0
0
0
s2smodern
Interessant? Deel dit artikel met uw (water)netwerk!
0
0
0
s2smodern
powered by social2s

Van afgesleten rubber van autobanden komt 62 procent in de bodem terecht en 18 procent in het oppervlaktewater. Dat blijkt uit een studie van onderzoekinstituut Deltares.

Cover WM 300 De studie is gepubliceerd in Water Matters, het kennismagazine van H2O dat vandaag uitkomt. De modelstudie van Deltares voor de stroomgebieden van de Seine en de Schelde maakt duidelijk dat ongeveer een vijfde van de auto- en wegdeeltjes die afslijten in het oppervlaktewater terechtkomt. Deze uitkomst is ook relevant voor Nederland, aldus de onderzoekers Arjen Markus, Marc Weeber, Jos van Gils en Dick Vethaak.

Deltares deed dit onderzoek met een Amerikaanse partner, in opdracht van de Europese bandenfabrikanten. De industrie heeft nu een beter zicht op de verspreiding van bandenstof en gebruikt de resultaten bij de productontwikkeling. De studie is ook gepresenteerd aan het Directoraal-generaal Milieu van de Europese Unie. 

Schaars
Rechtstreekse metingen van de hoeveelheid autobandenstof zijn schaars. De onderzoekers moesten daarom schattingen maken op basis van het autogebruik. Deze schattingen zijn uitgedrukt in tonnen autoband- en wegdeeltjes omdat deze in samengeklonterde vorm in het milieu worden aangetroffen. Van zo’n deeltje bestaat ongeveer de helft uit autobandenrubber.

De onderzoekers richtten zich op het stroomgebied van de Schelde en de Seine. Ze raamden in het stroomgebied van de Schelde de uitstoot op 12.600 ton autoband- en wegdeeltjes per jaar. In het stroomgebied van de Seine bedroeg dit 27.600 ton autoband- en wegdeeltjes per jaar.

De meeste deeltjes komen vrij in stedelijk gebied, aldus de onderzoekers.

Modelberekeningen leiden voor het stroomgebied van de Seine tot de volgende getallen: 

  • 62 procent eindigt in de bodem;
  • 18 procent komt in het oppervlaktewater terecht; 
  • 18 procent komt via de bodem in het riool en wordt onderschept in rioolwaterzuiveringen;
  • 2 procent ontwijkt naar de atmosfeer.

Vergelijkbare getallen gelden voor de Schelde. De Nederlandse situatie was geen onderwerp van deze studie, maar er is geen reden om aan te nemen dat die sterk afwijkt, aldus de onderzoekers.

Bagger
In het water zakt het meeste stof uit naar de waterbodem. Na baggeren kan dit weer op het land terechtkomen. Slechts een klein deel (2 procent van de totale uitstoot) wordt met het water meegevoerd en komt uiteindelijk mogelijk in zee terecht.

Welke gevolgen al deze emissies hebben voor mens en milieu is moeilijk aan te geven. Ook het gedrag op lange termijn van het bandenstof in de bodem en in het water is onbekend. Wel is uit laboratoriumonderzoek bekend dat er allerlei stoffen in het water vrij kunnen komen, zelfs als de rubberdeeltjes zelf geen schade veroorzaken.

Negen onderzoeken
Het onderzoek naar de verontreiniging van rubber deeltjes van autobanden is een van de negen onderzoeken die in Water Matters zijn opgenomen. De overige acht zijn:
 

  • De faalkansen van boezemkaden
  • Snel signaleren van storingen in drinkwaternetwerken
  • Hoe maak je een waterleidingnet ‘intrinsiek slim’
  • Restwater bierbrouwer Bavaria gebruiken voor landbouwirrigatie
  • Geen overbodige luxe: onafhankelijk validatiemeetnet voor meten grondwaterstand
  • Werkt organische stof als waterbuffer?
  • Maaiveldafvoer, een onbekend verschijnsel
  • Verwijderen stikstof en methaan uit afvalwater, een veelbelovende techniek 

 

 

MEER INFORMATIE
Water Matters April 2019
Water Matters April 2019 (Engelse versie)

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

KNW Lidmaatschap

"KNW Waternetwerk verbindt waterprofessionals in een uniek platform"

Word ook lid

Laatste reacties op onze artikelen

Bodemdaling en HWBP kunnen niet los van elkaar worden gezien. Bij de veronderstelling dat we in de delta blijven wonen zal het antwoord dan ook moeten zijn temporiseer dijkverhogen (draagvlak slappe bodem is beperkt) en druk het laag gelegen land geologisch op (ongeveer 1/3 deel NL) in het tempo van de zeespiegel stijging. Benut daarvoor de stoffen die we niet langer in de atmosfeer willen stoten (CO2) en bindt deze tot een slurry.
De wet van Pascal zal ons daarbij helpen, waarbij we feitelijk omkeren wat nu in de onttrekking van gas als bodemdaling herkennen. Ga over tot een programma dat gebouwen/huizen niet langer passief gefundeerd zijn, maar eenvoudig waterpas gesteld kunnen worden. Zie dit als een de komende eeuwen doorlopend programma zodat de delta veilig blijft, de rivieren weer geleidelijk onder maaiveld komen en het veenlandschap in zijn charme gepoogd kan worden gelijktijdig te behouden als Carbon link. Slappe bodem wordt dan zelf een non-onderwerp.
De kosten en middelen voor zo'n programma zullen het geleidelijk winnen van steeds hogere en middelen verslindende dijken en waterbouwkundige constructies (denk aan stormvloedkering), zoute kwel wordt stapsgewijs beheerst en de bodemvruchtbaarheid is verzekerd.
Zoek allianties met die partijen die nu aan de bron van de koolstof economie hebben gestaan. Zij beschikken over de juiste expertise om dit proces van dalen in stijging om te zetten en de diepe boring naar zeg drie km diepte veilig te openen, beheren en te sluiten.
Zoek kort gezegd het juist niveau en tijdschema om problemen in de badkuip te beheersen. Dat overstijgt de slappe bodem.
De technologie en ervaring zal wereldwijd toepasbaar zijn en een antwoord geven, anders dan simpel CO2 in de diepe bodem brengen.
Wat een informatie: "De grondwaterstanden zijn momenteel gemiddeld tot laag voor de tijd van het jaar. In de laaggelegen delen zijn ze normaal, maar in de hooggelegen zandgebieden nog altijd ‘zeer laag".. Laat toch eens wat grafieken zien!!!! Er wordt zoveel gemeten. En de deskundigen kunnen het uitleggen.
Het moet zijn community of practice, of die betreffende bouwmarkt moet hier bij betrokken zijn.
N2O + O3
Met ander woorden: lachgas afvangen en ozon toevoegen. O3 kun je maken uit restproduct bij waterstofproductie.
Dus oplosbaar dit probleem?
@Erik van LithWe hebben inderdaad ook designers in het project betrokken. Zij hebben ons geholpen door ons technieken aan te leren die zij gebruiken bij empathisch onderzoek: hoe kom je achter de drijfveren van mensen.
En in vijf gemeenten in Zuid-Nederland zijn ontwerpers met een concreet vraagstuk aan de slag gegaan, samen met ambtenaren en bewoners. Ze vonden het een heel leuk en interessant vraagstuk om aan te werken. Het heeft veel losgemaakt daardoor. We hebben veel van elkaar geleerd.
Als je meer wilt weten, neem dan even contact op met Dick of mij (Karla Niggebrugge, kniggebrugge@brabant.nl)

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

(advertentie)

Wij maken gebruik van cookies om de gebruikerservaring te verbeteren. Als je onze site bezoekt, ga je akkoord met het gebruik hiervan.      Ik snap het