Het nieuwe kabinet kan aan de bak: Nederland moet zich beter voorbereiden op de huidige en toekomstige veiligheidsrisico’s die ontstaan door extreme regen. Meer sturing op rijksniveau is nodig, concludeert de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) in een nieuw rapport. Ook de waterschappen krijgen huiswerk mee.
Als gevolg van klimaatverandering ontstaat er een serieus veiligheidsvraagstuk, waarschuwt de OVV. Extreme regen kan de veiligheid van de woon- en leefomgeving aantasten, fysieke en mentale gezondheidsklachten veroorzaken en zelfs maatschappelijke ontwrichting tot gevolg hebben wanneer vitale infrastructuur uitvalt en belangrijke voorzieningen als ziekenhuizen onbereikbaar worden.
Het is daarom van belang dat overheden, bedrijven en burgers zich meer bewust zijn van de veiligheidsrisico’s en meer doen om de toenemende risico’s te beheersen. Uit het onderzoek Onveiligheid door extreme regen blijkt dat dat nog onvoldoende het geval is. Extreme regen wordt in Nederland niet als veiligheidsprobleem gezien en het gevoel van urgentie is laag. Dat maakt ons land kwetsbaar.
Aanleiding voor het onderzoek is de toename van extreme regenval en de daarmee gepaard gaande wateroverlast, zoals in de zomer van 2021 in Limburg. Hoewel daarbij in ons land geen doden vielen, beschouwden veel mensen dit wel als een ‘wake-up call’, constateert de raad. En daar bleef het niet bij: ook in 2023 en 2024 veroorzaakten heftige piekbuien wateroverlast met veiligheidsrisico’s.
Drie casussen
Aan de hand van drie concrete casussen onderzocht de OVV hoe de veiligheidsrisico’s werden beheerst en welke knelpunten daarbij naar voren kwamen. Dat zijn achtereenvolgens: kortsluiting in een stroomverdeelstation in Nijverdal (december 2023), overstroming van de Spoedeisende Hulp in Doetinchem (juli 2024) en wateroverlast in de wijken Pathmos en Stadsveld in Enschede (juli 2024).
In alle situaties veroorzaakte extreme regen onveiligheid voor burgers, zo luidt de conclusie. Het gaat om aantasting van de veilige leefomgeving, fysieke en mentale gezondheidsklachten, economische schade en lokale ontregeling van een gemeenschap (sommige bewoners in Enschede konden uiteindelijk niet terugkeren naar hun woning).
De conclusie luidt dat het Rijk, gemeenten, provincies en waterschappen wel beleid hebben voor de aanpak van wateroverlast, maar dat is niet gericht op veiligheid en veelal vrijblijvend en procesmatig van aard. "De realisatie van daadwerkelijk effectieve maatregelen blijft achter bij het tempo waarin extreme regen toeneemt."
Stresstesten
De OVV adviseert dan ook voor om snel grootschalige klimaatadaptieve maatregelen te nemen, zoals rioolaanpassingen, waterbergingsgebieden en watergangen. Daarvoor moet het Rijk concrete doelstellingen, bindende normen en kaders opleggen, bijvoorbeeld in het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie.
Gemeenten, waterschappen en provincies moeten lokale en regionale stresstesten uitbreiden met meer risicofactoren. De uitkomsten moeten ze met meer belanghebbende partijen, zoals gebouw- en perceeleigenaren en bewoners, delen.
Waterschappen, gemeenten en het KNMI moeten netbeheerders ook proactief waarschuwen over (grond)waterstanden en (verwachte) zware neerslag. Voor het KNMI dient het wettelijk mogelijk te worden om vroegtijdige lokale waarschuwingen te geven.
Reactie Unie
De Unie van Waterschappen zegt in een reactie op het onderzoek de problematiek en de urgentie te herkennen. Ze roept het Rijk op om ruimtelijke regie te versterken en te zorgen voor een toereikende structurele financiering voor klimaatadaptatie.
Voorzitter Jeroen Haan: "Alleen door nu slimme en toekomstbestendige keuzes te maken, zoals ruimte reserveren voor water en bouwen op de juiste plekken, kunnen we schade en maatschappelijke ontwrichting in de toekomst beperken."
