de eerste keer toegepast bij een binnenmeer zonder getijdewerking.

De Houtribdijk is een dam tussen het IJsselmeer en Markermeer, waarover verkeer tussen Enkhuizen en Lelystad rijdt. De zandoevers liggen langs bijna de helft van de dijk: het tien kilometer lange stuk tussen Enkhuizen en Trintelhaven. In december startte de Combinatie Houtribdijk (Boskalis en Van Oord) in opdracht van Rijkswaterstaat met het leggen van enorme zandpakketten langs beide kanten van de dijk. Afgelopen weekend is het laatste zand gestort. De aannemer werkt nu de oevers op de vereiste hoogte af.

Meer biodiversiteit
Rijkswaterstaat heeft het over een wereldwijde primeur. “Het gebruik van zandige oevers is wereldwijd niet eerder op deze manier toegepast in een binnenmeer zonder eb en vloed. De oevers zorgen voor meer biodiversiteit in het IJsselmeergebied, waar over het algemeen vooral harde, stenige oevers zijn”, aldus een bericht op de site van Rijkswaterstaat.

Versterking van de Houtribdijk was nodig omdat die niet meer voldeed aan de nieuwe veiligheidsnormen. In het deel van de dijk waar de zandoevers zijn gelegd, is het water relatief ondiep. Dat maakte het mogelijk om de methode van bouwen met natuur toe te passen, waardoor de dijk niet hoefde te worden verhoogd. Het dieper liggende deel richting Lelystad wordt versterkt met breuksteen en gietasfalt.

De aannemer heeft het zand gehaald uit zandwinputten in het Markeermeer. In totaal is tien miljoen kubieke meter zand gebruikt. Deze hoeveelheid is volgens Rijkswaterstaat groter dan normaal gesproken in een jaar langs de hele Nederlandse kust wordt gestort. Opgezogen bodemmateriaal dat niet geschikt was voor dijkversterking, is gebruikt voor het nieuwe natte natuurgebied Trintelzand.

Eerst pilot
Bij de aanleg van de zandoevers is niet over een nacht ijs gegaan. Zandversterking werkt in een zoetwatermeer heel anders dan in een kustgebied en daarover was vooraf weinig bekend. De methode is eerst vier jaar lang getest in een proefvak bij Trintelhaven. De conclusie was dat een stabiele zandige oplossing in een meeromgeving mogelijk is. De oever is tijdens de pilotperiode goed blijven liggen. De hoeveelheid zand is vrijwel gelijk gebleven ondanks soms zware stormomstandigheden met hoge golven.

Rijkswaterstaat gaat in samenwerking met TU Delft de komende jaren verder onderzoeken hoe de onvoorspelbare golfslag in het IJsselmeergebied de zandoevers beïnvloeden. De kennis opgedaan bij de Houtribdijk is intussen gebruikt in andere projecten, zoals de dimensionering van de zandige buitenranden van de Marker Wadden en de versterking van de Markermeerdijken tussen Hoorn en Edam.

 

MEER INFORMATIE
Rijkswaterstaat over afronding van zandstort
Bericht over pilotresultaten
Rijkswaterstaat over versterking van Houtribdijk

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Mooi onderzoek. Met de hete zomers van nu is het fijn om vlakbij zwemwater te hebben en het water op de hoek van de straat ( in mijn geval) kan dan een enorme aantrekkingskracht hebben. Mooie aanvulling op het onderzoek, zou een vergelijking met nabijgelegen “ officiële zwemwaterlocaties” kunnen zijn: op welke punten scoren deze beter ( en waar minder) als zwemlocatie… , wat is de capaciteit … en hoe nabijgelegen zijn deze locaties.
Hoezo een nieuwe bestuurscultuur in de politiek? Handje-klap van de ChristenUnie om zo veel als mogelijk alles bij het oude te houden. Dat je in 2022 met een amendement op basis van het advies uit 2015 - is echt oude wijn in nieuwe zakken. De commissie Boelhouwer was duidelijk: of alle geborgde zetels opheffen, of max. 2 zetels voor boeren en 2 zetels voor natuurbeheerders (die steeds 'natuur' worden genoemd). Geborgde zetels natuur zijn overbodig, zelfs Natuurmonumenten wil er vanaf. En dan meteen de waterschapsbelasting op natuurterreinen afschaffen, Natuur wordt uit publiek geld betaald en landelijk gaat het slechts om 0.25% van de totale opbrengst van de watersysteemheffing.
Juni wordt ook droog: veel NW winden, dwz. wat buien, maar die zullen geen zoden aan de dijk zetten.
Mocht het in Juli weer warm en zonnig worden dan zal er een fors escalerend waterprobleem zijn.
Je sommetje klopt niet, Hans, want de lozing van N was altijd al veel groter dan van P. Stel in 1990 was de lozing van N 5 keer zo groot als P, dus 5:1. N is afgenomen met 64%, er is dus nog over 0,36*5 = 1,8. Van P is 74% verwijderd, dus nog over 0,26*1 = 0,26. De verhouding N:P is dan nu geworden 1,8:0,26 oftewel (afgerond) 7:1. Er is dus nu meer stikstof ten opzichte van fosfor in de lozing, dan het geval was in 1990.
"64% minder lozing dan in 1990" juicht dit artikel. Dan praat je dus over 2 procent verbetering per jaar. Of anders gezegd: na 32 jaar is de restlozing met twee-derde afgenomen. De zuiveringstechniek is in deze periode geëvolueerd van alleen aerobe beluchting naar anaerobe technieken, dus zo verrassend is dit niet.
De hamvraag die onbeantwoord blijft, is wat de impact is van de restlozing op de doelen van de KRW. Uit de berekeningen van het CBS zou blijken dat stikstof uit rwzi's nog voor 18% bijdraagt aan de totale belasting, en fosfaat nog voor 25% aan de totale belasting. Maar het gaat nog steeds om enorme hoeveelheden: 14,3 miljoen kg N en 1,64 miljoen kg P.
De afname in kg N is veel groter is dan in kg P. De verhouding tussen N en P is verschoven. Met als gevolg dat blauwalgen (die zelf stikstof binden) "in het voordeel zijn" vergeleken met groenalgen, die stikstof uit het oppervlaktewater opnemen. Dertig jaar geleden was er nog veel 'groene soep', inmiddels zijn de drijflagen van blauwalgen een hardnekkig probleem.
Het zou dus zomaar kunnen zijn dat het verwijderen van stikstof nu voldoende is, maar dat de verwijdering van fosfaat nog veel beter moet. Behalve wellicht als de rwzi (bijna) rechtstreeks op zee loost, dan is goed ook goed genoeg.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!