De aanhoudende regenval zorgt voor wateroverlast en vraagt een maximale inzet van de waterschappen om water af te voeren. Maar de overlast leert ook dat (nieuwe) waterbergingen en klimaatbuffers naar wens functioneren.

Natuurmonumenten stelt tevreden vast dat de zogeheten natuurlijke klimaatbuffers goed werken. De gebieden waar water zo lang mogelijk wordt vastgehouden, fungeren als natuurlijke sponzen of als overloopgebieden. De Leuvenumse Beek in Ermelo is zo’n klimaatbuffer en is deze dagen buiten haar oevers getreden. Flinke stukken bos staan onder water, precies zoals de bedoeling is bij hevige regenval. Het levert niet eerder geziene taferelen op:

Maarten Veldhuis

“Het bos is nu een grote spons. Het vormt eigenlijk een tijdelijke watervoorraadkamer in de natuur. Het water zakt geleidelijk naar het grondwater”, zegt boswachter Remko van Rosmalen van Natuurmonumenten. 

Vledder Aa
Ook andere klimaatbuffers als Vledder Aa en Onlanden houden water langer vast en remmen zo snelle afstroming van regenwater af, aldus de natuurorganisatie. “De weer vrij meanderende Vledder Aa in het Nationaal Park Drents-Friese Wold is goed gevuld. Het water krijgt volop de ruimte in het beekdal.”

Natuurgebied De Onlanden op de grens van Groningen en Drenthe is speciaal ingericht voor de berging van water. Deze klimaatbuffer zorgt er grotendeels voor dat de stad Groningen droge voeten houdt, stelt Natuurmonumenten. Maar er moet meer gebeuren. “Inmiddels is duidelijk dat dit niet genoeg is. Om nog ergere waterpieken op te kunnen vangen zal ook verder in het watersysteem van deze beekdalen water opgevangen moeten worden.”

Aa en Maas
Ook Aa en Maas stelt vast dat het ‘Dynamisch Beekdal’ bij Den Bosch, speciaal ingericht om extra water bij hevige regenval de ruimte te geven en op te vangen, goed functioneert. “We groeven de beekdalen uit en verlaagden de oevers zodat het water de ruimte krijgt. Zo voorkomen we wateroverlast in en rond Den Bosch. En het werkt.”

Waterschap Rijn en IJssel ziet hetzelfde bij de weer meanderende Buursebeek. De beek was in het verleden vooral ingericht op het snel afvoeren van water, maar kreeg weer een meanderende loop, met hoogwatergeulen en natuurlijke waterbergingen op het landgoed het Lankheet. In het stroomgebied van de beek viel 68 mm regen, waardoor de afvoer 18 keer groter was dan normaal. “Wij zijn zeer tevreden over de natuurlijke inrichting van het watersysteem en de werking ervan”, schrijft het waterschap.

Waterschap Noorderzijlvest zette de waterberging De Dijken-Bakkerom in Leek in. “Inmiddels is de berging met succes volgestroomd met rond 1 miljoen kuub water”, schrijft het waterschap. “Het water blijft hier nog een poosje totdat er meer ruimte in het watersysteem ontstaat om de grote hoeveelheid water af te voeren richting zee. Dat gebeurt naar verwachting begin volgende week.” Om het water uit het Dwarsdiep de berging in te laten stromen zijn maandag ‘de gloednieuwe compartimenteringsstuwen' in het Hoendiep en de Lettelberterbergboezem opengezet. De stuwen zijn inmiddels gesloten.

Vecht
Maar er waren ook kritieke situaties, met ondergelopen land en wegen. De afvoer van water werkte in tal van werkgebieden dan ook op volle toeren. Meerdere waterschappen stelden dijkbewaking in. 

In de Vecht staat het water hoog, meldt Waterschap Drents Overijsselse Delta. “De Vecht is gestegen tot een waterstand die slechts één keer per 10 jaar voorkomt.” Naar verwachting bereikt de waterstand woensdag op donderdag de piek, aldus het waterschap, dat vanwege het hoge water twee keer per dag de dijk langs de Vecht inspecteert. Deze inspecteurs troffen op diverse locaties zandmeevoerende wellen aan. Het waterschap zet vrijwillige dijkwachters in om de dijken langs de Vecht intensiever te inspecteren.


KLIMAATBUFFERS
Sinds 2008 worden de klimaatbuffers in heel Nederland ontwikkeld door een coalitie van 8 natuurorganisaties. De buffers zijn integrale gebiedsprojecten waar natuurlijke processen de ruimte krijgen. Ze vervullen een rol bij het vasthouden en opvangen van water, het voorkomen van watertekorten, het temperen van hitte en het verminderen van kooldioxide in de atmosfeer, aldus de Coalitie Natuurlijke Klimaatbuffers (CNK).

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Het belangrijkste staat onderaan: toestaan van kunstmestvervangers op basis van dierlijke mest. De milieu-impact kan nauwelijks worden overschat: er is minder kunstmest nodig (veel energie nodig, dus veel CO2) en via de erts komen er sporen van giftige zware metalen mee in de bodem. En er ontstaat een toepassing voor eindproducten van mestverwerking. Zo kun je regionaal de kringloop beter sluiten.
Er moet veel gebeuren, niet alleen grenzen markeren, maar actief het waterbeheer in het buitengebied naar de nieuwe inzichten herstellen. Daarbij moet ieder waterschap ruimte vrijhouden om initatieven vanuit het veld actief op te pakken en niet in een stilzwijgende welwillendheid laten sneuvelen.
Waarom niet een waterfabriek bouwen van zout naar zoet, zo een als in Israël gr marco
Weten waterschappen wel waar hun grenzen zijn?
De legger is het kroonjuweel van het waterschap. Zoals een gemeente de bebouwde kom markeert met een bord, zo staan de waterschapsgrenzen beschreven in de legger. Dit is niet een eenvoudige grens met het buur-waterschap, maar een complex stelsel van waterstaatswerken met de bijbehodende invloedszoneringen. Alleen binnen die zoneringen heeft het (klassieke) waterschap zeggenschap (klassiek: gericht op waterbeheer (watergangen) en waterveiligheid (dijken) ex waterzuivering).
Alles begint en houdt op bij de invloedszones - de grenzen - van het waterschap. En laat het nou toch heel eenvoudig zijn die grenzen kleiner te maken (dus de invloedszones in nieuwe leggers te verkleinen) maar zo goed als onmogelijk om deze weer groter te maken. Het ene is n weggevertje en het andere is landje pik - dus betalen.
Dus voor een strategische herorientatie van de waterschappen is een strategische herwaardering van het kroonjuweel - de waterschapslegger en het gehele bijbehorende invloeds-spel van essentieel belang.
De waterschappen zijn de afgelopen jaren ver in de marge gedrukt want invloedszones met gemeenten, het rijk en andere belanghebbenden zijn aan het verschuiven. (En waar is de wet PUBERR gebleven?)
Dus eerst herwaarderen van waterschapsgrenzen, dan weten waar de grenzen zijn en vervolgens deze met een (dijk)leger gaan verdedigen ! ;-)
https://sjfsupport.com/mmi.html
Zijn waterschappen nog wel van deze tijd?
Interessant artikel van Stephan Kuks over de toekomst van de waterschappen. Zelf vraag ik mij af of de waterschappen wel in staat zijn om antwoord te geven op de grote maatschappelijke vragen, die ook hij noemt. Hij zegt: "Nu wordt het tijd dat waterschappen duidelijk maken dat er vanuit water en bodem grenzen zijn, en dat de ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden van Nederland hierop moeten worden aangepast.” Dat lijkt op het oog een logische uitspraak, maar de grote vraag is of het huidige waterschap deze vraag wel inhoud kan geven. En niet vanwege dat het waterschap niet deskundig zou zijn, maar meer vanwege de samenstelling van het bestuur en dat het mandaat op de genoemde onderwerpen zeer beperkt is.
En natuurlijk, prachtig als Kuks vindt dat de waterschappen duidelijk stelling moeten nemen in het maatschappelijk debat over de toekomst van ons land, maar welke stelling dan? Het belang van de boeren? Het belang van de natuur? Het belang van woningbouw? Deze discussie hoort in eerste instantie thuis op het allerhoogste politieke niveau. Daar heeft men het de afgelopen decennia lelijk laten liggen, maar dat betekent niet dat nu het waterschap aan bod is. En natuurlijk voor het waterbeheer zijn de waterschappen de ogen en de oren van de samenleving. De waterschappen zijn bij uitstek degenen die van onderop knelpunten en ideeën kunnen aandragen om het beleid op provinciaal en nationaal niveau effectief vorm te geven. Maar ik moet er niet aan denken dat de waterschappen dat in die breedheid zelf zouden moeten gaan oppakken.
En om dan ook maar tegelijk tegen een heilig huis aan te schoppen, we zouden ons zelfs kunnen afvragen of waterschappen en het functioneren ervan nog wel van deze tijd is. Zeker als het gaat om ruimtelijke ordening en klimaat heeften provinciaal bestuur veel meer mandaat en dus veel meer slagkracht. Wat mij betreft zou het waterbeheer zo overgeheveld kunnen worden naar de provincie en zouden waterschappen omgevormd kunnen worden tot uitvoeringsorganisaties die het dagelijks waterbeheer doen. De RWZI’s zouden nutsbedrijf kunnen worden. Zeker zij zouden daarmee grote stappen kunnen maken in de efficiency van de waterzuivering.
Wat bedoel ik daarmee? In de afgelopen 10 tot 20 jaar zijn de RWZI ’s zich steeds meer gaan toeleggen op terugwinning van grondstoffen(fosfaat, cellulose, biogas, etc). Maar een grote doorbaak met substantieel resultaat heb ik tot nu toe niet echt gezien, misschien met uitzondering van een aantal initiatieven, zoals Waterstromen. Het succes van een goede afzet van reststromen wordt bepaald door kwantiteit en kwaliteit.
Eind vorige eeuw werd in de autobranche de organisatie Autorecycling Nederland opgericht. Ik was daarbij betrokken. Doel was om een hoger hergebruik te realiseren bij demontage van auto’s. Voor het ophalen een paar rubber strips per bedrijf was namelijk nooit veel belangstelling vanwege de geringe baten. Maar als je als verwerkingsbedrijf bij alle autodemontagebedrijven rubber kan ophalen, wordt het ineens interessant. Ook voor het autodemontage bedrijf, sommig restafval kreeg ineens een positieve geldwaarde.
Dat kan ook zomaar voor de RWZI’s gelden. Als ze met z’n allen gaan samenwerken en op landelijk niveau collectief contracten gaan afsluiten met afnemers dan kan dat voor beide partijen interessant worden. Bijvoorbeeld voor struviet. Zeker nu de totale gevolgen van kunstmest steeds meer onder het vergrootglas komen, zou struviet een geweldige vervanger kunnen zijn.
En een centrale organisatie, zoals ARN bij de autosector heeft nog meer voordelen. Je kunt een veel directere samenwerking met partijen als Wetsus en KWR tot stand brengen, waarbij uit een deel van de opbrengsten van de restproducten onderzoek gefinancierd kan worden om nog effectiever en efficiënter te worden met de terugwinning. Je zou dan ook kunnen kijken in hoeverre je samenwerkingen zou kunnen aangaan met bedrijven, die nu hun afvalwater moeten voorzuiveren. Bij Waterstromen werd zo’n samenwerking al tot stand gebracht met een voedselproducent en een leerlooier.
En als het echt succesvol zou worden, zou het zelfs kunnen leiden tot lagere belastingen(verontreinigingsheffing). Wat mij betreft is er wel één belangrijke voorwaarde aan verbonden, namelijk dat het zuiveren van communaal afvalwater altijd een publieke aangelegenheid blijft.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!