De klimaatverandering gaat steeds sneller, aldus een nieuw rapport van de Wereld Meteorologische Organisatie. De periode 2010-2019 is het warmste decennium sinds dit wordt bijgehouden.

Hitterecords die in Europa sneuvelden, enorme bosbranden in Australië en Siberië, op grote schaal smelten van ijs op de Zuidpool, oceanen die nog nooit zo warm waren. De klimaatverandering op land en in de atmosfeer en zee neemt in steeds sneller tempo toe, stelt de Wereld Meteorologische Organisatie (WMO) in een overzicht van het mondiale klimaat in 2019. Volgens de WMO (de VN-organisatie op het gebied van weer, klimaat en water) heeft dit een groot effect op alle aspecten van het milieu en ook de gezondheid en het welzijn van de wereldbevolking.

Warmste decennium
Vorig jaar was mondiaal het een na warmste jaar ooit gemeten; alleen in 2016 (met El Nino) was de gemiddelde wereldtemperatuur nog iets hoger. De periode 2010-2019 is het warmste decennium. Vanaf 1980 is elk decennium warmer dan het vorige. De temperatuur is nu ongeveer 1.1 graad Celsius hoger dan die van het pre-industriële tijdperk.

De toename in broeikasemissies zorgt voor warmere oceanen, zeespiegelstijging en ingrijpende veranderingen in mariene ecosystemen. In 84 procent van het geheel aan oceaan waren er een of meerdere hittegolven. De oceanen absorbeerden tussen 2009–2018 23 procent van de jaarlijkse CO2-uitstoot. Het gevolg is echter verzuring van het water en dat heeft negatieve effecten op het zeeleven.

Voor het 32e jaar op rij krompen de gletsjers. Ook het ijs op de Noord- en Zuidpool blijft afnemen. De ijsmassa van Groenland kende een bovengemiddeld verlies van 329 gigaton in 2019. Door de bank genomen gaat hier jaarlijks 260 gigaton aan ijs verloren.

Veel extreme weersgebeurtenissen
De WMO wijst erop dat in 2019 in veel delen van de wereld extreme weersgebeurtenissen plaatsvonden, waarvan sommige op een nog niet eerder voorgekomen schaal. Zo viel er meer regen dan normaal in het moessonseizoen in een aantal Aziatische landen. Dat leidde tot overstromingen waarbij 2.200 mensen het leven lieten. Daarentegen was het bijzonder droog in Australië, Zuid-Afrika, Centraal-Amerika en delen van Zuid-Amerika. Er waren vorig jaar wereldwijd 99 tropische cyclonen.

Volgens de WMO is na jaren van gestage daling honger nu weer aan het toenemen, als gevolg van klimaatverandering en extreme weersgebeurtenissen. Ruim 820 miljoen mensen hadden te weinig te eten. Vooral in de landen in de Hoorn van Afrika verslechterde de situatie door een combinatie van conflicten en droogte afgewisseld met hevige regen. In 2019 moesten wereldwijd 6,7 miljoen mensen hun huis verlaten vanwege natuurlijke gevaren, met name stormen en overstromingen.

Klimaatverandering is dé uitdaging van deze tijd, zegt secretaris-generaal António Guterres van de Verenigde Naties naar aanleiding van het WMO-rapport. Hij roept op tot meer actie omdat nu de doelen van het Klimaatakkoord van Parijs nog bij lange na niet zullen worden gehaald. “We hebben weinig tijd meer om de ergste gevolgen van klimaatverstoring te voorkomen en de samenleving te beschermen. We moeten hoog mikken tijdens de volgende klimaatconferentie in Glasgow in november.”

 

MEER INFORMATIE
WMO-rapport over klimaat in 2019
Nieuwsartikel door de VN
Artikel in Britse krant The Guardian
EEA over klimaatrisico's in Europa
UNEP en WMO over broeikasgassen
IPCC: snellere zeespiegelstijging

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Het belangrijkste staat onderaan: toestaan van kunstmestvervangers op basis van dierlijke mest. De milieu-impact kan nauwelijks worden overschat: er is minder kunstmest nodig (veel energie nodig, dus veel CO2) en via de erts komen er sporen van giftige zware metalen mee in de bodem. En er ontstaat een toepassing voor eindproducten van mestverwerking. Zo kun je regionaal de kringloop beter sluiten.
Er moet veel gebeuren, niet alleen grenzen markeren, maar actief het waterbeheer in het buitengebied naar de nieuwe inzichten herstellen. Daarbij moet ieder waterschap ruimte vrijhouden om initatieven vanuit het veld actief op te pakken en niet in een stilzwijgende welwillendheid laten sneuvelen.
Waarom niet een waterfabriek bouwen van zout naar zoet, zo een als in Israël gr marco
Weten waterschappen wel waar hun grenzen zijn?
De legger is het kroonjuweel van het waterschap. Zoals een gemeente de bebouwde kom markeert met een bord, zo staan de waterschapsgrenzen beschreven in de legger. Dit is niet een eenvoudige grens met het buur-waterschap, maar een complex stelsel van waterstaatswerken met de bijbehodende invloedszoneringen. Alleen binnen die zoneringen heeft het (klassieke) waterschap zeggenschap (klassiek: gericht op waterbeheer (watergangen) en waterveiligheid (dijken) ex waterzuivering).
Alles begint en houdt op bij de invloedszones - de grenzen - van het waterschap. En laat het nou toch heel eenvoudig zijn die grenzen kleiner te maken (dus de invloedszones in nieuwe leggers te verkleinen) maar zo goed als onmogelijk om deze weer groter te maken. Het ene is n weggevertje en het andere is landje pik - dus betalen.
Dus voor een strategische herorientatie van de waterschappen is een strategische herwaardering van het kroonjuweel - de waterschapslegger en het gehele bijbehorende invloeds-spel van essentieel belang.
De waterschappen zijn de afgelopen jaren ver in de marge gedrukt want invloedszones met gemeenten, het rijk en andere belanghebbenden zijn aan het verschuiven. (En waar is de wet PUBERR gebleven?)
Dus eerst herwaarderen van waterschapsgrenzen, dan weten waar de grenzen zijn en vervolgens deze met een (dijk)leger gaan verdedigen ! ;-)
https://sjfsupport.com/mmi.html
Zijn waterschappen nog wel van deze tijd?
Interessant artikel van Stephan Kuks over de toekomst van de waterschappen. Zelf vraag ik mij af of de waterschappen wel in staat zijn om antwoord te geven op de grote maatschappelijke vragen, die ook hij noemt. Hij zegt: "Nu wordt het tijd dat waterschappen duidelijk maken dat er vanuit water en bodem grenzen zijn, en dat de ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden van Nederland hierop moeten worden aangepast.” Dat lijkt op het oog een logische uitspraak, maar de grote vraag is of het huidige waterschap deze vraag wel inhoud kan geven. En niet vanwege dat het waterschap niet deskundig zou zijn, maar meer vanwege de samenstelling van het bestuur en dat het mandaat op de genoemde onderwerpen zeer beperkt is.
En natuurlijk, prachtig als Kuks vindt dat de waterschappen duidelijk stelling moeten nemen in het maatschappelijk debat over de toekomst van ons land, maar welke stelling dan? Het belang van de boeren? Het belang van de natuur? Het belang van woningbouw? Deze discussie hoort in eerste instantie thuis op het allerhoogste politieke niveau. Daar heeft men het de afgelopen decennia lelijk laten liggen, maar dat betekent niet dat nu het waterschap aan bod is. En natuurlijk voor het waterbeheer zijn de waterschappen de ogen en de oren van de samenleving. De waterschappen zijn bij uitstek degenen die van onderop knelpunten en ideeën kunnen aandragen om het beleid op provinciaal en nationaal niveau effectief vorm te geven. Maar ik moet er niet aan denken dat de waterschappen dat in die breedheid zelf zouden moeten gaan oppakken.
En om dan ook maar tegelijk tegen een heilig huis aan te schoppen, we zouden ons zelfs kunnen afvragen of waterschappen en het functioneren ervan nog wel van deze tijd is. Zeker als het gaat om ruimtelijke ordening en klimaat heeften provinciaal bestuur veel meer mandaat en dus veel meer slagkracht. Wat mij betreft zou het waterbeheer zo overgeheveld kunnen worden naar de provincie en zouden waterschappen omgevormd kunnen worden tot uitvoeringsorganisaties die het dagelijks waterbeheer doen. De RWZI’s zouden nutsbedrijf kunnen worden. Zeker zij zouden daarmee grote stappen kunnen maken in de efficiency van de waterzuivering.
Wat bedoel ik daarmee? In de afgelopen 10 tot 20 jaar zijn de RWZI ’s zich steeds meer gaan toeleggen op terugwinning van grondstoffen(fosfaat, cellulose, biogas, etc). Maar een grote doorbaak met substantieel resultaat heb ik tot nu toe niet echt gezien, misschien met uitzondering van een aantal initiatieven, zoals Waterstromen. Het succes van een goede afzet van reststromen wordt bepaald door kwantiteit en kwaliteit.
Eind vorige eeuw werd in de autobranche de organisatie Autorecycling Nederland opgericht. Ik was daarbij betrokken. Doel was om een hoger hergebruik te realiseren bij demontage van auto’s. Voor het ophalen een paar rubber strips per bedrijf was namelijk nooit veel belangstelling vanwege de geringe baten. Maar als je als verwerkingsbedrijf bij alle autodemontagebedrijven rubber kan ophalen, wordt het ineens interessant. Ook voor het autodemontage bedrijf, sommig restafval kreeg ineens een positieve geldwaarde.
Dat kan ook zomaar voor de RWZI’s gelden. Als ze met z’n allen gaan samenwerken en op landelijk niveau collectief contracten gaan afsluiten met afnemers dan kan dat voor beide partijen interessant worden. Bijvoorbeeld voor struviet. Zeker nu de totale gevolgen van kunstmest steeds meer onder het vergrootglas komen, zou struviet een geweldige vervanger kunnen zijn.
En een centrale organisatie, zoals ARN bij de autosector heeft nog meer voordelen. Je kunt een veel directere samenwerking met partijen als Wetsus en KWR tot stand brengen, waarbij uit een deel van de opbrengsten van de restproducten onderzoek gefinancierd kan worden om nog effectiever en efficiënter te worden met de terugwinning. Je zou dan ook kunnen kijken in hoeverre je samenwerkingen zou kunnen aangaan met bedrijven, die nu hun afvalwater moeten voorzuiveren. Bij Waterstromen werd zo’n samenwerking al tot stand gebracht met een voedselproducent en een leerlooier.
En als het echt succesvol zou worden, zou het zelfs kunnen leiden tot lagere belastingen(verontreinigingsheffing). Wat mij betreft is er wel één belangrijke voorwaarde aan verbonden, namelijk dat het zuiveren van communaal afvalwater altijd een publieke aangelegenheid blijft.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!