0
0
0
s2smodern

Waterschap Vallei en Veluwe begint in 2023 aan versterking van de Grebbedijk. De dijk tussen Wageningen en Rhenen moet op diverse plekken verbeterd worden om aan de nieuwe normen van waterveiligheid te voldoen. 

Zo moet de dijk over vrijwel de gehele lengte van ruim vijf kilometer verhoogd worden. Dat blijkt uit een veiligheidsanalyse die het Waterschap Vallei en Veluwe deze week afrondde. De beoordeling van de dijk werd uitgevoerd in samenwerking met adviesbureau Royal HaskoningDHV.

De analyse leerde dat op diverse plekken in de dijk piping voorkomt, wat betekent dat er water onder de dijk doorstroomt. Dat leidt tot verzwakking van de dijk. Ook is vastgesteld dat de dijktaluds te steil zijn, waardoor de draagkracht van het dijklichaam onvoldoende kan blijken te zijn.

Om aan de nieuwe veiligheidsnormen van het Rijk te kunnen voldoen gaat het waterschap de dijk versterken. De Grebbedijk is in het Hoogwaterbeschermingsprogramma aangemerkt als prioriteit. De dijk tussen Wageningen en Rhenen beschermt 250.000 bewoners van de Gelderse Vallei tegen water van de Nederrijn.

Voordat in 2023 begonnen wordt aan het herstel, brengt Waterschap Vallei en Veluwe eerst in kaart wat er precies moet gaan gebeuren om de dijk toekomstbestendig te maken. Bij de plannenmakerij wordt de omgeving betrokken, want er wordt ook gekeken naar de ontwikkeling van natuur, recreatie, toerisme en verkeersveiligheid.

Het waterschap vraagt naast provincies, gemeentes, Rijkswaterstaat en Staatsbosbeheer bewoners en ondernemers mee te denken. Scholen zijn eveneens benaderd met het verzoek plannen te maken voor de inrichting van het dijktraject en de nabije omgeving. 

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

@Michaël BentvelsenHet onderzoek heeft helaas niet gekeken naar slijtagedeeltjes van banden van het wegverkeer. Was mooi geweest als die ook meegenomen hadden kunnen worden, maar vereist blijkbaar andere analysetechniek.
En hoe zit het dan met de 120 verdwenen bomen aan de zuiderlandsezeedijk/zuidijk bij Oude-Tonge?
Waarom is daar zo niet mee omgaan, ook daar waren vleermuizen en was er landschapswaarden.
En waarom komen er daar geen bomen terug?
@Reintje PaijmansDank voor uw aanvulling. Inderdaad de dennenbossen zijn aangeplant om 'woeste gronden te ontginnen' en voor de productie van hout voor in onze mijnen. Dat was mij bekend.
Zijn de rubbers afkomstig van slijtage van autobanden dat via de lucht als fijnstof en afspoeling van de weg in het oppervlaktewater terecht komt. Bandenslijpsel is volgens mij een onderschat milieuprobleem qua milieuimpact. Wel allemaal gillen als er rubberkorrels op de sportvelden (wat spoelt daar niet van uit) liggen waar de kindjes aan bloot staan, maar ondertussen zelf rijgedrag niet aanpassen.
Goed dat dit onderzoek gedaan wordt. Eerlijk gezegd valt de concentratie van 1 deeltje per liter mij alleszins mee. (Eerdere berichten spraken soms over duizenden deeltjes per liter.)
Wat natuurlijk geen reden is om dit probleem te relativeren. Zelf ben ik nog steeds regelmatig verbijsterd over de hoeveelheden zwerfplastic, (maar ook blikjes en ander verpakkingsmateriaal) die ik in allerlei wateren aantref.
Daarnaast ben ik erg benieuwd wat dit onderzoek oplevert in relatie tot kleine rubberdeeltjes van autobanden.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.