Na vier keer extreme droogte in vijf jaar is veel natuur verloren gegaan, stellen Natuurmonumenten, LandschappenNL en het Wereld Natuur Fonds op basis van een inventarisatie. Zij doen een oproep aan provincies en waterschappen om meer ambitie te tonen en onmiddellijk te starten met de uitvoering van structurele maatregelen die effectief werken tegen verdroging.

De drie organisaties bestempelen de situatie van de natuur aan het eind van de zomer als kritiek. De natuur is weliswaar veerkrachtig maar op veel plekken is nu sprake van onherstelbare schade voor flora en fauna. Dat geldt vooral op de hogere zandgronden in kwetsbare beek- en vensystemen en ook in veengebieden.

Belangrijke oorzaken zijn de historisch lage waterstanden van de rivieren van deze zomer en de voor de natuur gevaarlijke lage grondwaterstanden. Het als ongebreideld omschreven grondwatergebruik nam verder toe, wat de droogte voor natuur verergert. Dat blijkt uit de vorige week verschenen terugblik op de droogte van 2022, die gebaseerd is op een inventarisatie onder boswachters.

Meerdere tegenslagen die elkaar versterken
De toestand wordt voor de natuur ook steeds problematischer, stellen Natuurmonumenten, LandschappenNL en het Wereld Natuur Fonds. Periodes van extreme droogte treden vaker op en duren langer door de klimaatverandering. Ook heeft de natuur zich nog niet overal kunnen herstellen van de droge jaren 2018, 2019 en 2020.

Deze droogte-effecten komen bovenop problemen als stikstof, structurele verdroging en een slechte waterkwaliteit. De tegenslagen versterken elkaar. Op lange termijn valt dit moeilijk te herstellen, wordt opgemerkt.

‘Dramatische’ droogte-effecten op hoge zandgronden
Kwetsbare ecosystemen zijn dit jaar verder in de gevarenzone gekomen. In de inventarisatie wordt gesproken over dramatische droogte-effecten op de hoge zandgronden. Op grote schaal stonden kwetsbare vennen en beeksystemen droog.

In de bossen neemt de sterfte van bomen toe, signaleren boswachters. Voor veel al verzwakte bomen betekent de droogte van deze zomer de genadeklap. Dit geldt voor naaldbomen als de fijnspar en voor loofbomen als beuken en eiken.

Heide sterft lokaal af, deels veroorzaakt door de plaagsoort heidehaantje. Vooral jonge heideplanten redden het niet waardoor heide zich niet meer kan herstellen. Daarentegen doen sommige kruidensoorten het goed, ten opzichte van grassen. Voor bijzondere waterplanten is er te weinig water, zoals voor de beschermde drijvende waterweegbree in Brabant.

Veel sterfte onder vissen
Het wegvallen van water had direct effect op het waterleven. De droogte is volgens de inventarisatie funest voor visstanden. Zeldzame vissoorten konden door droogval en lage waterstanden moeilijk migreren of gingen dood, wat tot plaatselijk uitsterven kan leiden. Hierdoor komen de beekprik en de aal verder onder druk te staan, terwijl in de Roer minder optrekkende zalmen zijn waargenomen. Er werden diverse reddingsacties voor vissen opgezet.

Door de droogte worden amfibieën als de knoflookpad en kamsalamander in hun voortbestaan bedreigd. Boswachters zien ook minder zeldzame vlinders en minder voor vennen typerende libellen, zoals de venwitsnuitlibel. gevlekte witsnuitlibel, hoogveenglanslibel en noordse glazenmaker.

Op heel wat plaatsen was sprake van verzilting en verder achteruitgaande waterkwaliteit. Zo zijn ‘blauwalgblooms’, veroorzaakt door een overmaat aan nutriënten, nog steeds te zien. Natuurbeheerders moesten soms kiezen tussen twee kwaden: te vies water inlaten of natuur laten verdrogen?

Meteen start van structurele maatregelen
Om problemen in de komende jaren beter tegen te gaan, willen Natuurmonumenten, LandschappenNL en het Wereld Natuur Fonds dat onmiddellijk wordt gestart met de uitvoering van structurele maatregelen die effectief werken tegen verdroging. Daarbij mogen lastige keuzes niet uit de weg worden gegaan. De plannen zijn er al maar in de praktijk is nog te weinig verandering zichtbaar, merken de organisaties op. Zo wordt in de winter nog te veel water naar zee afgevoerd. Het is raadzaam om dit water op grotere schaal vast te houden en grondwater aan te vullen.

De natuurorganisaties roepen daarom provincies en waterschappen op meer ambitie te tonen bij water besparen en vasthouden en tegelijkertijd aan de slag te gaan met de versnelling van structurele maatregelen. Ook moeten strenge regels aan grondwatergebruik worden gesteld. Bij dit alles is regie van de minister van Infrastructuur en Waterstaat nodig.

Het is volgens de organisaties essentieel dat water een prominente plek krijgt in het Nationaal Programma Landelijk Gebied, om binnen vijf jaar de doelen van de Kaderrichtlijn Water voor zowel waterkwaliteit als -kwantiteit te halen. De sponswerking in het landschap kan weer worden teruggebracht met hydrologische bufferzones rond natuurgebieden en klimaatbuffers.


DROOGTESEIZOEN TEN EINDE

Het droogteseizoen dat op 1 april begon, is nu voorbij. Dat geldt in aanzienlijke mate ook voor de droogte, na de regenval van de laatste maand. Het niveau van ‘dreigend watertekort’ (niveau 1) uit het landelijk draaiboek is losgelaten en de Landelijke Coördinatiecommissie Waterverdeling (LCW) hoeft niet meer bijeen te komen. Het landelijk gemiddelde neerslagtekort is gedaald naar momenteel 224 millimeter. Regionaal zijn er wel aanzienlijke variaties; het neerslagtekort is met ongeveer 300 millimeter het grootst in het oosten van het land.

Voor de wateraanvoer zijn er geen bijzonderheden, terwijl de maatregelen voor het tegengaan van de verzilting zijn komen te vervallen. Dat meldt de LCW in de update van de droogtemonitor. De grondwaterstanden zijn nog steeds laag, met name in het oosten en zuiden van het land, en de aanvulling zal nog maanden duren.

Vooral de natuur ondervindt hiervan hinder. De LCW laat net als de drie natuurorganisaties weten dat de situatie in diverse gebieden kritiek is, omdat er veel natuur verloren is gegaan door droogte. De beperkingen in het gebruik van oppervlaktewater en grondwater worden op steeds meer plekken opgeheven, maar zijn met name in Oost-Nederland nog van kracht. 

Voor het reageren op onze artikelen hebben we enkele richtlijnen. Klik hier om deze te bekijken.

Het kan soms even duren voor je reactie online komt. We controleren ze namelijk eerst even.

Typ uw reactie hier...
Cancel
You are a guest ( Sign Up ? )
or post as a guest
Loading comment... The comment will be refreshed after 00:00.

Interessant artikel? Laat uw reactie achter.

(advertentie)

Laatste reacties op onze artikelen

@Hetty AdamsHetty, ik ben het niet met je oneens dat de voorgestelde ingrepen waarschijnlijk zinvol zijn, en waarschijnlijk "no regret". En een fijn klusje voor vrijwilligers om sleuven door het bos te trekken met aan de zijkant een mini-dijkje. Mijn vraag betreft vooral de opzet van het onderzoek. Want als er "bijna nooit" een hoosbui valt, dan voegt zo'n minidijkje ook bijna nooit iets toe. Bij goed onderzoek hoort ook een discussie over de conclusies en aanbevelingen. Anders gaan allerlei clubjes straks "sleuven trekken". Een kans op een hoosbui op een perceel kleiner dan bijv. 5% betekent een kans van 1x in de twintig jaar. Met een spreiding tussen 1 jaar en 80 jaar. Of zoiets. En daarvoor ga je het oude oppervlak van de Veluwe over een grote oppervlakte verstoren?
@Hans Middendorp AWPHans, het water van kleinere buien wordt dan ook vast gehouden. Ik vind dit een mooie ingreep, die meteen ook mogelijkheden biedt om de kleine waterkringloop te herstellen. Mits dat er naast de slootjes meerjarig oogstbaar/eetbaar groen wordt geplaatst, dat helpt dan weer met verdamping waardoor de temperatuur daalt juist door de verdamping. De regentrigger bij herstel van de kleine waterkringloop, waardoor die buien zich niet meer samenpakken maar gelijkmatig verdeelt uitregenen ook achter de veluwe op de hoge zandgronden. Oogstbaar is b.v. voederbomen als veevoer.
Mooie studie en uitkomsten die goed passen met wat je zou verwachten. Maar... er is gerekend met hoosbuien van 60 mm in één uur. Dan snap ik dat afstroming over het oppervlak plaats vindt. Maar negentig procent van de buien is minder dan 10 of 20 mm en dan is er gewoon inzijging van hemelwater in de bodem en helemaal geen oppervlakkige afstroming. Hoosbuien komen weliswaar steeds vaker voor, maar zijn toch vooral zeer plaatselijk. Het kan dus jaren duren voor een bepaald perceel door een hoosbui wordt getroffen. Toch?
Bedankt voor deze aanvullende opinie op ons artikel. Wij hebben als auteurs vanuit TAUW en HDSR uw opinie met interesse gelezen en willen graag een reactie geven.
De aanleiding van het onderzoek waren klachten die HDSR ontving van omwonenden over overstortlocaties. Naast een feitelijke weergave van de situatie van de watergang en de ecologische toestand, was de beleefwaarde van omwonenden een belangrijke component in het onderzoek. We hebben er voor gekozen het onderzoek en artikel verder neutraal te houden en onze mening als onderzoekers en initiator van het onderzoek buiten beschouwing te laten.
Natuurlijk zijn wij het met u eens dat doekjes en vuil in het water onwenselijk zijn. In het uitgebreidere online artikel gaan we wel in op de nodige verbeterpunten om effecten die nu buiten het onderzoek zijn gevallen, beter in beeld te krijgen. Daaronder benoemen wij ook een manier om de hoeveelheid doekjes en vuil in het water beter te monitoren.
Uw grootste zorg over dat we geen heftige zomerse onweersbui in het onderzoek meenemen, erkennen wij. De zomer van 2021 was niet extreem warm, waardoor de zuurstofloosheid na een overstort niet direct heeft geleid tot vissterfte. Hierdoor lijkt het alsof het effect beperkt is. Maar we zien wel dat overstorten gedurende de zomer tot zuurstofarme condities leiden. Dit is ecologisch gezien zeer onwenselijk.
Dat dit niet direct naar voren komt in de titel, is een keuze. Daarin is de aanleiding van het onderzoek als uitgangspunt genomen, wat heeft geleid tot een onverwacht inzicht: namelijk dat omwonenden van de onderzochte locaties over het algemeen beperkt hinder ondervinden van overstorten. Dit betekent dus niet dat er geen effect is.

Zelf reageren? Dat kan onder alle artikelen met een Mijn H2O/KNW account.

Aanmelden voor H2O Nieuws
Ontvang twee keer per week het laatste waternieuws in je mailbox!