Waterschap Vechtstromen gaat bijna 260.000 euro bijdragen aan vier regionale innovatieprojecten. Het gaat onder meer om de aanleg van kleine, flexibele stuwen in verband met droogte en een pilotonderzoek naar de verwijdering van medicijnresten op de Puurwaterfabriek in Emmen.

Het bedrag voor deze projecten komt uit het eigen innovatiefonds dat Vechtstromen in de zomer van 2020 instelde. Het waterschap voedt dit fonds jaarlijks met een miljoen euro. Hiermee worden innovaties gestimuleerd die tot stand komen in samenwerking met kennisinstellingen en bedrijfsleven. Het uitgangspunt is cofinanciering van initiatieven waarin ook andere partijen investeren.

Grootste bedrag naar stuwen
Vechtstromen laat zich bij de besteding van het budget adviseren door een innovatieraad waarin externe deskundigen zitten. Dat heeft geleid tot groen licht voor een bijdrage van bijna 260.000 euro in vier regionale projecten. Het grootste bedrag – 110.000 euro – gaat naar de ontwikkeling en aanleg van kleine, flexibele stuwen. Deze zijn bedoeld om droogte te bestrijden.

Ongeveer 72.000 euro is bestemd voor onderzoek naar en realisatie van klimaatpleinen in Twente en voor het opzetten van een regionale ‘community of practice’ op het gebied van waterrobuust en klimaatbestendig bouwen. Vechtstromen investeert ook in de aanpak van de Japanse duizendknoop, een exotische woekerplant die in het hele land voor veel overlast zorgt. Het waterschap steekt een kleine 30.000 euro in het testen van verschillende bestrijdingstechnieken.

Verder trekt Vechtstromen 49.000 euro uit voor een pilotonderzoek naar de verwijdering van medicijnresten uit afvalwater op de Puurwaterfabriek in Emmen. Hier wordt rioolwater met behulp van biologische actieve koolfiltratie met zuurstofdosering getransformeerd tot ultrapuur water, waarin zelfs geen mineralen en kalk voorkomen. Dit water wordt als stoom ingezet bij oliewinning door de Nederlandse Aardolie Maatschappij. De koolfilters blijken ook medicijnresten uit water te kunnen halen, maar het is nog niet duidelijk hoe dit werkt. Dat wordt nu onderzocht.

Innovatieloket voor kleinere initiatieven
Vechtstromen opent op 1 februari een innovatieloket voor kleinere nieuwe initiatieven. Hiervoor kan iedere belangstellende een innovatief idee indienen. Voorwaarde is dat zo’n idee het waterschap helpt bij het bereiken van zijn doelen. Het subsidiebedrag is maximaal 10.000 euro en kan worden besteed aan de verdere uitwerking of realisatie van het initiatief.

Volgens watergraaf Stephan Kuks van Vechtstromen heeft regionale samenwerking bij innovatie de afgelopen jaren al geleid tot mooie resultaten. “We gaan nu in volle kracht door, want de maatschappij staat voor grote uitdagingen door het veranderende klimaat, de eisen aan waterkwaliteit en ons streven naar duurzaamheid. Door krachten te bundelen en door het toepassen van nieuwe technieken, werkwijzen en oplossingen willen we de opgaven van het waterschap (slimmer, beter, sneller) realiseren en ook de regionale economie en werkgelegenheid stimuleren.”

 

MEER INFORMATIE
Vechtstromen over de innovatiebijdragen

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Zijn waterschappen nog wel van deze tijd?
Interessant artikel van Stephan Kuks over de toekomst van de waterschappen. Zelf vraag ik mij af of de waterschappen wel in staat zijn om antwoord te geven op de grote maatschappelijke vragen, die ook hij noemt. Hij zegt: "Nu wordt het tijd dat waterschappen duidelijk maken dat er vanuit water en bodem grenzen zijn, en dat de ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden van Nederland hierop moeten worden aangepast.” Dat lijkt op het oog een logische uitspraak, maar de grote vraag is of het huidige waterschap deze vraag wel inhoud kan geven. En niet vanwege dat het waterschap niet deskundig zou zijn, maar meer vanwege de samenstelling van het bestuur en dat het mandaat op de genoemde onderwerpen zeer beperkt is.
En natuurlijk, prachtig als Kuks vindt dat de waterschappen duidelijk stelling moeten nemen in het maatschappelijk debat over de toekomst van ons land, maar welke stelling dan? Het belang van de boeren? Het belang van de natuur? Het belang van woningbouw? Deze discussie hoort in eerste instantie thuis op het allerhoogste politieke niveau. Daar heeft men het de afgelopen decennia lelijk laten liggen, maar dat betekent niet dat nu het waterschap aan bod is. En natuurlijk voor het waterbeheer zijn de waterschappen de ogen en de oren van de samenleving. De waterschappen zijn bij uitstek degenen die van onderop knelpunten en ideeën kunnen aandragen om het beleid op provinciaal en nationaal niveau effectief vorm te geven. Maar ik moet er niet aan denken dat de waterschappen dat in die breedheid zelf zouden moeten gaan oppakken.
En om dan ook maar tegelijk tegen een heilig huis aan te schoppen, we zouden ons zelfs kunnen afvragen of waterschappen en het functioneren ervan nog wel van deze tijd is. Zeker als het gaat om ruimtelijke ordening en klimaat heeften provinciaal bestuur veel meer mandaat en dus veel meer slagkracht. Wat mij betreft zou het waterbeheer zo overgeheveld kunnen worden naar de provincie en zouden waterschappen omgevormd kunnen worden tot uitvoeringsorganisaties die het dagelijks waterbeheer doen. De RWZI’s zouden nutsbedrijf kunnen worden. Zeker zij zouden daarmee grote stappen kunnen maken in de efficiency van de waterzuivering.
Wat bedoel ik daarmee? In de afgelopen 10 tot 20 jaar zijn de RWZI ’s zich steeds meer gaan toeleggen op terugwinning van grondstoffen(fosfaat, cellulose, biogas, etc). Maar een grote doorbaak met substantieel resultaat heb ik tot nu toe niet echt gezien, misschien met uitzondering van een aantal initiatieven, zoals Waterstromen. Het succes van een goede afzet van reststromen wordt bepaald door kwantiteit en kwaliteit.
Eind vorige eeuw werd in de autobranche de organisatie Autorecycling Nederland opgericht. Ik was daarbij betrokken. Doel was om een hoger hergebruik te realiseren bij demontage van auto’s. Voor het ophalen een paar rubber strips per bedrijf was namelijk nooit veel belangstelling vanwege de geringe baten. Maar als je als verwerkingsbedrijf bij alle autodemontagebedrijven rubber kan ophalen, wordt het ineens interessant. Ook voor het autodemontage bedrijf, sommig restafval kreeg ineens een positieve geldwaarde.
Dat kan ook zomaar voor de RWZI’s gelden. Als ze met z’n allen gaan samenwerken en op landelijk niveau collectief contracten gaan afsluiten met afnemers dan kan dat voor beide partijen interessant worden. Bijvoorbeeld voor struviet. Zeker nu de totale gevolgen van kunstmest steeds meer onder het vergrootglas komen, zou struviet een geweldige vervanger kunnen zijn.
En een centrale organisatie, zoals ARN bij de autosector heeft nog meer voordelen. Je kunt een veel directere samenwerking met partijen als Wetsus en KWR tot stand brengen, waarbij uit een deel van de opbrengsten van de restproducten onderzoek gefinancierd kan worden om nog effectiever en efficiënter te worden met de terugwinning. Je zou dan ook kunnen kijken in hoeverre je samenwerkingen zou kunnen aangaan met bedrijven, die nu hun afvalwater moeten voorzuiveren. Bij Waterstromen werd zo’n samenwerking al tot stand gebracht met een voedselproducent en een leerlooier.
En als het echt succesvol zou worden, zou het zelfs kunnen leiden tot lagere belastingen(verontreinigingsheffing). Wat mij betreft is er wel één belangrijke voorwaarde aan verbonden, namelijk dat het zuiveren van communaal afvalwater altijd een publieke aangelegenheid blijft.
Klinkt goed! Maar waarom wordt dit niet bij alle waterschappen ingevoerd? Dan ontstaan er meer mogelijkheden tegen lagere prijzen.
Afsluiten van de Nieuwe Waterweg met zeesluizen (Plan Spaargaren) zal de riviersedimentstroom naar het zuidwesten voeren. Daar is behoefte aan sediment. Het baggeren in de binnengelegen (oude) Rotterdamse havens wordt daardoor tot een minimum beperkt. Zeewaartse afhandeling van schepen (containertransferia) op de Maasvlakten maken tevens dat de Nieuwe Waterweg mag verondiepen. Binnenvaartschepen hebben immers een geringe diepgang. Bovendien wordt het rivierpeil dankzij zeesluizen meer beheersbaar.

Wil Borm
Adviesgroep Borm & Huijgens - integraal waterbeheer
Interessant artikel en mooi initiatief.. wel jammer dat er meerdere keren over waterpomp gesproken wordt terwijl het warmtepomp is.
Redactie: dank, is gecorrigeerd.
Energetisch mooi maar hoe worden de kosten binnen de perken gehouden, zodat de “gewone” burger het nog kan betalen? Hoe bedrijfszeker is de installatie en het net?

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!