Sinds de Russische invasie op 24 februari is een deel van de vitale water- en rioleringsinfrastructuur in Oekraïne verwoest. De Oekraïense vereniging van water- en rioolzuiveringsbedrijven ‘Ukrvodokanalekologiya’ probeert waar mogelijk schade te herstellen, maar heeft een tekort aan materialen en installaties. Ze krijgt daarbij ondersteuning en die komt vooral uit Polen.

Op de dag van de Russische inval spreekt persbureau Reuters voorzitter Peter Maurer van het Internationale Comité van het Rode Kruis. Maurer roept de strijdende partijen op het internationaal humanitair recht te respecteren: "Essentiële infrastructuur moet worden gespaard, met inbegrip van water-, gas- en elektriciteitssystemen die bij voorbeeld burgerwoningen, scholen en medische faciliteiten voorzien van vitaal water en elektriciteit."

In het oorlogsgeweld is de oproep van Maurer snel gesneuveld. Werknemers in de watersector in Oekraïne melden dat vitale waterinfrastructuur doelbewust wordt vernietigd, schrijft de website Make Water Famous. De Oekraïner Ruslan Lavrinenko, ceo van het watertechnologiebedrijf Zander-Agro, wordt op de site geciteerd. Hij vertelt dat veel (water)infrastructuur volledig is beschadigd. Burgers die zich schuilhouden voor de Russische bombardementen en beschietingen hebben geen water, aldus de ceo. “Zelfs in sommige ziekenhuizen is de watervoorziening schaars. Na de oorlog zal het een hele klus zijn om de aangerichte schade te herstellen."

Marioepol
In de sinds 24 februari onder vuur liggende zuidoostelijke havenstad Marioepol is er weinig tot geen toegang tot stromend water, elektriciteit, warmte, medische zorg en mobiele telefonie, schrijft Human Rights Watch. Al snel werd de elektriciteitsvoorziening in de stad vernield door Russische beschietingen. “Aangezien de waterstations elektriciteit nodig hebben voor de pompen, is het watersysteem ook beschadigd," vertelde Petro Andryushchenko, assistent van de burgemeester van Mariupol, op 8 maart aan Human Rights Watch. "We weten dat er ook raketten zijn ingeslagen in de buurt van de pompstations, maar we zijn niet in staat om de reparateurs te sturen vanwege de gevechten."

De medische hulporganisatie Artsen zonder Grenzen drong er begin maart op aan de toegang tot water te herstellen voor de mensen in de zwaar geteisterde havenstad. "Ze weten niet waar ze water kunnen krijgen," zei de noodcoördinator van de hulporganisatie in een audioboodschap. "Bewoners drinken regenwater of verzamelen sneeuw voor water. Mensen hebben letterlijk ingebroken in verwarmingsinstallaties om er water uit te halen."

Chernihiv
In de noordelijke stad Chernihiv, met een vooroorlogse bevolking van 285.000, lijken de omstandigheden op die in Marioepol, schrijft Human Rights Watch. Er is beperkte toegang tot stromend water, elektriciteit en warmte sinds begin maart, toen Russische strijdkrachten hun aanval op de stad opvoerden. Op 26 maart zei burgemeester Vladyslav Atroshenko van Chernihiv tijdens een persconferentie dat de stad ‘aan gruzelementen is geblazen’.

Acuut watertekort vormt een bijzonder ernstig risico voor de ongeveer 130.000 inwoners die in de stad zijn achtergebleven, schrijft Human Rights Watch op 31 maart. Olexander Lomako, secretaris van de gemeenteraad, wordt aangehaald: “Bewoners hebben generatoren moeten gebruiken om water uit putten op te pompen, maar er is niet genoeg om iedereen van water te voorzien. Sommigen zijn aangewezen op water uit rivieren en meren, of gesmolten sneeuw.”

Ukrvodokanalekologiya
Op de site van de Oekraïense vereniging van water- en rioolzuiveringsbedrijven ‘Ukrvodokanalekologiya’ wordt verslag gedaan van de schade die wordt aangericht door het oorlogsgeweld. Op 27 maart meldt de vereniging dat in de hoofdstad Kiev de pompstations Vinogradar-3, Svyatoshynska en Novo-Svyatoshynska zijn verwoest.

Op 4 april beschrijft de organisatie de stand van zaken in Irpin, voorstad van Kiev die weer is heroverd op de Russen: “De water- en rioleringseconomie van de stad Irpin heeft geleden onder de bezetters, evenals de gehele andere infrastructuur. Foto’s tonen de door vijandelijk vuur vernielde watervoorzieningsinstallaties: beschadigde gebouwen, beschadigde watervoorzieningsinstallaties en -netwerken, vernielde reparatieapparatuur.”

Irpin totaal Beschadigde apparatuur en waterinstallaties in Irpin na het vertrek van de Russen | Foto's Ukrvodokanalekologiya

Herstel
Maar de Oekraïnse waterbedrijven werken ook aan herstel. Twee dagen na de mededeling dat in Kiev pompstations zijn verwoest, is op de site van Ukrvodokanalekologiya te lezen dat schade aan de watervoorzieningssystemen in de hoofdstad wordt hersteld. In Irpin is men na het vertrek van de Russen meteen begonnen om de stad weer van water te voorzien vanuit het hoofdwaterleidingbedrijf in de hoofdstad, schrijft Ukrvodokanalekologiya op zijn website.

De Oekraïners krijgen ondersteuning bij het herstel, met name van de organisatie van Poolse waterbedrijven IGWP, die ook veel werk heeft aan de watervoorziening van de 1,8 miljoen vluchtelingen uit Oekraïne in eigen land. In een verklaring van 25 maart schrijft deze Poolse organisatie onder meer: “De schade aan de Oekraïense water- en rioleringsinfrastructuur is onvoorstelbaar, maar op dit moment moeilijk in te schatten.”

De Polen inventariseren waaraan de Oekraïners behoefte hebben voor herstelwerk. De lijst is lang en divers: generatoren, reparatiekits voor noodgevallen, hydrodynamische en lasapparatuur, pompen voor drinkwater en afvalwater, persoonlijke beschermingsmiddelen, waaronder gasmaskers, beschermende pakken tegen chemicaliën en wetsuits, watertankwagens, walkietalkies, onderdelen voor auto’s, zoals banden en accu's.

UvW en Vewin
Waterschappen en drinkwaterbedrijven in Nederland verlenen tot dusverre geen directe ondersteuning, blijkt uit navraag bij de Unie van Waterschappen (UvW) en Vewin, de vereniging van drinkwaterbedrijven. Er zijn op dit moment nog geen rechtstreekse contacten tussen de waterschappen en de Oekraïense waterbeheerders, laat de Unie weten. Ook Vewin heeft geen rechtstreeks contact met de Oekraïense vereniging van waterbedrijven. “Dit loopt via de Poolse waterbedrijven en EurEau”, zegt de drinkwaterorganisatie in een reactie.

Beide koepelorganisaties laten weten serieus bij te willen dragen aan de wederopbouw. “De oorlog is nog in volle gang, dus dit is nog niet het moment om hierover het contact te starten. Maar wel dus om op Europees niveau na te denken over wat een gezamenlijke hulpinzet zou kunnen zijn”, zegt de Unie. “Voor de Unie van Waterschappen is noodhulp één van de pijlers van internationale samenwerking, dus we willen zeker graag bekijken hoe de waterschappen kunnen helpen bij de wederopbouw.”

“Mocht Vewin of de drinkwatersector via het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat een verzoek krijgen om de mogelijkheden te verkennen voor ondersteuning in de wederopbouwfase, dan zal dit uiteraard serieus worden bezien”, laat Vewin weten.

EurEau
Uit de berichtgeving van EurEau blijkt dat individuele bedrijven al steun geven, zowel voor de opvang van de miljoenen vluchtelingen in omringende landen als voor herstelwerk in Oekraïne zelf. Zo organiseerde de Duitse Stadtentwässerung Dresden GmbH hulp voor de Oekraïense steden Lviv, Nadvirna en Ternopil. In 4 vrachtwagencombinaties leverde het waterbedrijf uit Dresden materiaal, variërend van frequentieomvormers tot noodstroomaggregaten en leidingmeters, meldt EurEau op 17 maart. De Roemeense watermaatschappij Apaserv Satu Mare financierde, aldus EurEau, de aankoop van 7 stroomgeneratoren en 10 watertanks voor de stad Beregovo in Oekraïne.

Op Wereldwaterdag (22 maart) riep Aqua Publica Europea, de Europese vereniging van publieke waterbedrijven, de Russische regering op een einde te maken aan de aanvallen en verwoestingen en de verdragen te respecteren die de burgerbevolking de toegang tot essentiële waterdiensten moeten garanderen. “De vernietiging van infrastructuur is niet alleen een onmiddellijke ramp; zij zal ook aanzienlijke wederopbouwinspanningen vergen in de naoorlogse periode”, aldus de organisatie.

 

LEES OOK
'We zullen er een hoge prijs voor betalen, maar Oekraïne zal winnen'
Zeshonderd flessen Drents drinkwater naar Oekraïne
Russische inval in Oekraïne zorgt ook in de watersector voor dilemma's

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.
  • This commment is unpublished.
    VAN DEN BLIEK · 4 months ago
    Hoe is het gesteld met het beheer van de rioolwaterzuiveringsinstallaties en ongezuiverde lozingen op oppervlaktewater? wat is de impact daarvan op het milieu?
(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Het belangrijkste staat onderaan: toestaan van kunstmestvervangers op basis van dierlijke mest. De milieu-impact kan nauwelijks worden overschat: er is minder kunstmest nodig (veel energie nodig, dus veel CO2) en via de erts komen er sporen van giftige zware metalen mee in de bodem. En er ontstaat een toepassing voor eindproducten van mestverwerking. Zo kun je regionaal de kringloop beter sluiten.
Er moet veel gebeuren, niet alleen grenzen markeren, maar actief het waterbeheer in het buitengebied naar de nieuwe inzichten herstellen. Daarbij moet ieder waterschap ruimte vrijhouden om initatieven vanuit het veld actief op te pakken en niet in een stilzwijgende welwillendheid laten sneuvelen.
Waarom niet een waterfabriek bouwen van zout naar zoet, zo een als in Israël gr marco
Weten waterschappen wel waar hun grenzen zijn?
De legger is het kroonjuweel van het waterschap. Zoals een gemeente de bebouwde kom markeert met een bord, zo staan de waterschapsgrenzen beschreven in de legger. Dit is niet een eenvoudige grens met het buur-waterschap, maar een complex stelsel van waterstaatswerken met de bijbehodende invloedszoneringen. Alleen binnen die zoneringen heeft het (klassieke) waterschap zeggenschap (klassiek: gericht op waterbeheer (watergangen) en waterveiligheid (dijken) ex waterzuivering).
Alles begint en houdt op bij de invloedszones - de grenzen - van het waterschap. En laat het nou toch heel eenvoudig zijn die grenzen kleiner te maken (dus de invloedszones in nieuwe leggers te verkleinen) maar zo goed als onmogelijk om deze weer groter te maken. Het ene is n weggevertje en het andere is landje pik - dus betalen.
Dus voor een strategische herorientatie van de waterschappen is een strategische herwaardering van het kroonjuweel - de waterschapslegger en het gehele bijbehorende invloeds-spel van essentieel belang.
De waterschappen zijn de afgelopen jaren ver in de marge gedrukt want invloedszones met gemeenten, het rijk en andere belanghebbenden zijn aan het verschuiven. (En waar is de wet PUBERR gebleven?)
Dus eerst herwaarderen van waterschapsgrenzen, dan weten waar de grenzen zijn en vervolgens deze met een (dijk)leger gaan verdedigen ! ;-)
https://sjfsupport.com/mmi.html
Zijn waterschappen nog wel van deze tijd?
Interessant artikel van Stephan Kuks over de toekomst van de waterschappen. Zelf vraag ik mij af of de waterschappen wel in staat zijn om antwoord te geven op de grote maatschappelijke vragen, die ook hij noemt. Hij zegt: "Nu wordt het tijd dat waterschappen duidelijk maken dat er vanuit water en bodem grenzen zijn, en dat de ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden van Nederland hierop moeten worden aangepast.” Dat lijkt op het oog een logische uitspraak, maar de grote vraag is of het huidige waterschap deze vraag wel inhoud kan geven. En niet vanwege dat het waterschap niet deskundig zou zijn, maar meer vanwege de samenstelling van het bestuur en dat het mandaat op de genoemde onderwerpen zeer beperkt is.
En natuurlijk, prachtig als Kuks vindt dat de waterschappen duidelijk stelling moeten nemen in het maatschappelijk debat over de toekomst van ons land, maar welke stelling dan? Het belang van de boeren? Het belang van de natuur? Het belang van woningbouw? Deze discussie hoort in eerste instantie thuis op het allerhoogste politieke niveau. Daar heeft men het de afgelopen decennia lelijk laten liggen, maar dat betekent niet dat nu het waterschap aan bod is. En natuurlijk voor het waterbeheer zijn de waterschappen de ogen en de oren van de samenleving. De waterschappen zijn bij uitstek degenen die van onderop knelpunten en ideeën kunnen aandragen om het beleid op provinciaal en nationaal niveau effectief vorm te geven. Maar ik moet er niet aan denken dat de waterschappen dat in die breedheid zelf zouden moeten gaan oppakken.
En om dan ook maar tegelijk tegen een heilig huis aan te schoppen, we zouden ons zelfs kunnen afvragen of waterschappen en het functioneren ervan nog wel van deze tijd is. Zeker als het gaat om ruimtelijke ordening en klimaat heeften provinciaal bestuur veel meer mandaat en dus veel meer slagkracht. Wat mij betreft zou het waterbeheer zo overgeheveld kunnen worden naar de provincie en zouden waterschappen omgevormd kunnen worden tot uitvoeringsorganisaties die het dagelijks waterbeheer doen. De RWZI’s zouden nutsbedrijf kunnen worden. Zeker zij zouden daarmee grote stappen kunnen maken in de efficiency van de waterzuivering.
Wat bedoel ik daarmee? In de afgelopen 10 tot 20 jaar zijn de RWZI ’s zich steeds meer gaan toeleggen op terugwinning van grondstoffen(fosfaat, cellulose, biogas, etc). Maar een grote doorbaak met substantieel resultaat heb ik tot nu toe niet echt gezien, misschien met uitzondering van een aantal initiatieven, zoals Waterstromen. Het succes van een goede afzet van reststromen wordt bepaald door kwantiteit en kwaliteit.
Eind vorige eeuw werd in de autobranche de organisatie Autorecycling Nederland opgericht. Ik was daarbij betrokken. Doel was om een hoger hergebruik te realiseren bij demontage van auto’s. Voor het ophalen een paar rubber strips per bedrijf was namelijk nooit veel belangstelling vanwege de geringe baten. Maar als je als verwerkingsbedrijf bij alle autodemontagebedrijven rubber kan ophalen, wordt het ineens interessant. Ook voor het autodemontage bedrijf, sommig restafval kreeg ineens een positieve geldwaarde.
Dat kan ook zomaar voor de RWZI’s gelden. Als ze met z’n allen gaan samenwerken en op landelijk niveau collectief contracten gaan afsluiten met afnemers dan kan dat voor beide partijen interessant worden. Bijvoorbeeld voor struviet. Zeker nu de totale gevolgen van kunstmest steeds meer onder het vergrootglas komen, zou struviet een geweldige vervanger kunnen zijn.
En een centrale organisatie, zoals ARN bij de autosector heeft nog meer voordelen. Je kunt een veel directere samenwerking met partijen als Wetsus en KWR tot stand brengen, waarbij uit een deel van de opbrengsten van de restproducten onderzoek gefinancierd kan worden om nog effectiever en efficiënter te worden met de terugwinning. Je zou dan ook kunnen kijken in hoeverre je samenwerkingen zou kunnen aangaan met bedrijven, die nu hun afvalwater moeten voorzuiveren. Bij Waterstromen werd zo’n samenwerking al tot stand gebracht met een voedselproducent en een leerlooier.
En als het echt succesvol zou worden, zou het zelfs kunnen leiden tot lagere belastingen(verontreinigingsheffing). Wat mij betreft is er wel één belangrijke voorwaarde aan verbonden, namelijk dat het zuiveren van communaal afvalwater altijd een publieke aangelegenheid blijft.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!