0
0
0
s2sdefault

De afgelopen twee jaar is vanuit de landbouw gemiddeld meer nitraat naar grondwater uitgespoeld, als gevolg van de droogte. In de zuidelijke en oostelijke zandgebieden kwamen de derogatiebedrijven zelfs boven de Europese norm uit. Deze ontwikkeling betekent volgens minister Carola Schouten een grote opgave voor het verbeteren van de waterkwaliteit.

Dit blijkt uit het derogatierapport van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) in samenwerking met Wageningen Economic Research. In opdracht van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselveiligheid (LNV) monitoren zij de waterkwaliteit en bedrijfsvoering van de derogatiebedrijven en publiceren daar ieder jaar over. In de deze week verschenen versie staan de resultaten voor 2019 en de voorlopige resultaten voor 2020.

Daling van stikstof per hectare
Derogatiebedrijven zijn agrarische bedrijven die onder bepaalde randvoorwaarden meer dierlijke mest van graasdieren op hun land mogen gebruiken dan de algemene norm die in de Europese Nitraatrichtlijn is opgenomen. Deze verruiming wordt derogatie genoemd. De Europese Unie staat dit sinds 2006 toe voor een aantal landen waaronder Nederland, mits de kwaliteit van grond- en oppervlaktewater niet verslechtert. In ons land hebben ongeveer 17.000 agrarische bedrijven een vergunning voor derogatie. In het onderzoek worden er 300 gevolgd.

Op basis van de standaardnorm van de Europese Nitraatrichtlijn mogen boeren jaarlijks niet meer dan 170 kilo stikstof uit dierlijke mest per hectare grond gebruiken. Bij derogatie is het maximum hoger: 230 of 250 kilo, afhankelijk van bodemsoort en regio. Volgens het onderzoek gebruikten de derogatiebedrijven in 2019 gemiddeld 230 kilo. Dat is minder dan in de zes jaar daarvoor. In 2018 bijvoorbeeld ging het om gemiddeld 245 kilo stikstof uit dierlijke mest per hectare.

Nitraatconcentraties in uitspoelingswater gestegen
Door verbeteringen in de bedrijfsvoering wordt dierlijke mest efficiënter gebruikt om gewassen te laten groeien. Het ‘stikstofbodemoverschot’ is hierdoor tussen 2006 en 2017 gedaald. Daardoor was er minder stikstof beschikbaar om als nitraat met regenwater weg te zakken naar diepere lagen in de bodem en uiteindelijk het grondwater. In 2019 was het stikstofbodemoverschot het laagst in alle onderzochte jaren.

Volgens de analyse heeft derogatie geen negatieve effecten gehad op de waterkwaliteit vanaf 2006. De droogte van de voorbije jaren daarentegen wel. De gemiddelde nitraatconcentratie in het uitspoelingswater (water dat uitspoelt uit de wortelzone) van de derogatiebedrijven is in 2019 en 2020 gestegen. Daarbij speelt de kurkdroge zomer van 2018 ook nog een belangrijke rol. Door droogte groeien gewassen minder goed, omdat zij minder stikstof opnemen. Het gevolg is dat er meer stikstof in de bodem achterblijft en in het grondwater terechtkomt.

In zand- en lössgebieden EU-norm overschreden
Er zijn duidelijke verschillen tussen gebieden. In twee gebieden wordt volgens de meest recente cijfers de EU-norm van 50 milligram per liter voor de nitraatconcentratie overschreden: het zuiden en oosten van de zandregio (63 milligram per liter) en de lössregio (59 milligram per liter). De gemiddelde nitraatconcentratie in het uitspoelingswater in de kleiregio is 44 milligram per liter en in de veenregio 16 milligram per liter.

Er is sprake van een trendbreuk. In de periode van 2006 tot en met 2017 was in alle regio’s een duidelijke afname van de gemiddelde nitraatconcentraties te zien, behalve in de veenregio waar deze concentratie altijd al laag is. Nu zijn ze in het algemeen weer gestegen. Vorig jaar daalden wel de nitraatconcentraties in de klei- en veenregio.

Minister Carola Schouten van LNV schrijft in de begeleidende brief aan de Tweede Kamer dat de stijging van de gemiddelde nitraatconcentraties op derogatiebedrijven in 2018 en 2019 een grote opgave betekent voor het verbeteren van de waterkwaliteit. Het zevende Actieprogramma Nitraatrichtlijn zal volgens haar moeten voorzien in adequate maatregelen waarmee op termijn de waterkwaliteitsdoelen worden gehaald.

 

MEER INFORMATIE
Bericht van RIVM
Derogatierapport
Kamerbrief minister Schouten
Informatie over derogatie
 

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Dag Hans: ik deel je gedachtengang. Er is één nadeel. Het draagt weer bij aan de ‘bestuurlijke drukte’ waar we allemaal last van hebben. Ik vind de optie waarbij geborgden een kwaliteitszetel krijgen, met een maximum van drie per waterschap, daarom ook een aantrekkelijke optie.
Groet van Adriaan
Citaat: 'De Unie wijst erop dat de waterschappen komend jaar meer dan ooit tevoren investeren in veilige dijken en in schoon en voldoende water: 1,8 miljard euro.' Maar de Unie 'vergeet' te melden dat deze 1,8 miljard de opbrengst is van de Watersysteemheffing voor alle waterschappen samen. Dat is dus niet *extra* geld, maar reguliere financiering van droge voeten en schoon water. Het is mooi om dit geld voor de kerntaken van de waterschappen te labelen als een klimaatbeheer, maar er blijft dus extra geld nodig om, zoals de Unie stelt: "Er is wel extra rijksgeld voor decentrale overheden nodig om Nederland versneld aan te passen aan weersextremen."
Het pleidooi van VNG, IPO en Unie voor 1,8 miljard euro voor uitvoering van het Klimaatakkoord (2022-2024) is niet gehonoreerd. Maar als het Rijk de kosten voor klimaatadaptatie niet wil betalen, dan zit er voor de waterschappen niets anders op om naast de watersysteemheffing een aparte klimaatadaptatie-heffing in te voeren. Een heffing van 2 tientjes voor alle tien miljoen huishoudens in Nederland levert 200 miljoen per jaar op. Over drie jaar is dat 600 miljoen en dat is precies één-derde van het bedrag van 1,8 miljard dat VNG, IPO en Unie samen vragen. Zo eenvoudig kan het zijn.
Er wordt 6,7 miljard euro uitgetrokken voor klimaat en het deltaprogramma zoetwater krijgt 100 miljoen. Dat is dus ongeveer 1,5% van dit enorme bedrag. Verder is in 2018 besloten om het Deltafonds uit te breiden van het wegwerken van de achterstand in het onderhoud van dijken naar wateroverlast door klimaatverandering. En nu moet er volgens de deltacommissaris 800 miljoen bij. Wie kan dit balletje-balletje nog volgen? Volgens mij komt het deltaprogramma dus nog steeds structureel geld tekort. Enige journalistieke duiding is wel op z'n plaats!
Proficiat Hein, en ik wens je veel succes op dit essentiële beleidsterrein.
Super interessant en heel mooi als waterbedrijven green-based GAC (duurzaam kool) kunnen inzetten bij de zuiverring. Het spoelen van koolfilters moet ook wel mee worden genomen. Een heel lastig onderdeel dat vaak wordt vergeten.
► O.J.I. Kramer, C. van Schaik, P.D.R. Dacomba-Torres, P.J. de Moel, E.S. Boek, E.T. Baars, J.T. Padding, J.P. van der Hoek, 2021, Fluidisation characteristics of granular activated carbon in drinking water treatment applications, Advanced Powder Technology Journal. 32, Issue 9, (2021) pp. Pages 3174-3188. doi: 10.1016/j.apt.2021.06.017.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.