0
0
0
s2sdefault

Nederlandse partijen lopen voorop bij de wereldwijde inspanningen om schoon drinkwater toegankelijk te maken voor mensen in ontwikkelingslanden. Daarbij zijn langdurige samenwerkingen en het aantrekken van privaat kapitaal van groot belang. “We zien een partnerschap als een langdurig huwelijk en niet als een one-night stand.”

door Hans Klip

Wereldwaterwerk waterwerk kader 200 Aqua for All, VEI, Wereld Waternet, WaterWorx. Het is een greep uit de Nederlandse organisaties en initiatieven die een bijdrage leveren aan het zesde duurzame ontwikkelingsdoel (SDG6) van de Verenigde Naties voor 2030: iedereen heeft toegang tot schoon drinkwater en sanitatie. Zij blazen een stevig partijtje mee, zegt Marco Schouten. “Wij zijn op dit terrein een gidsland, zeker bij het ondersteunen van buitenlandse waterbedrijven.”

Hulp aan meer dan elf miljoen mensen
Marco Schouten 180 vk Marco SchoutenSchouten is sinds zeven jaar directeur van VEI ­en tevens van Water for Life (zie kader: Wat doen Aqua for All en VEI?). Binnen VEI hebben zeven Nederlandse waterbedrijven hun krachten gebundeld om tegenhangers in Afrika, Azië en Zuid-Amerika te ondersteunen bij het verbeteren van de waterdiensten. “VEI is wereldwijd de grootste organisatie bij ‘water operator partnerships’. Dat is mogelijk dankzij de moed die de aangesloten waterbedrijven hebben getoond.”

VEI heeft zich als doel gesteld om in de periode van 2015 tot en met 2030 van betekenis te zijn voor 11,5 miljoen mensen. Schouten: “De sleutel is om de buitenlandse waterbedrijven waarmee we samenwerken, gezond te helpen krijgen. Daar worden wij steeds beter in.”

Ook ondernemers ondersteund
Josien Sluijs 180 vk Josien SluijsWaar VEI een prominente speler aan publieke kant is, heeft Aqua for All een vergelijkbare positie richting ondernemers en private investeerders. De not-for-profit organisatie is actief in Afrikaanse en Aziatische landen en ondersteunt kleinere ondernemingen, met name door groei te faciliteren. Directeur Josien Sluijs van Aqua for All omschrijft haar organisatie en VEI als complementair. “Wij zoeken zoveel mogelijk de samenwerking. Zo kijken we of er bij publieke projecten ook iets met privaat kapitaal kan worden gedaan.”

De regering ondersteunt internationale drinkwateractiviteiten volop en dat is bijzonder, merkt Sluijs op. “Daardoor speelt Nederland een belangrijke rol op wereldniveau. De rijksoverheid verstrekt financiële middelen aan zowel internationale organisaties zoals de Wereldbank en Unicef als Nederlandse partijen. Behalve naar Aqua for All, VEI en Wereld Waternet gaat er onder meer geld naar Waste dat zich inzet voor een beter afvalbeheer bij bijvoorbeeld sanitatie en Climate Fund Managers die private economisch georiënteerde activiteiten ondersteunen.”

Sluijs voegt eraan toe dat ook een aantal niet-gouvernementele organisaties die zich met name op humanitaire hulp richten, werkt aan toegang tot drinkwater. Dit gebeurt bijvoorbeeld in gebieden die niet commercieel bereikbaar zijn of waar meer focus op gender nodig is. “De diversiteit aan organisaties laat de variatie in expertise zien. Verschillende organisaties streven naar het gezamenlijk ontwikkelen van een aanpak en instrumenten. Zij willen hiermee zorgen voor zoveel mogelijk impact.”

'We zien een partnerschap als een langdurig huwelijk en niet als een one-night stand'

Management vaak sleutelfactor
Voor VEI is het voornaamste criterium voor het aangaan van een samenwerking dat het buitenlandse waterbedrijf de potentie heeft om beter te worden. De sleutelfactor is vaak het management, zegt Schouten. “Als die echt voor verbetering wil zorgen, is de helft van de oorlog al gewonnen.”

De duurzaamheid van een oplossing staat voorop, vervolgt Schouten. “Deze moet ook goed blijven werken na afloop van een project. Verder is het belangrijk om geduld te hebben en voldoende tijd voor een interventie uit te trekken. We zien een partnerschap als een langdurig huwelijk en niet als een one-night stand.”

Voortdurend in crisisstand
De drinkwaterbedrijven waarmee VEI samenwerkt staan eigenlijk voortdurend in een crisisstand. “Zij hebben duizend problemen tegelijk, zoals niet kunnen betalen van personeel, lekkages, illegale aansluitingen en politieke inmenging. Bovendien is er onvoldoende zicht op zowel de drinkwaterkwaliteit als wie de klanten zijn.”

Het komt volgens Schouten regelmatig voor dat een bedrijf op de route van waterzuivering naar klant de helft van het drinkwater kwijtraakt. “De regelgeving is meestal best goed maar de operationele capaciteit schiet tekort. Dat maakt waterbedrijven erg kwetsbaar. Zij zijn afhankelijk van een paar goede medewerkers.”

Sluijs wijst erop dat hierdoor de druk op waterbronnen nog groter wordt en er veel energie wordt verspild. Ook kan een waterbedrijf heel wat meer betalende klanten hebben, als er onderweg geen water verloren gaat. “Daarom is investeringskapitaal voor het herstel van de infrastructuur hard nodig.”

Project VEI 900 2

Veel vraag naar operationele kennis
VEI heeft een kleine staf in Nederland en zendt veel mensen uit. Schouten: “Wanneer we een samenwerking met een buitenlands waterbedrijf aangaan, zetten we iemand daar neer. Echt op de gang van de directeur, want het is belangrijk om ook samen koffie te drinken.”

Verder schakelt VEI in normale omstandigheden jaarlijks zo’n tweehonderd experts in voor kortdurende opdrachten. “Het zijn vooral medewerkers van de bij ons aangesloten waterbedrijven. Zij gaan meestal meerdere keren naar dezelfde buitenlandse partnerorganisatie toe.”

Schouten vertelt dat behoefte is aan allerlei soorten expertises vanwege het grote aantal problemen. “Er is veel vraag naar operationele kennis op basisniveau. Het werk is voor de uitgezonden mensen erg bevredigend, want zij kunnen met simpele maatregelen al meteen forse verbeteringen aanbrengen. Ook wordt hun eigen horizon verbreed.”

'We sturen er nadrukkelijk op dat ondernemers aan het eind van het project verder kunnen zonder subsidie'

Nadrukkelijk sturen op duurzaamheid
Aqua for All ondersteunt zowel kleine en startende ondernemingen als wat grotere bedrijven die bijvoorbeeld honderd waterkiosken beheren. Sluijs hamert op het belang van een lange termijn en duurzaamheid. “We sturen er nadrukkelijk op dat ondernemers aan het eind van het project verder kunnen zonder subsidie. De ondernemers opereren altijd lokaal, waardoor onze interventies ook steeds anders zijn. We streven ernaar dat zij uiteindelijk voor financiering naar lokale banken of investeerders kunnen. Dan geven we eventueel een garantie af.”

De meeste medewerkers van Aqua for All werken vanuit Nederland. Daarnaast onderhouden per land een of twee lokale medewerkers de contacten in het veld. Sluijs licht toe: “We werken niet een-op-een samen met partners zoals VEI doet, maar zetten onze middelen in voor veel verschillende ondernemers. Daarom is het voor ons niet noodzakelijk om voortdurend op locatie te zijn.”

Versterking van ondernemerschap en bedrijfsgroei staan bij projecten van Aqua for All voorop. Sluijs: “Vaak is specifieke begeleiding nodig op het gebied van ondernemerschap. Daarvoor organiseren we trainingstrajecten.” Ook projecten van VEI vragen soms om extra aandacht, geeft Schouten aan. “Bijvoorbeeld als het management wordt vervangen.”

Aqua for All 900

In coronatijd activiteiten relatief goed doorgezet
De coronapandemie heeft gevolgen gehad voor de werkwijze van beide organisaties. Aqua for All heeft vooral in het begin relatief goed kunnen doorwerken, vertelt Sluijs. “Wij hebben veel aanvragen digitaal kunnen afhandelen.”

Het blijkt echter niet meer mogelijk om ter plekke samen met lokale partners projecten te ontwikkelen. “Dat effect voelen we nu zeker. Ook moesten we de lancering van trajecten met private financiers uitstellen.” Aqua for All zette een responsfaciliteit op waar ondernemers extra steun konden vragen. Sluijs: “Zo konden zij drinkwater blijven leveren tijdens de lockdown.”

'Door corona is het belang van drinkwater extra onderstreept'

In 2020 heeft VEI ruim 365.000 mensen geholpen en dat is meer dan in de jaren daarvoor. “Door corona is het belang van drinkwater extra onderstreept”, zegt Schouten. “Tegelijkertijd was te zien dat de buitenlandse waterbedrijven het financieel erg lastig hadden. Zij konden bijvoorbeeld niet meer mensen langs de deuren laten gaan om geld te innen, zoals een normale procedure is.”

Toen de coronacrisis in maart vorig jaar uitbrak, moest VEI hals over kop de uitgezonden medewerkers naar huis halen. “Het was even alle hens aan dek. Vanaf de zomer zijn de expats langzaam teruggegaan naar hun standplaatsen. De medewerkers van drinkwaterbedrijven kunnen echter nog steeds niet reizen. Om dat op te vangen, hebben we de lokale teams verstevigd. Zo kunnen we nog impact hebben, al verliezen we wel een stuk van onze identiteit.”

Katalyseren van publiek en privaat kapitaal
Volgens een recent rapport van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en UNICEF wordt SDG6 met het huidige tempo van verbetering bij lange na niet gehaald. Daarom zijn forse extra inspanningen nodig. Sluijs blijft optimistisch. “Ik denk dat we wereldwijd nog een heel eind kunnen komen als we met zijn allen de schouders eronder zetten. De inzet van Aqua for All is om publiek en privaat kapitaal te katalyseren.”

'De OESO heeft in 2018 berekend dat er jaarlijks 114 miljard dollar nodig is voor watervoorzieningen, terwijl er slechts 5 miljard dollar beschikbaar is'

Sluijs hield zich tot voor twee jaar bezig met impactinvesteringen. “Toen ik overstapte naar de watersector was ik behoorlijk verrast door de omvang van het financieringsgat. De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling heeft in 2018 berekend dat er jaarlijks 114 miljard dollar nodig is voor watervoorzieningen, terwijl er slechts 5 miljard dollar beschikbaar is.”

Nieuwe financieringsmodellen
Het benodigde geld is er simpelweg niet bij alleen publieke partijen en stichtingen, aldus Sluijs. “Het aantrekken van privaat kapitaal is essentieel. Impactinvesteerders zijn echter nog onvoldoende bekend met de mogelijkheden in de watersector. Bovendien vinden ze de risico’s relatief groot. Het is voor ondernemers om verschillende redenen lastig op te schalen en aantrekkelijk voor investeerders te worden.”

Aqua for All ontwikkelt daarom nieuwe financieringsmodellen in de projecten. “We verstrekken op een slimme manier subsidiegeld voor de versterking van ondernemingen en verlagen het risico van financiers door bijvoorbeeld garanties. Daarmee zijn we eigenlijk uniek. Zulke trajecten bestaan verder amper.”

Schouten wijst op het verschil met publieke partijen. “Voor hen is investeren wel heel interessant. Elke dollar die in de drinkwatervoorziening wordt gestoken, levert een maatschappelijke winst van gemiddeld twaalf dollar op. Denk bijvoorbeeld aan de positieve effecten op de volksgezondheid en economische ontwikkeling. In veel landen is het meer een kwestie dat drinkwater politiek te weinig prioriteit heeft.”

 

WAT DOEN AQUA FOR ALL EN VEI?
De not-for-profitorganisatie Aqua for All organiseert projecten voor ondernemers in Afrika en Azië. Hiermee zijn sinds 2002 bijna elf miljoen mensen met een laag inkomen geholpen. Innovatie, opschaling en het betrekken van private financiers zijn belangrijke elementen in de aanpak. Het geld om projecten uit te voeren krijgt Aqua for All onder andere van het ministerie van Buitenlandse Zaken.
VEI is een dochteronderneming van Vitens en Evides Waterbedrijf en bestaat sinds 2004. In de loop van de tijd hebben nog vijf Nederlandse drinkwaterbedrijven zich aangesloten: Brabant Water, PWN, Waterbedrijf Groningen, Waterleiding Maatschappij Limburg en WLN (voorheen Waterlaboratorium Noord). VEI heeft vanuit een ideële doelstelling partnerschappen met zo’n vijftig drinkwaterbedrijven in Afrika, Azië en Zuid-Amerika. Samen met hen worden nu ongeveer tachtig programma’s en projecten uitgevoerd. Subsidiegevers zijn onder andere het ministerie van Buitenlandse Zaken, de Europese Investeringsbank en de Wereldbank.
Het grootste internationale programma van de Nederlandse drinkwatersector is WaterWorX. Hieraan doen alle waterbedrijven mee. VEI is penvoerder van WaterWorX en heeft onder deze paraplu circa twintig partnerschappen met buitenlandse drinkwaterbedrijven lopen. VEI ontvangt ook geld van Water for Life. Aan deze stichting geven klanten van de waterbedrijven donaties. Een vergelijkbare organisatie als VEI is Wereld Waternet. Dit is – de naam zegt het al – een initiatief van het Amsterdamse waterbedrijf Waternet.

 

MEER INFORMATIE
Website Aqua for All 
Website VEI
Website Water for Life 
Website Wereld Waternet 
H2O actueel: VN: in 2030 miljarden mensen geen toegang tot schoon drinkwater

MEER ARTIKELEN WATERWERK WERELDWIJD
Mobiele unit BlueElephant zuivert afvalwater in Palestijnse Gebieden

'Afvalwater dat in sloppenwijken tussen de huisjes doorloopt is mensonterend'
Weersextremen worden extremer: alle zeilen moeten worden bijgezet

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Ik verbaas me over deze suggestie. Mij komt het voorstel van Hans Middendorp over als een motie van wantrouwen naar de kiezers en naar de huidige gekozenen in de waterschappen. Een door de kiezers uit verschillende lijsten gekozen bestuur vertegenwoordigt toch per definitie de maatschappelijke belangen? Verstroping van de besluitvorming door een adviescommissie in te voeren die uit vertegenwoordigers van allerlei belangengroepen bestaat, levert geen meerwaarde.
Het is aan het ambtelijk apparaat en de bestuurders van het waterschap om, net zoals bij een gemeente of provincie, de verschillende maatschappelijke belangen bij de voorbereiding en de besluitvorming te betrekken. Daartoe zal men met al die belangengroepen contacten onderhouden, zoals nu ook al gebeurt. Maar dat is iets anders dan elke keer verplicht advies te moeten vragen. De door mij om zijn deskundigheid gewaardeerde AWP zou dit voorstel echt nog eens moeten heroverwegen.
Groet, Piet Oudega (HHNK, PvdA)
Hallo Hans, hele goede gedachte. Ik denk dat de geborgde zetels door hun sterke eigenbelang zorgen voor een veel te behoudend waterschap waar innovatie nauwelijks een kans krijgt. Daarbij weten ze het altijd zo te draaien dat de kosten niet eerlijk worden verdeeld en daarvan is de burger de dupe. Al met al denk ik dat een geheel gekozen bestuur sneller en beter tot besluitvorming kan komen en dat er een hoop bestuurlijke drukte kan worden voorkomen.
Een adviescommissie met alle belangengroepen is dan beter.
groet, Fokke
Dag Hans: ik deel je gedachtengang. Er is één nadeel. Het draagt weer bij aan de ‘bestuurlijke drukte’ waar we allemaal last van hebben. Ik vind de optie waarbij geborgden een kwaliteitszetel krijgen, met een maximum van drie per waterschap, daarom ook een aantrekkelijke optie.
Groet van Adriaan
Citaat: 'De Unie wijst erop dat de waterschappen komend jaar meer dan ooit tevoren investeren in veilige dijken en in schoon en voldoende water: 1,8 miljard euro.' Maar de Unie 'vergeet' te melden dat deze 1,8 miljard de opbrengst is van de Watersysteemheffing voor alle waterschappen samen. Dat is dus niet *extra* geld, maar reguliere financiering van droge voeten en schoon water. Het is mooi om dit geld voor de kerntaken van de waterschappen te labelen als een klimaatbeheer, maar er blijft dus extra geld nodig om, zoals de Unie stelt: "Er is wel extra rijksgeld voor decentrale overheden nodig om Nederland versneld aan te passen aan weersextremen."
Het pleidooi van VNG, IPO en Unie voor 1,8 miljard euro voor uitvoering van het Klimaatakkoord (2022-2024) is niet gehonoreerd. Maar als het Rijk de kosten voor klimaatadaptatie niet wil betalen, dan zit er voor de waterschappen niets anders op om naast de watersysteemheffing een aparte klimaatadaptatie-heffing in te voeren. Een heffing van 2 tientjes voor alle tien miljoen huishoudens in Nederland levert 200 miljoen per jaar op. Over drie jaar is dat 600 miljoen en dat is precies één-derde van het bedrag van 1,8 miljard dat VNG, IPO en Unie samen vragen. Zo eenvoudig kan het zijn.
Er wordt 6,7 miljard euro uitgetrokken voor klimaat en het deltaprogramma zoetwater krijgt 100 miljoen. Dat is dus ongeveer 1,5% van dit enorme bedrag. Verder is in 2018 besloten om het Deltafonds uit te breiden van het wegwerken van de achterstand in het onderhoud van dijken naar wateroverlast door klimaatverandering. En nu moet er volgens de deltacommissaris 800 miljoen bij. Wie kan dit balletje-balletje nog volgen? Volgens mij komt het deltaprogramma dus nog steeds structureel geld tekort. Enige journalistieke duiding is wel op z'n plaats!

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.