Op het terrein van rioolwaterzuivering Utrecht van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden komt een aquathermie-installatie te staan, die waarschijnlijk vanaf eind 2023 duurzame warmte gaat produceren voor ongeveer 20.000 woningen. Hiervoor wordt de grootste warmtepomp van Nederland gebouwd.

Het officiële startsein voor de bouw van de warmtepomp bij rioolwaterzuivering Utrecht is gisteren gegeven door bestuursleden van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR) en directeuren van energieleverancier Eneco. De pomp heeft een thermisch vermogen van 27 megawatt en zal jaarlijks 583.000 gigajoule aan warmte produceren. Daarmee kunnen zo’n 20.000 woningen in Utrecht en Nieuwegein worden verwarmd. Dat is ongeveer 15 procent van de warmtevraag van het stadswarmtenet van deze gemeenten.

Eneco bouwt en beheert de warmtepomp voor eigen rekening en risico. HDSR heeft een stuk grond bij rioolwaterzuivering Utrecht in de wijk Overvecht beschikbaar gesteld en zorgt straks voor gezuiverd afvalwater. Verder trekken beide partijen samen op bij onder meer de techniek, de planning en het regelen van vergunningen.

Water van 75 graden naar stadswarmtenet
Per uur zal ongeveer 2.000 kubieke meter gezuiverd afvalwater worden gebruikt. Het effluent is relatief warm met een temperatuur van circa 12 graden Celsius in de winter tot 22 graden in de zomer. Door de aquathermie-installatie vloeit deze restwarmte niet weg, maar wordt juist nuttig ingezet. De warmtepomp haalt de warmte uit het gezuiverde afvalwater, waarna er water met een temperatuur van 75 graden aan het warmtenet wordt geleverd (zie infographic). Dat er straks afgekoeld effluent terechtkomt in de Vecht, heeft een positief effect op het milieu.

Eneco legt hiervoor een nieuwe warmteleiding van zeshonderd meter aan tussen de warmtepomp en de eigen centrale in de buurt van de rioolwaterzuivering. Verder wordt er een buffervat van ongeveer 18 meter hoog en 18 meter breed gebouwd, om ervoor te zorgen dat continu voldoende warm water aanwezig is.

Het warmtepompgebouw heeft een oppervlakte van zo’n 1.500 vierkante meter (33 bij 45 meter) en het hoogste punt is tien meter. Het gebouw gaat zelf ook energie opwekken, omdat op het dak 177 zonnepanelen worden geplaatst. Zij zorgen jaarlijks voor 40.000 kilowattuur aan energie, vergelijkbaar met het verbruik van dertien huishoudens.

Installatie naar verwachting eind 2023 operationeel
De planning is dat de aquathermie-installatie vanaf eind 2023 warm water aan het stadswarmtenet gaat leveren. Zowel HDSR als Eneco benadrukt het belang hiervan gezien de eigen ambitie om klimaatneutraal te worden. Hoogheemraad Els Otterman noemt aquathermie een duurzame warmtebron met veel potentie, zonder de bezwaren van wind- en zonne-energie.

“Maar liefst 40 procent van de woningen en bedrijfsgebouwen in onze regio kunnen we verwarmen met warmte uit afvalwater en oppervlaktewater. De bouw van deze warmtepomp is dan ook een prachtig inspirerend en concreet voorbeeld voor gemeenten, energiebedrijven en andere samenwerkingspartners!”

Infographic warmtepomp rwzi UtrechtInfographic: Eneco / HDSR

LEES OOK
H2O Actueel: aquathermie voor 200.000 woningen in 2030
H2O Artikel: aquathermie begint aan een inhaalrace

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.
  • This commment is unpublished.
    L. Roozeboom · 1 months ago
    Energetisch mooi maar hoe worden de kosten binnen de perken gehouden, zodat de “gewone” burger het nog kan betalen? Hoe bedrijfszeker is de installatie en het net?
  • This commment is unpublished.
    R van Hoogenhuizen · 1 months ago
    Interessant artikel en mooi initiatief.. wel jammer dat er meerdere keren over waterpomp gesproken wordt terwijl het warmtepomp is.
    Redactie: dank, is gecorrigeerd.
(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Er moet veel gebeuren, niet alleen grenzen markeren, maar actief het waterbeheer in het buitengebied naar de nieuwe inzichten herstellen. Daarbij moet ieder waterschap ruimte vrijhouden om initatieven vanuit het veld actief op te pakken en niet in een stilzwijgende welwillendheid laten sneuvelen.
Waarom niet een waterfabriek bouwen van zout naar zoet, zo een als in Israël gr marco
Weten waterschappen wel waar hun grenzen zijn?
De legger is het kroonjuweel van het waterschap. Zoals een gemeente de bebouwde kom markeert met een bord, zo staan de waterschapsgrenzen beschreven in de legger. Dit is niet een eenvoudige grens met het buur-waterschap, maar een complex stelsel van waterstaatswerken met de bijbehodende invloedszoneringen. Alleen binnen die zoneringen heeft het (klassieke) waterschap zeggenschap (klassiek: gericht op waterbeheer (watergangen) en waterveiligheid (dijken) ex waterzuivering).
Alles begint en houdt op bij de invloedszones - de grenzen - van het waterschap. En laat het nou toch heel eenvoudig zijn die grenzen kleiner te maken (dus de invloedszones in nieuwe leggers te verkleinen) maar zo goed als onmogelijk om deze weer groter te maken. Het ene is n weggevertje en het andere is landje pik - dus betalen.
Dus voor een strategische herorientatie van de waterschappen is een strategische herwaardering van het kroonjuweel - de waterschapslegger en het gehele bijbehorende invloeds-spel van essentieel belang.
De waterschappen zijn de afgelopen jaren ver in de marge gedrukt want invloedszones met gemeenten, het rijk en andere belanghebbenden zijn aan het verschuiven. (En waar is de wet PUBERR gebleven?)
Dus eerst herwaarderen van waterschapsgrenzen, dan weten waar de grenzen zijn en vervolgens deze met een (dijk)leger gaan verdedigen ! ;-)
https://sjfsupport.com/mmi.html
Zijn waterschappen nog wel van deze tijd?
Interessant artikel van Stephan Kuks over de toekomst van de waterschappen. Zelf vraag ik mij af of de waterschappen wel in staat zijn om antwoord te geven op de grote maatschappelijke vragen, die ook hij noemt. Hij zegt: "Nu wordt het tijd dat waterschappen duidelijk maken dat er vanuit water en bodem grenzen zijn, en dat de ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden van Nederland hierop moeten worden aangepast.” Dat lijkt op het oog een logische uitspraak, maar de grote vraag is of het huidige waterschap deze vraag wel inhoud kan geven. En niet vanwege dat het waterschap niet deskundig zou zijn, maar meer vanwege de samenstelling van het bestuur en dat het mandaat op de genoemde onderwerpen zeer beperkt is.
En natuurlijk, prachtig als Kuks vindt dat de waterschappen duidelijk stelling moeten nemen in het maatschappelijk debat over de toekomst van ons land, maar welke stelling dan? Het belang van de boeren? Het belang van de natuur? Het belang van woningbouw? Deze discussie hoort in eerste instantie thuis op het allerhoogste politieke niveau. Daar heeft men het de afgelopen decennia lelijk laten liggen, maar dat betekent niet dat nu het waterschap aan bod is. En natuurlijk voor het waterbeheer zijn de waterschappen de ogen en de oren van de samenleving. De waterschappen zijn bij uitstek degenen die van onderop knelpunten en ideeën kunnen aandragen om het beleid op provinciaal en nationaal niveau effectief vorm te geven. Maar ik moet er niet aan denken dat de waterschappen dat in die breedheid zelf zouden moeten gaan oppakken.
En om dan ook maar tegelijk tegen een heilig huis aan te schoppen, we zouden ons zelfs kunnen afvragen of waterschappen en het functioneren ervan nog wel van deze tijd is. Zeker als het gaat om ruimtelijke ordening en klimaat heeften provinciaal bestuur veel meer mandaat en dus veel meer slagkracht. Wat mij betreft zou het waterbeheer zo overgeheveld kunnen worden naar de provincie en zouden waterschappen omgevormd kunnen worden tot uitvoeringsorganisaties die het dagelijks waterbeheer doen. De RWZI’s zouden nutsbedrijf kunnen worden. Zeker zij zouden daarmee grote stappen kunnen maken in de efficiency van de waterzuivering.
Wat bedoel ik daarmee? In de afgelopen 10 tot 20 jaar zijn de RWZI ’s zich steeds meer gaan toeleggen op terugwinning van grondstoffen(fosfaat, cellulose, biogas, etc). Maar een grote doorbaak met substantieel resultaat heb ik tot nu toe niet echt gezien, misschien met uitzondering van een aantal initiatieven, zoals Waterstromen. Het succes van een goede afzet van reststromen wordt bepaald door kwantiteit en kwaliteit.
Eind vorige eeuw werd in de autobranche de organisatie Autorecycling Nederland opgericht. Ik was daarbij betrokken. Doel was om een hoger hergebruik te realiseren bij demontage van auto’s. Voor het ophalen een paar rubber strips per bedrijf was namelijk nooit veel belangstelling vanwege de geringe baten. Maar als je als verwerkingsbedrijf bij alle autodemontagebedrijven rubber kan ophalen, wordt het ineens interessant. Ook voor het autodemontage bedrijf, sommig restafval kreeg ineens een positieve geldwaarde.
Dat kan ook zomaar voor de RWZI’s gelden. Als ze met z’n allen gaan samenwerken en op landelijk niveau collectief contracten gaan afsluiten met afnemers dan kan dat voor beide partijen interessant worden. Bijvoorbeeld voor struviet. Zeker nu de totale gevolgen van kunstmest steeds meer onder het vergrootglas komen, zou struviet een geweldige vervanger kunnen zijn.
En een centrale organisatie, zoals ARN bij de autosector heeft nog meer voordelen. Je kunt een veel directere samenwerking met partijen als Wetsus en KWR tot stand brengen, waarbij uit een deel van de opbrengsten van de restproducten onderzoek gefinancierd kan worden om nog effectiever en efficiënter te worden met de terugwinning. Je zou dan ook kunnen kijken in hoeverre je samenwerkingen zou kunnen aangaan met bedrijven, die nu hun afvalwater moeten voorzuiveren. Bij Waterstromen werd zo’n samenwerking al tot stand gebracht met een voedselproducent en een leerlooier.
En als het echt succesvol zou worden, zou het zelfs kunnen leiden tot lagere belastingen(verontreinigingsheffing). Wat mij betreft is er wel één belangrijke voorwaarde aan verbonden, namelijk dat het zuiveren van communaal afvalwater altijd een publieke aangelegenheid blijft.
Klinkt goed! Maar waarom wordt dit niet bij alle waterschappen ingevoerd? Dan ontstaan er meer mogelijkheden tegen lagere prijzen.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!