0
0
0
s2smodern

Menselijke activiteiten en dan vooral de scheepvaart zorgen in delen van de Noordzee voor veel onderwatergeluid. Dat kan oplopen tot 30 decibel extra in het zuidelijke gedeelte, blijkt uit onderzoek van Rijkswaterstaat. In vervolgonderzoek wordt bekeken wat de gevolgen voor zeedieren zijn.

Rijkswaterstaat bestudeert de impact van omgevingsgeluid in het kader van het Europese samenwerkingsproject JOMOPANS van de Noordzeelanden (de afkorting staat voor Joint Monitoring Programme of Ambient Noise in the North Sea). Daarvan heeft Rijkswaterstaat, beheerder van het Nederlandse deel van de Noordzee, de leiding. De gezamenlijke monitoring van onderwatergeluid is opgezet om het mariene milieu goed in stand te houden. 

Kaarten van omgevingsgeluid onder water
De eerste resultaten zijn kaarten van omgevingsgeluid onder water die door menselijke activiteiten zijn veroorzaakt, zoals scheepvaart, boorplatforms en windturbines. De kaarten zijn gemaakt aan de hand van een innovatieve combinatie van intensieve metingen en geavanceerde berekeningen. Er is te zien met hoeveel decibel het totale geluidsniveau uitkomt boven onverstoord natuurlijk geluid als gevolg van wind, regen en golven.

Volgens Rijkswaterstaat wordt hiermee bevestigd en gekwantificeerd dat het geluid op de Noordzee wordt gedomineerd door de scheepvaart. Dit is vooral goed te merken in het zuidelijke deel van de Noordzee, tussen aan de ene kant het Nederlandse en Belgische vasteland en aan de andere kant het Zuid-Engelse vasteland. Daar is tot wel 30 decibel extra geluid door scheepvaart.

Effecten op zeedieren
Deze bevindingen zijn vooral van belang, omdat onderwatergeluid schadelijke gevolgen kan hebben voor dieren in de Noordzee die voor dit geluid gevoelig zijn. Dat geldt onder meer voor zeehonden, bruinvissen en sommige vissoorten zoals kabeljauw. Zij kunnen door geluid worden gestoord bij het eten of hun soortgenoten of vijanden niet goed kunnen horen. Rijkswaterstaat omschrijft de resultaten als een belangrijke eerste stap om de rol van onderwatergeluid in het algemeen en de grootte van de effecten op zeedieren te bepalen. In vervolgonderzoek zal hiernaar verder worden gekeken.

Het JOMOPANS-project loopt midden 2021 af. De Noordzeelanden zetten daarna de monitoring van onderwatergeluid voort. De Nederlandse overheid blijft onderzoek op dit terrein stimuleren. Daarbij worden maatregelen om de hoeveelheid onderwatergeluid te beperken onder de loep genomen, zoals stillere schepen, afscherming van heigeluid en alternatieve methoden voor seismisch onderzoek.

 

MEER INFORMATIE
Toelichting Rijkswaterstaat op de kaarten
Website JOMOPANS-project
Stichting De Noordzee over onderwatergeluid

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Bij de invoering van de WACC was destijds al bekend dat deze niet voldoende ruimte zou bieden bij een toename van de investeringsomvang. Dus de nu voorgestelde correctie is niet meer dan logisch. De noodzaak van een goede openbare drinkwatervoorziening voor de volksgezondheid staat immers niet ter discussie!
Op zichzelf zegt de overschrijding van risicogrenzen nog niets over de werkelijke risico's. Ook niet over cumulatie van risico's en wat voor effecten deze hebben op het aquatisch milieu. In zijn algemeenheid wordt verwezen naar onderzoek in het buitenland waaruit blijkt dat er effecten zijn op vissen (geslachtsverandering) en macrofaunagemeenschappen gerelateerd aan de aanwezigheid van effluent met medicijnresten. "Gezien de vergelijkbare gehalten van medicijnresten die in het Nederlandse oppervlaktewater worden gevonden, zijn die effecten ook in Nederland niet uit te sluiten". Zou juist daar niet meer onderzoek naar moeten worden gedaan?
In dit H2O-artikel staat inderdaad dat er liters zouden zijn vergeleken, maar dat klopt niet. In het RIVM-rapport is te lezen dat voor onkruidbestrijdingsmiddelen de hoeveelheid werkzame stof is vergeleken. Er is dus rekening gehouden met de hoeveelheid werkzame stof per middel en in het rapport kunt u per stof de ontwikkeling in de verkoopcijfers zien. Het klopt inderdaad dat je kg glyfosaat niet zomaar met kg organische zuren kunt vergelijken. Maar dat er een factor 16 over het hoofd is gezien, klopt niet.
Het rapport laat ook zien hoeveel verkochte eenheden er zijn per jaar per type middel. Hierin is er geen sterke afname in het aantal verkochte eenheden te zien. Maar ook hier geldt dat het middel met de ene werkzame stof mogelijk een andere verpakkingsgrootte heeft dan het middel met de andere werkzame stof. Kortom: zie voor meer details het RIVM-rapport. De reactie dat de toename van het gebruik aan insecticiden zou zijn veroorzaakt door de buxusmot is op basis van de beschikbare gegevens niet te onderbouwen, maar het zou best mee kunnen spelen. Mogelijk geeft een nader onderzoek hier meer duidelijkheid over.
Ik dacht dat dit al lang gebeurde bij 300+ zuiveringen in Nederland gebaseerd op het onderzoek van KWR? Is toch ook al een input voor het landelijke Corona Dashbord. Wat is hier anders aan ? Wordt er samengewerkt en voortgebouwd op het werk van KWR?
Te vrezen valt dat deze ideeën stranden op onbegrip en verwijten, want misschien zit alle benodigde kennis er in, maar het mist uiteindelijk draagvlak. De partijen achter de energie-ideeën in H2O zouden ook moeten kunnen melden dat intensief is meegedacht door de huidige gebruikers van het IJsselmeer. En dat is helaas niet het geval, en is ook niet simpelweg op te lossen door mee te liften op een natuurproject?

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.