Nieuwe bodemdalingskaarten in de Klimaateffectatlas laten tot in detail zien hoeveel de Nederlandse bodem de komende decennia bij ongewijzigd beleid gaat dalen. De kaarten zijn onder meer bedoeld voor gemeenten bij het uitvoeren van de verplichte klimaat-stresstest, maar kunnen ook fungeren als wake-up call: willen we dit echt laten gebeuren?

De nieuwe bodemdalingskaarten in de Klimaateffectatlas zijn ontwikkeld door Deltares, TNO-GDN en Wageningen Environmental Research. De kaarten zijn uitgebreider en gedetailleerder dan de eerdere bodemdalingskaarten in de atlas, vertelt Gilles Erkens, bodemdalingexpert bij Deltares. “Je kunt tot in detail – 100 bij 100 meter – zien hoeveel daling er in een gebied optreedt tot 2050 als er geen beperkende maatregelen worden genomen.”

Met name in West- en Noord-Nederland is die daling bij ongewijzigd beleid flink. “Van West-Nederland is dat bekend, maar we zien aan de nieuwe kaarten dat de bodem in Groningen en Friesland evenveel kan gaan dalen als in het westen, met name door drooglegging van veengebieden en door aardgaswinning.”

Bodemdaling heeft effect op de klimaatgevoeligheid van gebieden, en is daarom belangrijk om mee te nemen in de stresstest voor klimaatverandering, die alle Nederlandse gemeenten de komende twee jaar moeten uitvoeren. Erkens: “Een dalende bodem betekent dat overstromingen zich over een groter gebied kunnen uitstrekken, dieper zijn en langer duren. We neutraliseren dat risico in ons land met excellent waterbeheer, maar het is natuurlijk de vraag hoe ver je daar in wilt gaan. De bodemdalingskaarten helpen om per gebied te besluiten: waar laten we dit gebeuren en accepteren we de kosten, en waar willen we maatregelen nemen? Bodemdaling is een tijdje niet zo in het nieuws geweest – op de gevolgen van de Groningse aardwinning na. We hopen dat de kaarten ertoe bijdragen dat er weer wat meer bewustwording komt. Nederland is al ontzettend laag. Willen we die ontwikkeling echt verder laten gaan?”

Naast overstromingen is schade aan ondergrondse leidingen en fundamenten van woningen een tweede belangrijk risico van bodemdaling. Ook voor het in kaart brengen en eventueel aanpakken van dat risico, kunnen de bodemdalingskaarten behulpzaam zijn. De kaarten laten niet alleen de verwachte daling zien, maar ook de oorzaken daarvan, zoals gaswinning, lage grondwaterstanden en het ophogen van gebieden door zand aan te brengen. Beleidsmakers en bestuurders krijgen daarmee ook handvatten om de daling tegen te gaan.

De Klimaateffectatlas brengt de gevolgen van hitte, droogte (waaronder bodemdaling), wateroverlast en overstromingen in kaart. De atlas is bedoeld voor gemeenten, provincies en waterschappen , maar ook voor bijvoorbeeld scholen en geïnteresseerde burgers.

Klik hier voor de Klimaateffectatlas
Klik hier voor meer informatie over de nieuwe bodemdalingskaarten

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

@Hetty AdamsHetty, ik ben het niet met je oneens dat de voorgestelde ingrepen waarschijnlijk zinvol zijn, en waarschijnlijk "no regret". En een fijn klusje voor vrijwilligers om sleuven door het bos te trekken met aan de zijkant een mini-dijkje. Mijn vraag betreft vooral de opzet van het onderzoek. Want als er "bijna nooit" een hoosbui valt, dan voegt zo'n minidijkje ook bijna nooit iets toe. Bij goed onderzoek hoort ook een discussie over de conclusies en aanbevelingen. Anders gaan allerlei clubjes straks "sleuven trekken". Een kans op een hoosbui op een perceel kleiner dan bijv. 5% betekent een kans van 1x in de twintig jaar. Met een spreiding tussen 1 jaar en 80 jaar. Of zoiets. En daarvoor ga je het oude oppervlak van de Veluwe over een grote oppervlakte verstoren?
@Hans Middendorp AWPHans, het water van kleinere buien wordt dan ook vast gehouden. Ik vind dit een mooie ingreep, die meteen ook mogelijkheden biedt om de kleine waterkringloop te herstellen. Mits dat er naast de slootjes meerjarig oogstbaar/eetbaar groen wordt geplaatst, dat helpt dan weer met verdamping waardoor de temperatuur daalt juist door de verdamping. De regentrigger bij herstel van de kleine waterkringloop, waardoor die buien zich niet meer samenpakken maar gelijkmatig verdeelt uitregenen ook achter de veluwe op de hoge zandgronden. Oogstbaar is b.v. voederbomen als veevoer.
Mooie studie en uitkomsten die goed passen met wat je zou verwachten. Maar... er is gerekend met hoosbuien van 60 mm in één uur. Dan snap ik dat afstroming over het oppervlak plaats vindt. Maar negentig procent van de buien is minder dan 10 of 20 mm en dan is er gewoon inzijging van hemelwater in de bodem en helemaal geen oppervlakkige afstroming. Hoosbuien komen weliswaar steeds vaker voor, maar zijn toch vooral zeer plaatselijk. Het kan dus jaren duren voor een bepaald perceel door een hoosbui wordt getroffen. Toch?
Bedankt voor deze aanvullende opinie op ons artikel. Wij hebben als auteurs vanuit TAUW en HDSR uw opinie met interesse gelezen en willen graag een reactie geven.
De aanleiding van het onderzoek waren klachten die HDSR ontving van omwonenden over overstortlocaties. Naast een feitelijke weergave van de situatie van de watergang en de ecologische toestand, was de beleefwaarde van omwonenden een belangrijke component in het onderzoek. We hebben er voor gekozen het onderzoek en artikel verder neutraal te houden en onze mening als onderzoekers en initiator van het onderzoek buiten beschouwing te laten.
Natuurlijk zijn wij het met u eens dat doekjes en vuil in het water onwenselijk zijn. In het uitgebreidere online artikel gaan we wel in op de nodige verbeterpunten om effecten die nu buiten het onderzoek zijn gevallen, beter in beeld te krijgen. Daaronder benoemen wij ook een manier om de hoeveelheid doekjes en vuil in het water beter te monitoren.
Uw grootste zorg over dat we geen heftige zomerse onweersbui in het onderzoek meenemen, erkennen wij. De zomer van 2021 was niet extreem warm, waardoor de zuurstofloosheid na een overstort niet direct heeft geleid tot vissterfte. Hierdoor lijkt het alsof het effect beperkt is. Maar we zien wel dat overstorten gedurende de zomer tot zuurstofarme condities leiden. Dit is ecologisch gezien zeer onwenselijk.
Dat dit niet direct naar voren komt in de titel, is een keuze. Daarin is de aanleiding van het onderzoek als uitgangspunt genomen, wat heeft geleid tot een onverwacht inzicht: namelijk dat omwonenden van de onderzochte locaties over het algemeen beperkt hinder ondervinden van overstorten. Dit betekent dus niet dat er geen effect is.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!