De meer dan duizend vrijwilligers van het project Schone Rivieren vonden eerder dit voorjaar gemiddeld 409 stuks afval per honderd meter rivieroever. Het onderzoek is langs alle grote rivieren uitgevoerd. Van de ruim vijfhonderd onderzochte locaties is vijf procent een afvalhotspot.

De meting vond plaats tussen half februari en half maart. De resultaten zijn deze week bekendgemaakt en komen sterk overeen met die van vorige onderzoeken. Het gevonden aantal van 409 stuks afval per honderd meter is iets lager dan bij eerdere voorjaarsmetingen. Daarvoor kunnen volgens de organisaties achter Schone Rivieren verschillende oorzaken zijn, afhankelijk van de onderzoekslocatie.

Overwegend plastic afval
Zoals steeds is het afval overwegend van plastic: 84 procent. De burgerwetenschappers hebben vooral ondefinieerbare stukjes plastic – inclusief piepschuim – aangetroffen en opgeruimd. Hiervan is de herkomst niet meer te achterhalen. Verder zijn vaak verpakkingen van snoeps, chips en snacks, plastic drankverpakkingen en vispluis (plastic draden en klossen) gevonden. Het wordt opmerkelijk genoemd dat er zes soorten ‘single use plastic’ in de top vijftien staan. Voor diverse van deze wegwerpartikelen zoals plastic bestek, geldt vanaf 3 juli een verbod.

Er is op 512 oeverlocaties onderzoek gedaan. Daarvan zijn 26 (5 procent) gedefinieerd als afvalhotspot. Hier werden meer dan twaalfhonderd stuks afval per honderd meter aangetroffen. Op 138 locaties zijn nurdles (kleine plastic korrels) gevonden. Twaalf oevers worden omschreven als een nurdlehotspot. De vrijwillige onderzoekers kwamen op deze plekken meer dan vierhonderd nurdles per vierkante meter tegen.

Zoals te verwachten in coronatijd vonden zij ook mondkapjes langs de oevers. Het waren er echter niet veel: precies honderd. Verder zijn er bijzondere vondsten gedaan, zoals een stuk van een praalwagen, een brandblusser en een grafkaars.

Onderzoek flink uitgebreid
Het project Schone Rivieren is een samenwerking van IVN Natuureducatie, Plastic Soup Foundation en Stichting De Noordzee. Zij spreken van het meest grootschalige afvalonderzoek in de Nederlandse rivierdelta. Twee keer per jaar verzamelen vrijwilligers gegevens over het afval langs de oevers op basis van de internationaal erkende OSPAR-methode.

Het onderzoek dat sinds 2017 wordt gehouden, is afgelopen jaar opgeschaald. Daardoor zijn er nu langs alle grote Nederlandse rivieren locaties waar afval wordt geregistreerd en vervolgens opgeruimd. Ook neemt het aantal actieve vrijwillige onderzoekers fors toe; dit voorjaar waren het er 1.113. Zij troffen ruim 210.000 stuks afval aan. Dat is meer dan een verdubbeling ten opzichte van een jaar geleden. De verwachting is dat eind 2021 de eerste trendanalyses kunnen worden uitgevoerd.

Bewustwordingscampagne voor herbruikbare beker
De vrijwilligers vonden bij het voorjaarsonderzoek ongeveer 1.800 wegwerpbekers. Dit komt neer op gemiddeld drie per honderd meter. De organisaties achter Schone Rivieren wijzen erop dat jaarlijks drie miljard koffiebekers worden weggegooid. Zij zijn deze week gestart met de ‘to go campagne’ om consumenten meer bewust van het probleem te maken. De bedoeling is te stimuleren dat mensen zelf een herbruikbare beker meenemen voor koffie of thee voor onderweg.

De organisaties pleiten ook voor de invoering van een verplichte bijdrage op wegwerpbekers. Ze doen een oproep aan demissionair staatssecretaris Stientje van Veldhoven van Infrastructuur en Waterstaat, die bezig is met wetgeving in verband met wegwerpproducten, om hiervan werk te maken. Volgens hen toont een recent onderzoek van CE Delft aan dat een bedrag van 25 eurocent lijkt te zorgen voor een gedragsverandering. De consument zou dan bereid zijn over te stappen op een eigen herbruikbare beker.

 Kaart hotspots afval en nudlesHotspots afval en nurdles langs grote rivieren (voorjaar 2021) I Beeld: Schone Rivieren


10 juni, 22.00 uur: Aanpassing
In de factsheet over de voorjaarsmeting die Schone Rivieren begin deze week publiceerde, was het aantal van 47 nurdlehotspots vermeld. Dat was in dit H2O-bericht overgenomen. Schone Rivieren heeft vandaag een rectificatie doorgegeven. Er zijn veel minder nurdlehotspots, namelijk 12. Dit aantal staat nu in de tekst en ook is de kaart van de hotspots vervangen. Verder is hieronder een link naar de verbeterde factsheet opgenomen.

 

MEER INFORMATIE
Toelichting op website Schone Rivieren
Factsheet over voorjaarsmeting 2021
H2O Actueel: najaarsonderzoek 2020
H2O Actueel: grenswaardes plastic afval 

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

Dries Buitenwerf Eindelijk, het d-woord viel
Watertekort: In Nederland is het de gewoonte om water altijd vanaf oppervlakte te infiltreren in de bodem, nu weten we als we altijd een richting door een filter gaan dat dit filter dichtslaat en we steeds minder water via deze route naar het diepere grondwater zullen stromen. Als we willen voorkomen dat het diepere zoete grondwater vervolgens door zeewater wordt aangevuld zullen we dus in Oost Nederland het grondwater van onderaf moeten aanvullen cq ipv 100 m boven afpomphoogte infiltreren op 100 m onder afpomp hoogte in moeten pompen. Water dat onder druk op deze diepte (boven het zoute grondwater) wordt toegevoerd zal geen verstopping creëren en zout water wegdrukken. De weg naar boven gaat heel traag omdat het water afhankelijk van de soortelijke massa verschillen meest horizontaal zal bewegen. Als er vervolgens 100 m hoger water wordt opgepompt, zal er minder zeewater naar binnen worden getrokken.
STELLING: We zijn veel te laat, lopen achter de feiten aan en de klimaatverandering komt echt op stoom. Waar halen we de mankracht vandaan om er wat aan te doen? Op naar Duitsland.
In een interessant artikel in The Guardian wordt het succes gedeeld van onder andere De Grensmaas:
https://www.theguardian.com/environment/2022/sep/20/dutch-rewilding-project-turns-back-the-clock-500-years-aoe
Wat opvalt is de lange termijn waarin dat project zich afspeelt: de planfase begon in 1990.
Nu zijn de grenzen van ons watersysteem bereikt. Maar niet alleen van het water systeem: de biodiversiteit staat onder druk, overal speelt milieuvervuiling: in de lucht, de bodem, het water en de het diepere grondwater. Er zit een grote energietransitie aan te komen en er wordt geroepen om een systeemverandering (het werkelijke probleem is onze engineerings-maatschappij). Daarnaast staan alle sectoren te spingen om mensen: de grenzen zijn bereik van wat in Nederland uitgevoerd kan worden.
Op de achtergrond speelt de exponentiele ontwikkeling van de klimaat verandering: hitte, droogte, extreme neerslag, stormen en extreem weer: ze worden heftiger, talrijker en duren langer. Zo komt ook onze voedselvoorziening (en die van de gehele wereld) onder druk.
Een hybride giga crisis dreigt: alles klapt in een keer om. Zoals een helder meertje in een keer troebel wordt, a la migraine aanval. https://www.delta.tudelft.nl/article/spinoza-winnaars-gaan-migraine-te-lijf
We wisten in 1972 - met het uitkomen van het rapport: Grenzen aan de Groei (MIT - Club van Rome) - dat het deze kant uit zou gaan. We zitten precies op het voorspelde scenario.
Dat betekent voor ons Deltalandje: houd sterk rekening met plan D.
Zowel voor mitigatie (bovenstrooms investeren en voorkomen) als voor de meerslaagse veiligheid liggen veel van de toekomst scenario's buiten Nederland... in Duitsland. Daar ligt een deel van onze onvoorkoombare toekomst.
Nederland kan geen zeespiegelstijging voorblijven. De Waddenzee verdrinkt bij meer dan 3mm/jr. Hoe graag we dat ook zouden willen. Dat beeld moet nu eens duidelijk worden. We zijn kwetsbaar, we blijven kwetsbaar en we worden steeds kwetsbaarder. En we hebben niet de menskracht om te 'dweilen'.
Dat betekent bv: stop de Zuid-plaspolder. Het geeft een compleet verkeerd beeld en een vals signaal van veiligheid.
https://www.waterforum.net/geen-land-ter-wereld-zou-onder-9-meter-nap-bouwen/
Voorkomen is beter dan niet te genezen: maar we zijn 50 jaar te laat om klimaatverandering te voorkomen. De klimaatverandering is een feit. Multi-stress de norm. Het gaat nu voor NEDERland om de vraag waarop we inzetten voor 2100: Ik stel: op naar hoger Nederland en richting Duitsland.
Plaatje: Eindhoven was vroeger een bloeiende badplaats - toneelstuk uit 1982 - toen was het gevoel van urgentie veel hoger dan nu.
https://theaterencyclopedie.nl/wiki/Eindhoven_was_vroeger_een_bloeiende_badplaats_-_Zuidelijk_Toneel_Globe_-_1982-02-06
Dit artikel presenteert resultaten gebaseerd op onderzoek dat van den Akker ruim vijf jaar geleden heeft gepubliceerd in Stromingen. Op zijn methodiek is destijds van diverse kanten inhoudelijke kritiek geleverd (Olsthoorn, 2014a,b,c; Leenen, 2014). Hieraan gaat hij nu volledig voorbij. Ook negeert hij dat zijn aanpak fysisch-wiskundig gezien aantoonbaar onjuist is (Zaadnoordijk, 2017) en ontkent hij het inzicht van de NHV-werkgroep Achtergrondverlaging (van Bakel e.a., 2017).

- Bakel, J. van, E. Querner, G. Rot, G. Schouten, N. Straathof, W. Vaarkamp, J.P. Witte, W.J. Zaadnoordijk (2017) Zicht op Achtergrondverlaging, rapport van de Werkgroep Achtergrondverlaging van de Nederlandse Hydrologische Vereniging, Wageningen, mei 2017.
- Leenen, H. (2014) Reactie op artikel "Tussen Theis en Hantush"van Cees van den Akker, Stromingen, 20, nummer 3, p.65-69.
- Olsthoorn, T. (2014a) De dynamica van de verlaging van Terwisscha of in vergelijkbare situaties, revisited, Stromingen, 20, nummer 1, p15-33.
- Olsthoorn, T. (2014b) Tussen De Glee en Dupuit, revisited, Stromingen, 20, nummer 1, p35-55.
- Olsthoorn, T. (2014c) De fysische onderbouwing van de overdrachtsfactor nader bekeken, Stromingen, 20, nummer 3, p.11-25
- Zaadnoordijk, W.J. (2017) Kanttekeningen bij gebruik van differentiaalvergelijking van v/d Akker, notitie 7 maart 2017, beschikbaar op: http://www.debakelsestroom.nl/kennisbank/attachment/memobijdiffvergvdakker_v4_opm-jvb-20-maart-2017/.

Willem Jan Zaadnoordijk, Flip Witte en Jan van Bakel
Vanmorgen Noorderzeedijk tussen Roptazijl en Harlingen. Bijna dagelijkse realiteit.
Er wordt hier het nodige door elkaar gehaald. Jonge zalm migreert stroomafwaarts naar zee en hebben daarbij voornamelijk last van waterkrachtcentrales en niet van gemalen en maar in heel beperkte mate van stuwen (daar kunnen ze met het water overheen). Jonge paling migreert wel stroomopwaarts, in de eerste instantie als glasaal en later als gepigmenteerde juveniele aal. Maar stroomopwaarts migreren met de stroom mee? Dat is heel bijzonder. Schieraal migreert stroomafwaarts met de stroming mee, hoewel dat slechts een deel van de populatie betreft. Een deel van de schieraal migreert aanzienlijk langzamer dan de stroming en onderbreekt zelfs haar migratie voor langere perioden.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!