Samen met gemeenten en provincies roept de Unie van Waterschappen de Tweede Kamer op veertien praktische maatregelen te nemen om de energietransitie te versnellen.

"De energietransitie wacht op niemand," claimen de overheden in het pamflet. Daarom vragen ze nu - in aanloop naar de begrotingsbehandelingen, aanvullend op het regeerakkoord en vooruitlopend op het te sluiten Bestuursakkoord, Nationale Klimaatakkoord of Klimaatwet, om actie van de Tweede Kamer. De veertien acties waar de drie overheden nu om vragen, sluiten aan bij de gezamenlijke investeringsagenda 'Naar een duurzaam Nederland', die ze eerder dit jaar publiceerden.

Tot de gewenste maatregelen behoort het verruimen van de SDE+-subsidieregeling. "Op dit moment valt een aantal zeer interessante technieken niet onder deze regeling," legt Renier Romijn van de Unie van Waterschappen uit. "Met name de ontwikkeling van thermische energie uit oppervlaktewater kan een boost krijgen als ook hier subsidie op te verkrijgen is. Overigens moet er dan ook wel sneller duidelijkheid komen over de ontwikkeling van warmtenetten om het echt grootschalig te kunnen benutten."

De Unie vraagt in het pamflet ook de mogelijkheid om meer waterschappen meer energie te laten opwekken dan ze zelf gebruiken. "Waterschappen kunnen in potentie meer energie opwekken dan ze zelf nodig hebben. Ze zijn echter terughoudend om deze potentie te benutten, want de regelgeving laat nog onduidelijkheid bestaan over wat wel. Dat is zonde."

Een andere belangrijke wens van de Unie van Waterschappen draait om Europese aanbestedingsregels. Bij het uitvoeren van de projecten rond de energietransitie lopen de waterschappen namelijk tegen de grenzen van de aanbestedingsregelgeving aan. Dit maakt de projecten volgens Romijn complex en juridisch gezien zeer uitdagend. "Het naleven van deze regelgeving wordt daarom steeds vaker als belemmerend en vertragend ervaren. Het vraagt ook veel inzet van mensen en middelen om deze projecten tot een goed einde te brengen. Goede ondersteuning en begeleiding vanuit de Rijkoverheid is daarbij gewenst."

De overige wensen van provincies, gemeenten en waterschappen leest u in het pamflet: Versnellen naar een duurzaam Nederland.

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Mooi onderzoek. Met de hete zomers van nu is het fijn om vlakbij zwemwater te hebben en het water op de hoek van de straat ( in mijn geval) kan dan een enorme aantrekkingskracht hebben. Mooie aanvulling op het onderzoek, zou een vergelijking met nabijgelegen “ officiële zwemwaterlocaties” kunnen zijn: op welke punten scoren deze beter ( en waar minder) als zwemlocatie… , wat is de capaciteit … en hoe nabijgelegen zijn deze locaties.
Hoezo een nieuwe bestuurscultuur in de politiek? Handje-klap van de ChristenUnie om zo veel als mogelijk alles bij het oude te houden. Dat je in 2022 met een amendement op basis van het advies uit 2015 - is echt oude wijn in nieuwe zakken. De commissie Boelhouwer was duidelijk: of alle geborgde zetels opheffen, of max. 2 zetels voor boeren en 2 zetels voor natuurbeheerders (die steeds 'natuur' worden genoemd). Geborgde zetels natuur zijn overbodig, zelfs Natuurmonumenten wil er vanaf. En dan meteen de waterschapsbelasting op natuurterreinen afschaffen, Natuur wordt uit publiek geld betaald en landelijk gaat het slechts om 0.25% van de totale opbrengst van de watersysteemheffing.
Juni wordt ook droog: veel NW winden, dwz. wat buien, maar die zullen geen zoden aan de dijk zetten.
Mocht het in Juli weer warm en zonnig worden dan zal er een fors escalerend waterprobleem zijn.
Je sommetje klopt niet, Hans, want de lozing van N was altijd al veel groter dan van P. Stel in 1990 was de lozing van N 5 keer zo groot als P, dus 5:1. N is afgenomen met 64%, er is dus nog over 0,36*5 = 1,8. Van P is 74% verwijderd, dus nog over 0,26*1 = 0,26. De verhouding N:P is dan nu geworden 1,8:0,26 oftewel (afgerond) 7:1. Er is dus nu meer stikstof ten opzichte van fosfor in de lozing, dan het geval was in 1990.
"64% minder lozing dan in 1990" juicht dit artikel. Dan praat je dus over 2 procent verbetering per jaar. Of anders gezegd: na 32 jaar is de restlozing met twee-derde afgenomen. De zuiveringstechniek is in deze periode geëvolueerd van alleen aerobe beluchting naar anaerobe technieken, dus zo verrassend is dit niet.
De hamvraag die onbeantwoord blijft, is wat de impact is van de restlozing op de doelen van de KRW. Uit de berekeningen van het CBS zou blijken dat stikstof uit rwzi's nog voor 18% bijdraagt aan de totale belasting, en fosfaat nog voor 25% aan de totale belasting. Maar het gaat nog steeds om enorme hoeveelheden: 14,3 miljoen kg N en 1,64 miljoen kg P.
De afname in kg N is veel groter is dan in kg P. De verhouding tussen N en P is verschoven. Met als gevolg dat blauwalgen (die zelf stikstof binden) "in het voordeel zijn" vergeleken met groenalgen, die stikstof uit het oppervlaktewater opnemen. Dertig jaar geleden was er nog veel 'groene soep', inmiddels zijn de drijflagen van blauwalgen een hardnekkig probleem.
Het zou dus zomaar kunnen zijn dat het verwijderen van stikstof nu voldoende is, maar dat de verwijdering van fosfaat nog veel beter moet. Behalve wellicht als de rwzi (bijna) rechtstreeks op zee loost, dan is goed ook goed genoeg.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!