0
0
0
s2smodern

Via rioolwaterzuiveringen komen humane geneesmiddelen in het oppervlaktewater terecht. Een minderheid van de rwzi’s heeft hierbij relatief veel invloed op het watermilieu, blijkt uit de landelijke hotspotanalyse van Stowa. Aanbevolen wordt om bij het nemen van maatregelen op deze hotspots te focussen.

Het kenniscentrum van de regionale waterbeheerders omschrijft ‘hotspots’ als de rwzi’s die wat betreft medicijnresten een relatief grote invloed hebben op verschillende aspecten van de oppervlaktewaterkwaliteit. Bij deze rwzi’s zijn maatregelen voor vermindering van emissies het meest effectief. Stowa laat zich in de hotspotanalyse niet uit over de wenselijkheid of urgentie van zo’n reductie. De publicatie is bedoeld als startpunt voor een regionale invulling van maatregelen.

Uit de beschikbare metingen waarop de onderzoekers zich baseren, blijkt dat jaarlijks gemiddeld twee gram medicijnresten per persoon in het effluent van rwzi’s terechtkomt. De werkelijke hoeveelheid ligt hoger, onder meer omdat niet alle medicijnresten zijn gemeten. Er zijn drie maatlatten gehanteerd om de situatie bij de 314 Nederlandse rioolwaterzuiveringen in beeld te brengen: de concentratiebijdrage aan het ontvangende water bij het lozingspunt, de invloed op de benedenstroomse waterkwaliteit en de beïnvloeding van drinkwaterbronnen.

Ongeveer de helft van de totale concentratieverhoging bij alle rioolwaterzuiveringen wordt veroorzaakt door 31 rwzi’s (10 procent). Hun concentratiebijdrage ligt tussen de 18 en 36 microgram per liter. Het gaat vooral om rwzi’s bij kleine ontvangende oppervlaktewateren in het oosten en zuiden van het land en bij oppervlaktewateren met weinig doorspoeling in het westen en noorden. Langs de grote rivieren en andere Rijkswateren zijn de concentraties daarentegen laag. Dat komt door sterke verdunning.

Wat betreft de invloed op de benedenstroomse waterkwaliteit zorgen 63 rwzi’s (20 procent) voor ongeveer 80 procent van de totale invloed. De grootste knelpunten zijn er bij rioolwaterzuiveringen die lozen op de boezemsystemen in het westen en noorden. Ook de drinkwaterbronnen in ons land krijgen met verontreiniging te maken: 64 van de ruim tweehonderd bronnen in Nederland worden beïnvloed door oppervlaktewater met een significante concentratie van medicijnresten.

De onderzoekers van Stowa adviseren om te focussen op de hotspots bij het nemen van verbetermaatregelen. Verder pleiten ze voor het prioriteren van waterkwaliteitsaspecten, omdat behalve medicijnresten diverse andere aspecten zoals nutriënten een grote invloed hebben op de waterkwaliteit. In verband met kosteneffectiviteit wordt aangeraden om maatregelen te nemen bij relatief kleine rwzi’s die de waterkwaliteit relatief sterk beïnvloeden. Ook is het belangrijk om prioriteiten en maatregelenpakketten regionaal en nationaal af te stemmen. Daarmee wordt afwenteling voorkomen.

De Unie van Waterschappen wijst naar aanleiding van de hotspotanalyse op het belang van de landelijke ketenaanpak bij het terugdringen van medicijnresten. Hieraan werken de waterschappen en drinkwaterbedrijven mee. De waterschappen blijven investeren in onderzoek naar de effecten van medicijnresten op de ecologie en naar verdergaande zuiveringstechnieken. Volgens de Unie verschilt het per gebied welke keuzes bij maatregelen worden gemaakt. Wanneer het regionaal nodig is om extra te zuiveren, moet de farmaceutische industrie een bijdrage aan de kosten leveren.

Meer informatie

Rapport van Stowa over hotspotanalyse

Reactie van Unie van Waterschappen 

Europarlementariër Schreijer-Pierik: ‘Pak medicijnresten sneller aan’

Extra geld voor waterschappen voor verwijdering medicijnresten

RIVM: milieubelastende medijnen nog niet te vervangen

 

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

@Michaël BentvelsenHet onderzoek heeft helaas niet gekeken naar slijtagedeeltjes van banden van het wegverkeer. Was mooi geweest als die ook meegenomen hadden kunnen worden, maar vereist blijkbaar andere analysetechniek.
En hoe zit het dan met de 120 verdwenen bomen aan de zuiderlandsezeedijk/zuidijk bij Oude-Tonge?
Waarom is daar zo niet mee omgaan, ook daar waren vleermuizen en was er landschapswaarden.
En waarom komen er daar geen bomen terug?
@Reintje PaijmansDank voor uw aanvulling. Inderdaad de dennenbossen zijn aangeplant om 'woeste gronden te ontginnen' en voor de productie van hout voor in onze mijnen. Dat was mij bekend.
Zijn de rubbers afkomstig van slijtage van autobanden dat via de lucht als fijnstof en afspoeling van de weg in het oppervlaktewater terecht komt. Bandenslijpsel is volgens mij een onderschat milieuprobleem qua milieuimpact. Wel allemaal gillen als er rubberkorrels op de sportvelden (wat spoelt daar niet van uit) liggen waar de kindjes aan bloot staan, maar ondertussen zelf rijgedrag niet aanpassen.
Goed dat dit onderzoek gedaan wordt. Eerlijk gezegd valt de concentratie van 1 deeltje per liter mij alleszins mee. (Eerdere berichten spraken soms over duizenden deeltjes per liter.)
Wat natuurlijk geen reden is om dit probleem te relativeren. Zelf ben ik nog steeds regelmatig verbijsterd over de hoeveelheden zwerfplastic, (maar ook blikjes en ander verpakkingsmateriaal) die ik in allerlei wateren aantref.
Daarnaast ben ik erg benieuwd wat dit onderzoek oplevert in relatie tot kleine rubberdeeltjes van autobanden.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.